Lust & Liefde Corine Koole

De grote liefde zou dan misschien nooit binnen mijn bereik liggen, het verlangen ernaar wel

Beeld Sasa Ostoja

Toen Bettina (44) een man uit Ivoorkust ontmoette, herkende ze zijn angst.

‘Toen ik 17 was ontmoette ik een man uit Ivoorkust. Hij woonde nog maar kort in het studentenhuis van mijn broer en hij zag eruit of hij maar niet kon besluiten of hij zijn nieuwe omgeving kon vertrouwen of niet. Aan tafel keek hij schichtig om zich heen, zijn ogen schoten alle kanten op. De angst in zijn blik was dan misschien niet dezelfde als mijn angst, die had een andere intensiteit en een andere oorzaak, maar er waren genoeg overeenkomsten om me tot hem aangetrokken te voelen. Er was als ik naar hem keek iets ambivalents aan de hand: ik kon hem niet peilen en tegelijkertijd begreep ik hem beter dan wie dan ook. In de maanden die volgden trokken we vaak met elkaar op, soms met mijn broer en zijn vrienden, soms met zijn tweeën. Ik nodigde hem uit voor carnaval. Ik trok een boerenkiel aan, hij zei: ik hoef me niet te verkleden, ik ben al vermomd. Naar zijn pijn vroeg ik nooit, ik wist dat hij vanuit Nederland meestreed met een vrijheidsbeweging en behoorde tot een bevolkingsgroep die vervolgd werd. Daar moest ik het mee doen. Andersom vroeg hij ook niet naar mijn pijn, al moet die van mijn gezicht af te scheppen zijn geweest. Al sinds mijn vroege jeugd leed ik aan paniekaanvallen. Die waren begonnen toen ik tijdens het hardop Bijbellezen, zoals bij ons in het gezin de gewoonte was, duizelig werd, begon te stotteren en niet verder durfde. Iedereen aan tafel begon te gniffelen en maakte grapjes: een onschuldig incident dat door de reactie van mijn moeder uitgroeide tot een drama. Want toen het nog eens gebeurde en nog eens en ik huilend om hulp voor haar stond, kon zij alleen maar schreeuwen. ‘Jou mankeert niks, met jou is er werkelijk niets aan de hand!’ Zelf kreeg mijn moeder een ernstige angststoornis toen ik een jaar of 7 was en dat haar jonge dochter hetzelfde zou overkomen, was, denk ik achteraf, haar grootste vrees. Maar hoe kon ik dat weten? Ik voelde alleen afwijzing.

Natuurlijk werd ik smoorverliefd op de ontheemde man uit Ivoorkust met het prachtige lange lichaam, de fijne trekken. Ik wilde hem niet helpen, ik wilde hem leren kennen. Was het liefde? Of alleen de herkenning van gekwetst zijn? En hebben die twee eigenlijk iets gemeen? Niet voor niets geldt ‘gezien willen worden’ als belangrijk motief voor grote liefde. Misschien dacht ik mezelf te kunnen begrijpen wanneer ik hem begreep. Zo maakte hij zich al snel onmisbaar. Maar voor een goed werkende liefde is méér nodig, geestelijke balans bijvoorbeeld en de bereidheid jezelf te delen met de ander. Hijzelf zag dat het allerbest en na een tijdje zei hij: het wordt niets tussen ons, je kunt maar beter iemand anders gaan zoeken. Niet eens geschokt of extreem verdrietig deed ik wat hij vroeg, maar hem loslaten kon ik niet. In zijn woorden probeerde ik geen ‘verbreken van alle contact’ te horen, maar een voorstel om onze verhouding op een andere manier voort te zetten. Ik had hem zo nodig. Hij was als het ware de verbinding met mezelf, en op die manier bood hij mij iets wat alle lieve, ongecompliceerde mannen ter wereld mij met al hun goedbedoelde empathie nooit zouden kunnen geven. Ik bleef achter hem aanlopen en hem ontmoeten, ook toen ik mijn latere echtgenoot tegenkwam. Die had geen enkel trauma, hij geloofde blijmoedig en zonder ook maar een enkel voorbehoud in een toekomst met mij. Ik ben met hem getrouwd, aanvankelijk zonder van hem te houden. Intuïtief begreep ik dat de houvast die hij bood precies was wat ik nodig had om me staande te houden. De gehechtheid zou vanzelf wel komen, dacht ik. Want de andere optie, alleen blijven en geduldig wachten op de écht grote liefde, beschouwde ik als een luxe die alleen de ongekwetsten zich konden permitteren.

Wat ik hoopte, gebeurde: door mijn man kreeg ik weer vertrouwen in mezelf en toen we een kind kregen, verloor ik mijn Afrikaan langzamerhand uit het oog. Toch rammelde er van alles aan mijn huwelijk. Ik had vaak het gevoel dat er slimmere mannen moesten zijn dan hij, mannen die aantrekkelijker waren – wat me er overigens niet van weerhield van hem te gaan houden. Het beschadigde meisje waar de man uit Ivoorkust zo troostrijk dichtbij was bijgekomen, zag mijn echtgenoot niet, maar diens rust maakte voor mij het omgaan met haar veel draaglijker. En ik ontdekte nog iets: de grote liefde zou dan misschien nooit binnen mijn bereik liggen, maar het verlangen ernaar wel. Ik keek romantische films, luisterde naar liefdesliedjes en probeerde me in te beelden hoe het zou zijn als je iemand hebt in wie je helemaal kunt opgaan. Pas nog, bijvoorbeeld, zag ik The Notebook. Zoals die twee alleen oog hebben voor elkaar, ik wilde dat ik een van hen was. Verlangen werd een veilig motto, een vluchtoord. Memories bleef al die tijd mijn favoriete tv-programma. Ik stelde me voor hoe het zou zijn als ik daar stond en mijn Afrikaan en ik elkaar na jaren weer zouden zien.

Het was mijn lieve man die in stilte alles uiteindelijk beter begreep dan ik vermoedde. Vorig jaar opperde hij dat ik die man uit Ivoorkust eens moest traceren. ‘Hij heeft zoveel voor je betekend’, zei hij. En zowaar, na wat speurwerk vond ik hem. Hij was niet teruggegaan naar Ivoorkust, zoals ik altijd had verwacht, maar woonde gewoon om de hoek van mijn werk. Ik vond hem nauwelijks veranderd. De nieuwe ontmoeting was er opnieuw een vol herkenning en sindsdien zien we elkaar maandelijks, maar een bedreiging voor mijn huwelijk is hij niet. De Afrikaan is nog steeds de enige met wie ik mijn kern deel, de eeuwige angst en ontheemdheid, na vijftien jaar begin ik eindelijk te ontdekken dat je niet alles hoeft te delen met degene van wie je houdt. Het kalme geluk dat ik bij mijn echtgenoot vind, is me veel waard.’

Op verzoek van de geïnterviewde is de naam Bettina gefingeerd. Ook geïnterviewd worden? Iedereen wordt uitgenodigd te reageren, nadrukkelijk ook mensen met een niet-Nederlandse achtergrond. Mail een korte toelichting naar lust@volkskrant.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.