Er was eens. . .

Tussen Hanau en Bremen kronkelt de Deutsche Märchenstrasse, een sprookjesroute die is geïnspireerd door leven en werk van de broers Jacob en Wilhelm Grimm....

Er was eens een stadje dat Steinau heette en dat ook nog een achternaam droeg - an der Strasse - omdat het aan de doorgaande weg van Frankfurt naar Leipzig lag. En dat naarmate de twintigste eeuw naderde ook nog een bijnaam kreeg: Jeugdparadijs van de gebroeders Grimm. En dat tegenwoordig aan de Deutsche Märchenstrasse ligt.

Dat vriendelijke stadje sluimert al eeuwen in de schaduw van een imposant grafelijk slot waarvan de vierhoekige toren een baken is in het groene land. Een goedmoedige reus van 35 meter aan wiens voeten mensjes werden geboren, naar kerk en school gingen, trouwden, kindertjes kregen, lang en gelukkig leefden en tenslotte stierven.

Soms leefden ze wel gelukkig, maar niet erg lang. Zoals Philipp Wilhelm Grimm, burgemeester van Steinau, die in 1796 op 45-jarige leeftijd aan een longontsteking bezweek. Hij liet een echtgenote en zes kinderen achter. Onder dat zestal de elfjarige Jacob en de net geen tienjarige Wilhelm.

Nee, dat was niet wat je een sprookje zou noemen.

Roodaangelopen, bezwete hoofdjes, kleverige bekertjes limonade, schelle stemmetjes. Een schoolreisje dus. Ze klauteren op en over de Grimm-bron, negeren de in steen uitgehouwen prinses - die van De kikkerkoning - en vergelijken de inhoud van elkanders rugzak. Uit de bek van een meer dan levensgrote kreeft - die van De meesterdief - klettert water. De zon staat pal op de sprookjeszuil, midden in de bron, op het mini-slot van Doornroosje, op Vrouw Holle, op Repelsteeltje.

Der Kumpen is het hart van Steinau, beschaduwd door de burcht, door de Katherinenkerk (waar grootvader Friedrich Grimm tussen 1730 en 1777 dominee was), door de gereformeerde school (waar Jacob en Wilhelm Grimm van meester Zinckham leerden lezen en schrijven), en door de vroegere vorstelijke stallen waarin marionettentheater Die Holzköppe (uit 1924) groot en klein vermaakt. Groot ook ja. Met Das gestiefelte Rumpelkäpchen, Het gelaarsde Repelkapje, 'voorbehouden aan volwassenen'!

Het leven is mild geweest voor Steinau (5000 inwoners onder wie twee sprookjesvertelsters, Frau Kleinhans en Frau Dernesch). De lokale VVV heeft 45 vaak eeuwenoude monumenten in kaart gebracht, waaronder ook de voormalige burgemeesterswoning, die sinds juni vorig jaar Brüder-Grimm-Haus heet. Tussen 1791 en 1796 hield vader Grimm kantoor op de eerste verdieping en speelde het gezinsleven zich af op de begane grond. Op de binnenplaats hangt een bijna serene stilte, en het kost weinig moeite de dagen van weleer voor de geest te halen, de langzame tred van het leven destijds, wanneer van de slottoren 'op zondag als we met moeder in feestelijke dracht op weg naar de kerk de slottuin passeerden, de bazuinen een koraal lieten klinken' (Wilhelm Grimm).

Het huis is een eerbetoon aan de Grimms. Niet alleen aan de sprookjesschrijvers en eminente taalgeleerden Jacob (1785-1863) en Wilhelm (1786-1859), maar ook aan hun tekenende en schilderende broer Ludwig Emil (1790-1863). Vooral in tekeningen (meer dan tweeduizend) vereeuwigde hij zijn familieleden en hun woonomgeving. De eerste bundel sprookjes, in 1812 in Kassel verschenen als Kinder- und Hausmärchen, sierde hij op met zeven koperetsen.

Op de eerste etage wonen zij die ons zo vertrouwd zijn: Roodkapje, Hans en Grietje, de Gelaarsde Kat, Sneeuwwitje. Ze delen de kamers met Grimm-voorgangers als Gianfrancesco Straparola, Europa's eerste sprookjesschrijver, en Charles Perrault (Moeder de Gans), en met Grimm-epigonen die zich slechts kort uit de anonimiteit wisten los te maken.

De liefhebbers van Grimm-curiosa zoals waszegels, flaconnetjes, wijnglazen, eremedailles of Jacobs ganzenveer zijn op het slot aangewezen. 'Als u snel bent, kunt u nog net de marionetten zien voordat die schoolklas binnenkomt', waarschuwt de juffrouw aan de kassa. Alsof Roodkapjes wolf ons op de hielen zit, spoeden we ons langs de vaak stokoude poppen die in mini-theaters mini-scenes van talloze sprookjes opvoeren. Het goed en het kwaad zijn hier niet wit en zwart, maar scharlakenrood, boterbloemgeel en Pruisisch blauw.

Over de kinderkopjes van de binnenplaats roffelen de eerste kindervoetjes. Bij restaurant Deck-Dich gaan uitnodigend de luiken open.

De Märchenstrasse begint in Hanau, onder de rook van Frankfurt, en eindigt dik zeshonderd kilometer later bij de Bremer stadsmuzikanten. Wie dat teveel van het goede vindt, kan in Hamelen tegelijk met de rattenvanger het parkoers verlaten. Dan heeft hij inmiddels kennis gemaakt met het groene heuvelachtige land van Hessen en Nedersaksen, met kleurige vakhuizen, met renaissance-burchten, met de rococokerk van Lauterbach, de barok van Fulda, de betovering van Alsfeld, het majestueuze van Marburg en de studenten van Göttingen.

Hij is door Schwälmer Land getrokken, Roodkapjesland, waar tijdens de Ziegenhainer Salatkirmes, vlak na Pinksteren, ongetrouwde meisjes nog steeds een rood mutsje dragen. Hij heeft - tegelijk met een groep Chinese toeristen - de ruïne van de Sababurg in het Reinhardswald bezichtigd waar Doornroosje werd wakker gekust en waar de pottenbakker van de Märchen-Töpferei het begrip kitsch naar een nieuw niveau tilt. Hij heeft de kronkels van de Diemel en de Weser gevolgd tot die elkaar in het witgepleisterde kuuroord Bad Karlshafen treffen. Hij heeft uitgekeken over gele velden met bloeiend koolzaad en witte velden met bloeiende margrieten.

In Schwalmstadt-Treysa heeft hij de ezel van Tafeltje-dek-je munten zien uitspuwen. In Trendelburg heeft hij de Rapunzelturm gezien, en in Bad Sooden-Allendorf de 'woning' van Vrouw Holle.

En de reiziger heeft vele zijtakken van de Märchenstrasse genegeerd omdat een mens nu eenmaal niet eeuwig kan rondzwerven.

Zevenmijlslaarzen, die zouden soms best van pas komen.

Hanau is het begin dus, het uitgangspunt dat op de Neustädter Marktplatz letterlijk aan de voeten van de broers Grimm ligt De één zit met een boek op schoot, de ander leest in stilte mee. Rondom hun piëdestal prijst de weekmarkt luidkeels haar waren aan.

Dit is hun geboorteplaats, de plek waar ze hun eerste kinderjaren sleten, en waarvan de tastbare herinneringen, zoals het geboortehuis aan de Paradeplatz, op 19 maart 1945 werden weggevaagd door bommen. Het huidige Hanau is een kind van de wederopbouw: hoekig, strak van stratenlijn, nogal fantasieloos. Op dat miraculeus gespaarde stadhuis na, waarin de VVV videobanden met Grimm-sprookjes verkoopt. De broers staan er met hun rug naar toe, maar daar moet niets achter gezocht worden.

Geografisch houdt de Märchenstrasse zich niet aan de levensloop van de jongelingen Grimm. Waar zij eerst Kassel aandeden en daarna Marburg (en toen wéér Kassel), stuit de reiziger - op weg naar het noorden - eerst op Marburg. Daar, aan de Lahn, studeerde het tweetal tussen 1802 en 1806 rechten, een studie die Jacob voortijdig afbrak. Uit deze pelgrimsstad, overschaduwd door het robuuste slot van de Hessische landgraven, haalden ze sprookjes als Assepoester en De gouden vogel. Jacob in een brief: 'Marburg en omliggende streek is beslist heel mooi, vooral wanneer men bij het slot staat en omlaag kijkt.' Omlaag, op een cascade van dakpannen en kerkspitsen, die tot in de diepte reikt, tot aan de oever van de Lahn, en waartussen hellende straten en trappen een grillig patroon vormen.

Grillig is in het door de oorlog geteisterde Kassel niets behalve de Wilhelmshöhe, het grootste bos-park van Europa, met zijn als voor Wagner-opera's bedachte decors: watervallen, grotten, ruïnes, kastelen, en boven alles uittorenend het reusachtige beeld van Herkules. Tussen 1798 en 1802 bezochten de twee Grimms het lyceum in Kassel, op uitnodiging én portemonnee van hun tante Henriette Zimmer. Later keerden ze er langdurig (als bibliothecaris) terug en namen na diverse verhuizingen hun intrek in het rococo-slot Bellevue, oorspronkelijk bedoeld als sterrenwacht.

Hoewel de oorlogsbommen op 22 oktober 1943 grote gaten sloegen in de barokbuurt, die ooit gold als een van Europa's mooiste woonwijken, bleef het Bellevue gespaard. Maar de tijd is niet geruisloos voorbij gegaan aan het gebouw. Het is wat smoezelig, zowel aan buiten- als binnenkant, de gele opsmuk ten spijt. Hijskranen en bouwsteigers beheersen de directe omgeving. De Fulda-rivier waarop het slot uitkeek en waaraan Wilhelm op milde avonden uren vertoefde, is onzichtbaar geworden achter uitbundige begroeiing. De straatnaam (Schöne Aussicht) is eveneens in dat groen verdwenen.

Sinds 1972 is Bellevue het officiële Grimm-museum - waarin ook onderdak wordt verleend aan de componist-violist Louis Spohr. Meubels, gebruiksvoorwerpen, tekeningen, schilderijen en boeken gidsen de bezoeker door het leven van de broers. Langs de trap naar de eerste verdieping - gewijd aan de taalwetenschappelijke arbeid van Jacob en Wilhelm - hangen tientallen tekeningen van Rie Cramer. De hal is een eerbetoon aan Dorothea Viehmann, een boerin uit het dorp Zwehrn, die tal van sprookjes aandroeg.

De Gänseliesel van Göttingen is 's werelds meest gekuste meisje. Iedere nieuwe doctor in deze studentenstad moet haar op de bronzen mond zoenen. Het ganzenhoedstertje staat in een fontein op het door terrassen geflankeerde marktplein, aan de voet van het eeuwenoude stadhuis. Voor de broers Grimm heeft Göttingen de zoete smaak van het hoogleraarschap (tussen 1829 en 1837) en de bittere smaak van de Göttinger Sieben, zeven hoogleraren die zich in 1837 verzetten toen de nieuwbakken koning Ernst August II de Hannoveriaanse grondwet ongeldig verklaarde. Ontslag volgde en voor Jacob zelfs verbanning. Hij week uit naar zijn geliefde Kassel. Een jaar later volgde Wilhelm.

Nee, dat was niet wat je een sprookje zou noemen.

Toch leefden ze nog betrekkelijk lang en gelukkig. Wilhelm tot 16 december 1859, Jacob tot 20 september 1863. In Berlijn kwam een einde aan hun omzwervingen. Die stad doet de Märchenstrasse niet aan. Die loopt via Hamelen - een sprookje van een stad - richting Bremen, ooit het reisdoel van de ezel, de hond, de kat en de haan, die zo graag stadsmuzikant wilden worden. Of dat gelukt is, vertelt het sprookje niet.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden