Dadar goeloeng, voor 10 tot 15 pannekoekjes

Een tijdje terug was ik gevraagd een lezing te geven bij een vereniging van Peranakan-Chinezen in Nederland. Dat zijn Chinezen uit Indonesië die naar Nederland zijn geëmigreerd. Dat is een mondvol en dat vond ik als kind ook iets razend ingewikkelds. Was je dan Nederlands, of Chinees, of Indonesisch? En dan was ik ook nog in Nederland geboren uit een Nederlandse moeder, dus hoe zat dat dan bij mij?

Gedroogde pandan Beeld Thinkstock

Ingrediënten

250 gr. tarwebloem
1 ei
375 ml. kokosmelk
water
30 ml. pandanextract
mespuntje zout
olie of boter
150 gr. goela djawa
125 ml. water
2 pandanbladeren
250 gr. kokos, geraspt
mespuntje zout
epunten van verwarring waren de etentjes in het Chin.-Ind. restaurant waar we Chinees eten aten dat volgens mijn vader niet echt Chinees was. Het was ook niet echt Indonesisch, en al helemaal niet echt Nederlands, maar 'Indisch', wat ik niet moest verwarren met Indiaas want dat was eten uit een heel ander land. Indisch kwam van Nederlands-Indië en dat was een land dat niet meer bestond.

Dat vind ik nog steeds het ingewikkeldst. Een land dat niet meer bestaat. Houdt een land ooit op te bestaan? Achteraf valt het bestaansrecht van Nederlands-Indië nog altijd te betwisten, maar het was er en in zekere zin bestaat het nog steeds.

Zoals in het boek Indische keukengeheimen (Karakter Uitgevers) van Jeff Keasberry. Zijn oma, een op Java geboren Nederlandse, begon in 1954 het Indisch-Europees restaurant Djokja aan de Ferdinand Bolstraat in Amsterdam. In 1976 publiceerde ze een boekje met haar keukengeheimen. Kleinzoon Jeff heeft nu een luxe en vernieuwde versie uitgebracht. Met het recept van dadar goeloeng, de opgerolde groene kokospannekoekjes die ik ook bij mijn lezing kreeg.

Voor het groen wordt pandanextract gebruikt, een vloeibare kleurstof die verkrijgbaar is bij de toko.

Doe de bloem in een kom en leg een rauw ei in het midden. Voeg tijdens het roeren langzaam de kokosmelk toe en het pandanextract. Roer tot een glad beslag en verdun eventueel met nog wat water. Voeg een mespuntje zout toe. Verwarm wat boter of olie in een koekepan en bak dunne flensjes van het beslag.

De vulling: laat op middelhoog vuur de goela djawa (Javaanse suiker, of bruine basterdsuiker) smelten in het water met het pandanblad erbij. Roer de kokos met het zout erdoor en blijf roeren tot het vocht is opgedroogd. Verwijder het pandanblad. Leg 1 eetlepel van de vulling op een flensje, 2 centimeter van de randen af. Vouw de randen naar binnen en rol de flensjes op.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.