Een béétje drugskartel moordt en onthoofdt

Op internet circuleert weer eens een verkiezing van het machtigste – en wreedste – drugskartel ter wereld. Het eerste wat opvalt, is de huiveringwekkend lange lijst van grote narcobendes die vanuit Mexico actief zijn: het Beltrán Leyva Kartel, La Familia Michoacana, Golf Kartel, Juárez Kartel, Los Negros, Oaxaca Kartel, Sinaloa...

Dat zijn er nogal wat, als je bedenkt dat tot in de jaren tachtig en negentig een deel van deze drugsorganisaties nog niet eens bestond of slechts een ondergeschikte rol speelde bij de beruchte Colombiaanse kartels van Medellín en Cali.

Maar de Colombianen hebben de cokehandel definitief verloren aan de Mexicanen, die al de meesters waren in de smokkel van marihuana. De Mexicaanse carteles de la droga zijn tegenwoordig samen goed voor 90 procent van de cocaïnesmokkel naar de Verenigde Staten, de grootste drugsmarkt ter wereld. Dit terwijl ze, vooral in eigen land, steeds meer politici, politieagenten en burgers in hun greep zijn gaan houden met een akelig simpel devies: ‘Plata o Plomo’ (geld of lood). Wie niet voor de drugskartels werkt of zich laat omkopen, gaat er onherroepelijk aan.

Daarbij lijken de drugskartels steeds gewelddadiger te werk te gaan. Waarom? Daar komen we zo op. Eerst de oorzaken van de Mexicaanse drugsstrijd. Lang verdeelden de drugskartels onderling de grens met de VS, respecteerden elkaars aandeel in de Amerikaanse drugsmarkt en lieten elkaars ‘vrienden in de bovenwereld’ – agenten van de grenspolitie en politici van de toen nog almachtige Partido Revolucionario Institucional (PRI) – ongemoeid. De legendarische Mexicaanse cokebaron Amado Carrillo Fuentes, bijgenaamd De Heer der Hemelen, zag er streng op toe dat deze ongeschreven regels werden nageleefd.

Maar in 1997 stierf Carrillo Fuentes tijdens plastische chirurgie, verloor de PRI in 2000 voor het eerst in zeventig jaar zijn politieke macht aan de beweging van Vicente Fox en besloten de VS na de aanslagen van 11/9 hun landsgrenzen extra te gaan bewaken. Plotseling zaten de drugskartels zonder toezicht en waren ze naarstig op zoek naar alternatieve smokkelroutes en afzetmarkten voor hun drugs.

Het gevolg: een bloedige machtsstrijd tussen de drugskartels. Een strijd die alleen al sinds 2006, toen president Felipe Calderón ook nog eens het Mexicaanse leger het strijdtoneel liet betreden om orde op zaken te stellen, aan ruim 23 duizend personen het leven heeft gekost.

Wie te midden van zoveel sterfgevallen wil opvallen in de media, angst wil creëren onder de bevolking en respect wil afdwingen bij de Mexicaanse overheid, zal dus iets speciaals moeten doen. En juist dat hebben de drugskartels gedaan door steeds wreder te moorden.

Neem de slachtoffers die in stukken zijn uiteengereten en vervolgens keurig op straat zijn uitgestald. Slachtoffers die zijn onthoofd en van wie de losse hoofden in bomvolle danszalen zijn gegooid.

Deze week deed de politie een lugubere vondst in de badplaats Cancún: drie mannen, twee vrouwen en een kind van wie het hart was verwijderd en het bloed afgetapt. Op de lichamen en de harten was de letter ‘Z’ gekerfd, het handelsmerk van drugskartel Los Zetas. Het zal ze, hoe wrang ook, ongetwijfeld weer veel stemmen opleveren bij de verkiezing van het machtigste drugskartel op internet.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden