Gevangenisvakantie

Het dorp Veenhuizen heeft drie gevangenissen, 577 gevangenen en een zware geschiedenis als kolonie van armen. Maar je kunt er ook op vakantie!...

Marc van den Eerenbeemt

Geloof het of niet, maar op de ochtend van vertrek zijn de Jeventa’s op de radio. Nooit van gehoord, maar enig zoeken leert dat dit amusementsorkest uit Emmen één LP heeft uitgebracht (Mooi is mijn Drenthe) en één single. Die gaat zo:

Met vakantie naar Veenhuizen

Veertien dagen uit en thuis

Mooi op tijd je nat en droogje

Beter nog haast dan in huis

Het lied vertelt – tjikke tjik tjikke tjik – het verhaal van een radiopiraat die het illegale zenden niet kan laten. Bij de rechter is het elk jaar hetzelfde refrein. Veertien dagen Veenhuizen, nee, goedkoper gaat het niet.

Zou het wat zijn, vakantie in Veenhuizen? In ieder geval niet in de tijd dat de dwangkolonie bekend stond als Hollands Siberië. Toen was de plaatsnaam nog synoniem voor een tijdje brommen.

Veenhuizen heeft inmiddels grotere ambities dan alleen het opsluiten van mensen, al zitten er nog 577 mensen vast in drie gevangenissen. Het dorp wil een internationale trekpleister worden voor toeristen.

De voormalige kolonie voor arme gezinnen en landlopers zou door de Unesco moeten worden uitgeroepen tot werelderfgoed, zo vinden ze in het noordwesten van Drenthe. De sporen van de dramatische geschiedenis van het oord zijn hier immers overal, van de kaarsrechte Kolonievaart, die door ‘verpleegden’ is gegraven, tot de vrijstaande huizen van het hoger personeel, met stichtelijke teksten op de gevel.

Orde en Tucht

Rust Roest

Zorg en Vlijt

De bezoeker mag tegenwoordig ook blijven slapen in Veenhuizen. Het Gevangenismuseum, gevestigd in het voormalige Tweede Gesticht van de dwangkolonie, heeft vijf voormalige bewaarderswoningen ingericht als vakantiehuis. Die zijn gevestigd in een op een kazerne lijkend complex, hetzelfde carré waarin ook het museum is gevestigd.

De achterdeur van de huisjes opent op de enorme binnenplaats, de voormalige plek om te luchten en te werken. In het midden staat een aantal justitievoertuigen, waaronder een gepantserde Mercedes (oud-passagier: Milosevicz) en twee gevangenenbusjes. De graffiti van de getransporteerden staat nog in de witte voertuigen.

Bek dicht

is je plicht

Zo’n tien meter naast de huizen hangt, ter demonstratie, een prikkeldraadversperring aan de muur. Daar weer achter biedt een klein deurtje toegang tot enkele ruimtes waarin cellen zijn nagebouwd, van een politiecel tot de kooien waar de paupers van Veenhuizen de nacht in doorbrachten.

Gezellig. Hebben ze in de huisjes iets gedaan om de sfeer wat te verjagen? De bedden zijn goed. Het huis is schoon. De keukeninrichting uitmuntend. Maar het Gevangenismuseum laat er geen twijfel over bestaan waar de logé zich bevindt. Aan de muren hangen grote zwartwitfoto’s van de bewaardershuizen met opschrift. In de achterkamer: ‘Arbeid is Zegen’.

Wie het huis door de voordeur verlaat en langs de Oude Gracht wandelt, staat binnen enkele minuten voor Esserheem, een van de drie penitentiaire inrichtingen op het terrein. Hier zitten 270 veroordeelde vreemdelingen die Nederland moeten verlaten. Loop over het zandpad aan de oostkant en zie door de ramen de vage gestalten van de gedetineerden die sporten en worden gelucht.

Daar blijkt meteen waar vakantie in Veenhuizen heel geschikt voor is. Geen plek om te zonnen en badmintonnen. Daarvoor is de sfeer te drukkend. Maar er is geen betere plaats om te lezen over de geschiedenis en het dagelijks leven in deze intense wereld van bewakers en bewaakten.

Wie terug wil in de tijd steekt de bestseller Het Pauperparadijs in zijn koffer, waarin Suzanna Jansen beschrijft hoe haar voorzaten, net als tienduizend andere Nederlandsers, werden opgesloten in dit ‘laboratorium voor heropvoeding’. Dit boek blijkt ook een uitstekende gids voor Veenhuizen te zijn.

Denk op het zandpad langs Esserheem terug aan de roman De eerste zonde van Mariët Meester, de schrijfster die zelf opgroeide in Veenhuizen. Op die plek wisselde de jonge hoofdrolspeelster boodschappen uit met een gevangene. Vanuit zijn cel seint hij terug hoe zwaar het was in de Rode Pannen, de bajes met zwaar regime waar hij na een ontsnapping tijdelijk werd opgeborgen:

Rode Pannen zwarte pijn

Door jou overleefde ik

Loop terug, om het Tweede Gesticht heen, en je staat voor die oude gevangenis met rode dakpannen. Het gebouw is opengesteld voor bezoekers, nu justitie even cellen over heeft. Die bekijken huiverend het dwangbed waarop weerspannige gedetineerden worden ingesnoerd. Misschien dat ze nog nooit zo blij zijn geweest om vrij te zijn, bijvoorbeeld om een vakantiehuisje te boeken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden