Doe mee aan de Volkskrant Reizen schrijfwedstrijd

De Volkskrant geeft lezers graag de kans ook eens voor het reiskatern op pad te gaan. Ter inspiratie bieden enkele ervaren reisschrijvers wat praktisch advies.

Zonsondergang bij Zandvoort. Beeld anp

Schrijfwedstrijd
De Volkskrant is benieuwd naar uw reisbelevenissen. Schrijf een verhaal van maximaal 500 woorden over een ontmoeting op reis. Graag met een persoon, desnoods met een tijger. De beste verhalen drukken we af in december, de beste schrijver krijgt ook een schrijfopdracht van de reisredactie. Die gaat samen met de winnaar van de fotografiewedstrijd (zie hiernaast) op pad om een reportage te maken in het buitenland. Het resultaat publiceren we in de Volkskrant.

Alleen amateurs kunnen meedoen aan deze schrijfwedstrijd. De inzendingen worden beoordeeld door de reisredactie. Inzenders delen de auteursrechten met de Volkskrant. Mail vóór 18 november naar reizen@volkskrant.nl. Vergeet niet naam, adres en telefoonnummer te vermelden.

Voor de kust van Sint Maarten in the Great Bay ligt een cruiseschip Beeld anp

Minischrijfcursus
We zullen het maar toegeven: niets is leukers dan op pad te zijn als reisjournalist. Als schrijver met een deadline heb je een excuus je neus in andermans zaken te steken. Je knoopt een praatje aan met pezige boeren in hun rijstveld, met de treinmachinist, skaters onder een viaduct, of met die dikke eigenaar van een nachtclub. In je hotelbed lees je geschiedenisboeken of romans die je wellicht kunt gebruiken, burgemeesters leiden je persoonlijk rond en boswachters nemen je mee op hun sneeuwscooter. En daar word je nog voor betaald ook!

De Volkskrant geeft lezers graag de kans ook eens voor het reiskatern op pad te gaan. Ter inspiratie bieden enkele ervaren reisschrijvers wat praktisch advies.

Show, don't tell
Niets is zo saai als voorgekauwde zinnen. Een prachtig uitzicht, een onverschillige grenswachter, een romantische zonsondergang: laat die bijvoeglijke naamwoorden weg. Kies liever enkele rake details. Laat die douanier spugen op de grond en zijn schouders ophalen, of noem de nijlpaarden in de rivier en een kraanvogel die klapwiekend overvliegt. Dan denkt de lezer vanzelf: wat een onverschillige vent of wat een fraai uitzicht. Lezers die zelf mogen ontdekken, haken minder snel af. Die truc noemen reportageschrijvers: show, don't tell.
(Noël van Bemmel)

 
Lezers die zelf mogen ontdekken, haken minder snel af

Hou je in
Lees boeken. Lees de reisschrijvers (Colin Thubron, Jan Brokken, Egon Kisch, Cees Nooteboom, V.S. Naipaul) en lees over de bestemming van je reis. Een voorbereid mens ziet meer. Noteer steekwoorden in je notitieblokje. Werk ze uit als er tijd is, tijdens een treinreis bijvoorbeeld, of in een hotelkamer. Koop een rode pen (en gebruik 'm). Schrijf een stuk en onderstreep alle bijvoeglijke naamwoorden. Driekwart kan eruit. Let vooral op 'heel', 'veel', en 'erg', vaak maken ze de woorden die erop volgen zwakker in plaats van sterker. 'Vaak' is ook niet fraai trouwens, want vaag. Hou je in (en hou je nog meer in). Reizen is indrukwekkend, en dat breng je alleen over op papier door je te beperken. Probeer niet alles te vertellen wat je hebt meegemaakt. Bedenk van tevoren wat je wilt vertellen en waarom. Elk reisverhaal leeft van details.
(Toine Heijmans)

 
Probeer niet alles te vertellen wat je hebt meegemaakt. Bedenk van tevoren wat je wilt vertellen en waarom

Notitieboekje
Op een kraakheldere ochtend in de Guatemalteekse bergen verzuchtte de fotograaf: 'Hoe laat ik nu zien dat het hier ijskoud is?!' De lucht was strakblauw en de indiaanse bevolking liep op blote voeten bij een paar graden boven nul. Op de zonnige foto's zou het best 20 graden kunnen zijn. Als reisschrijver heb je als voordeel dat je een plek niet alleen kunt laten zien, maar ook kan laten horen, voelen, ruiken en proeven. Dat helpt om het verhaal 'aan te kleden'. Om de couleur locale goed weer te geven, is het belangrijk als een fotograaf te werk te gaan, dat wil zeggen dat je on the spot aantekeningen maakt. Het dwingt je niet alleen scherp te observeren en te formuleren, het voorkomt dat je 's avonds in het hotel (of thuis achter je computer) details kwijt bent. Op reis buitelen de nieuwe ervaringen namelijk over elkaar heen. En met herinneringen ben je voor je het weet fictie aan het schrijven.
(Nell Westerlaken)

 
Als reisschrijver heb je als voordeel dat je een plek niet alleen kunt laten zien, maar ook kan laten horen, voelen, ruiken en proeven

In medias res
Natuurlijk kun je een verhaal bij het begin laten beginnen. Maar dan krijg je toch al snel het idee dat je het complete reisdagboek van een familielid leest. En het gevaar dreigt dat de lezer voortijdig afhaakt als de bestemming hem of haar minder interesseert. Begin liever 'in medias res', ergens in het midden of desnoods al rond het einde van je reis. Neem de lezer gelijk mee naar die drukke, schreeuwerige Aziatische weekmarkt, of val gewoon binnen, midden in een gesprek. Vaak zijn dat de momenten die je als eerste vertelt aan thuisblijvers. Later in je verhaal kun je wel uitleggen waar je bent en waarom. Je hoeft de dingen beslist niet chronologisch te vertellen. Belangrijker is dat je een heldere invalshoek kiest en daaraan vasthoudt. Die beschrijving van een plaatselijke traditie of die zoektocht naar een bosolifant is interessanter leesvoer dan een volledig reisverslag.
(Iñaki Oñorbe Genovesi)

 
Neem de lezer gelijk mee naar die drukke, schreeuwerige Aziatische weekmarkt, of val gewoon binnen, midden in een gesprek
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.