Land van Afkomst Achmed Oso

Couturier Achmed Oso (40) hoopt vooral zijn moeder nog eens te mogen kleden

Achmed Oso: ‘Mijn doel is niet om BN’ers te kleden. Ik behandel iedereen als een prinses.' Beeld Ernst Coppejans

Twintig jaar terug belandde couturier Achmed Oso (40) vanuit Syrië in Nederland. Niet het gedroomde modeland Italië, maar ook dat heeft zijn voordelen.

Achmed Oso houdt er niet van, een couturier die loopt op te scheppen over welke beroemde vrouwen hij kleedt. Zijn droom is: ‘Mijn moeder kleden. Ik heb mijn ouders jaren geleden voor het laatst gezien, ze wonen nog in Syrië. Mijn volgende show wordt een ode aan haar. De technieken, de kleuren, alles heb ik van haar geleerd. Alleen kan ik haar nu niet zien.’

Hij omschrijft zijn couture als luxe, verfijnd en tijdloos. ‘Ik geniet vooral van de avond- en trouwjurken, hoe de stof valt, met subtiele kristallen.’  

Toch even over prinses Anita, de vrouw van prins Pieter-Christiaan. Hij nam haar maten op voor een jurk. Pas later werd hem verteld wie ze was. En dat ze de jurk ging dragen op de kroning van Willem-Alexander, in 2013. ‘Ze stelde zich niet voor met: ik ben prinses.’

Gebeurt zoiets vaker?

‘Ik krijg nu veel BN’ers voor een jurk, zij komen vaak via een stylist. Ik herken ze niet allemaal. Al twee keer heb ik gedacht: die vrouw is eerder in mijn winkel geweest, wij kennen elkaar – en dan bleek dat ik haar alleen herkende van televisie.

‘Mijn doel is niet om BN’ers te kleden. Ik behandel iedereen als een prinses. Ze hebben allemaal hun eigen verhaal over waarom ze hier komen en wat voor jurk ze willen.’

Het atelier van Achmed Oso staat in Oegstgeest, in de buurt van Leiden, de eerste Nederlandse stad waar hij twintig jaar geleden belandde. ‘Ik hou niet van het stempel vluchteling, het is altijd negatief. Niemand verlaat zijn huis zonder dat het noodzakelijk is. Van Syrië ging ik naar Istanbul, in mijn eentje, ik was 20. Ik wilde naar Italië, naar het modeland.

‘De eerste vlucht die ik kon krijgen was naar Amsterdam. Ik dacht: dan reis ik vanuit daar verder naar Italië. Op Schiphol werd ik tegengehouden, ik had geen visum. Ineens moest ik asiel aanvragen. Ik zat daar met mijn handen voor mijn ogen: wat heb ik gedaan, hoe moet het nu verder?

‘In het azc zag ik mensen die al tien jaar wachtten op een verblijfsvergunning. Bij mij duurde het zeven jaar. In het begin was het doorzetten, zonder uitkering of studiefinanciering. Ik ben met niets begonnen.

‘Zodra ik een verblijfsvergunning had, ging ik op zoek naar een pand. De eerste plek die ik kon vinden was in Oegstgeest. Daarna ging het snel. Mijn eerste collectie was met verhuisdekens, daar maakte ik jasjes van.’

Wat zijn je herinneringen aan Syrië?

‘Olijfbomen, druiven, bergen en rivieren. We waren met twaalf kinderen, heel gezellig. Ons huis was altijd vol mensen, mijn moeder maakte couture aan huis. In het dorp zat in ieder huis een atelier. Bij de buren maakten ze tapijten, in een ander huis werd geborduurd.

‘Noordwest-Syrië. Een fijne, vredige omgeving, in de buurt van Aleppo. Dat was de grote stad. Waar wij woonden was iedereen Koerdisch. Het enige dat je als kind merkte: op school mochten we geen Koerdisch spreken en je mocht geen boeken hebben in die taal.

‘We woonden dicht bij de grens tussen het Koerdische gebied en het Arabische. In Aleppo zag je een andere cultuur. Bij ons was het open en sociaal, mannen en vrouwen leefden gemengd. In Aleppo leefden ze ook sociaal, maar wel gescheiden. De vrouwen gingen anders gekleed.

‘Mijn broers en zussen wonen in Denemarken, Zweden, Turkije en Jordanië; ik ben de enige in Nederland. Een paar wonen nog in Syrië, net als mijn ouders. Als ik ze bel, hoor ik de bombardementen op de achtergrond.’

Ik zou gek worden.

‘Dat word ik ook. Ik wil niet eens weten hoeveel vrienden en familieleden ik ben kwijtgeraakt. De beelden in mijn hoofd zijn van twintig jaar geleden, ik ben nooit meer naar Syrië geweest.’

Ben je Syrisch of Koerdisch?

‘Ik voel me Koerd, al heb ik niet meer het gevoel dat ik bij een specifieke groep hoor. Ik zit al twintig jaar in Nederland, net zo lang als ik in Syrië heb gewoond. Tot een paar jaar geleden waren hier bijna geen andere Syriërs, de meeste van mijn vrienden zijn Nederlands.’

Wat heb je hier geleerd?

‘Ik ben zakelijker geworden, gedisciplineerder. En ik moet altijd scherp en alert zijn, omdat ik alleen ben. Ik moet het allemaal zelf doen. Andere couturiers besteden het productiewerk uit, ik maak alles in mijn eentje. Ik werk tachtig uur per week.’

Is Nederland een modeland?

‘Het wordt beter. Hier zijn minder couturiers dan in andere landen, je valt sneller op. Maar in een ander land word je eerder internationaal opgepikt, niemand komt naar Nederland voor de mode. Om internationaal door te breken moet je naar Parijs, Milaan, Londen of New York.

‘Waar ik vandaan kom is de kleding vrolijker, eleganter, kleurrijker. Meer glamour. Nederlandse vrouwen denken praktisch. Als ze een jurk kopen, zeggen ze: ik wil hem ook naar mijn werk kunnen dragen. In Syrië kopen vrouwen een jurk speciaal voor een bruiloft. Bij de volgende bruiloft die ze bezoeken, kopen ze weer een nieuwe jurk.’

Nederlands

‘Wanneer ben je een Nederlander? Als je meedoet aan een samenleving, hoor je erbij.’

Koerdisch

‘Ik ken geen nationalistische gevoelens. Als ik iemand zie die onder druk staat, denk ik: hé, wacht even, waar zijn we mee bezig? Ik ben tegen onrechtvaardigheid, ongeacht afkomst.’

Partner

‘Heb ik nooit gehad. Eerst had ik zeven jaar geen stabiliteit, daarna was ik te druk bezig met mijn werk. Maar ik denk dat ik dichter bij Nederlandse vrouwen sta dan bij Syrische.’

Achmed Oso (Syrië, 1979) is de eigenaar van Oso Couture. ‘Ik ben aan het uitbreiden, volgend jaar komt er een pakkenlijn voor vrouwen, Oso Business. En ik ga verhuizen. In de Meelfabriek in Leiden begin ik een groot, open atelier waar ik kan laten zien hoe de kleding wordt gemaakt. Van daaruit ga ik internationaal met Oso Couture.’

Schrijver Robert Vuijsje (Alleen maar nette mensen, Salomons oordeel) interviewt voor de Volkskrant Nederlanders over de rol die afkomst speelt in hun leven. Hij spreekt onder anderen nog met couturier Achmed Oso (Koerdisch-Syrisch) en actrice Joy Delima (Surinaams-Antilliaans).

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden