'Er moet meer controle komen op hele jonge foetus'

Een foetus die tijdens de eerste twaalf weken van een zwangerschap kleiner is dan gemiddeld, loopt later meer gezondheidsrisico's. Dat schrijven wetenschappers van het Erasmus Medisch Centrum in Rotterdam die ruim duizend kinderen van de vroege zwangerschap tot 6-jarige leeftijd hebben gevolgd.

Echo in het Slotervaartziekenhuis in Amsterdam. Beeld anp

Het team, onder leiding van kinderarts en hoogleraar Vincent Jaddoe, pleit voor meer aandacht voor controles tijdens de vroege zwangerschapsfase. Die zijn er nu niet of nauwelijks.

Tessa Roseboom, hoogleraar vroege ontwikkeling en gezondheid aan het AMC in Amsterdam en niet betrokken bij de studie, noemt het een interessant en belangrijk onderzoek. 'Het resultaat is vanuit biologisch perspectief niet vreemd', zegt ze. 'In het eerste trimester van de zwangerschap worden alle organen aangelegd. Als door omstandigheden deze organen niet optimaal kunnen ontwikkelen, brengt dat op de langere termijn gezondheidsrisico's met zich mee.' Roseboom ontdekte zelf iets soortgelijks voor baby's die tijdens de Hongerwinter een laag geboortegewicht hadden: die liepen later meer kans op hart- en vaatziekten en overgewicht.

Optimale ontwikkeling embryo
De Rotterdamse studie, die vandaag verschijnt in het British Medical Journal, laat volgens Jaddoe zien dat er veel gezondheidschecks in de latere fasen van de zwangerschap bestaan, terwijl die eerste 12 weken minstens zo belangrijk zijn. 'Eigenlijk moet er voor goed gezondheidsbeleid veel meer aandacht zijn voor de leefstijl van stellen wanneer die besluiten een kind te krijgen', zegt hij aan de telefoon. 'Het liefst in of zelfs nog vóór de zwangerschap dus. Zo zorg je ervoor dat een embryo in een erg kritische periode zich zo optimaal mogelijk kan ontwikkelen.'

 
Eigenlijk moet er voor goed gezondheidsbeleid veel meer aandacht zijn voor de leefstijl van stellen wanneer die besluiten een kind te krijgen
Hoogleraar Vincent Jaddoe

Jaddoe en zijn collega's volgden 1.184 kinderen die tussen 2002 en 2006 zijn geboren en deelnemen aan het Rotterdamse Generation R-onderzoek. Binnen 10 tot 13 weken na de bevruchting stelden de wetenschappers met een echo de lengte van de foetus vast, gemeten van het hoofd tot het stuitje. Op basis van die lengte werden ze in vijf groepen gedeeld: van kort naar lang. Later, toen de kinderen hun 6de verjaardag hadden gevierd, kwamen ze terug voor meer gedetailleerde metingen.

Vergeleken bij de groep die als foetus het langst was, liep de groep die als foetus het kortst was een 25 procent hogere kans op meetbare gezondheidsrisico's: ze hadden gemiddeld een hoger vetpercentage, hogere bloeddruk en een hogere cholesterolconcentratie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.