PROFIELDIEDERIK GOMMERS

Diederik Gommers: de onverdroten hoeder van de ic’s

Diederik Gommers: 'Ik heb al heel wat traantjes gelaten.'Beeld Jiri Büller / de Volkskrant

Als voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Intensive Care (NVIC) is Diederik Gommers een van de meest zichtbare experts tijdens de coronacrisis. Hoe groeide een obsessieve onderzoeker van medicijnen uit varkenslongen uit tot ‘mister intensive care’?

Een contactsport is hockey niet, maar je hebt ze er bij die net wat feller de duels aangaan. Diederik Gommers is zo’n hockeyer. Geen fijnbesnaarde techniek, wel de bereidheid tot het gaatje te gaan. Het maakt hem een waardevol radertje in het veteranenteam van HC Souburgh, dat geregeld jongere teams het nakijken geeft. Tussendoor wordt weleens een training overgeslagen, bekent teamgenoot Johan Bickel. ‘We teren vooral op onze historie.’

Wilt u dit artikel liever beluisteren? Hieronder staat de door Blendle voorgelezen versie

Op het sportterrein in Alblasserdam laten de veteranen hun werk bij de kantinedeur achter. Ook Gommers, die er aan de hectiek op de intensive care ontsnapt. Natuurlijk merken zijn teamgenoten weleens iets. Een jonge gast die is binnen­gebracht na een motorongeluk: dat gaat je niet in de koude kleren zitten. Meestal hebben ze het er niet over. Hockey, zegt Bickel, is hun uitlaatklep. Zeventig minuten enkel oog voor de bal, met de nazit als beloning.

Uitgerekend nu, in de heftigste periode van zijn carrière, moet Diederik Gommers (55) zijn uitlaatklep missen. Terwijl de coronacrisis het hockey en de rest van het land stillegt, staat de voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Intensive Care (NVIC) vol in de schijnwerpers. Naar hem kijkt Nederland voor een antwoord op de meest benauwende vraag van de laatste weken: gaan we het redden op de intensive cares?

Als lid van het Outbreak Management Team (OMT) adviseert Gommers het kabinet over de corona-aanpak. Wekelijks verschijnt hij in de Tweede Kamer en in talkshows om de laatste prognoses over de druk op de ic’s te delen. Daar contrasteert hij met RIVM-baas Jaap van Dissel, die nooit van zijn bedachtzame docententoon afstapt. Gommers informeert, maar toont ook zijn emotie. ‘Ik houd mijn hart vast’, zegt hij dan, of: ‘Ik ben absoluut opgelucht.’

Makkelijk is te vergeten dat hij tussendoor leiding geeft aan zijn eigen intensive care in het Erasmus MC in Rotterdam. Het zijn veel ballen om tegelijkertijd in de lucht te houden. Zelfs voor Gommers, volgens collega Piet Melief ‘een van de meest vooraanstaande intensivisten van Nederland en misschien wel wereldwijd’.

Openhartig

In zijn publieke optredens is hij opvallend openhartig. Aan tafel bij Op1 vertelt hij dat hij ‘al heel wat traantjes heeft gelaten’ op tijden dat hij alleen in de auto zit, denkend aan het gevreesde moment dat hij niet langer alle coronapatiënten kan redden en moet kiezen. Om anderen te doordringen van de ernst deinst hij niet ­terug voor grote woorden. Er is nú ­militaire aansturing nodig bij het verdelen van de landelijke ic-capaciteit, waarschuwt Gommers eind maart in de Kamer. De schrik is van de gezichten van de Kamerleden af te lezen als hij zegt dat de gezondheidszorg ‘het gewoon niet meer aankan’ bij drieduizend ic-patiënten of meer.

‘Zo staat het in de leerboekjes geneeskunde: draai er niet omheen bij slecht nieuws’, zegt Melief, intensivist en landelijk coördinator van de ­patiëntenstromen tijdens de coronacrisis. Inmiddels is Gommers’ toon hoopvoller, nu de verdeling over de ziekenhuizen beter verloopt en het aantal ic-patiënten voor het eerst afneemt. ‘Maar als intensivist kijk ik niet langer dan een week vooruit.’

Obsessieve onderzoeker

Diederik Gommers (1964) wordt geboren in Gorinchem maar groeit op in Udenhout, niet ver van Tilburg. Hij is de oudste van vier zoons in een ‘hecht en sportief gezin’, zegt broer Joris, een ondernemer in autoleasecontracten. Alle vier tennissen en hockeyen ze bij de twee clubs die hun vader mede heeft opgericht. Diederik (rechtsbuiten), Joris (spits) en jongere broer Bas (linksbuiten) vormen zelfs even de voorhoede van het eerste herenteam van hockeyclub MHC Udenhout. ‘Al gebiedt de eerlijkheid te zeggen dat er maar één team was.’

Vrienden hebben ze wel, maar aan elkaar hebben de broers eigenlijk ook genoeg. Als ze niet in teamverband sporten, zijn ze op het buurtpleintje te vinden of spelen ze samen thuis, onder toeziend oog van moeder Stance. Vader Paul is lange dagen van huis als handelsagent van een aantal meubelfabrieken. Een van zijn klanten is meubelverkoper Kluytmans, wiens zoon Jan als hoogleraar klinische microbiologie eveneens lid is van crisisteam OMT. In de weekeinden gaat het gezin vaak zeilen in Zeeland.

Net als veel andere kinderen zegt Diederik al van jongs af aan dat hij arts wil worden, aldus Joris, met het verschil dat zijn broer nooit van die droom zal afstappen. Het fanatisme van het sportveld neemt hij mee naar school. Omdat het Maurick College in Vught een goede naam heeft, fietst hij iedere dag veertien kilometer op en neer. Zijn jongere broers gaan stuk voor stuk naar de middelbare school in Tilburg die aanzienlijk dichterbij is.

Na het afronden van het atheneum denkt hij geneeskunde te gaan studeren in Rotterdam, maar hij wordt uitgeloot. Gommers schakelt meteen door en begint dan maar in Gent, waar hij drie jaar zal studeren. Het vierde jaar maakte hij alsnog de overstap naar het Erasmus MC, waar hij zich specialiseert in anesthesiologie en als arts-onderzoeker aan de slag gaat.

In 1998 promoveert Gommers op surfactant, een stof die in de longen aanwezig moet zijn om goed te kunnen ademen. Hij is dan al meer dan tien jaar monomaan bezig met het stofje, een onderzoek dat hem een vrijstelling oplevert van de militaire dienstplicht. Gommers richt zelfs een bedrijf in het Duitse Oldenburg op om kunstmatige surfactant te produceren. In een fabriekje naast een slachthuis maakt hij de stof uit varkenslongen. Na jaren experimenteren blijkt het middel niet goed te werken bij volwassenen. Gommers draagt zijn bedrijf over aan een grote farmaceut, maar de drang om uit te vinden beklijft: in 2018 patenteert hij zijn eigen narcose- en beademingssysteem.

In de tussentijd maakt hij de stap naar de intensive care. Aan het begin van de nieuwe eeuw volgt hij de ic-opleiding in Amsterdam, de enige keer dat de Feyenoord-fan het Erasmus MC verlaat. Na zijn terugkeer in Rotterdam klimt hij als intensivist op tot hoofd van zijn afdeling. De bekroning volgt in 2014, als hij benoemd wordt tot bijzonder hoogleraar.

Snelle beslisser

Door zijn rol in de coronacrisis is Gommers tijdelijk minder betrokken bij de patiëntenzorg in zijn eigen ziekenhuis. Onzichtbaar is hij zeker niet, zegt collega Margo van Mol. Soms is hij al om half 8 ’s ochtends te vinden op zijn kamer of de afdeling, op een grote ronde langs de artsen, verpleegkundigen en patiënten. Van Mol: ‘Hij geeft ons het gevoel dat we dit met elkaar doen.’

Al vijftien jaar werkt ze nauw samen met Gommers. Eerst als verpleegkundige en sinds 2017 als postdoctoraal onderzoeker van de psychologische gevolgen van een ic-verblijf. Gommers stimuleerde haar om door te groeien, al was het niet makkelijk een balans te vinden tussen het werk aan de bedden en de wetenschap. Vorig jaar gaf IC Connect, een patiëntenorganisatie waarvoor Van Mol actief is, een boekje uit over de impact van een ic-opname. ‘Ondanks zijn overvolle agenda maakte Diederik tijd vrij voor de presentatie. Bestelde hij meteen tweehonderd van die boekjes.’

Gommers is een snelle beslisser. Als hij denkt dat hij een patiënt moet intuberen of van de beademing moet halen doet hij dat, ook als er verpleegkundigen zijn die het liever nog even aankijken. ‘Soms sta je stil in de behandeling. Dan moet je iets forceren’, zegt Van Mol. ‘Maar roekeloos wordt hij nooit. Als het niet lukt, is er altijd een plan B.’

Van anderen verwacht hij ook dat ze doorpakken. Opdrachten ziet hij het liefst een dag later afgehandeld, ook als het om iets omvangrijks gaat als het opzetten van een nazorgpoli. ‘Dan kan hij bijna teleurgesteld zijn dat het nog niet klaar is, terwijl achter de schermen al veel is gebeurd’, aldus Van Mol. Haar baas is die teleurstelling overigens ook snel weer kwijt. ‘Dat ongeduld komt voort uit enthousiasme.’

Voor de coronacrisis zijn er geen snelle oplossingen, hoe graag Gommers het ook wil. Mogelijk zijn nog een jaar of langer maatregelen nodig om de druk op de intensive cares niet te hoog te laten oplopen. Zelfs als er een vaccin is, blijft het virus waarschijnlijk rondwaren, zoals de seizoensgriep nu.

‘We gaan nooit meer van het coronavirus afkomen’, draaide Gommers vorige week opnieuw niet om het slechte nieuws heen. De presentatrice van Goedemorgen Nederland bleef verbouwereerd achter. ‘Het wordt echt een andere wereld.’

CV Diederik Gommers

1964: geboren in Gorinchem

1976 – 1982: Maurick College, Vught

1982 – 1985: Studie geneeskunde, Gent

1985 - 1996: Studie geneeskunde Erasmus Universiteit Rotterdam en onderzoek naar surfactant in Oldenburg, Duitsland

1996 - 1998: Promotie onderzoek naar surfactant, Rotterdam

1999 – 2003: Opleiding anesthesiologie, Rotterdam

2003 – 2005: Opleiding intensivist, Amsterdam

2005 – Heden : intensivist, Erasmus MC

2013 – Heden: Afdelingshoofd intensive care

2014 – Heden: Bijzonder hoogleraar IC-geneeskunde

2016 – Heden: Voorzitter Nederlandse Vereniging voor Intensive Care (NVIC)

Diederik Gommers is getrouwd en heeft drie kinderen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden