180 graden Henk van Veldhoven

Een schooluniform maakt alle kinderen gelijk

Henk van Veldhoven: 'Leerlingen beoordelen elkaar vaak op de 'juiste' kleding.' Beeld Ivo van der Bent

Meubelmaker en leraar Henk van Veldhoven (74) veranderde van standpunt over een verplicht schooluniform.

Oude standpunt

‘Een schooluniform ontneemt kinderen hun eigenheid. Als leerlingen allemaal dezelfde kleding dragen, wordt het één uniforme massa. Schooluniformen zien er ook ouderwets en weinig flatteus uit; het is meestal een broek of plooirok, blouse, blazer, petje en voor jongens vaak nog een stropdas. Als kind had ik al een hekel aan uniformen. Wat had ik een medelijden met Engelse kinderen, die ik in films en op foto’s in die saaie uniformen zag lopen. Alsof ze geen individu mochten zijn.  

‘In mijn jeugd was het normaal om bij de padvinderij te gaan. Bij de welpen droegen alle jongens verplicht dezelfde korte broek en hadden ze hetzelfde petje op. Zelfs in de winter moest je in die korte broek lopen. Als ik thuis kwam trok ik zo snel mogelijk mijn eigen kleren aan. Een welp die naar de middelbare school ging,  kon doorstromen naar de verkenners. Van mijn ouders mocht ik zelf bepalen of ik dat wilde. Ik had veel plezier bij de padvinderij, maar die verplichte kleding was voor mij de reden er af te gaan.’

Het kantelpunt

‘Ik werd meubelmaker en ging na mijn opleiding als vrijwilliger in Afrika werken op een technische school, eerst drie jaar in Nigeria en daarna drie jaar in Tanzania. In deze landen dragen alle kinderen vanaf de basisschool tot en met de middelbare school een uniform. Vanwege de hitte wat andere kleding dan leerlingen in Engeland: een katoenen rok of korte broek en een blouse met korte mouwen en het embleem van de school op de linker borstzak. Leerlingen die intern woonden, droegen buiten schooltijd een groene broek en een groen geruite blouse. Als ik in het dorp liep kon ik aan het uniform zien of het leerlingen van mijn school waren, want elke school heeft zijn eigen uniform. 

‘De kinderen wekten niet de indruk een hekel te hebben aan de voorgeschreven kleding. Het gaf status in een land waar niet iedereen naar de middelbare school kan. Levend tussen de lokale bevolking zag ik hoe groot de verschillen waren tussen rijk en arm. Het ene gezin woonde in een hut met golfplaten dak, het andere in een groot huis met personeel en een auto voor de deur. Ook aan de kleding was op straat en op de markt het verschil in welvaartsniveau duidelijk zichtbaar. Er waren mensen in vale, smoezelige tweedehands  en ondernemers en hoge ambtenaren met dure merkkleren. Op school kwamen de kinderen van uiteenlopende achtergronden bij elkaar. Dankzij het schooluniform waren de verschillen onzichtbaar.  Het enige onderscheid dat werd gemaakt was in leeftijd. De jongste leerlingen moesten de oudsten gehoorzamen.’

Nieuwe standpunt

‘Schooluniformen zijn zo gek nog niet. Het zou goed zijn als we die ook op Nederlandse scholen invoeren. Een simpel uniform: een blauwe spijkerbroek met een witte blouse of T-shirt, en dezelfde trui voor in de winter. Dat maakt duidelijk dat alle kinderen gelijk zijn en voorkomt dat zij elkaar beoordelen of uitsluiten op hun kleding, of het nu dure of goedkope kleren zijn. 

‘Na mijn verblijf in Afrika keerde ik terug naar Nederland om daar als onderwijzer aan de slag te gaan op een technische school voor jongens. Daar merkte ik al gauw hoeveel waarde jongeren hechten aan merkkleding. Wie dat niet draagt, hoort er niet bij. Wie niet de ‘juiste’ kleren draagt wordt stom gevonden. Ik herinner mij dat op een dag een van mijn leerlingen een trui droeg met een krokodilletje er op. Ik was erg verbaasd, want ik wist dat zijn ouders het thuis niet breed hadden. Hoe konden zij zo’n dure merktrui betalen? Toen ik wat beter keek, zag ik dat het een zelf gebreide trui was en dat zijn moeder het merkje er op genaaid had. Dat was kennelijk belangrijk voor het kind om ‘erbij te horen’.’

Het effect

‘Ik erger mij niet meer aan schooluniformen. Bij mij in de buurt is een British School. Deze leerlingen zijn makkelijk te herkennen aan hun zwarte broek of rok en wit overhemd. In de winter dragen ze allemaal dezelfde trui en een donkere jas. Dat ze opvallen door hun kleding kan ervoor zorgen dat ze zich gedragen op straat en in de supermarkt, omdat ze makkelijk traceerbaar zijn. De zoon van vrienden van mij heeft een donkere huidskleur. Toen hij een keer op bezoek kwam, vertelde hij mij dat hij onderweg was aangehouden door de politie die om zijn legitimatie vroeg. Hoogst waarschijnlijk zou dit niet gebeurd zijn als hij een schooluniform had gedragen, zoals de leerlingen op de British School. Ik heb in Nederland niet gepleit voor invoering van een uniform op scholen waar ik werkte. Het is volgens mij heel Nederlands om er tegen te zijn. Waarom weet ik eigenlijk niet.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.