Glitter en veren

Het kost Annie Ras, leidster van de Caribbean Brassband, steeds meer moeite haar Antilliaanse drummers en blazers voor een optreden te strikken....

CARAIBISCHE brassbands zijn populair in Nederland. Annie Ras, leidster van de oudste van de bands, telefoneert zich een ongeluk om niet 'nee' te hoeven verkopen. In de heftige woordenstroom aan haar kant van de telefoonlijn, vallen veelvuldig 'discipline' en 'contract' als enige verstaanbare woorden voor wie geen Papiaments verstaat. Uit alle hoeken van het land trommelt ze de Antilliaanse drummers en blazers bij elkaar om de contracten na te komen die ze sluit. 'Toen er nog werkloosheid was, kon ik door de week ook mensen krijgen. Nu kost het al moeite om ze op vrijdag bij elkaar te krijgen. Iedereen heeft werk. Op vrijdagavond zijn ze moe.'

Lasser, leraar, bouwkundig tekenaar, student, scholier: de leden van de Caraïbische Brassband hoeven niet van de straat gehouden te worden. Ze vinden het leuk om muziek te maken en in het weekeinde bij te verdienen, maar een verplichting is het voor niemand. 'En getrokken dat er aan ze wordt! Vooral de blazers. Drummen kan iedere Antilliaan wel een beetje, dat zit in het bloed. Maar blazen is moeilijk.' Zonder trombone en trompet geen Caribbean brassband. 'Blazers van iedere nationaliteit zijn welkom', zegt ze. Concessies aan de kwaliteit doet ze niet. 'De impresario's betalen ons goed, dus leveren we goede kwaliteit.' Op de muziekschool in de Bijlmermeer zijn een paar blazers in opleiding. 'Maar ze zijn te jong: twaalf en dertien jaar. Ze moeten zestien zijn om ze echt te kunnen inzetten.'

Op zondagochtend is het een zware klus om de groep op tijd in de bus te krijgen. Uit Kralenbeek, het flatgebouw in de Bijlmermeer waar Ras woont, klinkt Afrikaanse kerkmuziek. Tien uur: overal in de Bijlmer trekken mensen naar hun eigen religieuze diensten. Rond een bus met trommels achterin, verzamelen zich jonge mannen van verschillende huidskleur, van zwart tot lichtbruin. Door hun rode jacks met opdruk 'Caribbean Brassband' zijn ze te onderscheiden van het basketballteam dat op dezelfde grasstrook wacht op de rest van z'n leden. 'Hollanders zijn gewend op tijd te komen, Antillianen niet', had Annie al gewaarschuwd.

Annie Ras (52) is blank en geblondeerd maar in haar gedrag onmiskenbaar West-Indisch. Haar voorouders op Aruba waren Indianen en Hollanders. Ze kwam op haar eenentwintigste naar Nederland, om te zien hoe het hier was ('dat wilde iedere Arubaan') en te 'studeren'. Ze haalde het diploma secretaresse-receptioniste bij instituut Schoevers, werkte en trouwde 'een academicus'. Toen haar man afgestudeerd was, gingen ze terug naar Aruba.

Zo gaat het nog steeds: veel muzikanten van de Caribbean Brassband gingen terug na een universitaire of HBO-opleiding. Annie's dochter is onderwijzeres op Aruba, haar zoon studeert in de VS. Na enig heen en weer pendelen, vestigde zij zich - inmiddels gescheiden - in Nederland. 'Ik heb in Tilburg gewoond, in Groningen, enfin ik ken zowat heel Nederland. Maar hier in de Bijlmermeer voel ik me thuis. Hier heb je geen heimwee, want hier is bijna alles wat je op de Antillen ook hebt.'

Elf jaar geleden begon ze met haar Caribbean Brassband, de oudste van de acht die Nederland inmiddels kent. Drie daarvan zijn afsplitsingen, opgericht door 'jongens van mij'. De trots waarmee ze dat vermeldt, is vermengd met verwijt: 'Ik ben er heel wat goede musici door kwijtgeraakt.' Maar de samenwerking is prima: Annie geeft opdrachten door als ze te veel optredens tegelijk krijgt aangeboden en verschillende 'overgelopen' blazers komen regelmatig bij haar invallen.

Aan 'probleemjongeren' heeft Annie geen boodschap. 'Als ze spelen, stelen ze niet. Dat is op Aruba ook zo: die van generatie op generatie muziek maken, gaan niet op het criminele pad.' De enkeling die in drugs handelde, vloog onmiddellijk uit de groep. Ze maakt zich kwaad over het image van de Antilliaanse jongeren in Nederland. 'Hoogste criminaliteit, na de Marokkanen. Vreselijk toch. Moet je zien hoe ze hier langs de straat hangen. Op de Antillen konden ze tenminste nog muziek leren op straat. Muziek vinden ze allemaal leuk. Geef ze iets te doen dat ze leuk vinden.' Ze praat staccato als ze zich opwindt over het feit dat er in de Bijlmermeer nog steeds geen Caraïbische muziekschool is waar kinderen de ritmes van steel- en brassband leren spelen.

Om half elf komen uit het flatgebouw vier meisjes met boodschappentassen waar gele en blauwe veren uit steken. Twee van de vier zullen een metamorfose ondergaan als ze die op hun hoofd zetten, straks, in Eindhoven. Een Caraïbische danseres in glitter-bikini met deinende pluimen op het hoofd lijkt in niets op een Bijlmermeisje in vormeloos jack met joggingbroek. Om twaalf uur moet het optreden in Eindhoven beginnen, dus het is de hoogste tijd om uit Amsterdam te vertrekken. Annie commandeert iedereen de bus in. Twee meisjes die dolgraag mee willen maar moesten afwachten of er plek is, mogen instappen.

Annie vloekt in het Papiaments. Ze heeft maar één blazer, de ander is in Den Haag gebleven, na een optreden van gisteren. Hij heeft tot vijf uur doorgezakt, 'en hij is niet de enige'. Ze heeft hem gemaand om met de trein naar Eindhoven te komen. Twee andere leden van de groep hebben bij haar geslapen, om op tijd te zijn. Het is een druk weekeinde: vrijdag opgetreden in Brussel, zaterdag in Rotterdam, zondag in Eindhoven. Maar zo gaat het de hele zomer door.

Aron Troeman (29), door de week vrachtwagenchauffeur en in het weekeinde muzikaal leider van de Caribbean Brassband, start de bus. Een kleine, tengere zwarte man, zijn gezicht verstopt achter een grote zonnebril. Zodra hij achter de grote trom loopt, is duidelijk dat hij gezag heeft. 'Op Curaçao heb je een goede positie als je in een brassband speelt', zegt hij. 'Je moet hard werken om in aanmerking te komen, de concurrentie is groot.' Niet het geld maakt de brassbands op de Antillen aantrekkelijk maar het feit 'dat je overal komt waar het leuk en gezellig is', zegt Troeman.

Het geld gaat in een pot, voor een gezamenlijke vakantiereis. Hier verdient ieder lid van de band met elk optreden. Hoeveel hangt af van het contract en van de kosten die er gemaakt moeten worden. Voor de studenten en scholieren is het geld belangrijker dan voor degenen die al goed verdienen. Aron, die vanaf zijn zeventiende op Curaçao in een band speelde en op zijn twintigste naar Nederland kwam, doet het meer voor het plezier van het spelen dan voor het geld.

D EZE ZOMER werd het plezier nogal eens vergald door de regen. 'Je zit hier altijd met het weer. Met regen heb je er niet zo veel zin in, maar dan gaat het toch door. Er is een contract, je moet spelen.' Arons vrouw, Leentje, gaat meestal mee. Ze zit naast hem als hij de bus rijdt. Annie Ras heeft altijd wel een paar steunpilaren 'die de band echt vooruit willen brengen'. Aron is een hele stevige. Een goede musicus ook. Hij leidt drummers op, binnen de groep. 'Ze denken allemaal dat ze het kunnen', zegt Annie, 'maar soms moeten ze de ritmes die ze her en der opgepikt hebben juist weer afleren'.

Nathalie Dumfaits (22), het enige meisje dat in de Caribbean Brassband speelt, is een van de beste drummers. Ze was de muzikale leider van een meisjesband op Aruba voordat ze twee jaar geleden naar Nederland kwam voor een lerarenopleiding natuur- en scheikunde. Ze mist de warmte van haar familie en het optrekken met de band compenseert dat een beetje. Hein Havertong, die vroeger haar buurjongen was op Aruba, belde haar op of ze meedeed. 'Ik voelde me meteen thuis bij de groep', zegt ze.

Ze kan de jongens goed aan, haar toon is plagerig. 'Hé Marokkaan', zegt ze tegen Winstonlico Winster en samen beginnen ze Arabische klanken uit te stoten. Winster (22) is een ervaren lasser, die anderen opleidt bij het bedrijf waar hij werkt. Op z'n elfde naar Nederland gestuurd, her en der bij familieleden gewoond ('ik was een probleemkindje'), nu een goede baan, een eigen huis en in de weekends de band. Een van Annie's steunpilaren.

De brassband is de Caraïbische variant op de Nederlandse fanfare. De fraters van Don Bosco, de kloosterorde die als missionarissen op Aruba het katholieke onderwijs brachten, probeerden daar de harmonie-orkesten op te richten die ze van huis uit kenden. Op de muziek van de broeders speelden de leerlingen hun eigen variant. Van Aruba waaide het over naar Curaçao. 'Het is te vergelijken met de ontwikkeling van bebop in de Verenigde Staten', zegt trompettist Tony Laclé (40), het oudste lid van de band. Door de week is hij leraar aan een technische school in Apeldoorn, 's zaterdags heeft hij daar op de markt een stand met Zuid-Amerikaanse cd's en voor de zondag weet Annie hem vaak nog te porren ergens in het land te spelen.

We naderen Eindhoven.

Bejaarde mannen zetten hun bril op om de lange benen van Remona goed te bekijken. Kleine meisjes kijken verrukt naar de met glitter en veren getooide danseressen. Een islamitische vader werpt een blik op de blote buiken en trekt haastig zijn dochtertjes weg. Dansen is het eigenlijk niet, wat Remona Cairo (21) en Ancheline Isenia (18) doen. Meer een sierlijk soort wandelen, voor de muziek uit. Remona, die uit Suriname komt, kent de brassbands niet van huis uit. Ze leerde Annie kennen, in de Bijlmer, keek van andere meisjes af hoe je moet lopen en werd een van de vaste danseressen van de band. Door de week werkt ze op kantoor en in september gaat ze naar de avondschool, voor een management-opleiding. Omdat ze dan minder vaak met de band mee zal kunnen, leert ze nu Ancheline hoe het moet. Naast hen lopen twee buurmeisjes alvast te oefenen in hun gewone kleren.

Zo leuk als de meisjes het vinden om kleurrijk uitgedost over straat te gaan, zo haten de jongens die verkleedpartij. 'Alleen in het buitenland lukt het om de jongens in Caraïbisch kostuum te krijgen', zegt Annie. Toch heeft ze de glimmende blouses, geborduurd met zonnen, sterren en manen, meegenomen naar Eindhoven. Tussen de lunch en het tweede optreden wordt de groep als een tegenstribbelende schoolklas een lokaaltje van het muziekcentrum binnengedreven. De fotograaf zegt dat het voor hem niet hoeft. 'Jawel', zegt Annie, 'we maken een staatsieportret.' De jongens trekken de verkleedkleren aan en gaan nadrukkelijk voor paal staan. 'Jan Klaassen' is het enige verstaanbare in de Papiamentse woordenstroom die over en weer gaat. Opeens heeft ze het voor elkaar: onder haar regie hebben ze zich gevoegd tot een groep die 'cheese' zegt tegen de fotograaf. 'Zo gaat het altijd', zegt een van de oudere jongens. 'We doen uiteindelijk toch wat Annie wil.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden