InterviewGraham Swift

Graham Swift: ‘Ik wil gewone woorden ongewone dingen laten doen’

Schrijver Graham Swift.Beeld Getty

Hoe schrijft de schrijver? Graham Swift begint om zes uur ’s ochtends en gaat dan gewoon de hele tijd door. ‘Ooit bestond het niet. Ík heb het gemaakt. Het bestaat nu in de wereld. Dat geeft een immense bevrediging. Iets maken dat er niet was.’

Er is iets, Graham Swift (1949) wil het de Volkskrant-lezers tonen. Hij heeft een heel plan in zijn hoofd. We zullen elkaar ontmoeten boven aan de magistrale trappen van Tate Britain (niet te verwarren met Tate Modern) en dan een wandeling maken. Zomaar op straat. Van de ernst van corona zijn weinigen doordrongen, maatregelen en adviezen bestaan nog niet, nog nét niet. Ik ben er eerder en zie op de stoep een opvallend onopvallende man aankomen: gewone lengte, bedeesde combinatie van broek-trui-jack-schoenen, haar met kleur noch kapsel erin. Ongetwijfeld onze man.

Hij schiet de trap op. ‘Hello, hi. Graham Swift.’ Er is amper tijd om me voor te stellen, hij trekt me direct het museum in om binnendoor naar de zijkant van het gebouw te lopen. Dan stappen we weer naar buiten. Ik moet omhoogkijken naar het statige gebouw. ‘Wat zie je?’

Ehm… kogelinslagen?

‘Shrapnel’, zegt Swift en hij zwijgt.

Tja. Ik stamel iets als ‘tjee’ en ‘goh, van de oorlog natuurlijk’. Swift knikt en zegt niks.

Dit was het.

Er is nog iets, verderop, richting de Houses of Parliament moeten we lopen. Daar ligt een grasveld dat grenst aan Westminster Abbey. ‘Het verborgen veld’, noemt hij het. ‘Ik wil het laten zien.’ We lopen door straten met smalle stoepen en bakstenen huizenblokken van twee à drie verdiepingen hoog. Ooit, vertelt hij, waren ze voor de armen, maar nu wonen hier alleen de allerrijksten. Hij weet de weg niet en mikt op zijn richtinggevoel, maar we lopen nu een straat in die doodloopt. De enige geparkeerde voertuigen zijn twee zwarte oldtimertaxi’s. Het lijkt hier wel de set van een tv-serie.

‘Zie je dat?’ Mmm. 

Het is net alsof het vroeger is?

‘Ja. Het is iets…’ Hij maakt zijn zin niet af en loopt verder. ‘Ben je bekend met de blauwe borden?’ Als hij praat, is zijn mond een smalle brievenbus. Door de dunne lippen stromen de woorden naar buiten. ‘Van bekende bewoners. Kijk, daar: Sir John Gielgud heeft hier gewoond. En daar: Sir Lawrence of Arabia!’ 

Opgetogen lopen we verder en om een hoek verschijnt het beloofde grasveld. Het ligt er omringd door hoge bomen, gebouwen, de achterkant van Westminster Abbey, een statige school. Binnen, achter een raam, lezen docenten in fauteuils kranten, op straat giebelen tieners in schooluniform en om de hoek komt Harry Potter aange… o nee – maar het hád gekund. ‘Zie je het?’ Swift kijkt over het veld. Dan naar mij. Hij observeert mijn gezicht, maar lijkt geen gesproken antwoord te verwachten. Ik heb ook geen idee wat het antwoord is.

Graham Swifts nieuwe roman, Hier zijn we, speelt zich af in 1959. Rond het theatertje van een badplaats beleven een goochelaar, zijn assistente en een artiest een driehoeksverhouding, die een van hen jaren later overdenkt. Waarom verliep de liefde zoals ze verliep? Een paar dagen nadat we elkaar hebben gesproken zullen de critici juichen. The Guardian: ‘Licht en briljant.’ Financial Times: ‘Zijn taal is bijna transparant geworden.’ Ook The Herald uit Schotland is lyrisch over de eenvoud waarmee Swift zoveel kan zeggen: ‘Zijn instrument is de triangel, niet de cimbalen.’

Wat ik ervan vond? Oeps. Swift vraagt het niet rechtstreeks, maar door terloops te informeren of ik het boek al heb gezien. Tja. Net als in zijn andere boeken is er… iets, maar je kunt er niet precies de vinger op leggen en terwijl ik bijna in een paardenvijg stap, begin ik omslachtig te oreren.

Het is alsof… aan het oppervlak wordt het verhaal helemaal niet spannend verteld – ik bedoel: maar erónder! Onder hoe u de gebeurtenissen aaneenrijgt, daar zitten allemaal sensaties en emoties en het lijkt wel alsof die het verhaal voortstuwen.

Hij bestudeert zijn stappen op het trottoir. Ik doe mijn best het woord simpel er niet uit te flappen, want misschien vat hij dat verkeerd op.

Ik bedoel, er zit een stuwende kracht onder uw zinnen: waaróm de mensen doen wat ze doen, zonder dat ze dat zelf weten. Er is constant iets dat openblijft.

‘Dankjewel.’

Terug bij het Tate gaan we het chique restaurant van het museum binnen, waar Swift de salade en lamsbout aanbeveelt. De sommelier zal er een uitstekend glas witte wijn bij uitzoeken. ‘I líke a drink’, zegt hij met een stevige klemtoon op ‘like’. Het restaurant, de wijn, de lamsbout en zijn schijnbare genoegen contrasteren met het sobere voorkomen.

Afijn, we gaan van start.

Waar kwam het idee voor dit boek over een driehoeksverhouding vandaan?

‘Het eerlijkste antwoord dat ik kan geven is dat ik het écht niet weet. Boeken schijnen mij te gebeuren. Op onverklaarbare wijze.’

Maar waarom bijvoorbeeld een goochelaar?

‘Ik weet het niet. Vrij snel had ik een goochelaar, daarna het centrale trio. Toen ik de goochelaar had, kon ik snel naar theatrale dingen, en toen: de kust, een theater op een pier, een speciale tijd: de zomer van 1959. Daarop had ik niet kunnen anticiperen. Zo werkt het onderbewuste. Als je schrijver bent, gebruik je je verbeelding, maar je begrijpt haar niet. Er schuilt een enorm inspiratieniveau onder het oppervlak – ha, ik weet niet of ik iets zinnigs zeg.’

Hij doet zijn best, luistert geconcentreerd, laat de vragen doordringen en geeft pas na enkele seconden antwoord.

Graham Swift: ‘Boeken schijnen mij te gebeuren. Op onverklaarbare wijze.’Beeld Hollandse Hoogte

Kunt u uw stijl definiëren?

‘Ik denk in het geheel niet aan stijl. Ik prefereer te denken dat schrijven succesvol is wanneer het géén bepaalde stijl betracht. Het is directe transmissie van mij naar de lezer. Recht van A naar B!’

Maar u heeft wel een smaak en een toon.

‘Ik denk dat anderen zullen zeggen: aan het oppervlak simpel, eronder erg gecompliceerd. De woorden zijn vrij eenvoudig en gewoon. Gewone woorden ongewone dingen laten doen. Maak dingen zo direct mogelijk. Laat ze de emoties zo compleet mogelijk belichamen. Zodat de woorden niet eens worden opgemerkt.’

Tijdens de wandeling heeft hij verteld over zijn huis in Zuidwest-Londen, vlak bij de Theems. In zijn werkkamer heeft een timmerman een bureau van muur tot muur getimmerd. Het ligt vol paperassen, er staan een laptop, een printer en door het raam ziet hij de achterkant van een volgende rij huizen. Tijdens het schrijven heeft hij de gordijnen dicht, dan kan hij zich beter concentreren. Hierbij helpt allicht dat hij geen kinderen heeft en alleen met zijn echtgenote woont.

Hoe ziet uw werkweek eruit?

‘Elke dag kan een schrijfdag zijn, zeker wanneer ik er helemaal in zit. Ik begin heel vroeg. Tussen 4 en 6 sta ik op, om 6 uur kan het werk beginnen, soms vroeger. Om 12 uur heb ik een werkdag gehad en zou ik moeten ophouden. Vaak lukt dat niet en ga ik door. Het is altijd moeilijk om het punt te vinden waarop ik kan stoppen.’

En de volgende dag: overlezen of verdergaan?

‘Verdergaan werkt beter, want kijken naar wat je hebt gedaan wordt snel het enige wat je doet die dag: je zorgen maken over wat je hebt geschreven. Teruggaan omdat je denkt: ik moet dit eerst goed krijgen, kan funest zijn voor de voortstuwing van het verhaal. Veel beter is: voortmaken in de wetenschap dat je veel later nog eens gaat kijken en dan beter kunt zien wat er moet gebeuren – ik geloof dat ik nu zeg dat je beter vooruit kunt dan achteruit.’

Schrijft u een vast aantal woorden per dag?

‘Dat heeft geen betekenis voor mij. Vooral in het vroegste beginstadium is schrijven een verwarrend en slordig proces. De verbeelding maakt overuren.’

Hoe schrijft u?

‘Met een pen, omdat dat de snelste manier van schrijven is: er gebeurt iets in je hoofd en je wilt daarvan op de een of andere manier iets op papier krijgen, ook al is het maar een krabbel in de marge. Een pen doet dat het best. Soms is het alsof iets wat in je hoofd gebeurt, via je arm de pen ingaat, en dan moet je het wel op die manier opschrijven. Dat gebeurt niet op een toetsenbord. Iedereen denkt dat die verdomde apparaten snel zijn, maar dat zijn ze niet. Ze staan in de weg! Alle dingen die tekstverwerkers kunnen, zitten alleen maar in de weg. Het grote nut van de tekstverwerker komt later, dan zijn ze erg bruikbaar.’

Kunt u uitweiden?

‘Zíj laten je uitweiden! En nog een bezwaar: ze geven alles, hoe dom ook, dezelfde vorm. Als je een pagina print, welk formaat of lettertype je ook gebruikt, dan ziet het er goed uit. Dat je denkt: het moet wel goed zijn. Dat is een groot gevaar. Maar een pen herinnert je eraan: dit komt van jou, jij bent er volledig verantwoordelijk voor en jij kunt fouten maken.’

Schrijft u in cahiers?

‘Ik gebruik A4-schrijfblokken met twee of drie gaten erin, die je in een ringband kunt stoppen, wat ik niet doe. Een gemiddelde pagina manuscript is helemaal volgeschreven, met overal in de marge kleine aantekeningen.’

Krast u veel uit?

‘Hele pagina’s!’

Muziek?

‘Muziek kan je het valse gevoel geven dat dingen goed gaan. Wat mooie muziek op, dat is aangenaam… nee: stilte is puur en star. Dat prefereer ik.’

Kunt u het hele boek in uw hoofd blijven vasthouden?

‘Ja, dat is een van de mooiigheden van korte romans: het gevoel dat ik het hele ding bij elkaar houd, de zekerheid dat ik de baas ben.’

Wie leest uw werk als eerste?

‘Mijn vrouw, zij is mijn belangrijkste lezer. En ze is erg goed. Ze is ook mijn strengste criticus. Ze is meedogenloos eerlijk tegen me, als ze denkt dat er iets mis is.’

Heeft weleens slecht nieuws?

‘O ja. Ja, ja!’

En hoe brengt ze dat?

‘Met een hoop tact. Maar ze houdt zich niet in. Het is goed om iemand te hebben die dat kan. Ik zou niet menselijk zijn als ik niet een beetje zou zijn getroffen door slecht nieuws, maar dat gevoel van gekwetstheid, daar moet je overheen komen. Je moet tegen jezelf zeggen: goed, ik moet herschrijven. Niemand kan dat voor je doen, het is een van de intiemste ervaringen die je als schrijver kunt hebben. Jij bent verantwoordelijk voor wat je doet en dat kan zwaar zijn. Er kunnen momenten zijn dat je verlossing wilt. Er is geen verlossing. Je moet het tegen jezelf opnemen. En misschien ben jij niet in staat om deze specifieke taak te volbrengen. Als je niet kunt dealen met dit soort dingen, dan denk ik niet dat je een echte schrijver kunt zijn.’

Heeft u weleens gefaald?

‘O ja! Meerdere keren. Daar zaten hele manuscripten bij, waar ik lange tijd aan had gewerkt en van moest concluderen: nee, dit is niet goed genoeg, het probleem zit in de fundamentele opbouw, dit moet ik weggooien. Dat is zwaar. Extreem zwaar.’

Komt er wel een moment van verlossing? Van vervulling?

‘Het avontuur is op zichzelf vervullend. Heb jij niet liever een avontuur dan géén avontuur? Het avontuur is op zichzelf een beloning. En dan is er het gevoel iets bereikt te hebben. Ooit bestond het niet. Ík heb het gemaakt. Het bestaat nu in de wereld. Dat geeft een immense bevrediging, iets maken dat er niet was. Het komt vanuit het niets. En het is er omdat jij het hebt gedaan. Dat is geweldig. Ik ben blij dat ik die ervaring ken.’

Heeft u een band met uw lezers?

‘De ervaring van een boek gaat over twee mensen: schrijver en lezer. Er wordt iets gedeeld. Een film is hetzelfde voor het hele publiek. Een boek lezen is prachtig individueel en daarom ook democratisch: als het werkt, is er een zekere gelijkheid tussen lezer en schrijver. Ga naar de boekwinkel en je realiseert je dat mensen die ervaring nog steeds willen.’

Hij wijst op mijn telefoon: ‘Je hoort dat mensen niet lezen omdat ze op die dingen zitten, maar je hoort ook dat ze er moe van worden, ervanaf willen.’

Hij is stil. Ik realiseer me dat we het steeds weer hebben over hoe hij iets wil overbrengen, niet over wat dat iets is. Ik vraag er op diverse wijzen naar, maar hij wijkt bedreven uit.

Bij dit boek herinnert u zich niets van het waarom?

‘Ik heb geen herinnering aan het moment dat de dingen begonnen te gebeuren. Ik weet dat als ze gebeuren, ze aankomen met een groot gevoel van opwinding, een tinteling in mijn hele lijf. Alsof er iets in mijn bloed zit. Dan voel ik dat er iets gebeurt, ik moet eraan toegeven en het aangaan. Het is het mooiste gevoel dat schrijven kan geven: je weet dat je aan het begin van iets staat, het ligt voor je. Gisteren was het er niet, vandaag is het er wel en jij bent er verantwoordelijk voor.’

En kunt u iéts zeggen over het einde?

‘Het einde is volkomen mysterieus. Het boek eindigt met net zoveel mysterie als er eigenlijk de hele tijd is geweest. Jij zei tijdens het wandelen dat het je meeneemt en dat je het mysterie accepteert omdat je voelt dat er zoveel zit onder wat je accepteert. Dat gevoel is het: iets erkennen en tegelijk erkennen dat er een mysterie onder zit.’

Als ik nog een poging doe, begint hij over de fotograaf. Heel graag geen aparte afspraak en zeker niet bij hem thuis. Hij heeft zelf een paar foto’s meegenomen! Ik leg uit dat de Volkskrant graag eigen foto’s maakt. Even lijkt hij akkoord te gaan. Later blijkt hij de afspraak met de fotograaf toch te hebben afgezegd.

Hij zegt dat het gesprek ‘pijnloos’ is geweest. Misschien is dat een compliment.

Wie is Graham Swift?

Graham Swift (1949) moet de nachtmerrie van de profiel-schrijver zijn, zegt auteur Kazuo Ishiguro over zijn vriend, die inderdaad legendarisch onopvallend is: hij is bedeesd, beleefd, bescheiden. Een doodgewone man. De vijftien boeken die Swift sinds 1980 schreef, zijn niet spectaculair. Vaak beschrijven ze gewone mensen, simpele milieus, niet-spannende gebeurtenissen; zelfs de spannende gebeurtenissen komen gewoontjes over. Maar heel subtiel, onder zijn klare taal en weinige woorden boort Swift grote emoties aan. Zijn romans werden verfilmd, kregen prijzen en worden steeds maar dunner, of in literaire termen: geconcentreerder.

Graham Swift: Hier zijn we. Beeld De Arbeiderspers

Graham Swift: Hier zijn we 

Uit het Engels vertaald door Irving Pardoen. De Arbeiderspers; 192 pagina’s; € 21,50.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden