FRANS CENTRALISME

'VAN CORSICA word je stapelgek', zei onlangs de officier van justitie die het onderzoek leidt naar de brandstichtende gendarmerie op het 'Ile de beauté'....

Martin Sommer

Vandaar dat ook Lionel Jospin lichtelijk dol wordt van Corsica. Sinds het aantreden van zijn regering gaat hij prat op zijn schone lei en rechte rug. Zo zou ook Corsica schoongeboend worden, bezwoer hij nadat februari vorig jaar de toenmalige prefect werd doodgeschoten. De opvolger zette zich aan een operatie 'schone handen'.

Alle foutparkeerders gingen voortaan op de bon, belastingachterstanden werden niet meer gedoogd, net zo min als illegale strandpaviljoens. Hij kreeg de beschikking over een speciale brigade gendarmes, die het verdwijnen van de onwettige strandtenten wilde afdwingen door ze onwettig in brand te steken. De prefect was al snel zodanig gehaat, dat zijn smadelijke aftocht van het eiland deze week werd gevierd met een nachtelijk claxonconcert in Ajaccio.

De harde hand bleek een misgreep, en niet alleen omdat weer eens werd bewezen dat uitzonderingsmaatregelen leiden tot de wetteloosheid die ze moeten bestrijden. De harde hand is al vele malen geprobeerd op Corsica, om na elke mislukking te worden afgewisseld met de zachte drang. En zo werd woensdag een nieuwe prefect benoemd die al heeft laten weten dat hij vooral naar de Corsicanen zal gaan 'luisteren'.

De Corsicaanse geschiedenis is al heel oud, en al in de tijd van Asterix waren de Corsicanen net zo ontembaar als de maquis. De Fransen waren in 1836 nog maar nauwelijks gewend aan het bezit van Corsica, of de eerste parlementaire commissie moest de halsstarrigheid van de eilanders onderzoeken. In 1908 sloeg minister Clémenceau (toch niet voor niets bijgenaamd Le Tigre) alarm over de 'muren die ons scheiden, zo groot zijn de verschillen tussen de gebruiken op Corsica en die van onze sociale staat'. En vorig jaar verscheen wéér een rapport waarin melding werd gemaakt van een 'premafiose' situatie op het eiland, waarbij vergeleken Palermo bijna gunstig afstak.

Een deel van de verklaring voor de vraag waarom de Fransen dol worden van Corsica, moet gezocht worden in een taaie Mediterrane cultuur, die geworteld is in familiebetrekkingen en een ijzeren geheugen voor diensten en onmin. Die cultuur is wars van de verworvenheden van de moderne samenleving - gelijkheid voor de wet, om maar wat te noemen. 'Ik voel me meer verwant met Sicilië dan met Parijs', zei me een paar maanden geleden treiterig een Corsicaan. Hij was er trots op, en nog ambtenaar ook.

Geen wonder dat de Franse staat daarmee geen genoegen neemt, en terecht. Maar dat is niet alles. Uit deze affaire blijkt weer eens dat Frankrijk niet met afwijkelingen kan omgaan. Het is hollen of stilstaan, de lange lat erover of de hele zaak volstrekt laten lopen.

Dat laatste gebeurde toen de vorige rechtse regering het vier jaar geleden op een akkoordje gooide met de bommenleggers van de afscheidingsbeweging FLNC. De regering stond toe dat vijfhonderd gewapende en gemaskerde mannen op Corsica een nachtelijke persconferentie gaven, om de overeenkomst met Parijs toe te lichten.

Ik zal de laatste zijn om te zeggen dat de zaken in Nederland beter geregeld zijn. Maar feit is dat een kind van de verzuiling relatief scherp ziet dat Frankrijk moeite heeft met minderheidsgroepen. Hier bestaat niet het pappen en nathouden, op eieren lopen en compromissen zoeken dat het land van de pacificatie met de paplepel is ingegoten. Arend Lijphart heeft beschreven hoe Nederland zijn godsdienstoorlogen te boven is gekomen met een cultuur van voor elk wat wils, die Frankrijk volstrekt vreemd is.

Sinds de revolutie is hier de eenheidsstaat het alfa en het omega. De wegwijzers, de schoolboeken en de elektriciteitsmasten zijn van Bayonne tot Straatsburg identiek. De individuele gelijkheid voor de wet is bijna tot religie verheven, zeker in het huidige kabinet, waar minister Chevènement van Binnenlandse Zaken een uitgesproken vertegenwoordiger is van het stramme jacobijnse centralisme.

Dat heeft zijn mooie kanten en leidt in ieder geval tot principiële discussies. Zo wordt het succesvolle festival van Bretonse muziek, elk jaar augustus in Lorient, in scherpslijpende kring bijna gezien als een symptoom van de balkanisering van de staat. De vereniging ter bevordering van de Elzassische taal leidt nog altijd een kwijnend bestaan, omdat het regionalisme zich maar niet kan losmaken van een ultra-rechtse reuk. En van Corsica wil 36 procent van de Fransen het liefste af.

Vooralsnog is de belangrijkste conclusie dat het Parijs wederom niet is gelukt de Corsicanen in het Franse keurslijf te duwen. Dat lukt al tweehonderd jaar niet, en misschien moet je voor Corsica vaststellen dat de politieke maakbaarheid (het veelbezongen Franse voluntarisme) aanloopt tegen de grenzen van tweeduizend jaar maquis. Tot nu toe is niemand erin geslaagd daarvoor een acceptabele formule te vinden. Vandaar dat Corsica gek maakt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden