Interview Paul Elstak

Dj Paul Elstak: ‘Ik heb geen wrok tegen Nederlanders omdat mijn voorouders slaven zijn geweest’

Happy hardcore-dj Paul Elstak ( 53 ) ziet zichzelf gewoon als Nederlander. ‘Ik heb me nooit een kleurling gevoeld.’

Paul Elstak. Beeld Casper Kofi

Paul Elstak (53) waarschuwt dat het een ingewikkeld verhaal is. ‘Elstak is een oude slavennaam uit Suriname. Wijntak, Elstak, dat soort namen. Mijn opa was zwart als roet. Vanuit Suriname ging hij naar Indonesië om te strijden voor het KNIL (Koninklijk Nederlands-Indisch Leger - red.), tegen de Jappen. Daar leerde hij mijn oma kennen, die was half-Indonesisch en half-Chinees.

‘Mijn vader werd geboren in Jakarta. Na de onafhankelijkheid verhuisden ze naar Nederland, naar Den Haag. Ze hoorden bij de eerste immigranten. Mijn vader ging in een bandje spelen, hij zat in de Haagse rockscene, met Golden Earring en Shocking Blue. Op tournee in Duitsland ontmoette hij mijn moeder, die weer half Litouws is.’

Wat ben jij?

‘Vroeger ging ik wel naar een clubhuis met Indo’s die er trots op waren om Indo te zijn. Dat had ik niet. Wij woonden tussen de Nederlanders, ik heb me nooit een kleurling gevoeld. Ik werd er niet mee gepest. Sommige mensen krijgen op die manier een afkeer van Nederlanders, ik niet.

‘Ik zie mezelf gewoon als een Nederlander, wanneer ik niet in de spiegel kijk. Soms zien ze me aan voor Turks. In het buitenland denken ze: Israëlisch of Arabisch.’

En wat zijn je ouders?

‘Mijn moeder is heel snel Nederlands geworden. Die was bij het WK voetbal in 1974 al voor Nederland en niet voor Duitsland. Mijn vader werkte hard om zijn hoofd boven water te houden, hij had helemaal geen tijd om met zijn afkomst bezig te zijn. Eigenlijk zijn ze perfect geïntegreerde immigranten. Het gaat ook wel eens goed.’

Zien Indo’s of Nederlandse Surinamers jou als een van hen?

‘Geen idee. Ik heb in ieder geval geen wrok tegen Nederlanders omdat mijn voorouders slaven zijn geweest. Dat vind ik hetzelfde als mensen die nog steeds boos zijn op Duitsers. Niemand is verantwoordelijk voor zijn voorouders, nog niet eens voor wat zijn eigen vader heeft gedaan.

‘Ik hou niet van werkloze types die de slavernij erbij halen als excuus voor dat ze niet werken. Dat vind ik zwak. Get over it. Je moet gewoon zorgen dat je werk hebt, net als iedereen.

‘Surinamers kennen de naam Elstak, Nederlanders weten niet dat het Surinaams is. Die vragen: ben jij dé Elstak, de dj? De achternaam zegt ze niets, zij kennen alleen de Paul die ervoor staat. Het enige dat ik weet: het publiek van de happy hardcore ziet mij niet als een donkere, ze zien me als een van hen.’

Hoe begon je met happy hardcore?

‘Een donker publiek houdt niet zo van het hardere stampwerk, die trekken meer naar r&b en hiphop. Mij trok die harde muziek gelijk. Hoe dat kwam, dat moet je aan Onze-Lieve-Heer vragen.

‘Ik gaf mijn eigen draai aan housemuziek. Ik klooide maar wat aan, regels waren er niet. Later werd daar een label op geplakt. Van gabberhouse ging ik naar happy hardcore. Meer dj’s kwamen terecht in het hardere werk. Ik werd een promotor van die muziek omdat ik een eigen label had en veel uitbracht. De media probeerden gabberhouse zwart te maken, ik sprak me daartegen uit.’

Waren kaalgeschoren gabbers racistisch?

‘Hier wordt altijd naar gevraagd. Het is een overtrokken verhaal, ik heb nooit iets gemerkt van racisme – al betekent dit niet dat het niet bestaat.’

Ben je een echte Rotterdammer?

‘Ik kom natuurlijk uit Den Haag, ik verhuisde naar Rotterdam om in een discotheek te draaien. Een Hagenees ben ik niet, wel een Rotterdammer. Ik heb veel te danken aan deze stad, heb hem ook gepromoot. Mijn label heb ik Rotterdam Records genoemd.

‘In die tijd had Feyenoord als shirtsponsor Stad Rotterdam Verzekeringen. Bij shows in het buitenland droegen fans het Feyenoordshirt met die sponsortekst erop. In Spanje, Duitsland, Australië, overal zag je die shirts. Niet omdat ze voor Feyenoord waren, het ging ze om het woord Rotterdam. Jammer dat Feyenoord van sponsor is veranderd.’

Betekent pro-Rotterdam ook automatisch anti-Amsterdam?

‘Ik ben 53, daar ben ik niet meer mee bezig. Twee weken geleden was ik nog in Amsterdam, mijn dochter woont daar. Maar ik kan er niet meer optreden als dj, zo gaat dat helaas in Nederland. De laatste keer was misschien wel twintig jaar geleden.

‘Een tijdje terug was ik geboekt voor het festival Thunderdome in de Rai, die boeking hebben ze gecanceld. De organisatie kon niet instaan voor mijn veiligheid. Omdat ik toevallig uit Rotterdam kom en voor Feyenoord ben, wilden mensen mij in elkaar slaan. Het rare is: die fanatieke Ajax-aanhang komt niet eens uit Amsterdam, ze wonen in Almere of Purmerend.’

Nederlands

‘Als ik in het buitenland uitleg wat voor muziek ik maak.’

Surinaams-Indisch

‘Nooit.’

Eten

‘Japans.’

Partner

‘Ze komt uit Zeeland en haar moeder is Duits, net als die van mij. Dat zorgde voor een soort klik.’

Blank of wit

‘Blank is het woord waar ik mee ben opgevoed.’

Paul Elstak (Nederland, 1966) brak in 1991 door met de single James Brown Is Still Alive, gevolgd door hits als Rainbow in the Sky en The Promised Land. In 2010 maakte hij Turbo, de titelsong voor de film New Kids Turbo. En in 2017 scoorde hij met rapper Jebroer de hits Kind van de duivel en Engeltje.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden