Erdan is 5 jaar en al een jaar dakloos

Net als zevenduizend andere kinderen in Nederland

Al meer dan een jaar leven Erdan en zijn moeder in een opvang voor onbehuisden. In Nederland zijn duizenden kinderen zoals hij. Als het aan de Tweede Kamer ligt, krijgen zij voortaan betere hulp.

Erdan en Daniela Karinca zijn tijdelijk ondergebracht in een piepklein appartementje dat ze met een ander gezin moeten delen. Foto Marlena Waldthausen

Ze kwam alleen maar naar Nederland om haar moeder op te zoeken, zegt Daniela Karinca (51). Haar zoon Erdan (5) had zijn oma nog nooit gezien. Daniela vond het, een jaar na haar verhuizing naar Turkije met haar Turkse man, tijd voor een hereniging. Maar in november 2015, een week na hun aankomst op Schiphol, deed een telefoontje uit Daniela's woonplaats Izmir haar adem stokken. 'Vergeet me maar', zei haar echtgenoot. Hij maakte de relatie uit.

Daniela was haar man kwijt, Erdan zijn vader, zij beiden hun huis. Ze logeerden een paar maanden bij haar moeder in Amsterdam, maar dat boterde niet. En dus stond ze in januari 2016 op de stoep bij dnoDoen, dat de opvang voor daklozen in Hoorn verzorgt.

Sindsdien leven ze in twee kamertjes, bij elkaar een krappe twintig vierkante meter. Het appartement delen ze met een ander gezin. 'Ik maak me weleens zorgen over het effect dat de opvang op hem heeft', zegt Daniela met een blik op Erdan. Het joch speelt met het kleine koelkastje in de woonkamer; met een keukenmes hakt hij stukken ijs uit het vriesvak. 'Straks gaat Erdan denken dat het normaal is dat we zo wonen.'

Daniela's zorgen zijn terecht. Volgens onderzoek van het Radboudumc uit 2009 kampt de helft van de kinderen in een opvang met gedragsproblemen en emotionele sores. Toch krijgen de 7.000 kinderen die momenteel in Nederland, vaak langdurig, in een opvang zitten veelal niet de zorg die ze nodig hebben. Het ontbreekt aan geld om, naast psychologische hulp voor de ouders, extra aandacht aan de kinderen te kunnen geven.

Vooral de 4.000 kinderen in de reguliere opvang voor dak- en thuislozen worden over het hoofd gezien. Slechts een kwart van hen krijgt een intakegesprek. In de vrouwenopvang - waar vrouwen worden ondergebracht die slachtoffer zijn van geweld of gedwongen prostitutie - gaat het beter, maar ook daar ontbreekt de financiering om voldoende naar alle kinderen te kunnen omkijken.

Dat moet anders, vindt de Tweede Kamer, die staatssecretaris Van Rijn deze week sommeerde bij de gemeenten aan te dringen op betere zorg voor dakloze kinderen. Nog voor het einde van 2017 moeten de wethouders hiervoor geld vrijmaken, was de boodschap. Van Rijn zegde woensdag toe die boodschap te zullen overbrengen.

Een grote stap vooruit, vindt Rina Beers van koepelorganisatie Federatie Opvang, al is het afwachten of de papieren overwinning effect gaat sorteren. 'Wij roepen hier al tien jaar om. Dit zijn kinderen die opeens huis en haard moeten verlaten, met alle gevolgen van dien. Zij hebben psychologische hulp nodig, maar de opvang bestaat meestal alleen uit het verzorgen van basisbehoeften als onderdak, eten en schone kleren.'

In het appartement in Hoorn herkent Daniela dat beeld. Omdat ze niet op de centrale opvanglocatie maar 'in de wijk' wonen, is de afstand tot de begeleiders sowieso groter. Eéns per week komt er iemand langs, zegt Daniela, maar Erdan wordt zelden bij de gesprekken betrokken. 'Het zou goed zijn als er ook af en toe iemand met hem kwam praten. Dan kan hij zijn emoties kwijt, want soms wordt-ie heel boos. Gelukkig snapt hij niet alles.'

De ondersteuning van kinderen is inderdaad minimaal, geeft trajectbegeleider Maaike Doornekamp van dnoDoen toe. 'We vragen wel of er problemen zijn, of ze op school zitten en we kijken of het ouders lukt om het kind zelfstandig op te voeden. Maar we hebben geen specialist die tijd heeft om met de kinderen te praten. De financiën laten het niet toe.'

En dat terwijl voldoende psychologische begeleiding voor dakloze kinderen juist veel dure zorg kan voorkomen, zegt Doornekamp. 'Het is heel heftig om in een opvang te wonen. Doordat de ondersteuning voor deze kinderen tekortschiet, lopen zij later vaak tegen dezelfde problemen aan als hun ouders. Laatst kwam hier een vrouw binnen van wie de moeder ook al in onze opvang heeft gezeten.'

Dat de dakloze generaties elkaar opvolgen, ziet ook Beers van Federatie Opvang. 'Kinderen in de opvang zitten vaak niet alleen zonder huis. Hun ouders hebben soms ook psychische of verslavingsproblemen. Kinderen die zo opgroeien gaan niet studeren, vinden geen werk en denken dat het normaal is om schulden op te bouwen.'

Door het gebrek aan sociale woningbouw neemt het aantal kinderen in de opvang bovendien toe, zegt Beers. Zaten er in 2013 nog 2.500 kinderen in de opvang, in 2015 waren dit er al ruim 4.000. 'Ons doel is om de opvang tot maximaal drie maanden te beperken. In werkelijkheid zitten gezinnen een tot twee jaar in de opvang Kinderen horen niet zo lang in een opvang te zitten.'

Dat vindt ook Daniela, die druk bezig is om een eigen stekje te vinden. Ze heeft al een woning bezocht. Toch zal het ook wennen zijn. We slapen nu bij elkaar op de kamer', zegt ze. 'Erdan slaapt zelfs bij mij in bed. Straks moet hij in zijn eentje op een kamer slapen. Dat heeft hij zijn hele leven eigenlijk nog nooit gekund.'