Vonk

Eerlijk betaald? Het is tijd om te benoemen wat misgaat, niet wat goed gaat

Zondag met Lubach heeft gisteren een sticker-actie gelanceerd met een keurmerk voor niet-diervriendelijk vlees, het 'Slechter leven'-keurmerk. In 2015 riep Gustaaf Haan in de Volkskrant op een woord te bedenken voor niet-eerlijk betaalde rijst, door kinderen gemaakte T-shirts en meubels van waaibomenhout. 'Fair trade, duurzaam, ecologisch: wat normaal zou moeten zijn, benoemen wij apart.' Lees zijn betoog hier terug.

Beeld Antonia Hrastar

Somt uw krant wel eens de landen op die niet met elkaar in oorlog zijn? Deelt de politie beloningen uit aan auto's die goed geparkeerd staan? Staat op een doosje paperclips in dikke zwarte letters: 'Het gebruik van paperclips veroorzaakt geen kanker'?

Nee, natuurlijk niet. Alles wat normaal, fatsoenlijk en zonder problemen is benoemen we niet. Gelukkig maar. Het is beter onze aandacht te richten op de onwenselijke uitzonderingen. Die regel - die voortvloeit uit wetten van logica en psychologie - gaat vrijwel overal op.

Maar niet als het gaat om slavenarbeid. Dan benoemen we juist wat fatsoenlijk is. Koffiemerken die hun leveranciers normaal betalen, zetten dat trots op de verpakking: 'fair trade!' Sinds de ramp met naaiatelier Rana Plaza in Bangladesh maken kledingmerken 'conscious collections'; gemaakt in een fabriek die niet op instorten staat. Er is een chocolademerk dat zijn repen aanprijst als 'slaafvrij'.

Dus wat kunt u doen?

In de supermarkt krijgt alles wat biologisch, slaafvrij of duurzaam is, een speciaal etiket. En de andere producten, daar zit niks op. Dat moet omgedraaid. De goede spullen zouden normaal moeten zijn, zonder sticker. En dan een label voor de rest.

Maar wat moet daarop staan? Verzin de creatiefste tekst en wij schrijven een stuk in de Volkskrant over úw inzending. Ga daarvoor naar volkskrant.nl/hetnieuwenormaal.

U kunt uw idee ook invullen op de cover van Vonk van zaterdag 14 februari en dit opsturen naar:

De Volkskrant
Redactie Vonk
o.v.v. Het Nieuwe Normaal
Postbus 1002
1000 BA Amsterdam

Eerlijk en niet eerlijk

De termen 'biologisch' en 'ecologisch' zijn oorzaak van eenzelfde inflatie van waarden. Blijkbaar verdient het lof dat bij het maken van een pak yoghurt of een doosje druiven het ecosysteem géén onomkeerbare schade is toegebracht. Dat de fabrikant zijn afval niet op een onacceptabele manier heeft gedumpt, maar - warempel! - netjes heeft opgeruimd.

Dat 'slaafvrij' zal wel cynisch bedoeld zijn; om de absurditeit te benadrukken. Maar de schrijnende werkelijkheid is dat de meeste merken hun 'slaafvrije' producten doodleuk naast het standaard­assortiment verkopen. Supermarkten geven ons schaamteloos de keus tussen eerlijk betaalde en niet-per-se-eerlijk betaalde rijst, hazelnoten, cacao, bananen, et cetera.

Stelt u zich een bakker voor die elke ochtend weer trots vertelt dat hij 's nacht géén minderjarige knechten voor zich heeft laten zwoegen. Dat zou al wantrouwig maken. Als die bakker een apart schap heeft met goedkope broden waarvoor die claim niet geldt, zou u zeker verontwaardigd de zaak uitlopen. Waarom doen we dat dan niet bij de supermarkt?

Beeld Antonia Hrastar

Ver van ons bed

Allereerst omdat de ellende van gevaarlijke naaiateliers en onleefbare lonen ver van ons bed is. Daar komt bij dat het prettiger is om het glas halfvol te zien; een fairtradeproduct afrekenen is alsof je jezelf een schouderklopje geeft. Ongetwijfeld was het oprichten van een keurmerk voor fatsoenlijke handel ook een noodzakelijke eerste stap om mensen bewust te maken van uitbuiting in wat men zonder spoor van gêne 'lagelonenlanden' is gaan noemen.

Dat zal allemaal best, maar die tijd is voorbij. Het gekoketteer met 'eerlijke producten' verraadt een koloniaal wereldbeeld dat dieper geworteld is dan we zelf denken. Niemand zal volhouden dat het goed is om bananenplukkers uit te buiten, maar het spraakgebruik laat zien dat we het toch volstrekt normaal vinden. 'Wilt u gewone bananen of fair trade?'

Die omkering is niet alleen absurd maar ook kwalijk. Hieronder leg ik uit waarom. De conclusie is dat we een nieuw woord nodig hebben. We moeten niet de nadruk leggen op wat fatsoenlijk is, maar onze blik richten op wat misgaat. Ik loof een fles normaal geproduceerde wijn uit voor de beste term die helder en krachtig uitdrukt dat een product is verkregen door onfatsoenlijke handel, uitbuiting van mensen, uitputting van de aarde of ons ecosysteem.

Beeld Antonia Hrastar

Wereldverbeteren

De inflatie van 'normaal' is een probleem omdat de strijd voor een betere wereld ingrijpend is veranderd.

Mijn ouders kunnen nog smakelijk vertellen over 'Kalkar': de strijd tegen de kerncentrale die Nederland, België en Duitsland begin jaren zeventig wilden bouwen op de grens bij Zevenaar. Kritische burgers wilden geen kernafval en daarom ook geen kernenergie. Jaar op jaar werden de demonstraties massaler. De politiemacht die in 1977 tienduizenden betogers in bedwang moest houden geldt als de grootste in de geschiedenis van de Bondsrepubliek Duitsland. Mijn ouders waren erbij. En ze wonnen. De kerncentrale van Kalkar is inmiddels omgebouwd tot pretpark.

De wereld verbeteren, dat betekende toen: burgers nemen het op tegen de staat en machtige industrieën. Niet iedereen hoefde daarvoor de straat op. Voor de meer gematigde massa waren er allerlei manieren om hun stem te laten horen: je kon donateur worden van het een of ander, je kon voorgedrukte 'boze' briefkaarten opsturen en zo af en toe een petitie ondertekenen. Het was zelfs heel normaal om donateur te zijn van Greenpeace en tegelijkertijd klant bij Shell. Een krabbel te zetten tegen de bioindustrie, zonder vegetariër te worden. Hypocriet of niet, je handtekening was én is een manier om je zorgen te uiten over het systeem waar je zelf deel van bent. Perfect voor al die mensen die wel een mening hadden maar toch vooral hun normale leven wilden leven. Zonder hun morele steun was het voor actievoerders onmogelijk om overheid of industrie op het rechte pad te houden.

Beeld Antonia Hrastar

De markt

Zo'n protest als tegen Kalkar is nu in Nederland ondenkbaar. Er is weinig waarvoor we nog de straat op gaan. Dat komt mede doordat maatschappelijke zorgen steeds vaker worden overgelaten aan 'de markt'.

Op de markt hoef je - in theorie althans - nooit lang ontevreden te blijven. Je kunt overstappen naar een energieleverancier die windmolens bouwt of juist een die uitsluitend 'atoomstroom' levert. Wie vrije artsenkeuze belangrijk vindt hoeft daarvoor niet naar het Malieveld maar kiest gewoon een polis die vrije artsenkeuze dekt. Je kunt kiezen voor kleding met of zonder kinderarbeid (in Nederland worden kinderen nog 'ouderwets' beschermd door een wet uit 1874; kinderen in India of Turkije zijn overgeleverd aan de vrijheid van ons, consumenten, om het goedkopere T-shirt links te laten liggen).

Dat gaat zelfs zo ver dat de overheid het bedrijven regelmatig verbiedt om gezamenlijk hun productiemethoden te verbeteren. Zo werd vorige week de afspraak om het leven van industriekippen te verbeteren bij monde van Autoriteit Consument en Markt gedwarsboomd. Eerder gebeurde dat al met de afspraak van energiebedrijven om vervuilende kolencentrales te sluiten. Verboden. De consument móet kunnen kiezen voor slechte waar.

Het is een hardnekkig idee: als consumenten maar keus hebben, zullen de beste oplossingen vanzelf komen bovendrijven. Die politieke aanname wordt door geen enkele economische theorie ondersteund, maar heeft intussen wel het klassieke protest effectief het zwijgen opgelegd. Bedrijven en politici beroepen zich op een eenvoudig dogma: omzet = legitimatie. Wat u koopt, heeft bestaansrecht. De kritische burger staat niet meer tegenover staat of industrie, maar moet plotseling zelf in de spiegel kijken. Tegen jezelf is het lastig protesteren.

En daar wreekt zich de positieve framing van wat normaal zou moeten zijn. Die verhult de nieuwe verantwoordelijkheid die de consument in de maag is gesplitst. De suggestie is dat biologisch eten een paar euro extra waard is. Dat je lekkerder zit op tuinmeubelen van FSC-hout. De zorgen om een maatschappelijk probleem zijn vertaald in persoonlijke voorkeuren, in behoeftes die je wel of niet kunt bevredigen.

Dat is verkeerd. Maatschappelijke problemen heten niet voor niets maatschappelijke problemen. Het gaat er niet om dat ik slaafvrij consumeer: het gaat erom slavernij af te schaffen. Het gaat niet om de groene stroom uit uw stopcontact; het probleem is de vervuiling door kolencentrales. De maatschappij heeft niets aan uw prettige zelfgevoel, de maatschappij heeft problemen en die moeten we oplossen. Keurmerken mogen gaan over uw persoonlijke voorkeuren maar het debat moet gaan over uw verantwoordelijkheid.

De eerste stap ligt voor de hand. De aanprijzingen 'eerlijk betaald' en 'goed voor het milieu' hebben hun beste tijd gehad. Als we de maatschappelijke problemen van vandaag willen oplossen wordt het tijd om alles wat fatsoenlijk is als normaal te beschouwen. Vandaar mijn oproep om het debat weer om te keren.

Beeld Antonia Hrastar

Dwingende kracht

Een nieuw woord verandert nog niets in de werkelijkheid maar oude woorden houden verandering wel tegen. Ik geloof dat 'duurzame' of 'verantwoorde' producten best een groep consumenten aanspreken. Maar de dwingende kracht van normaal, daar kan niks tegen op.

Daarom doe ik een oproep. Niet ­gericht aan ondernemers die een fairtrade­lijn voeren. Zij zullen de rest van hun assortiment niet vrijwillig een sticker 'gemaakt door slaven' opplakken. Mijn oproep is gericht aan ons, burgers, journalisten, onderzoekers, politici. Door termen als eerlijke handel en biologisch afbreekbaar als aanprijzing over te nemen, houden we het beeld in stand dat de fatsoenlijke manier van werken een uitzondering is op de regel.

We moeten een nieuw woord bedenken. Een bijvoeglijk naamwoord. Het moet begrippen als 'oneerlijk', 'onverantwoord' en 'onethisch' dekken, maar het mag geen afgeleid woord zijn dat begint met iets als 'on-', 'niet-' of 'a-'. Het mag een nieuw woord zijn maar ook bestaand of samengesteld.

De jury ben ik zelf. Met medewerking van de Volkskrant presenteer ik het winnende woord op deze plaats. De redactie belooft een stuk te schrijven over uw woord.

Gustaaf Haan werkt als onderzoeker voor theQuestionmark.org, dat de herkomst van supermarktproducten onderzoekt. Hij schrijft dit artikel op persoonlijke titel.

Beeld Antonia Hrastar

Dus wat kunt u doen?

In de supermarkt krijgt alles wat biologisch, slaafvrij of duurzaam is, een speciaal etiket. En de andere producten, daar zit niks op. Dat moet omgedraaid. De goede spullen zouden normaal moeten zijn, zonder sticker. En dan een label voor de rest.

Maar wat moet daarop staan? Verzin de creatiefste tekst en wij schrijven een stuk in de Volkskrant over úw inzending. Ga daarvoor naar volkskrant.nl/hetnieuwenormaal.

U kunt uw idee ook invullen op de cover van Vonk van zaterdag 14 februari en dit opsturen naar:

De Volkskrant
Redactie Vonk
o.v.v. Het Nieuwe Normaal
Postbus 1002
1000 BA Amsterdam

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.