'Doen wat je hart je ingeeft, hebben ze ons voorgehouden'

Cornald Maas in gesprek met kinderen van gescheiden ouders. Dit keer Sarah van Genugten (28), interieur-architect. Haar ouders groeiden uit elkaar omdat vader theoloog was en moeder eerder boeddhistisch ingesteld....

‘Ik weet het nog precies: het was een zonnige zondag, in de lente. We zaten ’s ochtends buiten te ontbijten en toen werd het ons verteld: mijn ouders zouden uit elkaar gaan. Anders dan voor mijn broertje kwam het voor mij niet echt als een donderslag bij heldere hemel. Ik had al veel ruzies meegemaakt. Als kind denk je een tijd dat je daar iets aan kunt doen. Maar toen ik bij een nieuwe ruzie ’s avonds mijn bed uit kwam, in de woonkamer stond en mijn ouders mij niet eens opmerkten, zodat ik stilletjes maar weer naar boven ging, realiseerde ik het me: dit kan ik niet voor ze regelen.

Mijn ouders groeiden uit elkaar omdat ze er in toenemende mate andere levensovertuigingen op na begonnen te houden. Mijn vader was theoloog, mijn moeder was niet gelovig, of liever: ze was eerder boeddhistisch ingesteld. Zij was en is creatief, ook in sociaal opzicht, en kwam uit een artistiek gezin. Haar humor wordt niet altijd door iedereen begrepen. Avontuurlijk is ze ook: na haar 40ste heeft ze zich nog laten omscholen tot psychotherapeut. Mijn vader kwam uit een traditionele boerenfamilie, was wat serieuzer en geslotener. Nog altijd ga ik als ik wil praten naar mijn moeder. Mijn vader zoek ik op als ik rust aan m’n hoofd wil. Dan werken we samen wat in de tuin, of klussen we aan het huis.

Toen mijn ouders uit elkaar gingen, was echtscheiding al niet zo’n bijzonder fenomeen meer. Maar in het Brabantse dorp waar we woonden, vonden ze het wel vreemd dat het mijn moeder was die het huis uit ging. Dat had vooral een praktische reden: mijn vader was, als telg uit een boerenfamilie, gehecht aan ons ouderlijk huis, een oude boerderij. Mijn moeder gaf er minder om, zij verhuisde uiteindelijk naar een grotere gemeente.

Mijn vader en moeder gingen, in goed overleg, een co-ouderschap aan. Ze trokken één lijn in de opvoeding, ze hebben in ons bijzijn nooit iets naars over elkaar gezegd. Door de week woonden we bij mijn moeder, in de weekends bij mijn vader. Mijn vader was af en toe toch wel treurig, merkte ik. Toen een oude keukenla niet dichtging trok hij hem er, in een zeldzame woede-uitbarsting, ruw uit zodat alles op de grond kletterde. Bij hem thuis werd het al snel een mannenhuishouden, en ik bood de helpende hand. Ik begon voor hem op te ruimen, ik deed de was.

Met mijn moeder zocht ik juist de confrontatie; als puber heb ik nogal wat ruzie met haar gemaakt. Tegelijkertijd viel er in de plaats waar zij woonde veel meer te beleven dan in het dorp waar mijn vader was blijven wonen. Ik kon er op stap, ik kreeg een baantje in de horeca, en werd van een nogal verlegen meisje een zelfstandig iemand die goed voor zichzelf kon opkomen.

Een paar jaar na de scheiding kregen mijn ouders allebei een nieuwe partner. Mijn vader is opnieuw getrouwd. Mijn moeder roept altijd dat ze pas op haar 70ste gaat trouwen, als kroon op de relatie, in plaats van dat je het geluk in een vroeg stadium afdwingt met een huwelijk. Met hun nieuwe levenspartners kan ik goed overweg. De vrouw van mijn vader past veel beter bij hem dan mijn moeder. Ze is ook theoloog, en met sommige vragen ga ik liever naar haar dan naar mijn moeder, omdat ze kordater en oplossingsgerichter is. Zij had al drie kinderen uit een eerder huwelijk en haar jongste dochter is voor mij eigenlijk de enige lastige consequentie van de scheiding van mijn ouders geweest. Ze accepteerde mijn vader niet, terwijl haar eigen vader haar weinig aandacht gaf. Hij probeerde die leegte op te vullen maar dat werd door haar niet geaccepteerd. Dat leverde de nodige strijd op in huis, en voor mijn vader is het lang ingewikkeld geweest. Pas vorig jaar, toen ze op reis naar India was, heeft ze kennelijk het licht gezien. Ze heeft zich gerealiseerd wat mijn vader al die jaren heeft geprobeerd tot stand te brengen en dat heeft ze hem in een brief laten weten. Toen hij en zijn vrouw haar in India gingen ophalen, is alles uitgesproken en sindsdien is de lucht geklaard.

Toen ik 19 werd, en mijn ouders al samen waren met hun nieuwe partners, vroeg ik voor mijn verjaardag een bijzonder cadeau: ik wilde dat we nog één keer in de oude gezinssamenstelling zouden eten. Mijn ouders stemden toe en het werd, na een klein beetje onwennigheid in het begin, een mooie avond die als vanouds verliep en vertrouwd voelde.

Sindsdien hebben we veel feestdagen en verjaardagen samen doorgebracht. Ruim een jaar geleden zaten we nog met z’n allen aan het kerstdiner. Mijn moeder vertelde dat ze een cursus volgde over het menselijk bewustzijn en gaf tekst en uitleg, vooral voor mijn broer voor wie één en één al gauw twee is. Wat ik toen opeens duidelijk zag: dat hoewel mijn vader en moeder andere invalshoeken hebben, en mijn vader zijn leven met een bijbelse inslag vorm geeft, hun visie op het leven toch op hetzelfde neerkomt. Je moet doen wat je hart je ingeeft, hebben ze ons altijd voorgehouden, en keuzen maken vanuit je kracht. Ik wil eerlijk zijn over mijn gevoelens en in alle omstandigheden goed communiceren. Dat ik dat al jarenlang in praktijk probeer te brengen, heb ik vooral ook aan mijn ouders én hun echtscheiding te danken.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden