Interview

'De overheid moet op mijn oma lijken'

De jongste fractieleider ooit, Jesse Klaver van GroenLinks, gooit graag zijn privéleven in de strijd. Maar: met mate.

Jesse Klaver: 'Er is in Nederland een onderstroom van mensen die net als ik idealen terug willen zien in de politiek, en die is groter dan ik dacht.'Beeld Marc de Groot

Toen GroenLinks-leider Jesse Klaver klein was, leerde hij dat het alleen aan God en de engelen was voorbehouden om in de wereld toe te kijken. Alle andere creaturen moesten de handen uit de mouwen steken - uiteraard om de toestand ten goede te keren. Zijn opa, een milieu- en vredesactivist, nam hem mee naar demonstraties of ze stonden te 'zwijgen voor vrede' in Irak. Als ze samen fietsten, wees opa hem op de bedrijventerreinen die het Brabantse land verrommelden en kreeg hij steevast college. 'Mijn opa vertelde hoe het zat met rentedragend geld, de groeieconomie en het monetaire stelsel en waarom dat allemaal slecht was', herinnert Klaver zich lachend.

Laatst heeft opa zich verontschuldigd. 'We konden nooit eens gewoon fietsen', zei hij. 'Sorry hoor, dat ik je zoveel heb proberen bij te brengen.' Klaver vond het 'superschattig' van zijn opa. Hij antwoordde: 'Je hoeft geen sorry te zeggen. Ik ben blij met wat je me hebt geleerd.' Het was opa die hem politiek bewust maakte. 'Stelling nemen, jongen', kreeg hij zijn hele jeugd te horen. En nog steeds kan opa na een Kamerdebat bellen en zeggen: 'Hou je nou niet te veel bezig met bijzaken, het gaat om de grote lijn.'

Jesse Klaver heeft goed naar zijn grootvader geluisterd. Al op zijn 24ste, in 2010, kwam hij voor GroenLinks in de Tweede Kamer. Vijf jaar later, in mei van dit jaar, volgde hij Bram van Ojik op als fractievoorzitter. Klaver was net 29 en daarmee de jongste fractievoorzitter in de Kamer ooit. Op de bijbehorende persconferentie kondigde hij aan dat hij Nederland gaat veranderen. Hij besefte dat het grote woorden waren, maar: 'Voor minder wil ik het niet doen.'

Beeld Marc de Groot

GroenLinks is met vier Kamerzetels een kleine oppositiepartij, toch maakte het optreden van de nieuwe leider wat los. Even was Klaver niet uit de media weg te slaan, op Facebook bekeken in korte tijd 120 duizend mensen zijn speech en GroenLinks kreeg honderden nieuwe leden. 'Ik had niet verwacht dat het zo'n effect zou hebben', zegt Klaver nu.

Hoe verklaar je het?

'Er broeit iets. Er is in Nederland een onderstroom van mensen die net als ik idealen terug willen zien in de politiek, en die is groter dan ik dacht. Het interessante is: de reacties kwamen niet alleen van diehard GroenLinksers. We hebben na die tijd bijeenkomsten gehouden in theatertjes voor zo'n tweehonderd man en die waren in no time vol. Bij de inschrijving moesten mensen aangeven of ze GroenLinkslid waren of niet; eenderde was het niet.'

Zelfs VVD'er Ed Nijpels zei in de Volkskrant dat het een meesterzet van GroenLinks was jou naar voren te schuiven.

'Dat is aardig van Ed Nijpels.'

Hij zei dat menig partijleider een paar onrustige nachten heeft gehad, omdat jij met je elan het verschil kunt maken bij een toekomstige kabinetsformatie.

'Dat weet ik niet hoor, of het aan mijn elan ligt. Ik hoop aan mijn boodschap.'

Er was ook kritiek. Publiciste Nausicaa Marbe zei: 'Jongetje, ga jij eerst maar eens een toontje lager zingen.' Wat dacht je toen je dat las?

'Dat mag ze best vinden. Het zal wel. Ik ga geen toontje lager zingen.'

Ze vond de manier waarop je je presenteerde een 'egotrip' en vroeg zich af waarom je de afgelopen vijf jaar als Kamerlid niets hebt veranderd.

'Ik heb deze jaren nodig gehad om te komen waar ik nu ben. En ik zou niet willen zeggen dat er niets is veranderd. GroenLinks heeft nieuwe onderwerpen geagendeerd: belastingontwijking van multinationals, bankiersbonussen, de doorgeslagen toetscultuur in het onderwijs, de groeiende kloof tussen rijk en arm.'

Alleen iets op de politieke agenda krijgen zie je ook als een verandering?

'Ja, ik wil óók het gesprek in Nederland veranderen. Ik denk dat we daar al een bijdrage aan hebben geleverd en de rest moet de komende jaren komen.'

Deze week verscheen zijn boek waaraan hij de afgelopen jaren heeft geschreven: De mythe van het economisme - Pleidooi voor nieuw idealisme. We zullen het erover hebben in het Haagse café Luden, tegenover het Tweede Kamer-gebouw, maar vlak van tevoren belt zijn voorlichter dat Klaver iets later komt omdat hij zijn zoontje van de crèche moet halen. Het kind is van hem en Jolein, de vrouw die hij kent vanaf de kleuterschool in zijn geboorteplaats Roosendaal. Sinds 2010 wonen ze in Den Haag.

Even later komen ze binnen: Klaver én de voorlichter, die bij het gesprek zal zitten zonder iets te zeggen, maar wel af en toe een aantekening maakt. Na afloop zullen ze het interview nabespreken, heeft de voorlichter ter verklaring van zijn aanwezigheid aangevoerd. Klaver blijft er zo te zien vrij ontspannen onder. Als zijn telefoon piept vanwege het nieuws dat de Griekse premier Tsipras is afgetreden, is zijn eerste reactie: 'Téring.'

In zijn boek keert hij zich tegen het economisme, het fenomeen dat alles in de politiek wordt teruggebracht tot een economische of financiële kwestie. Hij gebruikte het woord ook al op voornoemde persconferentie, nu gaat hij er dieper op in. Politici zijn verworden tot 'technocraten' en politiek bedrijven is gereduceerd tot 'gekruidenier'. Nederlandse kabinetten mogen zeggen dat ze niet worden gedreven door een ideologie, maar Klaver betoogt dat ook economisme een ideologie is - die je dus evengoed overboord kunt gooien.

CV Jesse Feras Klaver 

Geboren 1 mei 1986 in Roosendaal

Opleiding

1999-2004: vmbo-tl aan Michaël College, Prinsenbeek
2004-2008: hbo-opleiding social work, Avans Hogeschool, Den Bosch
2008-2009: politicologie, Universiteit van Amsterdam

Carrière

2006-2009: bestuurslid en later voorzitter van Dwars, jongerenorganisatie van GroenLinks
2008-2010: voorzitter van CNV Jongeren en daardoor lid van de Sociaal Economische Raad
2010-nu: Tweede Kamerlid voor GroenLinks, fractievoorzitter sinds mei dit jaar

Burgerlijke Staat

Getrouwd met Jolein, samen hebben ze een zoon van bijna 2

Jesse Klaver praat op 20 september om 20.30 uur in Paradiso in Amsterdam over zijn boek De mythe van het economisme - Pleidooi voor nieuw idealisme

Heb je je de afgelopen vijf jaar misschien verveeld? Je bent vrij negatief over de politiek.

'Ik heb me absoluut niet verveeld. We zijn met hele mooie dingen bezig geweest.'

Je zegt wel dat je onbehagen voelde en dat kwam onder andere doordat je te veel bezig was met de vraag wat wel en niet goed valt bij de kiezer.

'Ja, dat wil ik niet meer. Het gaat in de politiek om wat je zelf vindt, waarvoor je staat. Vind je het wat? Doe mee. Vind je het niets? Even goede vrienden. Weet je waarom die houding zo belangrijk is? Als je het niet redt, kun je in ieder geval trots zijn op wat je hebt geprobeerd.'

Is die wijsheid ook van opa?

'Nee, van Kennedy. Er is een supermooi verhaal over hem. In 1963, net voor Kennedy werd vermoord, zag hij de peilingen naar beneden gaan omdat hij de rassenscheiding in de Verenigde Staten wilde afschaffen. Tegen zijn broer Bobby zei hij: 'Weet je, als we de herverkiezingen verliezen, is het in ieder geval om een principiële zaak.' Dát is waar politiek over moet gaan, de vraag waarvoor je bereid bent de verkiezingen te verliezen.'

Hoe staat GroenLinks er intussen voor in de peilingen?

'Dat verschilt per peiling. Ik geloof dat we in de Peilingwijzer op elf zetels of zo staan. Bij Maurice de Hond hebben we er twaalf, dertien.'

Dat hou je nog wel bij?

'Tuurlijk.'

Je wilde toch dat peilingen minder belangrijk zijn?

'Denk je nou echt dat ik niet meer naar peilingen kijk? Natuurlijk wil ik dat we groeien, dat is belangrijk voor het omzetten van ideeën in resultaten. Maar je moet er niet op sturen, peilingen moeten niet je leidraad zijn, je doel.'

Tijdens de verkiezingscampagne in 2012 gebruikte GroenLinks op jouw initiatief zo weinig mogelijk het woord 'hervormingen' omdat dat slecht zou vallen. Dat soort dingen ga je niet meer doen?

'Ik neem mezelf kwalijk dat ik me daardoor heb laten beïnvloeden. Krankjorum is het. Krankjorum! Ik wil de woorden gebruiken die ik wil. Er was eerst ook kritiek op het begrip economisme, want wie kent dat nou? Ja, boeien.'

Hoe is het opgepikt?

'Volgens mij wordt het heel goed begrepen, iedereen voelt wat het is: dat alles om cijfers gaat, dat de economie ons leven overneemt, in de zorg, het onderwijs, overal.'

Je ontdekte dat het economisme de werkelijke reden van je onbehagen was. Wat is voor jou het meest stuitende voorbeeld?

'Ik ben zelf het product van een nogal ongewone schoolcarrière, via het vmbo kwam ik op het hbo. Ik vraag me af of ik hier nu met jou had zitten praten als ik op mijn 12de al was afgerekend op hoe goed ik kon rekenen en schrijven, zoals tegenwoordig gebeurt.'

Want dan was je bakker geworden?

'Ja, dat was de weg die mijn mentor op school schetste. Als ik het me goed herinner, zei zij zoiets als: 'Het is eervol om later brood te bakken.''

Hoe komt het dat je die weg niet bent gegaan?

'Omdat ik andere dromen had. Omdat ik slimmer was dan ik op dat moment leek en keihard heb gewerkt. Mijn moeder heeft altijd tegen me gezegd: 'Niets is onmogelijk. Werk hard.' Maar waar het me om gaat: in het onderwijs is steeds meer de nadruk komen te liggen op taal en rekenen en op toetsing, dat zou uiteindelijk weer goed zijn voor de economische groei. Maar elk kind heeft zijn eigen ontwikkelingspad.'

Ik dacht dat het meest stuitende voorbeeld van economisme voor jou de constatering was dat in Nederland het bruto binnenlands product 0,2 procent groeit als alle Noordpoolijs is verdwenen.

'Ja, dat was ook een schok. Die berekening kwam van het Centraal Planbureau dit voorjaar. Als het poolijs smelt, zal de vaarroute naar Noordoost-Azië korter worden, waardoor onze handel toeneemt. Het laat precies zien wat ik wil zeggen: in de politiek is alles wat niet in geld valt uit te drukken, niet van waarde. Fucking hell, waar zijn we mee bezig?'

Opvallend is dat Klaver bij zijn economismeverhaal voortdurend zijn eigen achtergrond betrekt. Hij deed dat tijdens de persconferentie en hij doet het in dit boek opnieuw. Niet alleen zijn opa heeft hem beïnvloed, ook zijn Nederlands-Indische oma die hem leerde wat 'kassian' is, ofwel empathie en mededogen. Hij beschrijft hoe ze eens, toen ze aan het werk was in de toko van haar broer, uit eigen zak 750 gulden gaf aan een Bengaalse klant wiens gas was afgesloten vanwege een betalingsachterstand. Mokbul heette de man, verder kende ze hem nauwelijks. Mokbul betaalde elke cent terug. Ze werden vrienden en toen oma later ernstig ziek werd, vroeg Mokbul aan de imam in zijn moskee of die voor 'zijn moeder' wilde bidden - hoewel zij christelijk was. Het verhaal liet Klaver zien 'wat openstaan voor de ander kan betekenen, wat kassian teweeg kan brengen: wie vertrouwen schenkt, zal vertrouwen krijgen'.

Hij groeide op bij zijn opa en oma in een huurwoning in een Roosendaalse jarenzestigwijk. Eerst woonde hij er nog samen met zijn moeder, later alleen toen zijn moeder een huis om de hoek betrok. Hij kwam vaak bij haar, maar zijn slaapkamer was bij zijn grootouders. Zijn Marokkaanse vader was kort na zijn geboorte vertrokken en zijn moeder moest in haar eentje de kost verdienen. Ze draaide nachtdiensten bij een alarmcentrale en had overdag andere banen. Haar werkritme viel slecht te combineren met de zorg voor een kind, daarom woonde ze apart.

Ook zij drukte een stempel op hem. 'Het enige wat tussen jou en je dromen staat, is de angst te falen', hield ze hem voor.

Veel politici schermen hun privéleven af. Waarom gooi jij het juist in de strijd?

'Het is voor mij heel vormend geweest waar ik vandaan kom. Ik hoop op deze manier een indruk te geven waarom ik wat doe en waar mijn overtuigingen vandaan komen.'

Als je was geboren in een rijke VVD-familie, was je dan ook bij GroenLinks terechtgekomen? Hij moet even nadenken.

'Supergoeie vraag is dat. Dat weet ik niet. Ja, misschien had ik dan andere afwegingen gemaakt, maar dat zegt niet dat alleen mensen met dezelfde achtergrond als ik op GroenLinks moeten stemmen.'

Kun je iets zeggen over de reden waarom je vader is weggegaan?

'Nee, dat wil ik niet en dat kan ik niet, omdat ik er nog niet alles van weet.'

Beeld Marc de Groot

Ik neem aan dat je het er met je moeder over hebt gehad.

'Zeker, maar ook daar wil ik niet op ingaan.'

In je boek zeg je dat je vader vertrok en nooit terugkwam, maar het betekende niet dat je zielig was. Waarom stel je dat zo expliciet?

'Omdat ik vroeger altijd het idee had dat er met medelijden naar me werd gekeken. Ik kreeg heel vaak de vraag: 'Joh, geen vader, is dat niet erg?' Nee, het is niet erg, omdat ik niet weet hoe het is om een vader te hebben. Als je iets hebt en het wordt je afgenomen, is dat erger dan iets wat je nooit hebt gehad.'

Je kreeg toch een stiefvader?

'Pas op latere leeftijd, toen ik 15 was.'

Je moeder moest aanhoren dat ze een bastaardzoon had en om die reden wilde de pastoor jou niet dopen. Je bent geboren in 1986, was het toen nog steeds zo erg dat een vrouw alleen een kind had?

'Mijn moeder heeft het meerdere keren te horen gekregen.'

Een andere pastoor was wel bereid je te dopen en hij heeft jou en je vrouw later getrouwd.

'Ja, die man heb ik toen weer opgezocht. Ik vond het zo mooi. Je merkt: als je succes hebt, heb je vrienden. Zo werkt het. Maar iemand die je ziet staan als je nog niets hebt, dat zijn de mensen die je moet koesteren.'

Je schrijft dat je begrip voelt voor je vader en intussen ook medelijden met hem hebt. Meen je dit serieus?

'Ik heb begrip, omdat ik erop vertrouw dat mijn vader een goede reden had om weg te gaan, anders laat je je zoon niet in de steek. Medelijden heb ik sinds ik zelf een zoontje heb. Als ik zie hoe blij ik ben als hij me tegemoet komt rijden op zijn loopfietsje of hoe hij schaterlacht als ik hem kietel of hoe trots ik was toen hij ging lopen... Het zijn zulke gelukzalige momenten en die heeft mijn vader met mij niet gehad.'

Ben je nieuwsgierig geweest naar je Marokkaanse roots?

'Jawel, ik ben in Marrakesh geweest, ik wilde wel eens kijken hoe het daar nou was. Maar ik had er geen bijzondere gevoelens. Ik vond het fijn om er te zijn, maar dat gevoel heb ik ook op andere plekken, in Barcelona of op Sicilië of zo.'

Je schrijft dat je, na de aanslagen van 9/11, politiek volwassen bent geworden in een angstige tijd. Was het echt zo erg?

'Ik was niet zozeer bang, maar er was weinig hoop. Ik merkte ook dat er iets was veranderd. Ineens was de geur van ons Indische eten een probleem in de buurt. En toen ik een half jaar na 9/11 naar de Verenigde Staten ging, hing mijn opa mij zijn eigen ketting met een kruisje om mijn nek. Hij wilde niet dat ik werd aangezien voor een moslim. Wauw, als je 16 bent, is dat van invloed op hoe je naar de wereld kijkt.'

Je zegt altijd: ik ben een Nederlander, maar je voelde je persoonlijk aangesproken door de 'minder-Marokkanen-uitspraak' van Geert Wilders. Hoe zat dat?

'Ik was net vader geworden en misschien sowieso wat emotioneler dan normaal. Los daarvan: wat Wilders zei, was zo knetterhard. Ik dacht: wat betekent dat voor al die mensen die hier wonen? Wat betekent dat voor kinderen zoals mijn zoontje? Waar trek je de grens? Wie moeten er allemaal weg? Het was de enige keer dat ik me etnisch aangesproken voelde.'

In je boek ga je nauwelijks in op al deze actuele thema's: de islam, vluchtelingen, de multiculturele samenleving. Waarom?

'Over al die onderwerpen kun je een apart boek schrijven en ik heb geleerd dat je je tijdens het schrijven moet beperken.'

De multiculturele samenleving is toch hét onderwerp waarop de linkse politiek het volgens de critici heeft laten afweten.

'Ik zeg wel hoe mijn stellingname daarin is veranderd. Ik vind nu meer dan vroeger dat mensen zelf verantwoordelijkheid moeten nemen. Iedereen moet hard werken om zijn dromen waar te maken.'

En opnieuw komen zijn eigen ervaringen om de hoek. Hij vindt wél dat de samenleving een warm nest moet zijn, zoals zijn eigen thuis dat voor hem was. Hij beseft dat het wat 'zweverig' klinkt, maar hij vindt dat ook de samenleving behoefte heeft aan de 'onvoorwaardelijke liefde' die hij kreeg. 'Ik wens zo vaak dat de overheid wat meer op mijn oma zou lijken. Wat meer kassian zou hebben', schrijft hij. Het credo van zijn moeder, niets is onmogelijk? 'Ik gun iedereen deze mentaliteit.'

De grote vraag is: waarom moet de overheid iedereen geven wat jij hebt gehad?

'De overheid is niet iets abstracts. De overheid is van jou en mij. En de overheid is ervoor bedoeld, in onze democratie, de samenleving zo te organiseren dat ze op een slechte dag niemand achterlaat en op de allerbeste dag iedereen de kans geeft zijn hart te volgen.'

Je zou het niet erg vinden als daarvoor de overheid weer groter moet worden?

'De vraag is niet: willen we een grote of kleine overheid, dat is een valse discussie. De vraag is: wát willen we met een overheid. De afgelopen jaren hoorde je alleen maar dat een grote overheid slecht is. Maar hoezo? Meer geld voor onderwijs, kinderopvang, de zorg, de aanpak van klimaatverandering of ongelijkheid tussen rijk en arm, hoezo is dat slecht? Het is een politieke opvatting dat het slecht is, maar het kan best anders.'

Je wilt het economisme terugdringen en doet daartoe voorstellen die nog best revolutionair zijn. Je wilt bijvoorbeeld de financiële sector kleiner maken.

'Laten we eens beginnen met het scheiden van nuts- en zakenbanken. Dat moet kunnen. Daarover hebben al zo veel commissies de politiek geadviseerd. Zo doe ik het bij alle punten die ik voorstel: ik pak een vrij beperkt element aan, met een grote impact. Game changers noem ik ze.'

Het wordt toch nog een lange weg. Je beschrijft zelf hoe diep het economisme is verankerd in onze maatschappij.

'Het economisme heeft zich in pakweg dertig jaar in Nederland kunnen ontwikkelen. Wat nou als we het in de helft van de tijd veranderen? Dat zou nog best knap zijn.'

Hoe realistisch is dat? Ik wil niet cynisch zijn, maar GroenLinks staat bekend als de partij met mooie verhalen waarmee weinig gebeurt.

'Sta mij toe te zeggen dat ik dit wel cynisch vind? Ik wil niet terugkijken naar hoe GroenLinks het heeft gedaan.'

Links is uit de mode. Hoe krijg je in dit klimaat voldoende mensen mee?

'Ja, links staat onder druk. Volgens mij komt dat doordat links lang is meegegaan in het defensieve idee: we moeten de klappen van de bezuinigingen een beetje opvangen. Maar een écht verhaal waar links naartoe wil, het geloof dat er een andere wereld mogelijk is, wanneer heb je dat voor het laatst gehoord?'

Jij wilt Nederland veranderen, dan zul je moeten regeren. Daar ga je dus voor?

Hij grinnikt. 'Dat is evident. Als ik zeg: we gaan Nederland veranderen, dan moeten we meer dan bereid zijn tot regeringsdeelname.'

Je bewondert president Obama, door hem kwam er een einde aan de periode van angst en kreeg je weer hoop, schrijf je. Hij had ook grote ambities, maar lange tijd is daar weinig van terechtgekomen.

'Obama heeft uiteindelijk toch best veel voor elkaar gekregen? Mijn vraag aan de cynici is: had hij dit bereikt als hij niet hoog had ingezet? En weet je, als hij niets had bereikt, zou ik blij zijn dat er een president heeft gezeten die tenminste iets heeft geprobeerd. Wie had er dan moeten zitten, een doetje? Iemand die zegt: ik ga alleen voor alles wat haalbaar is, want stel je voor dat het tegenvalt? Nou, joepie!'

Beeld Marc de Groot
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden