Deskundigen in rechtbank niet altijd eenduidig

Lucia de Berk kwam vrij dankzij een externe deskundige. Maar andere buitenstaanders bezorgden haar juist levenslang...

In Nederland behandelen de strafrechters jaarlijks ongeveer 250.000 strafzaken. Ruim 800 officieren van justitie en 4.400 ondersteuners werken niet alleen aan deze strafzaken, maar ook nog aan pakweg 210.000 afdoeningen. Dat er ernstige fouten worden gemaakt, is dan ook niet vreemd.

Wim Orbons (Opinie & Debat, 14 april) wijst op de positieve rol die externe deskundigen speelden bij justitiële misstappen. In het redactioneel commentaar van 16 april wordt gesproken over onwil om buitenstaanders toe te laten. Ook rechtspsycholoog Wagenaar (Radio 1, 15 april) wijst erop dat de rechterlijke macht de deur gesloten houdt voor buitenstaanders.

Een dergelijk voorstelling van zaken is regelrecht onjuist. Sinds kort is de positie van de externe deskundige grondig verbeterd. Op 1 januari 2010 is de Wet Deskundigen in strafzaken in werking getreden. Deze bevat onder meer de wettelijke basis om een openbaar landelijk register op te richten. Dat register is een hulpmiddel voor de rechter om te bepalen in welke mate een deskundige ook echt een deskundige is. Een rechter mag ook een deskundige raadplegen die niet in het register is opgenomen, maar dan heeft hij de verplichting om die keuze nadrukkelijk te motiveren.

Dankzij deze wet is het ook mogelijk dat aan deskundigen kwaliteitseisen worden gesteld. Advocaten krijgen bovendien meer mogelijkheden om contra-expertise aan te vragen. Ook kunnen ze meer invloed uitoefenen op onderzoeken die het OM laat uitvoeren. De zaak zit dus niet potdicht als het om deskundigen gaat.

Verder is er in 2006 binnen de rechtspraak een verbeterprogramma begonnen waarin aandacht is voor versterking van kennis over forensisch-technische onderzoeksresultaten. Deze maatregelen zijn vooralsnog voldoende.

De roep om nog meer deskundigen in de rechtszaal is bovendien gebaseerd op een foutief begrip van wetenschap, namelijk dat wetenschap altijd eenduidige antwoorden oplevert. Peter Grünwald, hoogleraar statistisch leren , stelde onlangs dat hij er geen enkel probleem mee heeft om aan zijn collega’s uit te leggen dat de statistiek in de zaak-Lucia de Berk niet deugt. Maar als vervolgens de vraag aan bod komt hoe het dan wel moet, ontstaat er onder zijn collega’s een felle en verhitte discussie. Een eenduidig antwoord is er ook onder de deskundigen niet altijd.

Dat zagen we ook al in de Puttense Moordzaak. Nadat een eerste deskundige zich over deze zaak had uitgelaten, vroeg de rechtbank in juni 2009 nog drie andere deskundigen. De eerste wetenschapper wist te melden dat de sporen pleitten tegen de verdachte; de tweede dat de sporen niet uitsloten dat er een tweede verdachte was betrokken; de derde dat sporen van de verdachte weliswaar op het slachtoffer werden aangetroffen, maar ook dat P. onschuldig kon zijn op grond van de ‘sleeptheorie’.

Ook bij de Schiedammer Parkmoord ontstond een heftige discussie onder deskundigen over de rol van de deskundige die was aangewezen om te waken over het welzijn van een kind dat werd ondervraagd. En ook hier waren de deskundigen het volstrekt oneens over de professionaliteit van het handelen van de deskundige. Er doemt nog een ander probleem op, zoals blijkt in de zaak-Ilonka Toth. Eerst werd het Nederlands Forensisch Instituut om een analyse gevraagd. Het OM was niet tevreden en schakelde vervolgens het particuliere laboratorium IFS van Richard Eikelenboom in. Dit vond meer bewijsmateriaal en was ook stelliger in zijn conclusies. De advocaat van de verdachte wilde vervolgens een contra-expertise, waarna het OM op zijn beurt een vierde expert liet opdraven. Op deze manier kunnen deskundigen een rechtsproces traineren.

Het is de verdienste van met name wetenschapsfilosoof Ton Derksen, een externe deskundige, dat Lucia de Berk vrijkwam. Daar staat tegenover dat een aantal andere externe deskundigen er aan heeft bijdragen dat zij levenslang heeft gekregen. En ook dat is géén incident.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.