Er staat Latijns-Amerika een bananenramp te wachten

De schimmelziekte TR4 zal de banenenteelt in Latijns-Amerika een enorme klap bezorgen, zegt hoogleraar plantgezondheid Gert Kema. Maar we zullen er geen banaan minder om eten.

Gerard Reijn
Vrouwen dragen bananen in Zambia. TR4 is daar nog niet gemeld. Beeld Hollandse Hoogte
Vrouwen dragen bananen in Zambia. TR4 is daar nog niet gemeld.Beeld Hollandse Hoogte

De banaan wordt ernstig bedreigd door een schimmelziekte, de panamaziekte. Vanuit Oost-Azië rukt die gestaag op. Vooral het populairste ras van 's werelds populairste fruit, de Cavendish, moet het ontgelden.

'Het is een kwestie van tijd dat die schimmel ook Latijns-Amerika bereikt', zegt Gert Kema, hoogleraar plantgezondheid in Wageningen en een expert op gebied van bananen. Hij is de man op wie veel bananentelers hun hoop hebben gevestigd. In Wageningen werkt hij al ettelijke jaren aan onderzoek naar rassen die resistent zijn tegen de panamaziekte.

Als de schimmel Latijns-Amerika bereikt, zou dat een ramp zijn voor de bananenteelt. En zeker voor de betrokken landen. Veruit het grootste deel van de jaarlijks ruim 100 miljoen ton bananen in de wereld komt uit Latijns-Amerika. Landen als Costa Rica en Panama zijn voor een groot deel afhankelijk van de export van bananen.

De panamaziekte hield al eerder huis, in de jaren vijftig en zestig. Die uitbraak had verwoestende gevolgen. Aangetaste bomen stierven binnen enkele maanden. Vooral de toenmalige standaardbanaan, het ras Gros Michel of Big Mike, kreeg het zwaar te verduren. Die stierf nagenoeg uit.

Destijds werd de bananenteelt gered omdat er al een nieuw ras was, de Cavendish, dat immuun was voor de panamaziekte en dat bovendien zeer geschikt was voor de handel omdat de bananen makkelijk waren te transporteren. Sinds die tijd is het grootste deel van de bananen die we eten van het ras Cavendish.

Maar in 1994 dook een nieuwe variant op van de schimmel die de panamaziekte veroorzaakt, TR4 genoemd. Juist de Cavendish is er bevattelijk voor. Maar dit keer is er geen geschikt ras dat de plaats van de Cavendish onmiddellijk kan innemen. En dat is nu juist Kema's doel: een goed en immuun ras ontwikkelen. 'Als we daar nu mee zouden beginnen, zou het zeker nog tien jaar duren voor zo'n ras op de markt is.' Maar beginnen zal hij. 'Daar hebben we minstens 20 miljoen euro voor nodig. We zijn nu in gesprek met financiers, en ik heb goede hoop dat dat snel zal lukken.'

Kema wil een bedrijfsmatig project, zodat het werk niet plotseling tot stilstand komt. Hij is al in gesprek met een aantal veredelingbedrijven in Nederland; namen noemt hij niet. 'Maar ik denk dat we snel kunnen beginnen.'

De schrik voor TR4 is groot. In publicaties wordt het einde van de banaan als massaproduct al gesuggereerd. Is dat terecht? 'Welnee. We zullen niet minder bananen eten.' Het is onzin dat de schimmel niet kan worden bestreden. 'We zijn bezig met het ontwikkelen van chemische en biologische middelen en methoden om de telers te helpen. Binnen een paar jaar hebben we uitstekende middelen zodat de boer gewoon op zijn akker bananen kan blijven telen.'

Bovendien: er zijn ook nog variëteiten waar de schimmels niet veel vat op hebben. 'Die zijn minder populair bij de handelsondernemingen, omdat ze minder makkelijk te vervoeren zijn. Maar vaak zijn ze wel lekkerder. '

Ook op de wereldmarkt is van het naderende einde van de banaan niets te merken. Er is geen sprake van een tekort. De prijzen zijn al jaren stabiel.

Het aantal landen met TR4 is nog beperkt: elf landen in Zuidoost-Azië, het Midden-Oosten, Australië en Mozambique. Volgens Kema hebben Chinese plantage-eigenaren de ziekte naar Laos meegenomen toen zij daar plantages opkochten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden