De bovenwereld als onderwereld

Wetenschappers zijn bezig de grens tussen onderwereld en bovenwereld weg te gummen. Justitie zou bovenwereld-criminelen ten onrechte buiten schot laten....

WAT is het verschil tussen misdaadondernemer Etienne U. alias de Generaal en een manager in het legale zakenleven? Vertoont de onlangs in Spanje aangehouden drugshandelaar Henk Rommy alias de Zwarte Cobra overeenkomsten met directeur Cor Boonstra van Philips? De laatste tijd werpen rechtswetenschappers dergelijke vragen steeds vaker op. Soms halfschertsend, soms bloedserieus.

Het begon vorig jaar, meteen na de parlementaire enquête Opsporingsmethoden. Petrus van Duyne, hoogleraar empirische strafrechtwetenschappen in Tilburg en adviseur in dienst van de Centrale Recherche Informatiedienst (CRI), uitte felle kritiek op het werk van de commissie-Fijnaut. Dat gezelschap criminologen onderzocht de misdaad in Nederland, in opdracht van de commissie-Van Traa. De onderzoekers kwamen met een overzichtelijke verdeling van de legale en de criminele werkelijkheid in een bovenwereld en een onderwereld. En, volgens Van Duyne, met een achterhaalde definitie van georganiseerde misdaad.

Stelselmatig knoeien in een legaal bedrijf, zoals het verhandelen van gestolen auto's door een garagehouder, wordt door Fijnaut betiteld als 'organisatiecriminaliteit'. Gaat het om bijvoorbeeld drugshandelbedrijven, dan is er sprake van georganiseerde misdaad.

Van Duyne noemt dat het wegdefiniëren van een ernstig maatschappelijk probleem. Volgens hem ontspringen criminele bovenwereld-ondernemers nu te vaak de dans, omdat het begrip georganiseerde misdaad maar zelden wordt losgelaten op 'keurige' wetsovertreders in de legale bedrijvigheid.

Terwijl ze, aldus Van Duyne, grotere schade aanrichten aan de legale economie dan de gemiddelde hasjboer. Een adviesorgaan van het Openbaar Ministerie is dat met hem eens. 'Misdaad is ernstiger als economische machtsposities via illegale weg worden opgebouwd; als dat de legale markt ontregelt; als het leidt tot corruptie van de overheid; als er met behulp van tegenstrategieën wordt teruggevochten tegen politie en justitie.'

De verklaring voor die justitiële kieskeurigheid ligt volgens Van Duyne in een achterhaald, klassenbewust beeld van de criminaliteit. Het beeld van 'Boris Boef', de herkenbare crimineel met stoppelbaard, voldoet niet meer, zegt Van Duyne. Het kwaad schuilt in ons allen. De wereld sust zichzelf ten onrechte door te spreken over een onderwereld, alsof daar een ander soort mensen is te vinden. Ten onrechte wordt gesproken over 'wìj en zíí', waarbij 'zíí' vrijwel altijd in een lagere sociale klasse te vinden zijn.

De horeca-firma Van der Valk bijvoorbeeld, door een welwillend publiek verdedigd als harde werkers die alleen wat rommelden met de belasting, is voor Van Duyne een schoolvoorbeeld van een criminele organisatie die heeft geprofiteerd van het achterhaalde misdaadbeeld. 'Zowel de Hakkelaar als Van der Valk heeft voor 200 miljoen winst gehaald met de verkoop van producten die in Nederland vrij te krijgen zijn, zeg hasj en kippenboutjes. Bij Van der Valk was de bedrijfsvoering ingericht op het plegen van grote fiscale fraude en het toedekken daarvan. De kassa's werden bewerkt, de kassarollen werden vernietigd of aangepast, de hele interne geldstroom was erop aangepast.'

De restaurant- en hotelketen zou volgens Van Duyne zijn grote bloei niet hebben kunnen verwezenlijken zonder wit en zwart geld te mengen. 'Dat betekende een ernstige aantasting van de legale economie. De inspanningen van vele andere ondernemers zijn zo om zeep geholpen. Die kregen plotseling een goedkope vestiging van Van der Valk naast de deur.

'Vraag je dan eens af hoeveel economische schade onze hasjboeren eigenlijk aanrichten. Bedenk dan dat de Hakkelaar zes jaar kan gaan zitten en dat Van der Valk bij wijze van maatschappelijke dienstverlening 240 uur achter een rolstoel mag aanlopen. Als je al op zoek bent naar rechtsongelijkheid en klassenjustitie, dan heb je het hier gevonden.'

Frank Bovenkerk, hoogleraar criminologie te Utrecht en voormalig lid van de commissie-Fijnaut, sprak anderhalve maand geleden een lezing in de Duijker-serie uit over de personologie van de georganiseerde misdaad. Hij vroeg zich af of een bepaalde psychologische test die gangbaar is in het bedrijfsleven, de Big Five-test, was te gebruiken voor het vervullen van vacatures in de georganiseerde misdaad.

Voor zijn geamuseerde toehoorders beschreef hij de overeenkomsten tussen criminele en legale managers. Een sterke sociale aanleg, zakentalent, ambitie, creativiteit, avontuurlijkheid en onverstoorbaarheid behoren in beide categorieën tot de pluspunten. Altruïsme scoort laag.

Misdaadondernemers moeten ook ongebreideld winst willen maken. Maar dat moet de topmanager ook, dus dat is ook al geen onderscheidend kenmerk van de misdaad. Bovenkerk: 'Heeft minister-president Kok de directeuren van enkele grote bedrijven die zichzelf voorzien van opties op aandelen in het eigen bedrijf, niet gehekeld om hun 'exhibitionistische verrijking'?' In dat opzicht vormt de georganiseerde misdaad geen aantasting van de bestaande orde, meent Bovenkerk, maar juist een bevestiging van het heersende economische systeem. 'Het houdt de belofte in stand dat iedereen rijk kan worden.'

Dat de maatschappij in dat streven naar grote winsten ernstige schade kan oplopen, is ook al geen onderscheidend kenmerk van de misdaad, aldus Bovenkerk. 'Ook directeuren van het bonafide bedrijfsleven zien zich bij voortduring gedwongen tot het nemen van maatregelen, als het gaat om concurrentiekracht en overleven van het eigen bedrijf. Die maatregelen leveren ernstige schade op voor de samenleving.'

Wel bijzonder is de bereidheid tot het gebruik van geweld, en, indien noodzakelijk, ook de bereidheid om overheidsdienaren om te kopen. Van Duyne ziet daarin weinig verschil tussen criminelen en legalen.

'Geweld is een keuze', stelt Van Duyne. 'In de Nederlandse hasjhandel van het middenpeil bijvoorbeeld vindt weinig geweld plaats. Dat trekt maar de aandacht van de politie. Ja, misschien wel eens een bedreiging. Maar hoe vaak wordt niet binnen wettige bedrijven gedreigd met geweld?

'Het hangt ervan wat voor repertoire je als mens tot je beschikking hebt. Gewelddadigheid is vaak een cultureel gegeven. Als je altijd al in een gewelddadig milieu hebt gezeten, dan dreig je om iemand de kop van zijn romp te schroeven. Er zijn genoeg directeuren van gewone bedrijven die dat soort argumenten gebruiken.

'Ik onderschat het geweldgebruik binnen de georganiseerde misdaad niet', aldus Van Duyne. 'Desondanks is het maar een onderdeel van de bedrijfsvoering en geen noodzakelijk onderdeel. Hetzelfde geldt voor corruptie. Hoeveel wettelijke ondernemers zijn niet evenzeer bereid tot omkoping? Beide zijn dus geen onderscheidende criteria voor een criminele organisatie.'

V AN Duyne en Bovenkerk zijn niet de enigen die de onderwereld een stuk dichter bij de gewone burger brengen. De psycholoog P. J. van Koppen schreef in een recent nummer van het Advocatenblad een verhaal over maatregelen ter voorkoming van georganiseerde misdaad. Hij ziet echter ook kansen voor een profijtelijke carrière in de drugshandel. Een criminele loopbaan is niet alleen weggelegd voor lieden met doorlopende wenkbrauwen, maar ook voor 'U en ik'.

Voor een positief bedrijfsresultaat adviseert Van Koppen wel op tijd met pensioen te gaan, dat wil zeggen voordat de politie achter de handel komt. Dat gevaar ontstaat overigens pas na twee jaar, zo legt hij uit, als een criminele inlichtingendienst je aanbeveelt voor een opsporingsonderzoek. Het is even hard werken, maar dan kun je ook 'rijk en gelukkig' gaan rentenieren.

De vervroegd uitgetreden hasjhandelaar Jansen (naam op zijn verzoek gewijzigd) was op tijd weg. De ondernemer nam een aanzienlijk vermogen mee naar de legale handel ('roerende goederen'), maar ziet weinig verschil tussen boven- en onderwereld.

'Er wordt in de gewone handel gesodemieterd bij het leven. Het valt me zelfs op dat in de gewone handel minder goed een afspraak te maken is dan in de drugshandel. Vroeger kon ik niet naar de rechter, maar daar had ik ook nooit behoefte aan. Nu zie ik mijn advocaat vaker dan toen.'

Gelijkschakeling in strafbaarstelling ziet hij niet zitten. 'In de echte misdaad zit toch groter tuig dan in het gewone bedrijfsleven. Laten we niet doen of Johan V. nou echt te vergelijken is met Van der Valk.'

Van Duyne doet dat wel. Hij pleit voor het aanscherpen van artikel 140 van het wetboek van strafrecht, dat lidmaatschap van een criminele organisatie strafbaar stelt. Daarin moet het begrip 'misdaadonderneming' worden opgenomen; 'een koele operationele term in plaats van het emotionele 'criminele organisatie'.'

Heeft een bedrijf geen economische bestaansgrond meer zonder het plegen van strafbare feiten, dan is volgens hem sprake van een misdaadonderneming. Nu wordt volgens hem een transportbedrijfje dat het hoofd boven water houdt met wat hasj-smokkel eerder gezien als een criminele organisatie dan eenzelfde bedrijf dat bijverdient in btw-fraude.

Iets ruimer gesteld kan volgens Van Duyne sprake zijn van een misdaadonderneming als de groei en bloei daarvan niet mogelijk zou zijn geweest zonder bijvoorbeeld structurele belastingfraude of smokkelpraktijken.'

Hij kent best voorbeelden van het vervolgen van ondernemers op grond van artikel 140, zoals bij vleesfraudes en koppelbazerij gebeurde, maar dat zijn toch uitzonderingen. 'Als je grote bovenwereldbelangen hebt, beginnen ze vaak al in de opsporingsfase niet met 140. Dus mogen de ambtenaren met een zakelijker delictsomschrijving best een duwtje in de rug krijgen.'

Ook Bovenkerk ziet een selectief vervolgingsbeleid: 'In de praktijk krijgt de drugshandel prioriteit en dat komt doordat het relatief makkelijk te bewijzen is, omdat het internationaal-politiek hoge ogen gooit en doordat de daderpopulatie voldoet aan het stereotiepe beeld van de zware misdadiger. Het is absoluut niet aangetoond dat drugshandel op zichzelf objectief schadelijker is voor de samenleving dan andere economische activiteiten.'

Van Duyne: 'Als we zo doorgaan blijft de eenzijdigheid, de voorspelbaarheid en de hypocrisie van de opsporing en vervolging gehandhaafd. Politie en justitie blijven steken op een voorspelbaar niveau van onderzoek.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden