Die ene leerling

‘Door Marjan ben ik gaan inzien dat je moet proberen te achterhalen waarom kinderen weerstand bieden’

Leerkrachten, docenten en hoogleraren over de leerling die hun kijk op het vak veranderde. Deze week: Annelies Embsen (63), basisschooldocent en voormalig docent in het voortgezet speciaal onderwijs, over Marjan, die haar deed inzien dat je soms van de gebaande paden moet afwijken.

null Beeld Hedy Tjin
Beeld Hedy Tjin

‘Het was moeilijk vat op haar te krijgen; Marjan zei niets, ze wilde niets. En ze zocht vaak de confrontatie. Soms moest ik een collega erbij halen als ze weer eens explosief gedrag vertoonde. Ze luisterde dan niet naar mij. Op haar 14de kon Marjan geen letter lezen of schrijven.

‘Ik was nog piepjong, 23 of 24 jaar oud. Het was aan het begin van de jaren tachtig, ik werkte op een school waarop voortgezet onderwijs werd gegeven aan moeilijk opvoedbare kinderen. Daar zaten pubermeiden met gedragsproblemen en een heftig verleden. Ze woonden in een gesloten instelling, de school was op het terrein.

‘Op een dag vroeg de directeur me of ik Marjan wilde begeleiden bij het leren lezen. Dat wilde ik wel. Ik had een paar jaar in groep 3 van een basisschool gewerkt, dus ik wist hoe je kinderen de basis moest bijbrengen. Bovendien moest ik voor de studie die ik volgde om les te mogen geven in het speciaal onderwijs nog een scriptie schrijven: dit was een mooi onderwerp.

‘Marjan en ik zouden elkaar twee keer per week een uur zien. Ik bereidde me grondig voor. Eerst zou ik haar niveau in kaart brengen met een lettertoets en rijtjes met eenvoudige woorden. Dat had ik zo geleerd. Daarna zou ik haar MKM-woorden aanleren, woorden met een medeklinker, een klinker en een medeklinker, bijvoorbeeld ‘maan’, ‘zon’ en ‘kat’.

‘Toen we voor het eerst in dat kamertje zaten, legde ik mijn werkbladen met letters, woordrijen en een leesboek op tafel. Ze begon te schreeuwen. Algauw vlogen de tafels in het rond.

‘Een week later begon ik opnieuw. Ik was gespannen. Omdat Marjan al boos werd bij het zien van een boek, besloot ik alles wat ik had geleerd over leren lezen overboord te gooien. Ik moest eerst contact maken. Daarom stelde ik vragen over de stad waar ze vandaan kwam. En ik begon te praten over paarden, want daar hield ze van. Ze begon steeds meer antwoorden te geven. Eerst een enkel woord. Later korte zinnen.

‘Door Marjan ben ik gaan inzien dat je moet proberen te achterhalen waarom kinderen weerstand bieden. Bij haar speelde misschien faalangst. Op hoeveel scholen zou ze zijn weggestuurd? Ook was het vast niet makkelijk dat ze uit haar vertrouwde omgeving was weggerukt en nu in een instelling woonde. En misschien besefte ze dat ze het in het leven niet zou redden als ze niet kon lezen en schrijven, maar had ze geen idee hoe ze de schade kon repareren.

‘Na vijf of zes sessies legde ik een boek op tafel, geen leesboek maar een atlas. We keken er samen in, zochten haar woonplaats op. Later nam ik ook een kijkboek over paarden mee, en een spoorboekje. Zo probeerde ik aan te sluiten bij haar interesses en haar te laten vertellen over onderwerpen waar ze meer van wist dan ik. Daardoor viel de druk weg. Ze begon me te vertrouwen.

‘Ondertussen begon ik woorden te verbinden aan afbeeldingen. Ik schreef plaatsnamen bij de landkaart en begrippen als ‘stal’ en ‘teugel’ bij de paardenfoto’s. Hoe het precies ging, weet ik niet meer, maar op den duur kreeg ik haar zover dat we samen woorden gingen lezen. Geen ‘maan’, ‘zon’ en ‘kat’, maar: ‘Arnhem’, ‘paard’ en ‘trein’.

‘Ik leerde ook van Marjan dat je soms van de gebaande paden moet afwijken om een doel te bereiken. Bij haar volgde ik mijn gevoel. Gelukkig kregen we daar de ruimte voor van de directeur. Zo mocht Marjan ook met een collega mee naar een manege, waar ze paardrijlessen kreeg. En dat terwijl de leerlingen het terrein eigenlijk niet mocht verlaten. Maar wij dachten dat het goed voor haar was.

‘Uiteindelijk heeft Marjan vrij aardig leren lezen, van mij en later van een collega die het van me overnam. Ze was een slimme meid, pikte het snel op. Ook haar probleemgedrag verdween. Hoe het nu met haar is, weet ik niet. Na twee jaar vertrok ze bij de instelling. Daarna ben ik haar helaas uit het oog verloren.’

Marjan heet in werkelijkheid anders.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden