Fuseren om te overleven

Door Peter BrusseRiek Stienstra probeerde het leed van door aids getroffen homoseksuelen te verzachten. Zij was niet alleen de eerste buddy van Nederland, maar ook directeur van de Schorerstichting....

Riek Stienstra, op 20 november op 64-jarige leeftijd in het Friese Mûnein overleden, streed voor de emancipatie voor homo’s en lesbo’s. Meer dan vijfentwintig jaar was zij directeur van de Schorerstichting, een van de meest invloedrijke instellingen voor gezondheid en welzijn van homoseksuelen in Europa. Bij het uitbreken van de aidsepidemie begon zij als eerste in Nederland een buddyproject. ‘Ik ben’, zei ze later, ‘gefascineerd, met alle gradaties tussen verbazing en ontroering, dat zoveel mannen – en ik zou echt geen ander woord weten – moederen; moederen over aidspatiënten tot het bittere eind’. Zij bleef ‘te midden van alle rouw, paniek en verslagenheid’ een nuchter en gedreven ondernemer die overal geld en subsidies wist los te peuteren. Ze vertelde ministers hoe blij zij moesten zijn dat Schorer kennis en expertise in huis had. Toen koningin Beatrix een bezoek aan het armetierig kantoortje op de Amsterdamse Nieuwendijk bracht en opmerkte dat de trap wel erg steil was, zei Riek: ‘We kunnen niet allemaal in een paleis wonen’. Enkele weken later bood het ministerie een nieuw gebouw aan.

Ze werd in Boornbergum geboren. Haar ouders waren onderwijzer en rood. Riek hielp al jong op de boerderij van de buren, speelde nooit met poppen en haar mooiste cadeau was een meccanodoos. Ze had een hekel aan school, maar ging plichtsgetrouw naar de mulo. Rond haar 15de merkte ze een meisje erg lief te vinden. Ze vertelde het haar grootmoeder die zei: ‘Als het goed voelt, is het goed.’ Het woord lesbisch kende ze niet.

Ze vertrok naar Amersfoort, werkte bij een instelling voor moeilijk opvoedbare meisjes en ging samenwonen met een vriendin. Samen reisden ze een jaar door Europa en Israël. Riek ging in de gezinszorg en studeerde ’s avonds voor maatschappelijk werkster. In de weekends ging ze stappen in Amsterdam en ontdekte de homoscene.

In 1974 kwam zij bij de Schorerstichting, toen nog ‘een consultatiebureau voor homofilie’, waar je beter niet kon zeggen dat je zelf ook homo of lesbisch was. Riek had daar geen boodschap aan en was snel directeur. Zij sloeg nieuwe wegen in en bouwde een schat aan kennis, informatie en netwerken op. Zij zag de aidsepidemie aankomen en sprak over een uitdaging: ‘Ieder nadeel heeft zijn voordeel.’

Ze was pragmatisch en dacht vooruit en wist dat ze om te overleven moest fuseren en uitbreiden. Dat wekte verzet, zij weerstond een coup van het bestuur en werd ten slotte voor iedereen ‘us mem.’

Riek was overal penningmeester, van Mama Cash voor startende onderneemsters tot het lesbisch tijdschrift Diva en de theatergroep Panter.

Zij stichtte haar eigen Schorer-uitgeverij met boeken over hulpverlening, maar ook over de veranderingen in de begrafeniscultuur als gevolg van aids, de geschiedenis van de sodomietenvervolging en lesbische vrouwen in het Ottomaanse rijk. Ze hield van tuinieren, koken, klussen, opera en vrouwelijke detectives. Om kleren gaf ze niets, hoewel ze zich trots een smoking liet aanmeten. Na haar pensioen in 2002 ging ze terug naar het Friese platteland. Ze had een prachtige tuin, had veel vrienden, mannen en vrouwen, en zei: ‘Ik weet niet of ik het leuk zou vinden als alle vrouwen lesbisch waren. Ik houd het liever een beetje exclusief.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.