Je kunt het maar één keer doen

Diny kan niet leven zonder haar dochter: ‘Het hoort niet dat je kind eerder gaat’

Op Diny’s 75ste verjaardag kreeg haar dochter Manon de diagnose kanker. Ze had altijd gedacht dat Manon uiteindelijk voor haar zou gaan zorgen, maar toen had haar dochter zelf zorg nodig.

Barbara Van Beukering
Manon (links) en Diny van Bommel. Beeld
Manon (links) en Diny van Bommel.

Manon van Bommel (55, applicatiebeheerder) overleed op 20 november 2018 aan de gevolgen van borstkanker. Ze was getrouwd met Hans Marinus (60) en had twee kinderen: Koen (26) en Anouk (24). Haar ouders Ton van Bommel (87, hoofd facilitaire dienst) en Diny van Bommel (85, boekhouder) hebben ook nog een vijf jaar jongere dochter Pauline, die samen met haar man Wim in het buitenland werkt.

Diny: ‘We vierden mijn 75ste verjaardag bij onze jongste dochter Pauline en haar man Wim in Tanzania toen Manon de diagnose borstkanker kreeg. Ze wilde ons niet ongerust maken, dus ze vertelde het pas toen we weer thuis waren – ze was erg verdrietig. Ik ken een heleboel vrouwen die borstkanker hebben gehad en bij wie het is genezen, dus ik dacht niet dat het einde verhaal was. Maar Manon had er niet bij gezegd dat zij een heel agressieve variant had.

Het eerste jaar doorliep ze het hele traject van chemo, operatie en bestraling en had ze het heel zwaar. Maar na anderhalf jaar ging het beter en toen heeft ze de Alpe d’Huez beklommen, twee keer achterelkaar zelfs. Wij stonden haar beneden op te wachten – wat waren we trots. Op dat moment was ze zo vitaal dat we ervan overtuigd waren dat het weer goed zou komen.

null Beeld Krista van der Niet
Beeld Krista van der Niet

Ze kocht samen met Hans een racefiets en ze gingen met een groepje trainen. Op een gegeven moment ging dat niet meer zo goed, omdat haar conditie achteruitging. Dat vond ik verdacht. Toen ze ook pijn kreeg in haar rug, bleek dat er uitzaaiingen in haar botten zaten. Dat was heel slecht nieuws, dat beseften we goed. Ze kreeg een agressieve bestraling die nieuw was overgekomen uit Amerika. Ik ben een keer meegegaan en mocht vanuit een andere kamer kijken. Manon lag in een mal, ze moest heel stil liggen. Normaal word je heel kort bestraald, maar bij haar duurde het zeker tien minuten. Het was vreselijk verdrietig om haar daar zo te zien liggen. Ik hoorde daar te liggen, niet zij.

Reisjes

We klampten ons vast aan die zware bestraling en hielden hoop. Na die behandeling ging Manon met haar gezin op wintersport. De rest ging met de auto, Manon is een dag later in het vliegtuig gestapt. Ze kon heel goed skiën, zonder stokken, ze had een mooie houding. Maar toen ze boven stond, had ze zoveel pijn dat ze niet meer naar beneden durfde. Ze is naar beneden gebracht en naar het ziekenhuis in Salzburg vervoerd. Met een ambulance is ze terug naar Nederland gekomen. Ze appte me vanuit de ziekenauto: wil je twee stukjes Old Amsterdam halen voor de ambulancebroeders, want ze zijn zo aardig. Typisch Manon, altijd aan de ander denken.

In de periodes dat ze zich goed voelde, maakten we samen reisjes. Toen ze nog fulltime werkte, gingen haar vrije dagen op aan de vakanties met haar gezin – werkende mensen kunnen niet zomaar een weekje weg. We gingen naar La Palma en Baskenland, waar we wandelden, daar hielden we allebei van. We spraken op die reisjes niet over de dood, omdat we het allebei luchtig wilden houden. Toch was het onderwerp geen taboe. Op een gegeven moment zei ze: ‘Ik zal nooit van jullie erven, kan ik nu niet alvast iets krijgen?’

Niet dat geld een item was, maar ze vond het gewoon leuk om iets extra’s te kunnen doen. Voor ons was dat ook fijn, dus we hebben meteen een bedrag geschonken. Manon was een regelaar, dat zat in haar natuur, ze liet de dingen nooit op z’n beloop. Ze heeft de uitvaart en alles wat ermee samenhing zelf georganiseerd. Het afstuderen van haar zoon Koen zou ze niet meer meemaken, dat wist ze, dus had ze geregeld dat hij manchetknopen kreeg toen hij afstudeerde. Het ergste vond ze dat ze nooit oma zou worden, heeft ze mij eens verteld. Ze zat een keer naast iemand die het over haar kleinkinderen had, toen ze zich realiseerde dat ze die zelf nooit zou meemaken. Heel verdrietig vond ze dat.

Uitzaaiingen

Ton en ik waren met onze camper vier weken in Schotland toen we bericht kregen dat het heel slecht ging met Manon. De kanker was uitgezaaid in haar hele lichaam, ze was enorm verzwakt. In de huiskamer werd een ziekenhuisbed voor het raam geïnstalleerd.

In de week voordat ze overleed, appte ze: komen jullie om me even vast te houden? We zijn naar haar toe gegaan om haar te omhelzen. Ze wilde toch nog een beetje getroost worden door haar ouders. Pauline en Wim waren inmiddels teruggekomen uit Mongolië en op een zaterdagavond vroeg ik of ze allemaal kwamen eten. Toen Manon zei dat het haar niet meer lukte, stelde ik voor om het naar haar mee te nemen. Ze was veganist en ik had tomatensoep en hartige taarten gemaakt. Die tomatensoep heeft ze nog heerlijk opgelepeld, dat vond ik zo fijn om te zien. Ze wilde zelfs nog een beetje extra.

Afscheid

Op maandag zei ze opeens dat het genoeg was geweest, het hoefde van haar niet meer. Ze had al met de huisarts besproken dat ze palliatieve sedatie zou krijgen. Haar dochter Anouk zat al in de trein naar Eindhoven, waar ze studeerde, dus ze hebben haar teruggehaald. Ton en ik zijn naar Manon toe gegaan om afscheid te nemen. We wisten niet wat we moesten zeggen, want je wil het niet moeilijk maken. Achteraf had ik nog zoveel willen zeggen, maar op dat moment konden we het niet. Manon zei: ‘Ik hou zoveel van jullie’, wij knuffelden haar alleen maar. Toen gingen we weg.

Haar bed stond voor het raam en daar liepen we langs op weg naar onze fietsen. We zwaaiden naar haar en glimlachten. Ongelofelijk dat ik dat kon. Alsof ik haar de volgende week gewoon weer zou zien. Nu ik erover praat, word ik heel emotioneel, maar op het moment zelf was het helemaal niet zo moeilijk. We wilden ons goed houden. Die avond is ze in het bijzijn van Hans en de kinderen in slaap gebracht en de volgende dag is ze overleden.

Verdriet

Eigenlijk moet ik met veel voldoening op de laatste jaren van Manon terugkijken. Ze heeft mij in de zeven jaar dat ze ziek is geweest in de gelegenheid gesteld om nog heel veel leuke dingen samen te doen. Je hebt ook ouders die weinig met hun kinderen hebben, dus daar moet ik dankbaar voor zijn. Maar ik ben zo verdrietig. Het hoort niet dat je kind eerder gaat.

Ze woonde heel dichtbij, op nog geen tien minuten lopen, en ze was onze steun en toeverlaat. Manon was heel zorgzaam, administratief goed onderlegd en heel handig. Ze heeft ons nog geholpen met het installeren van een nieuwe computer, terwijl ze al helemaal niet meer in orde was. Ik heb altijd gedacht: Manon zorgt wel voor ons als we oud zijn. We hebben genoeg mensen om ons heen die aanbieden om dingen te doen, dat is het probleem niet, maar een kind is toch anders dan een goede vriend.

Ik heb een half jaar heel veel pijn gehad en uiteindelijk is geconstateerd dat ik reumatoïde artritis heb, een auto-immuunziekte. Ik denk soms dat het met Manon te maken heeft, met het verdriet dat ik heb, want reuma komt in mijn familie helemaal niet voor. Mijn moeder werd 97 – daar moet ik niet aan denken. Ik wil niet zo lang meer leven. Het verdriet is na drieënhalf jaar niet minder geworden en ik mis haar zo.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden