Droogte treft vooral de armen

Ontwikkelingssamenwerking wordt geplaagd door dogma’s en dagdromen over de beste en meest efficiënte invulling. Samen met enkele Scandinavische landen geeft Nederland met 0.8 procent het hoogste percentage van haar BNP aan ontwikkelingssamenwerking....

Wij onderschrijven de conclusie van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid en de Worldconnectors dat de huidige ontwikkelingssamenwerking voorbij gaat aan de grote veranderingen in de wereld. Ten eerste is de internationale bedrijvigheid sterk gegroeid en vertegenwoordigt ontwikkelingshulp nog maar een fractie van de totale investeringen in ontwikkelingslanden.

Ten tweede overschaduwen nieuwe spelers als China met hun door grondstofzucht gedomineerde mega-investeringen in vooral infrastructuur en mijnbouw langzaam maar zeker de Westerse ontwikkelingshulp. Ten derde hebben veel traditionele ontwikkelingslanden zoals Vietnam, Indonesië en Ghana al enorme economische groei doorgemaakt, dankzij particuliere bedrijvigheid. Overheden zetten vooral kaders uit. In dit licht komt het extra vreemd voor dat renderend ontwikkelingsgeld niet tot de 0,8 procent Nederlandse bijdrage wordt gerekend, omdat er geld wordt verdiend. Een mislukte investering telt daarentegen wel.

Ten vierde heeft, alle voordelen ten spijt, juist die economische groei grote mondiale problemen meegebracht, zoals uitputting van grondstoffen, achteruitgang van biodiversiteit, en klimaatverandering. Nu al leidt dit in veel ontwikkelingslanden tot een toename van droogte, overstromingen en conflicten. Onderzoek laat zien dat vooral de armen hiervan als eerste slachtoffer worden. Als wereldwijde duurzame ontwikkeling faalt, zijn we echter allemaal verliezers. Duurzaamheid en economische groei moeten een centrale plaats krijgen in ontwikkelingssamenwerking. Door de grensoverschrijdende dimensie van de milieuproblemen heeft Nederland hier zelf ook baat bij.

Er zijn veel voorbeelden. De Triodos bank, de Nederlandse Ontwikkelingsbank (FMO) en de Rabobank hebben veel ervaring met winstgevend investeren in duurzaamheid. ICCO (Interkerkelijke organisatie voor ontwikkelingssamenwerking) heeft een eigen bv opgericht om de klimaatcrisis en ontwikkelingshulp te integreren.

Met inkomsten uit CO2-compensatiegelden investeren zij in duurzame stroomvoorziening en biogasinstallaties in India. FSC gecertificeerde bosexploitatie van WIJMA in zuidwest Kameroen voorkomt stroperij in het natuurreservaat en de achteruitgang van biodiversiteit.

Maar verduurzaming van internationale investeringen is niet vanzelfsprekend. Ondanks een groeiende markt blijkt de drempel hoog. Bij een sector zo kwetsbaar als ontwikkelingssamenwerking moet de particuliere sector haar verantwoordelijkheid nemen en anders daartoe aangestuurd worden. Met voorfinanciering van projecten, subsidies, belastingen, boetes en certificering heeft de overheid een breed scala voorhanden om duurzame investeringen te faciliteren en regisseren. Ook moet de overheid het goede voorbeeld geven en een afzetmarkt voor creëren.

De Nederlandse bijdrage van 5 miljard euro per jaar is niet veel gezien het belang van internationale samenwerking voor ons land. Wel kunnen de middelen effectiever ingezet worden in duurzame bedrijvigheid, een mes dat aan twee kanten snijdt. Het creëert inkomen en betere levensomstandigheden en vermindert de druk op biodiversiteit, klimaat, water en energie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden