column Arthur van Amerongen

Eenmaal in Ceuta kreeg ik een korte aanval van fomo: de angst om Lowlands te missen

Ik ben dol op enclaves als Vaticaanstad, Gibraltar, Melilla en Ceuta. Baarle zou ik daaraan kunnen toevoegen, maar dat uit dertig enclaves bestaande gedrocht bezocht ik nooit en staat ook niet op mijn bucketlist, ondanks de Belgse friet en het Baolse babbelèrke waarmee driftig wordt geadverteerd.

Om de echte enclavekick te krijgen, moet je het Spaanse Ceuta te voet betreden vanuit Marokko. Met de juiste paperassen is dat een peulenschil, maar de wandeling van de Marokkaanse naar de Spaanse douane door een eindeloze kooigang maakt het dan weer extra spannend. Ik waande me even een freefighter, op weg naar arena Europa. Marokko was enig maar na praktisch drooggelegde oorden als Tetouan, Martil en Chefchaouen overleefd te hebben, is ongebreideld zuipen in Ceuta een cadeautje.

Eenmaal in de Spaanse enclave kreeg ik een korte aanval van fomo (fear of missing out): de angst om Lowlands te missen, want daar ging iedereen over twitteren. Zelf had ik geen themata van gelijkwaardige importantie, hoogstens mijn vertrouwde trivia. Zo zijn alcohol, sigaretten en tapas spotgoedkoop in Ceuta en hoef je niet drie uur in de regen en in de rij te staan om te mogen poepen en plassen. Bovendien word ik in Ceuta aangesproken met señor en niet met ‘opschieten, ouwe viespeuk, er motte nog meer mensen naar de plee.’ Op een knus terrasje genoot ik van mijn vloeibare ontbijt : een vorstelijke bel brandy en een espresso. 

Veel guiri’s (buitenlanders) vinden de Spaanse koffie ondrinkbaar. De mezcla bestaat uit een klein deeltje milde arabicabonen, de rest is gekaramelliseerde robustabonen. Het bittere brouwsel bevat zes keer zoveel cafeïne als een bakkie pleur in bijvoorbeeld Baarle. Ik neem er graag een neutje en een sigaartje bij, een beproefd recept voor een vlotte matinale stoelgang. 

Ik genoot weer van de Spanjaarden die vinden dat het een verplichting is om dag en nacht uit hun bol te gaan. Die levenslust is natuurlijk de reden dat ze zo lang meegaan, want na de Japanners hebben de Spanjolen de hoogste levensverwachting ter wereld, ook al roken en zuipen ze zich het schompes. Spanje is het enige Europese land waar het percentage rokers stijgt, en dat mag ook wel eens worden gezegd. 

Een ander curieus aspect is dat, volgens mijn ervaring, een op de twee Spanjolen snuift:  altijd prima ter verhoging van de feestvreugde. En toen, na een nakkie en een cognakkie, verdween de fomo en daalde het enclavegevoel in. Flevoland was heel ver weg.

Cognakkie Beeld Gabriël Kousbroek
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden