HET EEUWIGE LEVEN KLAAS VRIEND (1952-2019)

De schaatsstilist in het trio Hans, Piet en Klaas

Klaas Vriend reed geen schaats, hij gleed over het ijs. Hij was een mooischaatser geprezen om zijn stijl. ‘Ik trok geen gekke bekken van uitputting. Mijn fout is juist geweest dat ik te veel met schaatsen bezig was. Altijd piekeren, dat werkte averechts’, zei hij in 1986 in De Telegraaf toen hij als marathonschaatser actief was. Tien jaar eerder eind jaren zeventig was hij steevast de derde Nederlandse schaatser, op eerbiedige afstand van Piet Kleine en Hans van Helden.

Portret van schaatser Klaas Vriend. Beeld Dick Coersen / ANP

Hij was voorbestemd in de voetsporen van Ard Schenk te treden toen hij op zijn 16de een internationaal jeugdtoernooi in Inzell won. Maar steeds lukte het niet. Hij had griep zoals op de Olympische Winterspelen van 1976 in Innsbruck, of hij bleef staan bij de start van de 500 meter zoals op het WK in Heerenveen in datzelfde jaar. Ook een stijve rug en een liesblessure hinderden zijn carrière, waardoor hij geen olympische titels behaalde. ‘Als echtgenoot, vader en opa was hij wel degelijk een Olympisch kampioen’, zegt zijn zoon Klaas Vriend jr. Zijn vader overleed onverwacht op 12juni op 67-jarige leeftijd , vermoedelijk aan een hartstilstand. Op zijn uitvaart stond er buiten de kerk een rij van 100 meter, zegt zijn zoon.

Vriend was een van de vijf kinderen van een bloemkooltuinder uit Grootebroek. In 1974 debuteerde hij in de kernploeg en een jaar later was hij een vaste waarde die op de 1.500 meter veelvuldig Hans van Helden aftroefde en op de 10kilometer voor stayer Piet Kleine eindigde. Hij won dat jaar de Gouden Schaats in Inzell, dat toen na het EK en WK het belangrijkste toernooi was.

In het Olympische jaar 1976 werd hij slechts 4de op het NK, 14de op het EK en 16de op het WK. Vooral op de 500 meter ging het mis. ‘Ik denk dat ik te nerveus ben. Een eigenschap die ik van mijn moeder heb geërfd. Mijn vader was de rust zelve’, zei hijzelf.

Griepvirus

Vriend plaatste zich wel voor de Olympische Spelen in Innsbruck door in een wedstrijd in Davos op de 10 kilometer een in die tijd verbluffende 15.02.38 te rijden. Hij zou in Innsbruck op drie afstanden een gooi doen naar de medailles. Maar een griepvirus gooide roet in het eten. Het goud op de 10 kilometer ging naar Piet Kleine. Die werd bn’er en kreeg als beloning een baan als postbode, zoals dat toen nog ging.

Vriend werkte in de zomer in het bedrijf van zijn vader. Door het continu gebukt staan, kreeg hij last van een stijve rug. In mei 1979 besloot bondscoach Egbert van ’tOever Klaas Vriend niet meer op te nemen in de kernploeg. ‘Als je naar de tijden kijkt die hij bij selectiewedstrijden rijdt, is hij erg goed. Het nare is dat hij steeds onder de verwachtingen blijft tijdens de grote wedstrijden’, lichtte hij toe.

Jongere schaatsers als Yp Kramer en Hilbert van der Duim kregen de voorkeur. Niettemin was Klaas Vriend de enige die dat jaar Eric Heiden, mogelijk de beste schaatser aller tijden, een keer kon verslaan.

Zaadbedrijf

Na zijn schaatscarrière ging hij werken bij het zaadbedrijf Royal Sluis eerst op het land en later als chauffeur en op de heftruck. In 1985 reed hij de Elfstedentocht en dat ging zo goed dat hij zijn opwachting maakte bij de marathonrijders.

Samen met zijn vrouw Gerie Jonkman kreeg hij drie kinderen. De enige dochter overleed één dag na haar geboorte. Zijn twee zonen Klaas Vriend jr en Dirk-Jan waren verdienstelijke amateurvoetballers. Klaas Vriend jr: ‘Hij bleef een echte sportman. Vooral wielrennen. Schaatsen deed hij op natuurijs totdat er een nieuwe ijsbaan in Hoorn werd geopend en hij soms weer daar over het ijs gleed.’

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden