Dag weegschaal! Afscheid van mijn dieettrauma's

Marjolijn de Cocq schreef als journalist over afslanken. Als vrouw schreef ze haar eigen afvaltrauma van zich af in Beter, slanker, sterker.

Beeld Thinkstock

Nou ja zeg, reageerde mijn schoonmoeder toen ze mijn boek had gelezen, daar had zij dus echt nooit last van gehad. Geobsedeerd zijn door je uiterlijk en dan vooral je gewicht, geobsedeerd zijn door eten en dan vooral diëten. Hadden meer vrouwen daar last van? Nou, daar schrok ze toch best van. 'Maar je ziet er toch leuk uit? Waaróm dan?'

Parijse avant-garde

Mijn schoonmoeder, Groningse met wortels in de Achterhoek, is in de 70. Ze heeft lak aan conventies en draagt het hart op de tong. En ze is een prachtige verschijning, om het maar zo te formuleren. In mijn ogen hét toonbeeld van stijlvol ouder worden. Grote felblauwe ogen, het haar in een korte grijze bob.

Net Jean Seberg, dacht ik haast jaloers toen ze laatst bij ons was. Dat ranke figuurtje van de actrice van weleer, gehuld in een strakke zwarte driekwart broek, een Bretons truitje. Zwarte flatjes. Parijse avant-garde jaren zestig, zeg maar.

Tand des tijds

Zij ziet zelf tandenknarsend alleen maar de tand des tijds, het velletje dat losser gaat zitten. Maar zij heeft dus nooit hoeven tobben over overtollig vlees stulpend over broekranden, niet over blubberbuiken en slabberbillen en de wrijving van dij tegen dij die onder een zomerjurkje een directoire gebiedt. Een zeldzame vrouwsoort.

O, wat zou ik graag zo 70-plus willen worden. Wat zou ik graag groot groeien als gracieuze dame op leeftijd, slank en tanig zonder daar ook maar enige moeite voor te hoeven doen. Mijn haar dan niet meer krampachtig bijgeverfd, maar van dat mooie wit-grijs, opgestoken in zo'n nonchalante wrong met plukjes op de juiste plaats.

Get real

Get real, De Cocq. Daarvoor heb je niet de juiste jukbeenderen, niet de juiste bottenstructuur, niet het juiste genenpakket. Je hebt te brede voeten voor ballerina's en je wéét hoe zo'n schattig Bretons truitje uitpakt met jouw spanwijdte.

Dat zijritsje van de classy driekwartpantalon die je bezit, gaat al jaren niet meer dicht. En in je boek Beter, slanker, sterker - de mythe van de maakbare mens heb je nota bene net betoogd dat dat niet erg is, dat een Hollandse maat 42 beslist deugdelijk is, dat je van diëten alleen maar zwaarder wordt en dat vrouwen de zelfkwelling moeten staken en zichzelf moeten omarmen zoals ze zijn.

O ja.

Was ik even vergeten.

Het verhaal van 'de vrouw'

Beter, slanker, sterker gaat over mijn jarenlange omzwervingen in de wereld van de dieet- en gezondheidsgoeroes. Die maakte ik als journalist, voor artikelen in de krant en op het blog dat ik schrijf over voedselhypes en sportrages.

Maar toen mijn uitgever daar een boek in zag, wilde hij dat ik de journalist in mij tijdelijk het zwijgen zou opleggen. Hij wilde het verhaal van 'de vrouw'. De vrouw Marjolijn de Cocq en hoe het kwam dat die zo gek was om zich aan al die 'idiote dingen' te onderwerpen.

No big deal, dacht ik nog, doe ik wel eventjes. Wilde hij weten hoe ik zo, eh, verknipt was geworden, dan kon hij dat krijgen. Maar toen bleek ze ook behoorlijk te schrikken, die vrouw. En daarvoor: het meisje. Ik ging terug in de tijd, terug naar het net-niet-hippiegezin in Apeldoorn met op de wc-deur de poster 'Eet geen Outspan sinaasappelen, pers geen Zuidafrikaan uit'; naar de halfrauwe spruitjes met een overdosis nootmuskaat van mijn moeder en als tegenhanger de vreetbuien waarvan mijn broertje en ik meeprofiteerden; naar het vriendinnetje van de middelbare school dat zei: 'Wat heb jij een dikke kont zeg', zonder dat ik een J-Lo of Kim Kardashian in de strijd kon werpen.

Beeld Claudie de Cleen

Boulimiastudente

Terug ook naar de boulimiastudente die haar eerste jaar Amsterdam overleefde op negerzoenen, Bounty's, drop, paprikachips en laxeerpillen; naar de beginnende journalist die vond dat ze alles moest kunnen en durven, en haar angst in whisky smoorde; naar de ongelukkige in de liefde die vier uur achtereen aan aerobics deed voor de zak chips en fles wijn open mochten; naar de redactiechef en jonge moeder op de onontkoombare weg naar een burn-out. En ja, nog zo'n fijn moment, terug naar de 45-jarige werkloze die na 22 jaar in de journalistiek van het UWV een vacature kreeg aangeboden voor 'stagiaire bij een modeblog' en acuut de hand sloeg aan een zak spekkies en een fles wodka. Geen fraai plaatje, kortom.

En nu moest ik dus met de billen (buik, benen, borsten) bloot. De schaamte voorbij. Het leek goddomme wel therapie, dat schrijven. Sterker nog: het wás therapie. Best allemaal ook heel lollig, die oorspronkelijke blogs over sportvasten en overleven op één glas bouillon per dag. Afzien op bootcamps en de gillende paniek tijdens de eerste halve marathon met de Talking Heads in mijn hoofd: 'How did I get here?' Of oud-paardentrainster Haylie Pomroy die je als 'renpaard' verwelkomt in haar stal vol Hollywoodsterren als je haar metabolismedieet weet vol te houden (quod non). Daar had je Dr. Neal D. Barnard weer met zijn zalvende woorden. En de rages, van superfoods tot Zandloper tot glutenvrij.

Wat ook pijnlijk duidelijk werd, was dat de journalist Marjolijn de Cocq - ondanks het UWV niet onsuccesvol herstart als kleine zelfstandige - het met dit gezondheidsnerinkje weliswaar leuk deed, maar dat de vrouw Marjolijn de Cocq ze echt nog niet allemaal op een rijtje had. Dat dat helemaal niet zo gek was, omdat veel vrouwen in de westerse wereld ze niet allemaal op een rijtje hebben. En dat deze westerse wereld, consumptiemaatschappij bij uitstek, ook helemaal niet wíl dat vrouwen ze allemaal op een rijtje hebben.

Ik was stiekem toch nog altijd op zoek naar die ware goeroe, die ene methode die mij zou maken zoals ik vond dat ik moest zijn: beter, slanker en sterker. Dat manische sporten was nog steeds diezelfde boulimia van weleer, zij het minder onsmakelijk (al valt de medische term, niet-purgerende boulimia, ook niet mee).

Tijd voor een disclaimer: dit verhaal gaat niet over vrouwen (ja, natuurlijk, mannen ook) met echt overgewicht, ernstig overgewicht, met obesitas of zelfs morbide obesitas die puur uit lijfsbehoud op dieet moeten en vechten voor een gezondere levensstijl om niet vroegtijdig te bezwijken aan overgewichtgerelateerd lichaamsfalen.

Ik heb een dag mee mogen draaien in het Obesitascentrum in Hengelo waar ik me schaamde voor mijn eeuwige gejeremieer. Ik kan achter mijn kinderen aanrennen, mijn veters strikken, de trap op en af en mijn eigen billen afvegen. Ik kan de straat op zonder uitgelachen, uitgescholden of uitgesloten te worden.

Dit verhaal gaat over vrouwen (ja, natuurlijk, et cetera) die zichzelf geheel ten onrechte altijd en overal te zwaar vinden. Die niet in de jeans van Kate Moss passen, die geen Rens of Doutzen zijn en zichzelf nooit goed genoeg vinden. Die zichzelf vergelijken met andere vrouwen, tot hun opluchting ('O, die heeft veel meer muffin top dan ik, hoe kan ze zo'n broek nou aantrekken?') of wanhoop ('Hoe komt zij zo dun? Die heeft vast anorexia.'). Vrouwen die ervan overtuigd zijn dat hun geluk zit in vijf, tien kilo minder en die altijd morgen beginnen.

Beeld Claudia de Cleen

Maakbare perfectie

Vrouwen als ik, en hoe die zich gek laten maken door de cultus van maakbare perfectie. Die dwangmatig hun heil zoeken bij diëten of leefmethodes, houvast in een samenleving vol voedselverleidingen. Bij een van de eerste interviews na publicatie, voor een commercieel radiostation, werd mij meteen om dieettips gevraagd. Zomertijd, bikinitijd, nietwaar? Hoeveel of ik wel niet was afgevallen met al dat lijnen en sporten. De presentator viel hoorbaar van zijn stoel: 8 kilo eráán?

Ja, ik ben ook dun geweest in die afgelopen vijf jaar, heel dun zelfs. Toen ik bootcamps deed en halve marathons liep en een half jaar niet dronk en leefde volgens een strak voedingsschema. Op de foto's van toen zie je een jongensachtig wezen zonder borsten, alleen nog die vermaledijde heupen die zich er niet lieten aftrainen, want die bottenstructuur.

Beeld Thinkstock

Geen glaasjes rosé

Slanker en sterker, vooruit. Maar beter, ho maar: hoe fijn het ook was dat ik eindelijk die jurkjes maatje 36 in mijn kast had, zo altijd te moeten leven, daar werd ik echt niet gelukkiger van. Tijdens de vakantie in Bretagne géén moules frites eten, géén glaasje rosé op dat terrasje aan de branding van L'Atlantique? Niet zwichten voor dat huisgemaakte karamelzeezoutijs? Geen optie.

En dat was ook de makke van alle andere methodes die ik heb gevolgd. Ja natuurlijk, ze werken allemaal. Voor even. Voor zolang je ze volhoudt. Maar de totale lifestyle change, de mental reset die veel goeroes beloven, is althans aan mij voorbijgegaan. Ik ben te veel hedonist.

Komt daarbij nog de natuur, die maakt dat mensenlichamen veranderen. Of laten we het beestje bij zijn naam noemen: verouderen. Heb je je te pletter gedieet voor versie 2.0, valt ineens je blik op je knieën en zie je dat het de knieën van je moeder zijn geworden of erger nog: van je oma.

Heb je de kipfiletjes onder je armen weggetraind, krijg je van die rare okselrimpeltjes die met zomerse tanktops enorm opvallen. Verschijnen de eerste vlekken op je handen, verkreukelt je decolleté met je oogleden mee - het is niet éérlijk!

Manisch sporten en diëten

Wellicht ten overvloede: dat manische sporten, ik ben er klaar mee. Mijn laatste halve marathon van Amsterdam, de eerste 9 kilometer zaten erop. Ik was zojuist het Amstelstation gepasseerd, hop de Watergraafsmeer in en dan dat stuk door Oost en dan langs het Tropenmuseum en dan.. Ineens stond ik stil. How did I get here? Ik had mijn OV-pas nog in het zakje van mijn hardloopbroek. Ik keerde om. Terug naar start. U ontvangt geen tweehonderd gulden.

En waar ik ook helemaal klaar mee ben, is dat manische diëten. Jonger dan nu word ik nooit meer, en ik wil niet nog meer jaren verdoen met dat volstrekt onrealistische streven. Zie ik foto's van vroeger, dan kan ik mezelf wel voor de kop slaan. Ik ben nooit dik geweest, en zeker nooit Te Dik.

En dat ben ik ook niet met de kilo's die er de afgelopen jaren zijn bijgekomen. Die kilo's, die hóu ik gewoon. Die hoeven er niet af want ze zijn zacht en rond en lief en ze horen bij wie ik nu ben. En ik heb dat nog niet besloten of daar komt het dubieuze compliment dat alleen vrouwen elkaar kunnen maken. 'Wat zie je er goed uit! Ben je afgevallen?'

Zwart kleedt af

Nee, niet dus. Om er goed uit te zien in deze samenleving, moet je kennelijk afgevallen zijn. Terwijl auteur en wetenschapper Ivan Wolffers het zo mooi verwoordde toen ik hem ooit interviewde over de merites van superfoods. Gojibessen, zei hij, daar word je niet per se mooier van. Maar als een vrouw gojibessen door haar yoghurt doet en daardoor het zelfvertrouwen heeft dat ze er mooier uitziet, werken ze wel.

Zelfvertrouwen dus. En nooit meer op dieet, wat een zinloze, kansloze missie is dat geweest. En zo begint de vrouw Marjolijn de Cocq ze nu toch eindelijk een beetje op een rijtje te krijgen, denk ik tevreden.

Maar dan zit ik om tafel met twee generatiegenoten. Alle drie gekleed in het zwart. Vooral handig, zeggen we, zeker als je veel afspraken hebt en dan nog door moet naar een borrel of een etentje. Gevolgd door een eenstemmig: 'En het kleedt zo lekker af.' We lachen, met een valse ondertoon. En ik trek mijn navel in, de Dochter had die morgen nog een minder chamante opmerking gemaakt over mijn buik.

En, vragen de ladies in black, wat ga je dan nu doen?

Eh, huh, hoezo, nu?

Elk jaar = een kilo

Nou, als je niet meer gaat lijnen? Want je weet toch: elk jaar staat voor een kilo erbij? En die overgang, dat is ook een nogal onontkoombaar dingetje.

Ik werp iets tegen van 'eh, acceptatie' en 'met gratie ouder worden'. Maar dan, onvermijdelijk, perpetuum mobile, laat ik me opnieuw overweldigen door dit schrikbeeld. De eerste opvliegers hebben zich al aangediend. Een kilo erbij per jaar maakt 22 kilo erbij als ik 70 ben. Ja, ik zie er best leuk uit. Nog wel. De moeder van mijn eerste vriendje noemde mij altijd 'dat meisje met die wespentaille', en al komen er geen wespen meer aan te pas, taille heb ik nog steeds. Ik ben appel noch peer, maar een zandloper van enig formaat.

Maarrrrr. Met 22 kilo erbij ben ik op mijn 70ste echt een dikke vette blob. Over my dead body. Oké, een Jean Seberg of Audrey Hepburn zal ik nooit worden. Ik ga akkoord met maat 42, Hollands glorie, BMI op orde en volgens de computerconsulent van het Voedingscentrum 'Houden zo!' Inderdaad: houden zo. Maar hóé dan, als ik niet meer van mezelf op dieet mag?

Ik google. Oud stijlverhaal van Elsevier, met tips uit The New York Times waarom 'Franse vrouwen zo mooi oud worden': 'Houd uw gewicht altijd constant. Als u een of twee kilo aankomt, moet het er onmiddellijk weer af. Alleen zo kunt u een goed figuur behouden. Dit kan door, zoals veel Franse vrouwen doen, kleine porties te eten, veel te lopen en weinig alcohol te drinken.' Zoals veel Franse vrouwen doen? Ik ben net terug uit Frankrijk, mijn beeld van de gemiddelde Française is eerder dat van afgeladen picknicktafels, om 11 uur 's ochtends het eerste portje aan de bar van de tabac en - nieuwe modetrend? - toplessjurken met spekschouders daar bovenuit. En bovendien: kleine porties, weinig alcohol - ik?

Ik bel journalist en schrijfster Joyce Roodnat, 50-plus en met haar Stijlgids voor vrouwen van 40 tot 60+ een expert op dit gebied. Ze is zelf al vijftien jaar op streefgewicht, zegt ze content, want ze is dol op haar jurkjes en wil die niet in de kast laten hangen 'omdat een ritsje niet meer dichtgaat'.

Ze is genadeloos: discipline, discipline, discipline. Doe als Dolly Parton, zegt ze: elke dag eenderde van je bord laten staan. Dat vind ik niet kunnen met al die voedselverspilling. Bovendien mag ik dat niet van mijn moeder.

Doe dan zoals zíj, zegt Joyce: 'Ga elke dag op de weegschaal, zodat je per dag kunt zien of je wat bent aangekomen. Dan kun je meteen ingrijpen. Eén of twee ons zijn met één of twee dagen zo weer weg. Maar een kilo is moeilijker. En dan slaat de wanhoop toe. Een kilo aankomen, dat moet je dus niet doen. Je moet je beheersen.' Maar die weegschaal, werp ik tegen, daar wilde ik nou juist voorgoed vanaf. 'Wil je het niet, dan doe je het niet', zegt La Roodnat. 'Maar er is een jong patroon van eten en een ouder patroon van eten en daarbij zul je je neer moeten leggen. Ouder worden heeft veel voordelen, maar dit is er niet een van.'

Wat jij wil, Joyce

Oké, wat jij wil, Joyce, ik probeer het. Ik ga elke dag op de weegschaal. Ik beheers me. Wel een week lang; dan is het punt bereikt dat ik die weegschaal uit het raam wil gooien. De ene dag weeg ik 70,9 kilo (JEZUS!!), de andere dag 69,2 (valt mee), dan 68,1 (zie je wel) en dan ineens weer 71 zonder noemenswaardige voedsel- of drankconsumptie. Geen peil op te trekken dus en uitermate humeurbedervend.

Ik lunch met Gerrit Jan Groothedde, 60, @eetschrijver. Hij is auteur van Het Antidieetboek, dus we moeten op één lijn zitten. We bestellen een (biologische, huisgemaakte, uitermate opbeurende) cheeseburger en drinken daar een (biologische, uitermate opbeurende) rosé bij. Want elke maaltijd die niet goed en lekker is, vindt hij, is een gemiste kans. 'En dat van die kilo per jaar is een fabeltje.'

Ik hang meteen aan zijn lippen. Zie je wel, fabeltje! Dan komt de nuance: 'Het gebeurt wel, maar het hóéft niet. Die kilo erbij is wat je, pak 'm beet, zestig jaar geleden niet zag. Het is een gevolg van de moderne consumptiepatronen.' Kant en klaar, snel, zout, zoet, veel, altijd en overal.

Het is simpel, zegt @eetschrijver. Als je goed, gezond en puur eet, zul je niet snel aankomen. 'Luister naar je lijf in plaats van naar de reclame.' Goed, gezond, puur. Maar als dat lijf nou, zoals het mijne, met enige regelmaat fluistert, sist, roept, krijst om patat met mayonaise? Als dat lijf net die nieuwe IPA-bierrage zo gretig heeft omarmd?

Rondje hardlopen

Ik begin maar weer met een rondje hardlopen, na een half jaar voorovergebogen achter het toetsenbord moet dat íéts heilzaams teweegbrengen.

Na mijn geraas door dieetland neem ik me voor de komende twintig, dertig, mochten ze me gegeven zijn véértig jaar proefondervindelijk uit te zoeken hoe je dat doet: met gratie ouder worden. Zonder dieet of weegschaal. En ook zonder algehele vervetting en mét een beetje lekker leven. Sophia Loren, had die niet ook een kookboek geschreven?

Van journalist Marjolijn de Cocq verscheen Cut the Crap - levenslessen van een overlever (met Juan Belkhir) en Beter, slanker, sterker - De mythe van de maakbare mens (A.W. Bruna, 2015).

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden