InterviewEvert en Carrie ten Napel

Een gesprek met Evert en Carrie ten Napel: ‘Dat mijn dochter bij Op1 zit, daar werd ik emotioneel van’

Beeld Erik Smits

Vader Evert ten Napel en dochter Carrie zijn allebei bij de tv terechtgekomen, ze zijn beiden zowel nuchter als emotioneel. Evert is alleen een stuk minder gewend om over zijn gevoelens te praten. ‘Ik kan dat nog steeds niet.’

Evert ten Napel (75), de bekende sportcommentator, is op de fiets. Het is maar zes minuutjes op zijn herenfiets van zijn huis naar dat van zijn dochter Carrie (40), een van de jongste gezichten van Omroep Max. Na de komst van haar kinderen Pim (4) en Lotte (2) is zij samen met haar man Michiel Teeling, voetbalcommentator bij Fox Sports, bij haar ouders en haar 97-jarige oma om de hoek in Ermelo gaan wonen.

Net als haar vader droomde Carrie ervan sportjournalist te worden. Als jong meisje zat ze soms naast hem als hij commentaar gaf. Het was dan de sport om net even twee tellen eerder dan haar vader de naam van een speler te fluisteren. Maar nu is Carrie vooral bekend als presentator van de talkshow Op1.

Ik hoorde dat je geëmotioneerd was, Evert, toen Carrie je vertelde dat ze Op1 mocht presenteren. Wat zorgde voor die tranen?

Evert: ‘Dat onze dochter daar zit. In een programma waar Jeroen Pauw, de allerbeste interviewer van Nederland, heeft gezeten. Dan ben je er wel. Daar werd ik emotioneel van.’

Hij zegt het vol vaderlijke trots, en met een licht Drentse tongval, aan de keukentafel van zijn dochter. Zijn 2-jarige kleindochter Lotte heeft hij kort daarvoor nog smeltend een welterustenkusje gegeven toen ze vertrok voor haar middagdutje. Onder het genot van een plak Ermelose ontbijtkoek gaan vader en dochter speciaal voor dit themanummer over opvoeden terug naar hun jeugd.

Hoe ben jij opgevoed, Evert?

‘Ik was het oudste kind in een traditioneel, keurig gereformeerd nest uit Klazienaveen, met een vader, moeder, broer en drie zussen. Het was een harmonieus gezin, met veel liefde voor elkaar. Daar kijk ik nog altijd met warme gevoelens op terug. We hadden thuis een bakkerij, maar ik heb nooit het gevoel gehad dat ik dingen heb gemist omdat ik geacht werd mijn vader in de bakkerij te helpen. Maar soms moesten wij om 3 uur ’s nachts ons bed uit en meehelpen. Dan was er een machine stuk en moesten wij, hoe klein we ook waren, het deeg met de hand kneden. Als wij tussen de middag uit school kwamen, stond mijn moeder al klaar met een aantal tassen met brood die met de bakfiets bezorgd moesten worden. En als we een keer wat later waren omdat we gingen knikkeren, blikspuiten (een balspel, red.) of hinkelen, was mijn moeder helemaal in paniek. Na school moest ik ook vaak wat vriendjes optrommelen, want dan moesten er amandelen worden gepeld. Dan zat je met vijf vriendjes aan zo’n lange tafel te pellen.’

Carrie, lachend: ‘Dat zou nu kinderarbeid zijn.’

Evert: ‘Je wist niet beter. Daar werd je sterk van, zeiden ze. Dus dat deed je gewoon. Ik ging als enige naar de hbs, maar ook daar werd niet bijzonder over gedaan. Alles was heel gewoon, het ging zoals het ging. Of zoals wij in Klazienaveen zeiden: Het giet zoals het giet. Mijn vader moest zes dagen in de week keihard werken, die ging na de lagere school in de bakkerij van mijn opa werken, en heeft hem daarna opgevolgd. Als oudste zoon was ik ook voorbestemd om mijn vader op te volgen, maar daar had ik andere ideeën over.’

Beeld Erik Smits

En was dat prima?

Evert: ‘Nou ja, daar werd niet over gesproken. Op dinsdagavond luisterde ik altijd graag naar Mastklimmen op de radio, dat werd becommentarieerd door Johan Bodegraven. Toen wist ik al: dat wil ik later ook! Maar daar praatte ik niet over. Ik moest bakker worden. Toch bleef ik dat gevoel wel houden. Wij waren in mijn beleving maar boertjes, dus ik had nooit het idee dat ik ooit bij de omroep terecht zou komen. Dus het was een droom en die hield ik voor mezelf. Daarover sprak ik ook niet met vriendjes.’

Kun je je nog herinneren dat je tegen je ouders zei: ‘Ik ga die bakkerij helemaal niet overnemen?’

Evert: ‘Dat was een kort gesprek. Na veel omwegen kreeg ik de kans om bij de krant leerlingverslaggever te worden, toen was ik al ver in de 20. ‘Ik stop in de bakkerij en ik ga bij de krant werken’, zei ik van de ene op de andere dag. ‘Nou oké’, zeiden mijn ouders. Daar werd geen uur aan besteed hoor. Het was meer een mededeling.’

Je werd relatief laat vader, op je 36ste. Wat voor idee had je van het vaderschap?

Evert: ‘Ik wilde net als mijn ouders goed voor de kinderen zijn en hen een rustig, normaal, stabiel gezinsleven bieden. Ik heb één keer een onvergeeflijke fout gemaakt door vanuit de Tour de France rechtstreeks naar de Olympische Spelen van Moskou te gaan. Ik was acht weken weg en toen ik terugkwam op Schiphol herkende Carrie mij niet meer.’

Carrie: ‘Ik was nog maar heel klein, toch?’

Evert: ‘Ja, en je dacht: wat is dat voor een vreemde snuiter? Dat is nu heel anders. Als ik Lotte tegenkom, is het meteen: ‘Opa, mijn opááááá! Je bent de liefste opa van de hele wereld!’ Vertederd: ‘Ik vind opa zijn echt geweldig. Als ik Lotte en Pim een dag niet zie, mis ik ze al. Ik ben ‘opa koekenbakker’. Mijn vrouw en ik zijn eind vorig jaar vier weken naar Nieuw-Zeeland geweest, en ik vond het verschrikkelijk. Ik kan niet zo lang zonder die kleintjes. Een beetje ziekelijk is het. Ik kan mij ook niet voorstellen dat er opa’s en oma’s zijn die níét willen oppassen. Ik ben wel bekaf na zo’n dag, maar ik vind het heerlijk.’

Hoe ben jij opgevoed, Carrie?

Carrie: ‘Ik denk ongeveer hetzelfde als papa: liefdevol, harmonieus. Met rust. Gewoon, degelijk, niet gek. Papa en mama waren veel thuis. Iedereen dacht altijd dat mijn vader veel weg was, maar die wedstrijden waren veelal in de avond, dus overdag was hij er veel, dan bracht hij mijn broer en mij naar school. En dan had ik nog mijn oma en opa in de straat wonen, die ons konden opvangen.’

Evert: ‘Dat is nu weer een beetje hetzelfde.’

Carrie: ‘Ja, de geschiedenis herhaalt zich. Voor mij kon het niet beter. Ik ben ook lang thuis blijven wonen. Het was een warm nest, maar ook een nest dat je niet zo gemakkelijk verliet. Ik had altijd het liefst dat vriendjes bij ons kwamen spelen en bij ons kwam slapen. Ik ging niet zo graag naar anderen.’

Had je niettemin dingen waarvan je dacht: dat ga ik anders doen in de opvoeding?

Carrie: ‘Hmm, nee. Nou, misschien wel iets meer praten, denk ik. Maar dat is denk ik ook mijn generatie. Wij durven onze gevoelens, angsten en onzekerheden uit te spreken. In de generatie van papa werd dat niet zo veel gedaan.’

Beeld Erik Smits

Als je het hebt over het bespreken van angsten en onzekerheden: jij hebt EMDR-therapie gedaan omdat je verlatingsangst had. Je broertje was bijna 2 toen hij, toen jullie uit logeren waren, niet meer wakker werd, jij was toen 4. ‘Het heeft erg bepaald wie ik ben geworden’, zei je eerder in een interview. Je wilde je dierbaren altijd dicht bij je houden, je durfde niet meer uit logeren te gaan. En die angst kwam terug toen je moeder werd.

Carrie: ‘Ja, klopt.’

Konden jullie het daar dan goed met zijn tweeën over hebben?

Evert, meteen: ‘Nee.’ Stilte. ‘Nee...’

Hij begint te huilen. Dikke tranen glijden over zijn gezicht.

‘Nog niet.’ Na een tijdje, zacht: ‘Ik wil het er ook niet over hebben, eigenlijk.’

Carrie: ‘Het gaat mij makkelijker af om er over te praten, omdat ik daar wel aan heb gewerkt, maar bij papa en mama gaan er dan oude wonden open. Die hebben het daar heel erg moeilijk mee. Daarom is het denk ik beter om het er niet over te hebben.’

Evert is nog steeds in tranen.

Maar als we het over jou hebben, en de opvoeding van jouw kinderen: heeft het je geholpen? Kun je die angst nu loslaten?

Carrie: ‘Ja, zeker wel. Het helpt altijd. Ik denk dat het goed is om over heftige dingen te praten.’

Evert snuit hard zijn neus.

Heb je daardoor een sterk voornemen om pijnlijke zaken juist veel met je kinderen te bespreken? In de hoop dat het verdriet daardoor minder wordt of er in ieder geval mag zijn?

Carrie: ‘Nou, niet zo bewust. Wat ik wel doe, is ’s avonds altijd even bij Pim in bed kruipen. Hoe was je dag?, vraag ik dan. Vond je het leuk? Wat vond je leuk? Was er ook iets wat je niet leuk vond? Wil je er nog iets over vertellen? Soms komt er dan niks en soms komt er wel wat. Dus in die zin probeer ik daar wel aandacht aan te schenken.’

En als jij ergens verdrietig over bent, laat je dat dan aan je kind zien? Huil je wel eens bij je kinderen?

Carrie: ‘Uhm... Nee.’ Dan, stellig: ‘Nee, dat doe ik niet. Ik wil ze nog niet te veel belasten met volwassenproblemen. Ik merk wel aan Pim dat hij al over de dood begint te praten. Dat vind ik best heftig.’

Evert, komt er weer een beetje bij: ‘Ja, dat vind ik ook heftig.’

Carrie: ‘Gister begon hij er in één keer over: ‘Wie is bij ons in de familie de oudste? Want de oudste gaat als eerste dood.’ Pff, jeetje, dacht ik. ‘Nou schat, daar hebben we geen invloed op,’ zei ik. Omi is de oudste, die is 97, maar om háár nou te gaan noemen? Je bent pas 4, laten we het nog gewoon over spelen hebben, denk ik dan.’

Vind je het een gemis Evert, dat er in jouw generatie niet zo makkelijk over gevoelens werd gesproken?

Evert: ‘Daar was bij ons thuis geen tijd voor. Mijn vader kwam ’s avonds om 9 uur uit de bakkerij, stopte zijn pijp, ging de krant lezen, sprak twee zinnen en viel in slaap. En de volgende ochtend, als wij wakker waren en naar school gingen, was hij alweer aan het werk. Alleen op zondag nam hij de tijd voor ons, maar dan ging hij na de kerk met ons fietsen of zo. Iets doen.’

Hoe kijk jij naar de generatie van je dochter, waarin veel meer over gevoelens wordt gesproken en mensen in therapie gaan?

Evert: ‘Als die mogelijkheden er zijn, en je hebt daar behoefte aan, dan moet je dat doen. Maar wij moesten het zelf oplossen. Dat is geen verwijt aan mijn ouders, want dat waren schatten. Ik weet nog dat ik mijn hbs-diploma op zaterdagmiddag kreeg uitgereikt, en ik de enige was van wie de ouders er niet waren. Die stonden in de bakkerij.’

Carrie: ‘Awww.’

Evert haalt zijn schouders op.

Je kwam er niet eens op om daar verdrietig over te zijn.

Evert: ‘Nee, het was gewoon zo.’

Jij kon je op jouw beurt als vader best bemoeien met het leven van je dochter. Ze mocht bijvoorbeeld niet naar de school voor journalistiek.

Evert: ‘Ik was uitgenodigd om bij de start van het studiejaar in een forum te zitten en Carrie ging mee. Die studenten waren net terug van een kamp, dat was een zooitje van heb ik jou daar. Ongewassen en stinkend, Bart Olmer was er ook, die werkte toen bij De Telegraaf. En de eerste vraag van een van die ongewassen studenten was aan hem. ‘Schaam jij je niet dat je bij De Telegraaf werkt?’ Nog voordat Olmer iets kon antwoorden, zei ik: ‘Schaam jij je niet dat je er zo uit ziet? En hoe durf je zo’n vraag te stellen?’ En daarna heb ik tegen Carrie gezegd: ‘Dit is niks voor jou. Punt.’

Je vond de sportjournalistiek sowieso niks voor Carrie, toch? Te hard  voor haar zachte karakter.

Evert: ‘Ja. Ik wist dat vrouwen zich drie keer meer moesten waarmaken in de sportjournalistiek dan mannen. En ik vond het omroepwereldje een wereld van ijdeltuiten. Dat is niks voor Carrie, dacht ik, ga jij maar toerisme doen.’

Carrie: ‘En dat heb ik ook gedaan. Twee jaar.’

Kun jij je voorstellen dat je later tegen je zoon zegt: hier ga jij niet naar toe?

Carrie: ‘Ik kan het me wel voorstellen, maar ik zal echt proberen om dat niet te doen. Het is moeilijk, soms zijn mijn moedergevoelens zo sterk. Je wil je kind beschermen, je wil het beste voor je kind, maar uiteindelijk moeten ze het zelf uitzoeken. Loslaten, daar zie ik wel het meest tegen op. Ik ben echt een moederkloek. Soms voel ik heel sterk: kom maar onder mijn vleugels, lekker warm en veilig. Michiel kan dingen zeggen als: Pim moet in Amsterdam gaan studeren, en dan denk ik: oei Amsterdam, die grote stad. Terwijl ik zelf, al was het vrij laat in mijn leven, naar Amsterdam ben gegaan en het fantastisch vond. Die vrijheid vond ik te gek.’

Je had het op een gegeven moment nodig om wat meer afstand te nemen van je ouders, vertelde je in een interview.

Carrie: ‘Ja. Ik heb veel verantwoordelijkheidsgevoel en heb er lang over gedaan om meer voor mezelf te kiezen. Ik was ook laat met relaties. Ik had een baan met gekke werktijden dus kon niet altijd overal bij zijn, en daar had ik dan schuldgevoelens over. Ik moet nog naar oma, ik moet nog naar papa en mama, en ik heb mijn broertje ook nog, dacht ik dan. Dus ik vond het lekker om even uit alle sociale verantwoordelijkheden te zijn en letterlijk wat verder weg te zitten. In de grote stad, waar niemand mij kende, waar ik alleen maar aan mezelf hoefde te denken.’

Heb je die psychologische reden om naar Amsterdam te verhuizen, ook zo aan je vader verteld?

Evert: ‘Carrie kwam me op een gegeven moment zeggen: ‘Ik wil naar Amsterdam.’ Nou, dan ga je naar Amsterdam.’

Carrie: ‘Toen Michiel en ik een gezin kregen, zijn we wel weer terug naar Ermelo gegaan. Toen Lotte 3 maanden was, zijn we verhuisd. Want toen voelde ik wel weer die verantwoordelijkheid: nu draait het niet meer alleen om mij, maar ook om de kinderen. En ik merkte dat ik de behoefte had ze een opvoeding te geven zoals ik die zelf heb gehad, dus wat kleiner en gemoedelijker. Dat past ook goed bij mijn natuur. Ik ben heel gevoelig. Dat is misschien ook wel de angst van mijn vader geweest, dat ik me niet staande zou kunnen houden in de televisiewereld. Ik ben heel gevoelig voor de sfeer en ik heb faalangst.’

Evert: ‘Maar tot nu toe gaat jouw loopbaan crescendo. Het enige dat niet is gelukt, is dat je graag bij Studio Sport had willen werken. Op het laatst waren er nog twee kandidaten over, en toen is Aicha Marghadi het geworden. Toen dacht ik wel: wat een sukkels bij de NOS, ze hadden natuurlijk Carrie moeten nemen. Maar ik heb me er nooit mee bemoeid.’

Carrie: ‘Ik dacht ook dat Studio Sport mijn eindstation zou zijn. Samen met Dionne Stax, zij is een beetje hetzelfde type vrouw als ik. Maar ja, die kans moet je dan wel krijgen. Ik zou wel zien wat er verder op m’n pad zou komen. Dat was dus Omroep Max, de programma’s die ik daar nu mag doen vind ik fantastisch.’

Evert: ‘Het is nu veel breder wat je doet. Carrie heeft iets heel natuurlijks op het scherm. Bij de NOS hadden die sukkels dat niet door, maar Jan Slagter wel.’ 

Carrie: ‘Mijn vader zegt altijd: Je krijgt de kansen die je verdient, maar ga er niet achteraan jagen. Dat heb ik altijd onthouden. En het kan zijn dat je die kansen dan nooit zult krijgen, omdat mensen je niet zien staan omdat je misschien niet zo’n opvallende persoonlijkheid bent. Maar Jan Slagter heeft het bij mij gelukkig wel gezien. Die kijkt echt naar de mens, die staat er veel emotioneler in.’

Beeld Erik Smits

Ben jij eigenlijk een emotioneler mens geworden nu je opa bent, Evert?

Evert: ‘Ja, ik ben heel emotioneel met die kinderen.’

Hoe komt dat?

Evert: ‘Door het ouder worden, denk ik. Ik vind dat lastig. Daar heb ik heel veel moeite mee...’

Wat vind je er lastig aan?

‘Ik kreeg laatst het bericht dat oud-voetballer Barry Hulshoff is overleden, die heb ik goed gekend. Hij was 73 jaar, ik ben 75. Pfff, dat komt dan wel hard binnen. Stel dat je er tien jaar bij doet, dan ben ik 85. Hoe groot zou Pim dan zijn? Hoe gaat het dan met Lotte? Daar ben ik veel mee bezig. Je hoopt dat je het goed gedaan hebt, hè? Maar als ik zie hoe intensief ik nu met mijn kleinkinderen ben, denk ik wel eens dat ik mijn kinderen tekort heb gedaan.’

Carrie: ‘Hoezo???’

Evert: ‘Ik ben met hen veel intensiever bezig dan ik met jullie was. Maar wij moesten vroeger zo hard werken. Er werd niet naar uren gekeken, niet lullen, hupsakee. Later kwamen er roosters, maar dat vond ik allemaal onzin en flauwekul. Je moet je ding doen, klaar. Mijn vader werkte ook niet 36 uur, maar 72 uur.’

Dat typeert misschien ook wel de generatie van na de oorlog: opbouwen en niet zeuren.

Evert: ‘Ja, ik heb ook nooit gezucht: goh man, moet ik weer. En ik heb het nu nog steeds, daar heeft mijn vrouw moeite mee. Bij Fox Sports doe ik nog commentaar bij de eredivisiewedstrijden en dan kom ik helemaal vrolijk thuis. Mijn vrouw roept dan: ‘Moest je jezelf weer bewijzen?’ Maar ik heb dan gewoon een leuke avond gehad.’

Je vrouw zal jou, na al die jaren, best kennen toch?

Evert: ‘Jawel, maar dat is het niet, ik hoef mij niet waar te maken. Ik vind het vreselijk dat ik er op een dag mee moet stoppen. En ik zit nu in de fase dat ik toch een keer moet gaan zeggen: ik kap ermee. Maar daar zie ik zo tegenop.’

Omdat de leegte je dan aanvliegt?

Evert: ‘Ik denk dat ik het ga missen om met jonge mensen te werken, maar ook met oud-collega’s. Dan is het van: weet je nog dat we toen dit en toen dat deden? Daar word ik helemaal blij van. Maar jonge mensen zullen vast ook denken: laat die oude vent eens opsodemieteren, want daar wil ik zitten.’

Carrie: ‘Het zou wel zonde zijn als je op een gegeven moment echt zo oud wordt dat ze voor jou gaan beslissen.’

Evert: ‘Ja, dat moet niet gebeuren. Maar ik vrees dat de geraniums doodgaan als ik erachter kruip. Ik waarschijnlijk ook, maar die planten zeker. Die gaan echt met hun koppen naar beneden hangen.’

Carrie: ‘Ik denk dat wij het ook niet gaan trekken. Ik hou mijn hart vast.’

Lotte komt de kamer binnenrennen: ‘Opa opáááá!’

Evert, vertederd: ‘Dag, lieverd.’

Ze kruipt bij haar opa op schoot.

Evert, vol trots: ‘Daar kan toch geen miljoen tegen op, hè?’ Naar Lotte: ‘Je bent om op te eten. Jij bent toch mijn schatteboutje?’

Lotte: ‘Ik ben gewoon Lotte.’

Evert: ‘Haha, dit wordt een actrice hoor. Die gaat naar de toneelschool. En dan hoop ik dat opa er nog is en kan zeggen: dit zooitje? Daar ga jij niet naar toe. Punt.’

Beeld Erik Smits

CV 

Evert ten Napel 

Klazienaveen, 24 maart 1944. Begint na de hbs als leerlingjournalist bij de Drents-Groningse Pers. Van 1982 tot 2009 werkte hij bij NOS Studio Sport. Hij was commentator bij zestien EK’s en WK’s voetbal en versloeg drie Elfstedentochten. De laatste jaren werkt hij voor Fox Sports. Ook is hij bekend als de commentaarstem van het voetbalspel Fifa.

Carrie ten Napel 

Amersfoort, 10 februari 1980: belandde na 2 jaar hbo Toerisme in Amsterdam bij TV Oost, waar ze onder meer zes jaar het dagelijkse programma En dan nog even dit presenteerde. Daarna volgde TV Gelderland, TV Tien, en Fox Sport Centraal. In 2014 stapte ze over naar Omroep Max waarvoor ze (samen met haar vader) Hunebed Highway presenteerde en nu Droomhuis Gezocht, Tijd voor Max en Op1.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden