INTERVIEWKAOUTHAR DARMONI

De laatste stuiptrekkingen van het patriarchaat: ‘De laatste loodjes wegen het zwaarst’

Kaouthar Darmoni: ‘Vrouwen geven kinderen aan de wereld. Daarvoor horen ze met respect te worden behandeld. Dat mis ik in Nederland.’Beeld Aurélie Geurts

Het patriarchaat loopt ten einde, ziet Kaouthar Darmoni, de kersverse directeur van vrouweninstituut Atria. Nu moet iederéén de vrouwelijke waarden leren waarderen.

De felblauwe satijnen jurk van Kaouthar Darmoni (51) schittert in de zon als ze rondjes draait met haar heupen. Hup, nu doet ze haar jurk omhoog, zodat haar bewegingen nog zichtbaarder zijn. Ze spant haar bekkenbodemspieren aan, zegt ze. ‘Perineum, vagina, urethra, clitoris… en losssss. Aanspannen, ontspannen, zo kom je in aanraking met het diepste van het diepste, de bron van creatie, de baarmoeder.’

Dit interview begint vrolijk. We zitten in de keuken van Darmoni’s bovenwoning in Amsterdam-Zuidoost, met aan de ene kant een weids uitzicht over de flonkerende Gaasperplas en aan de andere kant het aanrecht met daarachter behang vol groene, wilde planten. Onderwerp van gesprek: haar stellige overtuiging dat de tijden veranderen, dat vrouwen meer te zeggen krijgen en dat vrouwelijkheid serieuzer wordt genomen. Met dat laatste houdt het ritueel met de bekkenbodemspieren verband, ze zal het allemaal uitleggen.

Aanleiding is Darmoni’s benoeming tot directeur van Atria, kennisinstituut voor emancipatie en vrouwengeschiedenis in Amsterdam. In 2000 promoveerde ze op genderstudies aan de Franse Université Lumière Lyon, daarna was ze bijna vijftien jaar wetenschappelijk medewerker gender & media bij de Universiteit van Amsterdam. Toen ze het werkklimaat in de academische wereld niet meer zo ‘empowering’ vond – ‘iedereen is vooral bezig met zijn carrière’ – vond ze deze baan.

Met Atria kan ze iets veranderen in het échte leven, hoopt ze. Het instituut doet wetenschappelijk onderzoek naar emancipatie en gendergelijkheid, en op grond van de bevindingen adviseert het beleidsmakers. Atria is een van de gezichten van het feminisme in Nederland, al was het maar omdat het de archieven van de Nederlandse vrouwenbeweging beheert, waaronder dat van de illustere Aletta Jacobs. ‘Onze grootmoeder’, zegt Darmoni.

De stelling is dus dat vrouwen en vrouwelijkheid belangrijker worden. Ze ziet het overal. Kijk naar de Women’s Marches in de Verenigde Staten na de benoeming van president Trump, zegt ze. Kijk naar de jonge vrouw in het witte gewaad die begin vorig jaar de massale protesten leidde tegen de Soedanese dictator Omar al-Bashir. Denk aan al die jonge vrouwen in het kabinet dat Finland eind vorig jaar kreeg.

Kun je niet evengoed beweren dat mannelijkheid belangrijker wordt? Er zijn momenteel nogal wat zéér mannelijke leiders.

‘Absoluut, er is een terugslag. Als je kijkt naar de geschiedenis van de mensheid: elke keer als er een systeem op instorten staat, zijn de laatste stuiptrekkingen de moeilijkste en de gekste. Ik zie dat er veranderingen aankomen voor vrouwen, maar sommige mannen willen vasthouden aan wat er was, aan het oude, het patriarchaat. Dit zijn de laatste uren ervan.’

Dus als Thierry Baudet een versiercoach steunt die zegt: als vrouwen ‘nee’ zeggen moet je gewoon doorgaan, hoe moeten we dat dan zien?

‘De laatste loodjes wegen het zwaarst.’

En dan zijn er nog salafisten die overal vrouwenrechten inperken.

‘De laatste stuiptrekkingen.’

Hoe weet u dit zo zeker?

‘In het Arabisch zeg je: misschien haat je iets, maar is het goed voor je. Deze mannen zijn onze spiegel. Ze maken ons wakker. Ze laten ons zien wat er schort aan de wereld. Het gaat er niet alleen om dat vrouwen meer macht moeten krijgen. Alles wat met vrouwelijkheid te maken heeft, moet belangrijker worden. De vrouwelijke waarden moeten aan status winnen en ook door mannen worden uitgedragen.’

En die waarden zijn…

‘Voor elkaar zorgen, empathie, solidariteit met de zwakkeren, cohesie, balans tussen werk en privé, zodat er ook tijd overblijft voor familie en vrienden. Niet alleen maar carrière, carrière, carrière, macht en geld.’

Opvallend: als dit verhaal half maart door de coronacrisis niet kan worden gepubliceerd, belt Darmoni na een paar weken op. ‘Wat bewijst deze crisis nou?’, zegt ze bijna juichend. ‘Dat de maatschappij draaiend wordt gehouden door vrouwen. Kijk wie het vitale werk doen, in de zorg, het onderwijs, de schoonmaak, maar ook thuis met de kinderen en de huishouding. Duizenden jaren zijn vrouwelijke waarden verwaarloosd en onderschat, maar eindelijk, éíndelijk kan iedereen zien hoe belangrijk ze zijn.’

Terug naar haar keuken, waar Darmoni nog één vrouwelijke waarde wil noemen: sensualiteit. ‘Daar ben ik erg aan gehecht’, zegt ze. Zo komen we op de buikdans, die ze al jaren onderwijst aan vrouwen tijdens onorthodoxe krachttrainingen, online of in haar bedrijf Feminine Capital, gevestigd in een pandje vlak bij het Centraal Station in Amsterdam. Ze spreekt consequent van de ‘godinnendans’, een vertaling uit het Arabisch, die vrouwen in aanraking zou brengen met hun ‘scheppende kracht’.

Dan springt Darmoni op om de oefening met de bekkenbodemspieren te demonstreren, die onderdeel is van de dans. Ze vertelt hoe ze het ritueel als klein kind leerde van vrouwen in haar geboorteland Tunesië en later begreep dat het een eeuwenoude traditie is. Zo’n drie- à vierduizend jaar geleden trokken vrouwen in het oude Mesopotamië zich minstens veertig dagen terug in een tempel om te buikdansen, om er lichamelijk maar vooral geestelijk sterker uit te komen.

Als extra oefening voor de spieren daarbeneden droegen ze een steen in de vorm van een ei in hun vagina. Darmoni vertelt dat ze de Mesopotamische traditie tot in detail volgt: geregeld draagt ze zelf vaginaballetjes. ‘Ik heb ze nu ook in’, zegt ze. ‘Het is tegen incontinentie, tegen verzakking en ook de kwaliteit van je orgasmen wordt beter.’

Hoe gaat u om met de seksuele energie die zo wordt opgewekt?

‘Toen ik ze jaren geleden voor het eerst gebruikte, was het echt…’ Darmoni begint te schreeuwen: ‘Waaaaaah.’ Weer kalm: ‘Ik werd bijna bang van die energie, het was overweldigend. Toen dacht ik: nu is het de kunst te doen wat mijn zusters in Mesopotamië deden. Zolang ze in hun tempels zaten, mochten ze geen seks hebben. Ze leerden de seksuele energie die ze opriepen te transformeren in een zuivere creatieve kracht.’

Wat is daar goed aan? Wat kun je met die kracht?

‘Vechten voor je rechten. Opstaan voor jezelf. Nee leren zeggen. Je mond opendoen over onrechtvaardigheid.’

Werkt dat echt zo?

‘Natuurlijk, dat heb ik zo vaak gezien. Ik heb veel leiderschapstrainingen gegeven, er zaten vrouwelijke ceo’s bij van grote multinationals. Als ze begonnen met die ballen was het eerst verschrikkelijk. Er kwam seksuele energie vrij en ze mochten geen seks hebben. Maar als het lukte, gingen ze zich na een poos aantrekkelijker voelen, ze beleefden meer vreugde aan alles en voelden zich sterker.’

Zo is dat bij u ook?

‘Yes. Veel vrouwen zijn de verbinding kwijt tussen hun hersenen en de rest van hun lichaam. Het onderste deel is alleen voor de seks en voor de rest gebruiken ze hun hoofd. Wie als vrouw sterker wil worden, moet boven en beneden verbinden en putten uit wat ons uniek maakt, de scheppende kracht die alle vrouwen hebben, ook die zonder kinderen. Dan ontstaat vrouwelijk leiderschap.’

Wie is deze vrouw, die vorig jaar in links-feministische hoek werd bekritiseerd omdat ze vóór het boerkaverbod was? Die om die reden via sociale media, in mails en gesprekken werd uitgemaakt voor ‘slaaf van de westerse cultuur’, ‘pro-Wilders’, ja, voor ‘fascist’? Darmoni begrijpt het nog steeds niet: hoezo kunnen er binnen het feminisme in Nederland niet verschillende stemmen klinken?

‘In Tunesië wordt over de boerka fel gedebatteerd, daar is de discussie in Nederland niets bij’, zegt ze. ‘Ik ben een praktiserend moslim die de patriarchale interpretatie van de islam aan de orde stelt en weigert de onderdrukking van de vrouw te accepteren – waarvan de boerka een uiting is. En tegenover wie moet ik me verdedigen? Westerse feministen. Het is van de zotte.’

Terug naar het begin, haar kindertijd in Tunesië. Het moet rond haar 7de zijn geweest toen Kaouthar Darmoni doorkreeg dat er iets niet klopte met de zeggenschap van vrouwen over hun eigen leven. Ze woonde in het Tunesische Sousse, vlak bij het strand van de Middellandse Zee. Haar vader was landbouwkundig ingenieur, haar moeder secretaresse bij het ministerie van Landbouw. Hun gezin bestond uit vier meisjes, Kaouthar was de oudste.

Ze groeide op met veel vrouwen om zich heen, haar oma’s, moeder, tantes, zussen en nichten waren vaak bij elkaar. ‘Ik zag dat de vrouwen binnenshuis de baas waren, maar buitenshuis hadden ze niets te vertellen: daar moesten ze zich netjes kleden, hadden ze geen hoge functies. En bij de mannen was het andersom: buiten schreven ze ons de wet voor, binnen waren het kleine jongetjes die braaf naar de vrouwen luisterden. Ik dacht: er is een discrepantie.’

Dat dacht u al rond uw 7de?

‘Ja, want het was vreemd. Buiten terroriseerde mijn vader ons en binnen hield hij zijn mond als zijn moeder iets tegen hem zei. Als mijn vader ons sloeg, gingen we naar zijn moeder en kreeg hij op zijn donder. Op een dag liet ze hem weten dat ze hem zou verstoten als hij zijn hand nog één keer tegen zijn vrouw ophief. Daarna heeft hij mijn moeder nooit meer geslagen. Bij ons, zijn dochters ging het nog langer door.’

Als de vrouwen binnenshuis de baas waren, waarom lieten ze zich dan slaan?

‘Ik zag vroeger zoveel geweld om me heen, daarmee oefenden de mannen hun macht uit. Ze wilden de baas spelen, maar dat zegt niet dat vrouwen zwak zijn.’

Dat is het hem juist: die vrouwen waren sterk en toch lieten ze zich slaan.

‘Zo werkt geweld, dat kan iedereen overkomen, ook in Nederland. In de islamitische wereld komt het geweld van mannen voort uit frustratie. De geslachten zijn gescheiden en kleine jongens groeien de eerste jaren van hun leven op bij de vrouwen. Er is liefde en warmte, ze wanen zich prinsjes in het paradijs en rond hun 10de worden ze eruit gegooid.’

Vrij letterlijk, toch? Het huis is het domein van de vrouwen en de mannen zijn buiten.

‘Ja, dan zijn ze ineens van het paradijs afgesneden en dat is in de islamitische cultuur een van de grootste oorzaken van de mannelijke frustratie tegenover vrouwen. Daarna komen ze in principe nooit meer met vrouwen in aanraking. Ze ontwikkelen hun mannelijkheid totaal los van vrouwen en raken het vrouwelijke in zichzelf kwijt. Daardoor is de relatie tussen de geslachten in die wereld gestoord.’

Is dit niet aan het veranderen? In de Arabische wereld zie je steeds vaker jongens en meisjes met elkaar omgaan.

‘Klopt, die verandering zie je onder millennials. Ik heb alle hoop voor de jongere generatie, die meer met gendergelijkheid is opgevoed dan de oudere.’

Op uw 17de ging u weg uit Tunesië. Waarom?

‘Ik had geen vrijheid, ik moest bij mijn ouders wonen tot ik trouwde, maagd blijven, dat verhaal. Ik ging in Parijs studeren, genderstudies aan de Sorbonne. Mijn idee was: nu kom ik in een cultuur waarin vrouwen niet hoeven te vechten, waarin ze kunnen doen wat ze willen.’

Wat trof u aan?

‘Ik was in Frankrijk vrijer, maar zag tegelijk exact dezelfde mechanismen: vrouwen die zich aan mannen aanpassen, ongelijkheid. Toen ik genaturaliseerd wilde worden, moest ik mijn voornaam veranderen, want Kaouthar was te moeilijk. Het was een grote desillusie. Ik dacht: oké, ik ga naar Amerika. In 1994 en 1995 heb ik onderzoek gedaan aan de University of California in Berkeley. Opnieuw hetzelfde verhaal: Amerikaanse vrouwen hebben minder macht dan mannen en bovendien is de pornoficatie van het vrouwenlichaam daar enorm.’

U kwam terecht in een zoektocht naar het beste land.

‘Inderdaad, ik zocht naar het beloofde land, waar gendergelijkheid heerste, waar ik mezelf kon zijn, als vrouw en als migrant. Ik ging naar Zweden.’

Scandinavische landen staan bekend om hun gendergelijkheid, maar als mannen er aardig wat drank op hebben, kunnen ze evengoed veranderen in macho’s.

‘Yes! Ik ben één keer in mijn leven bijna verkracht en dat was in Helsinki, waar ik met een uitwisselingsprogramma was. Die mannelijke studenten daar: fantastisch, super, ze gedroegen zich keurig tegenover vrouwen. Toen we ’s avonds gingen dansen en drinken, ben ik met een van hen naar buiten gegaan omdat hij wilde roken. Hij werd gewoon een beest. Voor ik het wist, pakte hij me beet en gooide me op de grond. Ik was zo bang, gelukkig had ik van mijn oma geleerd wat ik moest doen: ik gaf me zogenaamd over, waardoor hij ontspande. Toen stootte ik mijn knie in zijn ballen en ben ik weggerend.’

Wat zegt het als een man zich hyperbeschaafd gedraagt en door alcohol verandert in een beest?

‘Dat hij niet heeft geleerd hoe hij moet omgaan met vrouwelijke seksualiteit. De emancipatie in Noord-Europa is toch een beetje aseksueel geworden. Eerlijk gezegd had ik moeite met het genderneutrale in Zweden. Ik zie de schoonheid van verschil. Ik geloof dat vrouwelijkheid en mannelijkheid twee polen zijn die we allebei nodig hebben. Ze zijn als yin en yang en iedereen mag zelf weten hoeveel hij van beide wil gebruiken. Maar genderneutraliteit, waarin dat verschil verdwijnt, is saai. Dan is de sjeu van het leven weg.’

Die Zweedse mannen zijn in principe wel erg van het zorgen en het koken. Dat zou voor u toch het ideale land moeten zijn.

‘Ja, maar het komt voort uit politieke correctheid. Daar heb ik een hekel aan.’

Hoe moet het dan?

‘Een man moet zijn vrouwelijke kant ontwikkelen met behoud van zijn mannelijke identiteit, het moet organisch uit hem voortkomen.’

Een man moet zijn vrouwelijke kant ontwikkelen… Er zijn mannen die dat een doodeng concept vinden.

‘Dat komt doordat ze geen gezond idee hebben van vrouwelijkheid. Ze denken dat het betekent: zwak. Maar dat is het niet. Het betekent dat je je als man niet schaamt om te zorgen, bijvoorbeeld, maar het is niet de bedoeling dat vrouwen mannen leren wat zorgen is. Ik ben moeder van een zoon van 14 en ik zeg altijd tegen hem: ‘Je moet de waarde van zorgen inzien, maar je hoeft het niet te doen zoals ik. Jij zorgt als een man.’’

Hoe zorgt een man?

‘Als ik een weekend wegga met vriendinnen, zitten ze constant te appen en te bellen met hun mannen: ‘Hebben de kinderen gegeten? Gaan ze op tijd naar bed?’ Dan denk ik: laat het los! Laat die mannen toch op hun manier voor de kinderen zorgen, kan me niet schelen hoe, als ze maar zorgen.’

En hoe ontwikkelt een vrouw vanuit vrouwelijkheid haar mannelijkheid?

‘Ik heb dat mijn oma zien doen toen mannen in de familie mijn tante wilden uithuwelijken en zij daartegen was. Ze ging naar de huwelijksbijeenkomst met 42 mannen, ik was erbij als klein meisje. Mijn oma ging zitten, deed haar sluier omhoog en stak haar borsten vooruit. Het had niets met seksualiteit te maken, het was de oermoeder in haar die naar boven kwam. Ze zei rustig: ‘Zolang ik leef, gaat dit niet gebeuren.’ De mannen waren stil en het huwelijk ging niet door.’

Rond 2000 bent u naar Nederland gekomen. Dus dit was het ideale land?

‘Nederland was voor mij een klein land dat in veel dingen vooroploopt: homobeleid, drugsbeleid, prostitutie-, euthanasie-, abortusbeleid, de Deltawerken. Ik voelde me meteen thuis, hoewel ik al tijdens mijn inburgeringscursus ontdekte dat Nederland op de lijst van vrouwen in leidinggevende functies op nummer 27 stond, achter Botswana, Pakistan en Tunesië. Dat zei genoeg. Beschamend.’

Toch bent u gebleven.

‘Nederlanders zijn eigenwijs, creatief, avontuurlijk, open-minded. Ik hou van Nederland.’

Dit was het punt: ze besefte dat het beloofde land niet bestaat. ‘Op de ene plek is het erger dan op de andere, maar het mannelijke domineert overal. Het patriarchaat is een epidemie.’ Met dat inzicht begon ze de schoonheid te zien van de cultuur waarin ze opgroeide. ‘Want die is er ook’, zegt ze. ‘Je hebt in de islamitische wereld een spastische scheiding tussen de seksen, maar het voordeel is dat we in onze eigen vrouwen- of mannenwereld heel hecht zijn.’

Kaouthar Darmoni: ‘Ik geloof in de schoonheid van verschil. Gender­neutraliteit is saai, dan is de sjeu van het leven weg.’Beeld Aurélie Geurts

Ze herinnert zich graag de uren die ze vroeger thuis of in de hamam met alleen vrouwen doorbracht. ‘We praatten, lachten, huilden met elkaar, maar er was ook fysieke intimiteit. We masseerden elkaar, scrubden elkaar, dansten met elkaar. Het was voedend, omdat het niet alleen intellectueel was. Het was lichamelijk genot, het was genieten van andere vrouwen.’

En nee, met seks had het niets te maken. ‘Ik heb mijn oma’s kutje geëpileerd, dat betekent toch niets?’, roept ze uit. ‘Voor islamitische vrouwen is die intimiteit normaal.’ Ook in Nederland woont ze samen met vrouwen, ook al heeft ze een zoon en een latrelatie. Ze vindt dat dagelijkse contact, zusterschap, belangrijk voor zichzelf én haar zoon.

U gooit uw zoon dus niet het huis uit.

Lachend: ‘Nee, zeg. Hij blijft in het paradijs.’

Hoe is intussen de verhouding met uw ouders?

‘Met mijn moeder goed, met mijn vader minder. Hij kan niet accepteren dat ik met een Nederlandse man ben en dat ik mijn eigen interpretatie heb van de islam. Hij heeft de salafistische weg gekozen. Ik gebruik vaak een tekst uit de Koran over tolerantie tegen hem: jij hebt jouw geloof, ik heb mijn geloof.’

En dan is hij stil?

‘Yes.’

Nog even over Nederland: wat merken we hier van het patriarchaat?

‘We hebben geen goed genderbeleid, waarin meestal de positie van de vrouw wordt geregeld. Atria moedigt de Nederlandse overheid aan mee te doen aan een Europees project om het Zweedse model te volgen, want op het gebied van wetten heeft Zweden het feminisme goed voor elkaar. Het zou betekenen dat alle Nederlandse ministeries genderbeleid ontwikkelen. Tot nu toe heeft alleen het ministerie van Onderwijs dat. De overheid moet het voorbeeld geven voor andere sectoren.’

U zei net dat Nederland vooroploopt in veel zaken, waarom doen we dat dan niet in genderbeleid?

‘Vrouw-zijn is in Nederland geen serieuze zaak. Vrouwen mogen niet zichzelf zijn. Ze ontwikkelen daardoor hun vrouwelijkheid niet goed, het is alsof ze op één been lopen. Mannelijkheid is voor Nederlandse vrouwen de norm. Als vrouw moet je bijna een man zijn om serieus genomen te worden.’

U bedoelt: je moet als vrouw niet in het openbaar huilen en als je boos wordt vooral niet gaan schreeuwen?

‘Precies. Gedraag je als een man. Kleed je als een man. Denk als een man. Als je bent bevallen, ga na drie maanden met lekkende borsten terug naar je werk en ga kolven op het toilet. Ik heb het ook gedaan na de bevalling van mijn zoon, mijn zus in Tunesië zei: ‘Is dit vrouwenemancipatie of vrouwenvernedering?’ In Nederland is geen respect voor moederschap.’

Er zijn toch crèches en naschoolse opvang?

‘Maar tóch wordt de waarde van de vrouw niet gezien, dat merk je in alle debatten over werkende vrouwen die kinderen krijgen. Het wordt gezien als lastig, als geregel. Maar moederschap is wat jij schenkt aan de maatschappij, jij geeft kinderen aan de wereld. Daarvoor hoor je met respect te worden behandeld, dat mis ik in de Nederlandse cultuur.’ Fel: ‘Er is no fucking respect voor ons. Ik kan er boos om worden.’

Hoe moet het anders?

‘Daar is nou genderbeleid voor, waarin wordt vastgelegd hoe de vrouw haar carrière kan combineren met moederschap. Het kan best samengaan.’

Dat patriarchaat, is dat in de islamitische wereld niet veel erger dan hier?

‘De vrouw wordt daar onderdrukt, maar niet alleen daar. De kern van het verhaal is dat het patriarchaat religie misbruikt voor vrouwenonderdrukking, met als doel controle over vrouwen. Dat is in het christendom minder geworden door de opkomst van het westerse feminisme in de vorige eeuw, maar in de islam bestaat het nog steeds.’

Waar zijn mannen die vrouwen onderdrukken bang voor?

‘Wij hebben de bron van het leven en mannen willen altijd terug naar de bron, pech, kunnen we niets aan doen’, zegt ze met een klaterende lach. ‘Serieus, ze kunnen onze seksuele kracht niet weerstaan. Daarom wordt in de islam de vrouwelijke seksualiteit als superieur gezien. Zij is actief, hij is passief.’

In de Koran staat ook dat vrouwen als akkers zijn die mannen mogen bewerken wanneer ze willen. Dat is een heel andere visie.

Ze springt op en loopt door de keuken. ‘Ik volg de feministische interpretatie van de Koran. De aarde benader je met liefde, hè? Vóór die vrucht draagt, moet je hard werken, onkruid wieden, er moet water komen, zonlicht, je moet van álles doen. Er moet voorspel zijn, dat is wat daar staat.’

Westerse feministen krijgen vaak het verwijt dat ze geen oog hebben voor misstanden in de islamitische wereld. Wat vindt u daarvan?

‘Daar ben ik het mee eens. Sommige westerse feministen offeren onderdrukte moslimvrouwen op aan hun angst dat ze postkoloniaal, racistisch of paternalistisch zijn. Of ze zijn bang dat hun kritiek op de islam door extreemrechts wordt misbruikt. Daarmee vergeten ze wat hun doel zou moeten zijn: gendergelijkheid en emancipatie. Voor miljoenen vrouwen in de wereld is de boerka een verplichting. Ik weiger daarover mijn mond te houden.’

Aan de andere kant zijn er westerlingen die denken dat in de islamitische wereld geen feminisme bestaat, dat er alleen maar zielige, onderdrukte vrouwen wonen. Wat zegt u tegen hen?

‘Er is in de islamitische cultuur schoonheid, die je kunt zien als je wilt. Maar als je overtuigd bent van je eigen westerse superioriteit, zie je niets. Er zijn veel activistische vrouwen in de Arabische wereld. Zoals ik zei: in Tunesië zijn de discussies feller dan hier.’

U brengt bij Atria een nieuw geluid mee.

‘Ik breng letterlijk een andere kleur mee, een andere cultuur, een andere manier van emanciperen. Ik zorg voor verschil, dat maakt alles mooier’, zegt ze opgewekt.

Over dat verschil in aanpak zei de Marokkaanse schrijfster Fatima Mernissi: westerse feministen voeren hun strijd zonder de mannen, islamitische feministen mét. Darmoni heeft het zelf gemerkt, nog voor ze op haar 17de uit Tunesië vertrok. Op feministische bijeenkomsten werden altijd mannen uitgenodigd, bewust. ‘Dat is onze methode. We gaan daardoor langzamer vooruit, maar het voordeel is dat die mannen achter ons staan.’

Ook op dit gebied wees haar grootmoeder haar de weg, want zo gaat dat in Tunesië, zegt Darmoni. ‘We geven als vrouwen van generatie op generatie de lessen uit het verleden door.’ En als ze dan met een heleboel vrouwen bij elkaar zaten te klagen over hun mannen, zei oma: ‘Het klopt dat ze ons vaak slecht behandelen, maar zo hebben we ze zelf gemaakt. Wij hebben onze zonen niet goed opgevoed.’

De man is niet de vijand, was de boodschap van haar grootmoeder. Darmoni: ‘De vijand is het systeem waarin mannelijkheid meer status heeft dan vrouwelijkheid. Daarom moet iederéén nu de vrouwelijke waarden omarmen. Als dat gebeurt, zijn mannen niet langer bang voor vrouwen. Dan leren ze zich te verhouden tot de vrouwelijke kracht.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden