Column

Elke dag hoor ik iets lelijks over de islam of Marokkanen

Column Hayat

'Oprotten naar haar eigen land', nu Nederland verhardt, klinkt dat steeds aantrekkelijker voor Hayat.

'Er gaat werkelijk geen dag voorbij dat ik niets lelijks hoor over de islam of Marokkanen.' Beeld Eva Roefs

De teller in mijn omgeving staat nu op drie: jonge, hoogopgeleide, ambitieuze vrouwen die het roer hebben omgegooid en naar Marokko zijn verhuisd. Een vierde twijfelt. Het liefst blijft ze hier. Maar de narigheid is wel heel alledaags geworden: afkeurende blikken in de tram als ze in het Marokkaans belt, alwéér als enige een doorgeknipte fietsrem in de verder roomblanke wijk en ruim veertig keer tevergeefs solliciteren, waarbij twee academische titels en relevante werkervaring niet opwegen tegen een hoofddoek. Ze voelt zich niet alleen afgewezen als sollicitant, maar (vooral) als Nederlandse burger.

Nieuwsgierig informeer ik naar de nieuwe levens van de drie dames, van wie er eentje in Marrakech woont en twee in Casablanca. Eentje schrijft: 'Ik geniet van het weer en er is geen gezeur over Marokkanen haha!' We grappen wat over de Nederlandse gezelligheid en dat we elkáár dan maar moeten afzeiken. Je moet toch wat om de heimwee te bestrijden. Ondertussen hoor ik hetzelfde geluid bij de andere twee; de verademing om niet meer doorlopend het onderwerp te zijn van haatdragende discussies.

En ik begrijp het. Een paar jaar geleden had ik nog gedacht: 'Huh, waarom zou je in vredesnaam uit het goede Nederland weg willen?' Hoe dol ik ook ben op Marokko en hoezeer ik het land en m'n familie het hele jaar door mis, de aanblik uit het vliegtuigraam van de keurig uitgesneden groene ruitjes hier te midden van al dat water doet me altijd breed grijnzen. Wat een heerlijk land om thuis te komen. Maar inmiddels merk ik dat er bij mij iets is verschoven. Ik voel langzaamaan een ontkoppeling.

Vroeger voelde ik me nooit écht aangesproken. Het ging over criminele Marokkaanse jongens, uitkeringstrekkende profiteurs of slecht geïntegreerde ouderen. Ik vond het weliswaar vervelend dat 'mijn' groep het slecht deed, maar tegelijkertijd gleed het ook van me af. Als hoogopgeleid meisje met hardwerkende ouders was dat niet ingewikkeld. Gewoon mijn ding blijven doen, mijn beste beentje voor en verder je niets aantrekken van negatieve beeldvorming.

Inmiddels gaat het allang niet meer over 'rotte appels'. Nee, het is één grote hoop geworden waarop de hele bende wordt gesodemieterd. Een gesprek over vluchtelingen kan moeiteloos uitlopen op hoe dat 'lekkere fascistische geloof van ze' het wel verbiedt donor te zijn, maar geen bezwaar maakt tegen het ontvangen van organen. Er zit geen lijn meer in en feitenkennis is sowieso achterhaald. Ik word er een beetje ziek van. Het is namelijk niet meer opzij te schuiven: er gaat werkelijk geen dag voorbij zonder dat ik iets lelijks hoor of lees over moslims, de islam of Marokkanen. Iets lelijks over mij. Dus ik ontkoppel. En vind het besluit van de drie dames zo gek nog niet, integendeel. Ik begin me af te vragen of ik hier nog wel een plek heb of dat ik inderdaad maar moet 'oprotten naar m'n eigen land'.

Wat ik een laffe, slachtofferige keuze zou vinden van mezelf. Ik heb namelijk wel wat ideeën over radicaliserende moslimjongeren. En over de positie van vrouwen in de Arabisch-islamitische cultuur. En wees maar niet bang: ik deins bepaald niet terug voor een kritische blik. Dus als ene Machteld Zee de onderdrukte positie van islamitische vrouwen in echtscheidingszaken wil aankaarten, ben ik de eerste die met haar meedoet. Mijn eigen moeder is jaren geleden gescheiden op een weinig rechtvaardige manier.

Maar in plaats van twee middagen bij een Britse shariaraad aan te schuiven en daaruit matig wetenschappelijke conclusies te trekken, kunnen we de vrouwen die het betreft opzoeken en met hen praten. Waar zitten die vrouwen en wat is hun verhaal? Moeten zij inderdaad bevrijd worden en zo ja, hoe?

Ik word er kwaad en moedeloos van als types als Machteld Zee niet verder komen dan wéér een anti-islambetoog de wereld in slingeren, angst te zaaien en mensen op te roepen een kant te kiezen. Over welke kant hebben we het überhaupt? Er bestaan geen afgebakende hokjes waarin we ons kunnen afwenden van de andere kant; we staan allemaal met elkaar in verbinding en ontkoppelen is een simplistische, individuele reactie die niets oplost. Doordat we van elkaar afdrijven, krijgen we Donald Trump als wereldleider die samen met Poetin, Erdogan en wie weet Le Pen en Wilders de lelijkheid tot ongekende hoogte kan opstuwen.

Ontkoppelen? Ik blijf liever hier. Het is hoog tijd dat we écht met elkaar praten in plaats van ons in eigen kring zitten te verbazen over hoe dom stemvee zich zo makkelijk laat ophitsen of hoe politiek correcte sukkels ons land weggeven aan vreemde religies en terroristen. Compassie met gelijkgestemden is makkelijk. Laten we eens proberen die op te brengen voor 'de andere kant'.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.