Interview De keuzen van Ricky Koole

Dilemma’s voor zangeres en actrice Ricky Koole: Freek de Jonge of Youp van ’t Hek?

Ricky Koole. Beeld Frank Ruiter

Waar genres en disciplines kruisen, is Ricky Koole (46) op haar best. Typisch voorbeeld is haar boek met uitspraken van haar zoontje, want waarom zou je alleen schrijven als je ook kunt schilderen?

‘Mijn bed ruikt een beetje naar stoomtrein’ of ‘Ik heb gedroomd dat ik niet kan slapen’?

‘In Toen kende ik de wereld nog niet heb ik uitspraken verzameld van Otis, de zoon van Leo (Blokhuis) en mij. De eerste zin is grappig omdat het iets over Otis en over de kinderwereld zegt. Net zoals alle andere leden van de familie Blokhuis is hij gek op stoomtreinen. ‘Ik heb gedroomd dat ik niet kan slapen’, vind ik echt een mooie zin, filosofisch bijna.

‘Otis praat veel. Hij registreert van alles en nog wat en zegt of vraagt er vervolgens iets over. Leo kan gewoon achter zijn laptop zitten en doorwerken terwijl Otis tegen hem praat. Dat lukt mij niet, ik hoor alles. Ik werd er gek van, het werd te veel. Toen ben ik zijn uitspraken gaan opschrijven, drie jaar lang, van zijn 4de tot en met zijn 6de. Dat hielp.

‘En nu is er dus een boek. Het is een monoloog van een kind geworden. Je ziet hem ouder worden. Het is geen ode aan Otis, maar een ode aan de kleuter.’

Het boek van Ricky Koole, Toen kende ik de wereld nog niet.

‘De illustraties in het boek heb ik zelf gemaakt, met acrylverf. Ik schilderde al langer. Lekker pielen en kliederen. Als ik schilder had ik nooit pretenties. Ik maak muziek, treed op, acteer, zing en presenteer een radioprogramma: ik heb al vijfhonderd beroepen, schilderen deed ik puur voor de lol. 

‘Harry Geelen, toch een van dé illustratoren van Nederland, zei dat hij de tekeningen krachtig vond, en sommige zelfs prachtig. En ik heb zelfs al schilderijen verkocht. Grappig toch? Alleen al daarom is het fijn dat ik dit boek heb gemaakt.’

Freek de Jonge of Youp van ’t Hek?

Freek de Jonge, hij is zondag de hoofdgast in de winterdienst in De Rode Hoed in Amsterdam. Ik vind het stom om te kiezen tussen mensen en ik wil geen vervelende uitspraken over Van ’t Hek doen. Laat ik het zo zeggen: Freek is, denk ik, minder cynisch dan Youp.

‘Ik organiseer de dienst al zeven jaar, vier keer per jaar rond de seizoenwisseling. Leo en ik gingen weleens naar Huub Oosterhuis in de kerk. Op een dag heb ik hem gevraagd of ik iets mocht organiseren voor mensen zoals ik, mensen die niet geloven.

‘De Rode Hoed zit elke keer kneitervol. Iemand preekt, er wordt muziek gemaakt en gezongen. God is geen onderwerp. We worden overspoeld met lelijkheid, met slechte beslissingen van politici, met verschrikkelijke toekomstscenario’s vanwege klimaatverandering, met mensen die in de media nare dingen zeggen over anderen. Daar keren we ons tegen. We willen inspireren.

‘Iedereen moet de zaal uitgaan met het gevoel dat hij iets moois van het nieuwe seizoen moet maken. Van alle dingen die ik doe ben ik hier het meest trots op. Het is heel persoonlijk en ik sluit altijd af met een soort gebed. Dat gaat bijvoorbeeld over mensen die niet thuis zijn met kerst, of eenzaam zijn, of op de vlucht. Het klinkt nu een beetje afgezaagd, maar het levert veel op en het maakt veel los.’

Bloed, zweet en tranen of Zij gelooft in mij?

‘Jemig. Wat moet ik hiermee? Bloed, zweet en tranen was het mooiste lied om te doen als Rachel Hazes in de musical over André, in 2013 was dat. Er was ook een te gekke choreografie bij. Die rol was een feest. Ik speel nooit in musicals. Ik hou van soul, country; het zompige dat musicals bijna nooit zijn. Dit was een uitzondering. André Hazes is natuurlijk ook gewoon de blues.

‘Tussen de liedjes kan ik niet kiezen. Zij gelooft in mij is wat meer country, Bloed, zweet en tranen wat meer soul. En ik hou juist van liedjes in het gebied daartussenin. Ik ben geen geschikte persoon voor dilemma’s. Op de een of andere manier maak ik altijd dingen op kruispunten.

‘Bij mijn voorstellingen denken mensen: is het nou muziektheater of een concert? Ze praat wel heel veel, maar het is ook geen cabaret. Ik bedenk zelf genres. Als ik muziek maak, zit ik ook het liefst tussen de genres in. Ik maak soulvolle country of Nederlandstalige country. Commercieel gezien is het superonhandig. Eén ding doen is beter: dat snapt het publiek, maar ook de pers. Ik ben een soort olievlek, ik groei in de breedte.’

Pannekoek met spek of pannekoek met stroop?

‘O, de pannekoekenvraag ben ik zo zat. Ja, echt. Die is ooit in een interview terechtgekomen en keert altijd terug. Ik vind het geen boeiend dilemma. Mijn jeugd heb ik meer bij mijn moeder doorgebracht dan bij mijn vader. En ja, hij had een pannekoekenhuis in Schipluiden. Dat wordt dan geromantiseerd. Ik snap wel dat het leuk klinkt, maar ik heb er eigenlijk niks over te vertellen.’

New Orleans of New York?

‘New Orleans. Hoewel. New York is ook geweldig. New Orleans toch maar, vanwege de muziek. Leo en ik hebben niet voor niets een voorstelling gemaakt die zo heet, komend jaar gaat-ie in reprise. Het is muziektheater, we hebben een tienmansband met vijf blazers. Alleen al daarom verheug ik me er enorm op. Leo is de hoofdrolspeler, de verteller. En over New Orleans is veel te vertellen, want daar is op het vlak van muziek zo’n beetje alles begonnen. De verhalen overstijgen de muziek. Het gaat ook over de segregatie, de vermenging tussen zwart en wit in de muziek en orkaan Katrina.

Affiche van de poster van de voorstelling van Ivan Peroti, Leo Blokhuis en Ricky Koole, New Orleans.

‘De stad zelf vind ik fantastisch. Ik ben er een paar keer geweest, ook met ons zoontje. Als hij een lievelingsstad zou moeten noemen, zegt hij waarschijnlijk ook New Orleans. Omdat er stoomtreinen rijden, maar ook vanwege de pleintjes, terrassen en kroegen. New Orleans is een heerlijk circus.’

De popprofessor of Don Leo?

‘Vind ik allebei stom. Hij zal zichzelf nooit ‘popprofessor’ noemen en ik noem hem al helemaal niet zo. Hij is helemaal geen feitjesfreak. Eigenlijk is hij net zoals ik. Hij houdt van mooie dingen en vindt het leuk om te ontdekken hoe ze zijn ontstaan.

‘Matthijs van Nieuwkerk noemt hem vaak ‘Don Leo’ en in het programma over de Top 2000 zegt hij soms dat ze in de school van Leo Blokhuis zitten. Dat is prima, want dat is dan ook even zo. Ik zou hem eerder liefhebber noemen. En hij weet wel veel, moet ik zeggen. Hij heeft ook iets te veel cd’s die allemaal in ons huis staan: wie heeft er nou nog zo veel cd’s? Aan de andere kant snap ik het wel, als radiomaker is het fijn erlangs te lopen en op ideeën te komen. Zelf draai ik ook nog vaak cd’s.’

Do right woman, do right man of Won’t be long?

‘Liedjes van Aretha Franklin, een van de allerbeste zangeressen ooit. Ik hou van mensen die helemaal gáán, maar zonder uitsloverij. In programma’s als The Voice zie je zangers soms kunstjes doen; ze doen alsof ze er voor gaan. Aretha Franklin gooit haar hele ziel en zaligheid ertegenaan. Ik probeer dat ook te doen. Bam!

‘Ik kies Do right woman, do right man. Het is precies waarover ik het net had: soul en country door elkaar. En het is een vroeg feministisch liedje. Als jij een goede man bent, ben ik een goede vrouw, zingt ze. Maar als je dat niet bent, kan ik niet beloven dat ik me gedraag.

‘Nee, ik was niet geschokt door haar dood. Ze was heel oud, het zat er aan te komen. Dat was anders met David Bowie. Zijn dood greep me enorm aan.’

Ziggy Stardust of Space Oddity?

‘Oei, Ziggy Stardust dan maar. Dat is best raar, want vroeger was ik juist weg van Space Oddity en het nummer over Major Tom. Ik hou nu juist heel erg van dat rauwe van Ziggy Stardust. Eigenlijk zou ik zijn hele oeuvre willen noemen, ik vind alles van David Bowie fantastisch. Ik vergelijk me natuurlijk niet met hem, maar Bowie is ook iemand die altijd de kruispunten heeft opgezocht. Hij hoorde nergens bij en volgde zijn eigen pad.

‘Toen ik 15 was, was ik ervan overtuigd dat ik met hem zou trouwen, of op zijn minst samen met hem een single op zou nemen. Ik vond hem onwaarschijnlijk aantrekkelijk. Tijdens een concert in Ahoy heb ik een keer een knuffelbeest naar hem toe gegooid. Ik stond vooraan, als echte fan. Hij ving het en veegde er het zweet mee van zijn gezicht.

‘Het was een soort rat, die knuffel. Ik had mijn telefoonnummer er op geplakt. Nee, hij heeft niet gebeld. Of ik was niet thuis, dat kan ook, we hadden geen antwoordapparaat.’

Ricky Koole: Toen kende ik de wereld nog niet - gedachten van een kleuter. DATO, 112 pagina’s, met illustraties van de schrijver, €19,95.

CV Ricky Koole

1972 Op 11 september geboren in Delft

1991-1995 Academie voor Kleinkunst, Amsterdam

1996 Nominatie Gouden Kalf beste actrice voor rollen in De Kersenpluk en De Jurk

2000 Nominatie Gouden Kalf beste actrice voor rol in Lek

2004 Debuut-cd Who’s Suzy?

2009-2011 Tv-serie Verborgen gebreken (NET 5)

2011 Nominatie Gouden Kalf beste actrice voor rol in Sonny Boy

2012 Maakster en presentator Dienst voor ongelovigen in de Rode Hoed in Amsterdam

2013 Rachel Hazes in de musical Hij gelooft in mij

2015 Radioprogramma Ricky op zondag bij NH Radio

2016 Tv-serie Centraal Medisch Centrum (RTL 4)

2017 Zevende cd, Ricky Koole with Ocobar

2018 Boek Toen kende ik de wereld nog niet – gedachten van een kleuter

Ricky Koole woont in Amsterdam. Ze is getrouwd met radiomaker Leo Blokhuis. Samen hebben ze een zoon, Otis.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden