het eeuwige leven Ferdinand Erblich (1946-2019)

Ferdinand Erblich (1946-2019): De Weense estheticus van het Orlando-kwartet

Met het Orlando Kwartet – volgens The New York Times een van de beste ter wereld – vierde violist Ferdinand Erblich grote successen. 

Ferdinand Erblich. Beeld Marco Borggreve

‘Ik kwam zelden iemand tegen die op drie niveaus zoveel gevoel voor esthetiek had’, zegt zijn vriend Alexander Bakker over altviolist Ferdinand Erblich. ‘Hij was niet alleen een geweldig musicus, maar ook een kenner van bijzondere tapijten. We deelden onze liefde voor met name Koerdische Jaff-tapijten. En hij was een briljant vinoloog.’

Erblich, die met het Orlando Kwartet de wereld veroverde, overleed 28 maart in zijn woonplaats Hilversum. Hij leed al 17 jaar aan kanker. De laatste jaren kon hij daardoor ook niet meer spelen. Dat leidde ertoe dat hij zich meer stortte op zijn andere passie: het verzamelen van bijzondere tapijten. ‘Hij was een echte kenner. Op veilingen boden hij en ik vaak tegen elkaar op. In het begin wist ik dat helemaal niet, maar later leerde ik hem kennen en werden we vrienden’, zegt Alexander Bakker. Erblich zou een collectie van bijna tweeduizend tapijten opbouwen, waarvan hij een groot deel later ook weer verkocht. Daarnaast had hij ooit een bijzondere verzameling wijnen – met name uit de Bordeaux-streek.

Erblich werd in 1946 geboren in Oostenrijk. Hoewel zijn ouders niet uit de muziek kwamen – zijn vader was verkoper bij Siemens – gaven ze hun enige kind een muzikale opvoeding. ‘Ze vertelden hem geen sprookjes, maar libretto’s’, zegt zijn ex-echtgenote Josje ter Haar. ‘In het naoorlogse Wenen konden mensen voor heel weinig geld een staanplaats kopen in een van de operahuizen.’ Zijn zoon Hans Erblich: ‘Operavoorstellingen waren in die tijd ook op straat het gesprek van de dag, net zoals voetbalwedstrijden nu.’

De jonge Ferdinand besloot viool en later altviool te studeren. Na zijn studie vond hij eerst een baan bij het orkest van de Bayerische Rundfunk in München. Later kreeg hij een aanstelling als solo-altist bij het Gürzenich-Orchester in Keulen, waar hij de Hongaarse violist István Párkányi, concertmeester bij het Kölner Kammerorchester, leerde kennen. Ze hadden een muzikale klik en ze kwamen overeen een nieuw strijkkwartet op te richten. Samen met Stefan Metz (cellist) en Heinz Oberdorfer (violist) vormden ze in 1976 het Orlando Kwartet, genoemd naar de Waalse componist Orlando di Lasso.

Nadat Párkányi werd aangesteld als concertmeester van het Residentie Orkest in Den Haag verhuisde Erblich met hem mee naar Nederland. Toen konden ze nog niet vermoeden dat het Orlando Kwartet zou uitgroeien tot het belangrijkste Nederlandse kwartet van na de oorlog. The New York Times noemde het in 1983 zelfs ‘een van de belangrijkste kwartetten in de wereld’. Een jaar daarvoor was de naamsbekendheid dankzij de oprichting van het Orlando Festival in Kerkrade de hele wereld al overgegaan. Muzikale onenigheid maakte een einde aan het kwartet. Pas eind jaren negentig zou een doorstart worden gemaakt onder de nieuwe naam Párkányi Quartet, dat met Michael Müller als cellist dezelfde faam verwierf.

Erblich leidde in Nederland ook een hele nieuwe generatie van violisten op. Met zijn Weense charme en geestige opmerkingen wist hij vele leerlingen voor zich te winnen.

Hij bleef tot op het einde van zijn leven houden van opera – met name die van Verdi en Wagner. ‘Maar toen ik vlak voor zijn dood aan hem vroeg bij wie hij in de muzikale hemel zou willen aanschuiven, noemde hij de namen van Schumann en Horowitz’, aldus Hans Erblich.

Erblich was in zijn leven twee keer getrouwd. Met zijn eerste Engelse echtgenote kreeg hij een dochter en met Josje ter Haar zijn zoon Hans.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.