Het Eeuwige LevenHerman Verstappen (1925-2020)

De laatste Nederlandse ontdekkingsreiziger

Hij was betrokken bij ‘het laatste koloniale avontuur’ in Nieuw-Guinea. Geomorfoloog Herman Verstappen wilde het onbekende in kaart brengen.

Herman Verstappen

Van een ontdekkingsreiziger en wetenschapper, die zoals op zijn rouwkaart stond vermeld, de wereld als zijn vaderland zag, zou het niet worden verwacht. Maar Herman Verstappen keek op 20 juli 1969 met gekromde tenen naar de televisie-uitzending van de maanlanding. De geomorfoloog vond het pure geldverspilling. Er was nog genoeg te doen op moeder aarde.

Tien jaar jaar eerder maakte Verstappen deel uit van een expeditie die een van de laatste witte vlekken op de wereld in kaart moest brengen: een onherbergzaam gebied in de binnenlanden van Nederlands Nieuw-Guinea. Behalve een half dozijn wetenschappers maakten twintig mariniers, twee artsen, drie lokale ambtenaren en een commissaris van politie deel uit van het team. Als dragers waren zo’n dertig Papoea’s ingehuurd.

Betaalmiddelen waren kralen, knopen en veiligheidsspelden die bestemd waren als oorhangers.

Veel zat tegen. Zo verongelukte een helikopter en moest de expeditie financieel worden gered door een schenking van twee ton door scheepsbouwer Cornelis Verolme. Verstappen maakte als ervaren alpinist naam door in het Sterrengebergte de besneeuwde Julianatop te beklimmen en daar de Nederlandse vlag te planten.

In 2006 werd in een uitzending van Andere Tijden op de expeditie teruggekeken als het laatste koloniale avontuur. In 1962 zou Nederland Nieuw-Guinea verliezen. Herman Verstappen overleed op 14 september in zijn woonplaats Enschede. In Zwerftocht door de wereld in beweging beschreef hij zijn avonturen, in Piekeransjes (de Indische term voor overpeinzingen) deelde hij zijn gedachten.

Herman was zoon van een Haagse PTT-ambtenaar. ‘Al vroeg zwierf papa – een slim en nieuwsgierig stadsjochie – door de duinen en over het strand. Daar begon zijn fascinatie voor de natuur en de geomorfologie. Midden in de duinen lag tot zijn verbazing een plak veen, een wandelaar vertelde hem hoe dat kon’, vertelt zijn dochter Chandra.

Na de HBS ging hij op zijn 16de fysische geografie met als specialisatie geomorfologie studeren aan de Universiteit van Utrecht. De oorlog gooide roet in het eten, waardoor hij pas na de oorlog kon afstuderen. Nadat hij met een knapzak liftend door Europa was getrokken, vond hij in Jakarta een baan bij het Geografisch Instituut van de Topografische Dienst. In 1953 promoveerde hij op een onderzoek naar de veranderingen van de kustlijn van de Baai van Jakarta en de erin gelegen koraaleilanden.

In 1957 trad hij in dienst bij het ITC, het internationaal luchtcarteringsinstituut, dat later werd ondergebracht bij de Universiteit Twente. Zes jaar later werd hij hoogleraar en trouwde hij. Er kwamen drie kinderen, maar een huisje-boompje-beestjeleven deed niets af aan zijn globetrottersbestaan.

Hij reisde naar alle continenten en was betrokken bij de oprichting van de Geologische Faculteit aan de GadjaMada Universiteit van Yogya. Tegen zijn kinderen zei hij: ‘Ik heb drie kantoren. Thuis, op het ITC en op een terras aan de Grote Markt met een halve liter Grolsch.’

Ook na zijn emeritaat in 1989 bleef hij actief. Hij zette zijn expertise in om de gevolgen van natuurrampen voor bewoners van risico-gebieden te beperken. Hij begeleidde promovendi, richtte de Internationale Associatie van Geomorfologen op en was lid van de Academia Europaea.

In februari verscheen nog een bericht op Facebook, een soort noodkreet, die aan hem was gericht: ‘Please Professor Verstappen, we need your expert advice on annual flooding in Jakarta!’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden