ColumnAaf Brandt Corstius

Een stijlvolle Parijse hond is bijna net zo goed als een gedistingeerd bibliotheekmeneertje

null Beeld

Ik heb altijd een grote liefde voor de spencer gehad, maar meer als kledingstuk voor kinderen van een jaar of 3. Ik kocht ooit voor mijn zoon, toen nog klein, een grijs wollen spencertje met een gele taxi erop en dat zit nu in de doos met speciale kleren die absoluut nooit weggegooid mogen worden.

Dat ik zelf een spencer zou willen, zag ik toen niet aankomen, maar zoals dat met mode gaat, kan het soms ineens heel snel gaan. Nu heb ik in amper twee weken tijd twee spencers gekocht en die draag ik elke dag.

Ik ben daarin volstrekt niet origineel, want ook zo gaat dat met mode. Mode is per definitie niet origineel. Wel als je aan het voorfront stond met je spencer. Maar daar stond ik duidelijk niet, want hij hangt in elke H&M en Arket.

De spencers brengen me evengoed plezier, want de spencer betekent voor het truiengenre wat de tussenjas betekent voor het jassengenre. Het is een kledingstuk dat perfect is voor het onduidelijke gebied tussen zomer en winter. De spencer bevindt zich ook nog eens tussen casual en netjes in; aan de ene kant is hij een praktische trui zonder mouwen, een soort bodywarmer van wol, aan de andere kant lijk je ermee op een gedistingeerd meneertje dat vroeger in een bibliotheek werkte.

En dat is precies de look waar ik voor ga.

Nu loop ik de hele tijd rond in die zwarte en die witte spencer, ik heb zelfs niet genoeg dingen met mouwen en kragen om eronder te dragen, dus zal daar ook een ernstige toevoer van moeten komen. Dat heeft de kledingindustrie natuurlijk zo bedacht.

Mijn man zag het allemaal met lede ogen aan, of eigenlijk had hij bij de eerste, zwarte spencer niet door dat ik iets nieuws had. Bij de tweede, een witte (van jakwol, dat wil je er dan ook eigenlijk de hele tijd bij vertellen) merkte hij het op. Misschien omdat ik er een roze coltrui onder droeg.

‘Je lijkt erg op...’, zei hij en ik wist door de hoorbare puntjes dat dit iets ging worden wat ik niet per se complimenteus zou opvatten. ‘Op... op... hoe heten die twee grote honden nou ook alweer, uit die tekenfilmserie die zich in Parijs afspeelt?

Casper en Lisa,’ zei ik.

‘Ja! Casper en Lisa!’, riep hij uit.

Ik begreep de associatie. De vader van Casper en Lisa droeg over zijn hondenlichaam altijd een gilet. Verder niks, overigens.

Het waren wel stijlvolle honden, dacht ik blij. Een stijlvolle Parijse hond is bijna net zo goed als een gedistingeerd bibliotheekmeneertje.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden