Interview

De stem van de onderbelichte Holocaust-slachtoffers

Zoni Weisz is een Sinto die ontsnapte aan de Holocaust. Vanavond spreekt hij de VN in New York toe om de moord op een half miljoen Sinti en Roma onder de aandacht te brengen. Zijn doel? Voorkomen dat de geschiedenis zich herhaalt, zeker nu.

Zoni Weisz, thuis in UdenBeeld Els Zweerink

Het is een wonderlijke weg geweest, dat vindt hij zelf ook. Als jochie, nog in de eerste oorlogsjaren, zat hij op de bok van de woonwagen, naast zijn vader Johannes. Achterin zaten zijn moeder en zusjes Rakli en Lena. Ze trokken over zandpaden, door bos, langs akkerland. Johannes verkocht tapijten, repareerde muziekinstrumenten, maar maaide ook met een zeis het gras bij de boeren.

Vader Johannes en moeder Jacoba WeiszBeeld Privécollectie

Vandaag, 27 januari, staat Zoni Weisz (78) op een podium in het aanzien van de hele wereld. Hij spreekt in New York de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties toe als daar de Holocaust wordt herdacht. Hij vertegenwoordigt er de volkeren van de Sinti en de Roma, van wie er naar schatting een half miljoen door de nazi's zijn omgebracht. Sinds het begin van de jaren negentig is hij de stem van de slachtoffers en hun nabestaanden, eerst vooral in Nederland, later ook in Duitsland en Polen. Zelf ontsnapte hij ternauwernood. De andere gezinsleden kwamen om in vernietigingskampen.

Tien minuten krijgt hij in New York. 'Ik aarzel om het te zeggen, maar ik ben er wel een beetje trots op.' Over twee weken volgt een nieuwe gongslag: dan verschijnt zijn autobiografie, Zoni, de vergeten Holocaust, mijn leven als Sinto, ondernemer en overlevende.

Internationaal podium

In zijn lichte appartement in Uden stelt hij zich voor als 'Zoni, Zoni Weisz.' Vroeger gebruikte hij vaak de naam Johan. Zijn ouders lieten hem als Johannes inschrijven, Zoni was de dienstdoende ambtenaar onbekend. In Romanes, de taal van de Sinti, betekent het: geschenk van God. Het is de naam die het dichtst bij hem staat.

Zijn toespraak is klaar, hij heeft hem al een paar keer hardop voorgelezen, staande achter het keukenblad, het past bijna. 'Ik steel er wel wat minuutjes bij.' Hij zal zijn levensverhaal vertellen en de wereld voorhouden dat het gevaar van een herhaling van de Porajmos, het Romanes-equivalent van uitroeiing, altijd op de loer ligt. Hij wil zijn gehoor eraan herinneren dat de Sinti en de Roma zijn omgebracht om precies dezelfde redenen als destijds de Joden: ze waren net als zij fremdrassig.

Hij staat niet voor het eerst op een internationaal podium. In 2007 sprak hij in New York bij de opening van een tentoonstelling van de VN over de Holocaust. In 2011 stond hij achter de microfoon in de Bondsdag in Berlijn, toen had hij zelfs 50 minuten, 'en dat in het hart van het land waar het allemaal is bedacht'.

Vooral om deze zin draait het volgens hem in zijn toespraak: 'We moeten met alle democratische middelen die ons ter beschikking staan verzekeren dat deze vreselijke ideologieën in de toekomst geen kans meer krijgen.' In Uden zegt hij alvast: 'Het speelt nu. De overeenkomsten met de jaren dertig zijn er. De maatschappij wordt rechtser. Het verzet tegen asielzoekers wordt sterker. Natuurlijk zitten er verkeerde types onder de vluchtelingen, natúúrlijk. Maar dat mag ons er niet van weerhouden ons hart te openen voor degenen die het zo hard nodig hebben.'

CV Zoni Weisz

1937 Geboren in Den Haag

1949 Lts Apeldoorn

1953 Bezorger bloemist Apeldoorn

1958 Binder in bloemenzaak René, Amsterdam

1963-1992 Eigenaar bloemenwinkel René.

1963-1992 Bloemsierkunstenaar met exposities en tentoonstellingen in binnen- en buitenland.

1992 Actief in Landelijke Sinti Organisatie

1998 Lid Auschwitz Comité

2002 Officier in Orde van Oranje-Nassau

2007 Toespraak in New York bij VN-expositie Holocaust

2011 Toespraak in de Bondsdag

2012 Toespraak inwijding monument Sinti en Roma, Berlijn

2016 Toespraak voor Algemene Vergadering Verenigde Naties.

19 mei 1944

Het had heel anders kunnen lopen in zijn leven, als die agent er niet was geweest op 19 mei 1944. Die dag staat Zoni, 7 jaar oud, op het perron van het station in Assen, samen met zijn tante, bibi Moezla en haar zeven kinderen. Een trein uit Westerbork loopt binnen, met daarin 245 Sinti en Roma, die drie dagen eerder tijdens een razzia zijn opgepakt. In de veewagens zitten ook vader Johannes, moeder Jacoba, zijn zusjes en zijn broertje Emile, nog geen 1,5 jaar oud. Zij zijn uit hun tijdelijke woning in Zutphen gehaald. Zoni was er niet. Hij logeerde in de woonwagen van Moezla. Uit angst had zij enkele dagen later besloten zichzelf, haar kinderen en het logeetje aan te geven. Mogelijk hoopte ze dat ze zo met rust zouden worden gelaten, maar de trein naar Auschwitz is ook voor hen bestemd.

Een Nederlandse agent die kennelijk weet wat ze te wachten staat, redt ze het leven. Hij had ze gewaarschuwd: ik geef een signaal en dan moet je rennen voor je leven! Als er ook een passagierstrein naar Zwolle halt houdt en er drukte op het perron ontstaat, neemt hij zijn pet af. Moezla en de kinderen rennen naar de overkant en verbergen zich in de wagons. Zoni hoort nog zijn vader roepen: 'Moezla, pas goed op mijn jongen!' Hij ziet nu nog het blauwe jasje van Rakli voor het rooster van de veewagen. Zijn stem hapert bij de herinnering. Beide treinen zetten zich in beweging. De trein die naar Auschwitz vertrekt, is ook de trein van Settela Steinbach, het meisje met hoofddoek dat is gefilmd toen ze angstig uit de wagon keek bij het vertrek uit Westerbork. Lang was ze het gezicht van de Jodenvervolging, later bleek ze een Sintezza te zijn.

Zoni zal zijn gezin nooit meer terugzien. Jacoba, Rakli, Leni en Emile worden begin augustus van dat jaar vergast. Zijn vader sterft 3,5 maand later tijdens een Brits bombardement op het concentratiekamp Mittelbau Dora, waar gevangenen werden ingezet bij de productie van V1's en V2's.

Het zou nog lang duren voordat Zoni Weisz zich het lot van de nabestaanden ging aantrekken. Hij overleefde de oorlog in Apeldoorn in het gezin van een tante en stortte zich al snel op zijn werk: hij begon als fietsjongen voor een bloemist in Apeldoorn en eindigde als eigenaar van een florerende bloemenwinkel in Amsterdam én als bloemsierkunstenaar, die deelnam aan tentoonstellingen en wedstrijden over de hele wereld. Hij verzorgde de bloemenentourage bij de kroning van Beatrix en bij het huwelijk van Willem-Alexander en Máxima. Hij trouwde, werd vader van twee kinderen.

Verwerking

De oorlog hield hij op afstand. Alleen op de verjaardagen van zijn vader (8 februari) en zijn moeder (16 november) liet hij verdriet toe, zij het in stilte. 'Het harde werken helpt echt, het is een bekend verschijnsel. Het is een vlucht, weg van het idee dat ik ook in die trein had horen te zitten.'

Een bezoek aan het herinneringscentrum voor de Holocaust Yad Vashem in Jeruzalem opende hem de ogen: het pantser van werk en gezin bood geen soelaas meer. Hij was samen met een Joodse vriend gegaan, Jerach Perlman, die ook zijn familie in de oorlog had verloren. Toen ze naar buiten kwamen en op een bankje plaatsnamen, konden ze beiden niks anders doen dan onbedaarlijk huilen - al hebben ze het daarna stevig op een drinken gezet.

Hij zocht hulp. Tijdens de therapie kreeg hij een droom waarin hij zijn vader in één nacht de leeftijd zag bereiken die hij zou hebben gehad als hij niet in de trein had gezeten. Het gaf hem rust: accepteren dat het gelopen is zoals het is gelopen. De kortsluitingen in zijn hoofd waren voorbij. Hij trok ooit een ambtenaar uit diens loket toen de man achteloos vaststelde dat de dood van zijn vader hem niet ontsloeg van de militaire dienstplicht. Hij sloeg een Duitser in München tegen de grond die hem maande zijn auto ergens anders neer te zetten. 'Schnell, schnell!!' Dat hadden de moffen ook geroepen op het perron in Assen. 'Ik ben ervanaf. Ik besefte dat ik zo niet kon doorgaan.'

Het bezoeken van de laatste plekken van zijn familie behoorde tot de verwerking. Hij keek in het herinneringscentrum Westerbork naar een film en schrok zich een ongeluk toen op de aftiteling de namen van zijn ouders, zusjes en broertje voorbij kwamen. 'Ik was totaal van de kaart. Daarop was ik niet voorbereid.' Hij stond in Duitsland met zijn vrouw op de met mos begroeide fundering van de barak waarin zijn vader was gestorven; een bomscherf had hem in de nek geraakt. Het voelde zich sereen, rustig, vredig. Hij is naar crematorium 5 in Auschwitz-Birkenau gereisd. Daar is een vijver, waarin de as van tienduizenden dode Sinti en Roma is gestort. Hij hoorde de kikkers, het ritselen van berkenbladeren. Sindsdien beschouwt hij het watertje als het graf van zijn familie. Hij loopt van tafel en keert terug met een scherf baksteen. Het is afkomstig van een barak in het Zigeunerlager van Auschwitz. 'Misschien heeft mijn moeder hier wel tegenaan gezeten.'

Zoni Weisz (links), op de bruiloft van zijn pleegzus.Beeld x

Opkomen voor nabestaanden

Pas nadat hij zijn zaak in Amsterdam had verkocht, vond hij de tijd zich in te zetten voor de nabestaanden. Hij voelde zich geroepen, ze hadden het hem ook gevraagd. Hij formuleert het voorzichtig. 'Er waren niet veel mensen die een opleiding hadden gehad. Er was iemand nodig die hun verhaal kon vertellen.' Zijn volk is stelselmatig overgeslagen, stelde hij vast. Schadeloosstellingen uit Duitsland gingen bij herhaling aan Sinti en Roma voorbij. In het rapport van de commissie Van Kemenade over rechtsherstel van de Joden stonden slechts enkele alinea's over zijn volk. Weisz: '25 regels. Ik was woedend.' Betaling kwam alsnog, na een onderhoud met toenmalig premier Kok en de ministers Zalm en Borst. 'Die bijeenkomst is het keerpunt geweest. We werden voor het eerst hetzelfde behandeld als de Joden.'

Waarom heeft het zo lang geduurd, denkt hij? 'Deze generatie beheerste het geschreven woord nog nauwelijks. We wisten niet wat we met overheidsdocumenten aanmoesten. We bestonden niet. De Sinti zijn ook naar binnen gericht, het gevolg van eeuwenlange vervolging en uitsluiting. Van gadje, de burgers, had je weinig te verwachten. We hielden afstand.'

Hij spreekt nog altijd over de vergeten Holocaust. Ja, er zijn monumenten, in Amsterdam en zelfs in Berlijn, maar het steekt hem dat in de berichtgeving over de vernietigingskampen het accent telkens ligt op het leed van de Joden. 'Voor mij is er pas afdoende erkenning als wij in de geschiedschrijving net zo goed worden genoemd als de Joden. Het gaat toch niet om aantallen? Het gaat om het lijden van één mens.'

Woordenlijst Romanes

Volk Sinti

Man Sinto

Vrouw Sintezza

Vader Tata

Moeder Mama

Tante Bibi

Oom Kakoe

Oma Mami

Opa Papoe

Burger Gadje

Paard Gray

Wagen Woerda/Wagoe

Uit: Zoni, De vergeten Holocaust.

Oost-Europa

Zijn werk zit er ook na New York nog niet op. In Nederland hebben de Sinti niet veel reden meer tot klagen, vindt hij, al ziet hij nog - wat hij noemt - 'achterblijvers'. 'Lui die met de buitenwereld liever niks te maken hebben. We moeten ook zelf onze verantwoordelijkheid nemen.' Meer zorgen baart hem de situatie in Oost-Europa. 'In Slowakije verblijven Roma in ommuurde getto's. In Roemenië leven ze op vuilnisbelten. In Hongarije worden ze belaagd door rechts-extremisten. De maatschappij heeft maar weinig geleerd van de geschiedenis.'

Zoni Weisz gebaart naar het ruime appartement, naar zijn vrouw Elly. 'Daarom spreek ik in New York, daarom heb ik het boek geschreven. Ik wil laten zien dat hoe uitzichtloos de situatie ook is, je toch verder kan als je wilt, dat er altijd een toekomst is. Daar stond ik na de oorlog. Met niks. Met niemand. Een groot, diep en zwart gat. Maar kijk mij nu eens. Een prachtvrouw, kinderen, kleinkinderen. Ze zijn er allemaal bij in New York. In hen gaat het leven verder. U kijkt naar de gelukkigste man ter wereld.'

Zoni Weisz, Zoni, De vergeten in Holocaust. Mijn leven als Sinto, ondernemer en overlevende, Luitingh-Sijthoff, 19,99 euro. Verschijnt op 10/2Beeld x

Ontvang elke dag de Volkskrant Avond Nieuwsbrief in uw mailbox, met het nieuws van vandaag, tv-tips voor vanavond, en alvast zes artikelen uit de krant van morgen. Schrijf u hier in.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden