achtergrond

De boze witte man wil zijn mannelijkheid terug

De witte jongeman verkeert in crisis en is boos op de ‘vijanden’ van mannelijkheid: feministen en hun handlangers. De Canadese psycholoog Jordan Peterson is wereldwijd hun belangrijkste pleitbezorger. Deze week verscheen de Nederlandse vertaling van zijn bestseller.  De Volkskrant sprak met voor- en tegenstanders over Petersons idee van mannelijkheid. 

Jordan Peterson Beeld Pauline Niks

Jesper Jansen leunt voorover aan het keukentafeltje in zijn studentenkamer in Arnhem. ‘Weten jullie wanneer vrouwen actief kiesrecht kregen?’ De 27-jarige filosofiestudent, die zichzelf ‘antifeministisch’ noemt, heeft voortdurend weetjes paraat die zijn betoog moeten ondersteunen. ‘In 1919’, doceert hij. ‘En weten jullie wanneer mannen het algemeen kiesrecht kregen?’ Pauze. ‘In 1917.’ Jansen wil maar zeggen: op scholen wordt nog steeds maar het halve verhaal verteld over de achterstelling van vrouwen ten opzichte van mannen, want dat laatste jaartal blijft volgens hem in de klaslokalen onvermeld.

‘We lopen al 150 jaar lang negatief te doen over mannen’, zegt Jansen, terwijl hij heet water op de filterkoffie giet. In de hoek staat een drumstel omringd door gitaren, rechts een kastje met flessen sterke drank. Alleen een rood leren jasje aan de kapstok verraadt dat hij een vriendin heeft – ze studeert ook filosofie en woont in hetzelfde pand.

Jansen, actief lid van Forum voor Democratie, draagt de titel ‘boze blanke man’ als geuzennaam. Hij schreef epistels op het weblog The Post Online over het glazen plafond (waarom het terecht is dat vrouwen minder verdienen dan mannen), en tegen ‘gendernazi’s’ (die genderneutraal beleid afdwingen). Overal in zijn kamer wankelen stapels boeken. De Goelag Archipel van Aleksandr Solzjenitsyn, Siddhartha van Hermann Hesse en De ondergang van het Avondland van Oswald Spengler springen in het oog. Zo nu en dan verricht hij redactiewerk voor uitgeverij De Blauwe Tijger in ruil voor boeken. Onlangs werkte hij mee aan de bundel Cultuurmarxisme – een term waarmee critici bepaalde onderdelen van de linkse politieke agenda aanduiden – van de Leidse hoogleraar Paul Cliteur en directeur Perry Pierik van uitgeverij Aspekt.

Jesper door No Candy Beeld No Candy

Jansen had ook dolgraag het boek 12 Rules for Life: an Antidote to Chaos van klinisch psycholoog Jordan Peterson willen vertalen. Hij is misschien wel de grootste fan van de 55-jarige Canadese hoogleraar in Nederland. Maar sinds Peterson de bestsellerlijsten in de Verenigde Staten, Engeland, Canada en Australië aanvoert, weet de filosofiestudent dat dit te hoog is gegrepen. Deze week verschijnt 12 regels voor het leven: een remedie tegen chaos in een ‘flinke oplage’, aldus uitgeverij Prometheus. Het boek combineert elementen uit het zelfhulpgenre (‘Sta rechtop, met je schouders naar achteren’) met filosofische overpeinzingen over de louterende werking van lijden, discipline en moed.

Peterson, die zich fel verzet tegen politieke correctheid, postmodernisme, identiteitspolitiek en doorgeslagen feminisme, spreekt met zijn werk vooral witte jongemannen aan die weer trots en mannelijk in het leven willen staan. Zijn publiek loopt inmiddels in de miljoenen, mede – of misschien wel vooral – dankzij zijn veelbekeken YouTube-colleges. Een bereik dat hem, aldus The New York Times-columnist David Brooks, tot ‘de meest invloedrijke publieke intellectueel in het Westen’ maakt. ‘Jonge mannen voelen zich het minst aangemoedigd of gewaardeerd, dus die komen af op een bemoedigende vaderfiguur’, verklaart Jansen het succes van Peterson.

Dat Peterson ook in Nederland een aanzienlijke mannelijke schare fans heeft, was afgelopen januari al duidelijk bij het nieuwrechtse evenement De Nederlandse Leeuw dat in Rijswijk een ‘nationale brainstormsessie’ over immigratie en integratie hield. Peterson was de absolute publiekstrekker en ontving een staande ovatie van de tweeduizend bezoekers, van wie 83 procent man, volgens cijfers van De Nederlandse Leeuw, en minstens eenderde FvD-stemmer. Jansen, die er ook was, ziet veel raakvlakken tussen de FvD-achterban en de Peterson-fans. Hij somt op: ‘Geloof in de natiestaat, waardering voor traditie en geschiedenis, het eerbiedigen van helden en het gevoel hebben dat je  vanuit de underdogpositie je mening verkondigt’.

De filosofiestudent was een van de ‘gelukkigen’ die backstage mocht. Hij komt nog steeds woorden te kort om de ontmoeting met zijn intellectuele held te beschrijven. ‘Ik was starstruck.’

Cultuuroorlog

De Volkskrant sprak de afgelopen weken met Nederlandse voor- en tegenstanders van Peterson, die momenteel geldt als de belangrijkste pleitbezorger van de jonge, witte man in crisis. Zij zijn het erover eens dat de Canadese hoogleraar een reëel probleem heeft aangestipt: mannen delven in toenemende mate het onderspit, hun schoolprestaties hollen achteruit, op de arbeidsmarkt komen ze steeds moeilijker mee – het gevolg is statusverlies. Maar biedt hij ook de juiste oplossing voor dit ‘mannenprobleem’?

Nog maar anderhalf jaar geleden was Peterson een volstrekt obscure academicus. Dat veranderde drastisch toen hij zich eind 2016 via zijn eigen YouTube-kanaal ging bemoeien met discussies over genderneutrale aanspreekvormen en politieke correctheid op universiteiten. Peterson, die studie had gemaakt van de verschrikkingen van het communisme, voer in zijn vlogs uit tegen zogeheten social justice warriors (sjw’s), een scheldnaam voor ‘verbeten’ linkse activisten die met hun doorgeslagen feminisme, genderneutraliteitsgedram en wittemannenprivilege-beschuldigingen het politiek en cultureel discours zouden domineren. Peterson werd meteen een internethit.

Wereldwijd woedt sinds een jaar of vijf online en offline een hevige cultuuroorlog, waarbij een internationaal cohort van witte jongemannen slag levert met sjw’s. Peterson is op de golven van deze richtingenstrijd boven komen drijven als hun leidsman. Al sprak de Volkskrant ook enkele fans die hem vooral waarderen vanwege de apolitieke kanten van zijn filosofische analyses en niets moeten hebben van zijn kruistochten tegen sjw’s en feministen.

Jesper door No Candy Beeld No Candy

In Engelstalige media is Petersons werk al maanden onderwerp van verhit debat. Critici, zoals de invloedrijke Indiase schrijver Pankaj Mishra, beschouwen hem als een ophitser die bij jonge witte mannen het rancuneuze idee voedt dat ze zijn voorbijgestreefd door vrouwen en etnische minderheden. Peterson zou hierdoor de geesten van jonge witte mannen rijp maken voor vrouwen- en minderhedenhaat. Onzin, werpen Peterson en zijn achterban tegen. Met zijn boodschap van ‘clean up your room’ – samengevat: werk eerst aan jezelf voordat je anderen de les probeert te lezen – zou hij jongemannen juist behoeden voor ressentiment jegens anderen.

De linkse ‘dwaalleer’ waar Peterson het graag tegen opneemt, is het feminisme. Dat zou uit naam van gelijkheid mannen kort willen houden en onveranderlijke biologische sekseverschillen negeren. In media is Peterson vaak tot tranen toe geroerd over het erbarmelijke lot van deze jongemannen die geen mannen meer durven te zijn. Minder te spreken is hij over de mannen die zichzelf handlangers van het feminisme noemen, waarbij vooral de progressieve Canadese premier Justin Trudeau het moet ontgelden. ‘Sneaky’, noemt Peterson ze. Om een wit voetje te halen bij het feminisme en om maatschappelijk vooruit te komen, zouden ze welbewust de natuurlijke verschillen tussen mannen en vrouwen negeren.

Schrijver Philip Huff kreeg soortgelijke beschuldigingen naar zijn hoofd geslingerd toen NRC begin deze maand zijn essay Man, sta je privileges af publiceerde, waarin hij kritiek levert op het immens populaire maar ook ‘vrouwonvriendelijke wereldbeeld’ van Peterson. Het stokpaardje van de psycholoog – ‘de natuur is ongelijk, dus de maatschappij ook’ – zou volgens Huff bij Peterson vooral ten koste gaan van vrouwen.

‘Ik heb wel vaker een stuk in de krant, maar nog nooit kreeg ik zoveel persoonlijke, pinnige reacties als op dit stuk’, zegt Huff. ‘Veel mannen reageerden zo van: flikker op met je gepraat over privileges. De positie van de man staat onder druk, en Peterson heeft een mannenzelfhulpboek geschreven, want daar is behoefte aan. Dat snap ik, en die uitgangspositie is ook goed. Waar ik moeite mee heb, is het ‘biologische’ verhaal dat Peterson houdt, dat mannen ervoor moeten zorgen dat ze weer de grootste gorilla worden. Dat opent de poorten voor de onderdrukking van anderen.’

Jesper door No Candy Beeld No Candy

Ook bij Jesper Jansen leidt de naam Phillip Huff tot een golf van misprijzen. ‘Wat een loser, wat een pathetisch ‘kijk mij eens zien deugen’ stuk onderkruipsel.’ Hij noemt de ‘ruggegraatloze’ Huff een ‘cuck’, al houdt hij  naar eigen zeggen niet van dit alt-right-scheldwoord voor een zwakke, feminiene man. Het irriteert Jansen vooral dat Huff ‘namens vrouwen spreekt, die daar helemaal niet om gevraagd hebben’.  

Jansen neemt geen blad voor de mond en stelt: ‘Ik sta achter alles wat ik zeg.’ In een radiodebat met de feministen Heleen Mees en Anne Fleur Dekker over seksisme raakten de gemoederen vorig jaar zo verhit dat Mees uit protest opstapte en een luisteraar zich afvroeg of Jansen lijdt aan vrouwenhaat. Een absurde beschuldiging, vindt Jansen. ‘Ik heb een moeder, ik heb een vriendin, natuurlijk heb ik niets tegen vrouwen! Ik heb wel iets tegen de feministische ideologie.’

Net als meer van zijn generatiegenoten groeide Jansen op met een feministische moeder – zijn ouders waren gescheiden. ‘Het feit dat ik een jongen was, heb ik  niet als iets positiefs ervaren’, vertelt Jansen. ‘Mijn moeder vertelde feministische verhalen, hoe moeilijk het is voor vrouwen, hoe je als vrouw niets te zeggen hebt. Eenzijdige verhalen die, toen ik het ging onderzoeken, niet bleken te kloppen.’ Zijn moeder vindt het niet leuk dat hij zich als antifeminist profileert, zegt hij. Tegelijkertijd eert hij geheel in lijn van Peterson de ‘heldenrol’ die moeders vervullen vanwege hun natuurlijke vermogen om kinderen te baren.

Gecastreerd

‘Jongens voelen zich gecastreerd’, zegt psychiater Frank Koerselman gedecideerd op de eerste verdieping van zijn monumentale pand in Weesp, een oude jeneverstokerij. De emeritus hoogleraar signaleerde de onvrede onder jongemannen al in zijn boek Wie wij zijn uit 2017. Het fanatieke gelijkheidsdenken is volgens Koerselman gedoemd te mislukken, omdat mannen en vrouwen nu eenmaal verschillend zijn. De psychiater noemt een voorbeeld. ‘Mannen willen domineren. Zodra de verhoudingen 50-50 zijn in een beroepsgroep, vertrekken de mannen. Dat zie je bij de studie geneeskunde, dat zie je bij de rechterlijke macht.’

Nog een voorbeeld: ‘Als we een vrouwenquotum invoeren, waarom dan ook niet bij putjesscheppen, of bij de vuilnis? Dat vrouwenquotum gaat alleen over de leuke banen.’ Nog een dan: ‘Wat deden we als het schip zonk? Vrouwen en kinderen mochten het als eerste verlaten, dan de mannen, dan de kapitein. Maar nu slaat iedereen elkaar de kop in.’

Frank Koerselman Beeld Volkskrant/Joost van den Broek

Onderwijl krijgen jongens te horen dat ze te druk zijn, belanden ze op het vmbo en zien ze hun zusjes doorstoten naar de universiteit. Voor hen is het alsof iedere moderne vrouw een assertiviteitstraining heeft gehad, die haar ‘in een bitch’ heeft veranderd, stelt de psychiater. 

Dus ja, zegt Koerselman, kijkend over de rivier de Vecht vanuit zijn klassiek ingerichte werkkamer, hij begrijpt heel goed waarom jonge mannen op zoek zijn naar hun mannelijkheid. ‘We hebben het patriarchaat afgeschaft, de vader is geen voorbeeld meer. Maar als mannen hun gezag verliezen, nemen ze geen verantwoordelijkheid meer. Dan zoeken ze hun toevlucht tot elkaar, tot criminaliteit, tot alt-right.’ Hij ziet een tegenbeweging opkomen die ‘de sterke man’ omarmt. Daaruit is volgens hem ook de populariteit van masculiene leiders als Poetin in nieuwrechtse kringen te verklaren.

Manosphere

In de VS is de afkeer van feminisme al langer bezig aan een opmars. Internet kent daarin een rijke traditie die in zijn meer georganiseerde vorm ook wel bekendstaat als de ‘manosphere’. Een onlineverzamelnaam voor sites, blogs en fora voor versiercoaches en men’s rights activists (MRA), die strijden voor gelijke juridische berechting van mannen in scheidings- en voogdijzaken. In dit mannendomein leeft het idee dat de man juridisch, economisch en op de liefdesmarkt wordt gedwarsboomd door het feminisme.

Een aantal onderdelen van deze manosphere zijn later deel gaan uitmaken van alt-right, een los-vastverband van extreem-rechtse internetters. De versiercoaches, ook wel ‘pick up artists’ genoemd, zijn mettertijd steeds radicaler geworden, zegt cultureel-antropoloog Jitse Schuurmans, die tussen 2008 en 2015 onderzoek verrichtte naar deze scene. De term ‘red pill’ – vernoemd naar het rode pilletje uit de film The Matrix waardoor je ontwaakt en ‘de waarheid’ ziet – werd in deze kringen al volop gebezigd voordat het een begrip werd in alt-right. ‘De ‘waarheid’ is in hun geval dat de echte man in de huidige maatschappij in toom wordt gehouden en dat je daaraan moet proberen te ontsnappen’, zegt Schuurmans.

Een van de bekendste pick up artists is de Amerikaan Julien Blanc, die online en in afgeladen zalen wereldwijd cursussen geeft aan mannen hoe ze zo snel mogelijk vrouwen het bed in kunnen manipuleren. Hij leert ze een ‘alfaman’ te zijn, deed uitspraken als ‘duw gewoon haar hoofd op je pik’ en ‘zorg dat ze zich schuldig voelt, verneder haar, beschouw haar als je bediende’. Nadat er in verschillende landen protest was uitgebroken tegen Blancs verkapte aanrandingstips – Australië ontzegde hem de toegang – raakte hij in 2014 ook in Nederland in opspraak toen zijn bedrijf in Amsterdam een bootcamp zou geven.

Julien Blanc Beeld YouTube

Thierry Baudet, die dit alles naar eigen zeggen intensief had gevolgd voor zijn roman Onvoorwaardelijke Liefde, nam het destijds in talkshow DWDD onomwonden voor hem op. Julien Blanc was een ‘held’, hij zou mannen vooral zelfvertrouwen bijbrengen, zijn omstreden uitspraken moeten vooral worden gezien als ‘kleedkamerpraat’ van mannen. Het artikel op The Post Online ter verdediging van Blanc waarin Baudet schreef dat vrouwen ‘helemaal niet willen dat je hun nee, hun weerstand respecteert’ wordt, nu hij FvD-voorman is, nog vaak aangehaald om het verwijt dat hij seksistisch is te onderbouwen. Baudet schreef ook: ‘Jongemannen kunnen bij de pakken neer gaan zitten; berusten in hun nederlaag, abonnee worden van allerlei troostbiedende pornosites en afwachten tot de biologische klok de machtsverhoudingen eindelijk doet keren. Of ze kunnen besluiten het heft in eigen hand te nemen en zich een tweede – brute, mannelijke – natuur aan te meten.’

Een beweging die een andere afslag heeft genomen binnen de manosphere wordt de ‘sexodus’ genoemd. Deze mannen geven vrouwen de schuld van alles en willen letterlijk niets meer met hen te maken hebben. Voor seksueel contact wenden ze zich tot de seksrobot – of elkaar.

Incel

Vlak voordat hij met een bestelwagen tien voetgangers doodde en vijftien andere verwondde, schreef de Canadees Alek Minassian op zijn Facebook-pagina dat de 'incelrevolutie' is begonnen. 'Incel' staat voor involuntarily celibate en vormt een onderdeel van de manosphere - een internetgemeenschap van voornamelijk boze jonge mannen die in meer of mindere mate een diepe haat koesteren jegens vrouwen en het feminisme in het bijzonder. 

Mannelijkheidscoach

Dat soort extremen komt Peterson-fan Tom Gorny van Masterflirt – het bedrijf traint mannen in hun ‘persoonlijke groei’ en succes met vrouwen – in Nederland niet tegen. De 35-jarige Gorny heeft niets op met Blanc-achtige versiergoeroes, vertelt hij vanuit zijn dijkhuis in Bergambacht, waar hij met zijn vriendin en dochtertje woont. Wel ziet Gorny een scheefgroei op de datingmarkt, maar dat kan hij met behulp van Petersons evolutionaire psychologie heel goed verklaren. ‘In het datingcircuit is er een overvloed aan zaadcellen en een tekort aan eicellen’, zegt Gorny, terwijl hij zijn waakse witte herder liefkozend tot de orde roept.

 Daar komt bij dat de vrouw ‘hypergamisch’ is: zij neigt naar een man die een hogere maatschappelijke status heeft dan zijzelf. Wederom evolutionair heel verklaarbaar, weet de ‘mannelijkheidscoach’, omdat zij zoekt naar een man die haar en haar kinderen in alle opzichten zekerheid kan bieden. Gorny lepelt nog wat cijfers op, ‘Vrouwen vinden 85 procent van de mannen ondergemiddeld aantrekkelijk, terwijl mannen 50 procent van de vrouwen wel bovengemiddeld aantrekkelijk vinden.’

Met andere woorden: veel mannen komen niet eens aan voortplanten toe. Gorny: ‘Dat voelt oneerlijk en roept weerstand op, maar dan zegt Peterson: wat is je volgende stap? Hij biedt reële levenslessen.’

In een café in Arnhem schetst filosoof Sid Lukkassen, die hard aan de weg timmert als nieuwrechtse denker, een veel pessimistischer beeld. Net als Peterson vindt Lukkassen (30), die onlangs bij zijn vriendin in Brussel introk, het gelijkheidsdenken een sociale constructie. In zijn boek Avondland en Identiteit wil hij het debat aanzwengelen over een volgens hem groot taboe: de groeiende seksuele ongelijkheid in de West-Europese samenleving. Enerzijds maken hoogopgeleide vrouwen steeds meer deel uit van  de bovenbouw. ‘Zij gaan over de vorming van de jeugd, kunnen jongens zich daar nog in herkennen?’, vraagt Lukkassen retorisch. Daarnaast willen deze vrouwen niet downdaten, maar ‘ze willen ook geen saaie accountant, ze wil een ervaring’.

Sid Lukkassen Beeld Theo Kock

Het beeld, zegt Lukkassen nippend van zijn appelsap, ‘is dat de vrouw wispelturig en veeleisend is’. De doorsnee loodgieter of metselaar kan er niet mee uit de voeten en zal steeds vaker een traditionele vrouw uit Thailand of Oekraïne halen, voorspelt hij. ‘Het is een stukje seksuele emancipatie van de blanke westerse man waar misschien niet iedereen op zit te wachten.’ Lukkassen benadrukt het belang van ‘positieve identiteitsvorming’ voor jongemannen, door middel van  vakmanschap en creatieve, technische arbeid.

Desondanks zal er volgens hem een steeds grotere kloof tussen de seksen ontstaan. ‘De westerse beschaving is de verliezer. De netto-instroom van migranten uit Noord-Afrika en het Midden-Oosten creëert extra aanbod van jonge, viriele mannen. Zij trouwen wel jong en krijgen wel veel kinderen. Do the math.’

Een radicalere variant van deze ‘som’ – de ‘blanke man’ zal letterlijk verdwijnen door een desastreus verbond van sjw’s, feministen, moslims en Afrikanen – gaat grif rond in de alt-rightscene. Peterson onderhoudt een complexe relatie met extreem-rechtse jongemannen. Hij verafschuwt hun racistische ideeën, maar snapt hun grieven jegens linkse ideologieën wel. Andersom ergert dit onderdeel van alt-right zich aan Petersons afkeer van wit nationalisme, maar waarderen ze zijn aanvallen op het feminisme. ‘Hoewel niet realistisch op het gebied van etniciteit, is hij buitengewoon interessant en inspirerend!’, schreef Erkenbrand, een Nederlandse alt-rightgroep, vorig jaar bij een YouTube-lezing van Peterson over postmodernisme en cultuurmarxisme.

Peterson gelooft dat hij een matigende invloed heeft op dit deel van alt-right: hij biedt ze kritiek op ‘radicaal links’, zonder raciale grieven. Internet kent ook tal van persoonlijke getuigenissen van jongemannen die beweren dat ze dankzij Peterson niet ‘full fash’ (voluit fascistisch) zijn gegaan.

Dat Peterson een ‘deëscalerende hoogleraar’ zou zijn is ‘lachwekkend’, mailt de Amerikaanse onderzoeksjournalist David Neiwert, die boeken schreef over extreem-rechts. Peterson heeft volgens hem juist veel mannen de manosphere van alt-right  binnengetrokken. Dat blijkt onder andere uit de enorme stroom opruiende YouTube-video’s van Peterson-fans, met titels als Jordan Peterson DESTROYS Transgenderism with FACTS.

Jelle van Buuren, terrorisme- en extreem-rechtsdeskundige, ziet in Peterson een ‘certificerende actor’ – iemand met een gezaghebbende positie die extreme ideeën uit de marge legitimeert en normaliseert. Donald Trump of Thierry Baudet zijn volgens Van Buuren eveneens ‘certificerende actoren’ die met hun anti-islam en -migrantenretoriek extreem-rechts het idee geeft dat hun ideeën een kern van waarheid bevatten. Op dezelfde manier kan virulente vrouwenhaat een legitimering vinden door Peterson die in veelbekeken interviews bijvoorbeeld suggereert dat make-up op de werkvloer ‘seksueel provocatief’ is en dat feministen over vrouwenrechten in Saoedi-Arabië zwijgen vanwege hun ‘onbewuste zucht naar brute mannelijke dominantie’.

‘Extreem-rechts is altijd vermengd geweest met het mannelijkheidsideaal, met de cultus van de krijger’, zegt Van Buuren. ‘Het blanke ras moet verdedigd worden tegen de migranten, tegen de feministen, tegen de verwijfde mannen. Dat idee is nu bezig aan een mainstreaming – een normalisering.’

Inconsistent

Politiek-socioloog Jan Willem Duyvendak, die net een conferentie over ‘gender en nationalisme’ in Amerika bijwoonde, snapt al helemaal niet wat nieuwrechts in Nederland met het ‘petersoniaans’ idee van mannelijkheid zou moeten. In de afgelopen twee decennia heeft nieuwrechts homo- en vrouwenemancipatie een prominente plek binnen het nationalistisch discours gegeven. Het werden kwesties waaraan de onaangepastheid van islamitische migrantengroepen konden worden afgemeten. Homo- en vrouwenemancipatie staan echter op gespannen voet met een idee van mannelijkheid waarin vrouwen hun biologische plek moeten kennen en waar een afkeer bestaat van feminiene mannen. ‘Het is erg inconsistent.’

Duyvendak denkt dat Peterson zijn achterban opzadelt met een ‘ahistorisch’ idee van mannelijkheid dat hen alleen maar nog meer achterstand op zal leveren. ‘Er bestaan geen ‘tijdloze’ mannelijke eigenschappen die verloren zijn gegaan. We zouden het idee van ‘man-zijn’ juist moeten vergroten. Anders blijven deze jongemannen het verlangen koesteren om ouderwetse rolpatronen te herstellen.’

Jesper Jansen gelooft juist dat het petersoniaans idee van mannelijkheid de toekomst heeft. Hij ziet het overal om zich heen: zijn generatie verlangt terug naar de traditionele man-vrouwverhoudingen uit de jaren vijftig. ‘Ik vind het mijn plicht dat mijn vrouw niet hoeft te werken als er kinderen zijn’, zegt Jansen beslist. ‘Mijn vriendin kan niet wachten om lunchpakketjes voor de kinderen te maken en ze naar voetbal te brengen.’ Zelf ziet hij zich al om 6 uur thuiskomen van het werk: ‘Dag liefje. Stropdas af. Heerlijk.’

Aanvullingen en verbeteringen
In een eerdere versie van dit artikel werd het boek Identiteit en Avondland van Sid Lukkassen genoemd. Dat moet zijn: Avondland en Identiteit.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.