Chroniqueur van de angstigste barak

‘Elk boek van haar draagt het stigma van de geheime terreur die nooit meer uit haar geheugen kan worden gewist.’ Twintig jaar na het instorten van de communistische dictaturen kreeg de Duits-Roemeense schrijfster Herta Müller de Nobelprijs....

Het communisme was de leer van het paradijs op aarde. De praktijkversie benaderde vaker de hel, en in het Europa van de jaren zeventig en tachtig van de vorige eeuw was dat nergens meer het geval dan in het Roemenië van Nicolae Ceausescu. Noord-Korea was zijn – openlijk beleden – voorbeeld. In het dagelijks leven van de inwoners streden angst en schaarste om voorrang. Weinigen hebben de details van dit ‘leven in zwart-wit’ in Oost-Europa ‘angstigste barak’ zo treffend, precies, beklemmend en roerend beschreven als Herta Müller, in 1953 geboren in Nitzkydorf (Nitchidorf) in de Banaat, het zuidwesten van Roemenië, maar enkele tientallen kilometers van het prikkeldraad van het IJzeren Gordijn.

Bijna twintig jaar na de val van de Muur, de executie van Ceausescu en het verdwijnen van het prikkeldraad nabij haar geboortedorp, is Müller onderscheiden met de Nobelprijs voor de Literatuur.

Haar oeuvre is er in de eerste plaats een dat de totalitaire maatschappij voor de vergetelheid behoedt – het universum van de onverwarmde flats, de ouden van dagen die hun benen breken in onverlichte straten vol gaten, het prikkeldraad dat je nooit mag overschrijden en elke avond ‘Big Brotherescu’ Ceausescu op televisie. Het allesoverheersende element is angst, niet alleen voor geüniformeerde kerels op straat en mannetjes die je op schimmige kantoren ontbieden, maar ook voor vrienden. Niemand weet hoever de Securitate, de staatsveiligheidsdienst, al in zijn persoonlijk leven is doorgedrongen.

Müllers personages verlangen naar openheid, het uiten van hun gevoelens en hun emoties, maar zijn steeds veroordeeld tot isolement en optrekken van rookgordijnen. ‘Ik weet niet of ik ooit van de angst die met de dictatuur was verbonden, zal afkomen’, zei zij in 1999 tegen de Volkskrant. ‘De jaren van de dictatuur hebben mijn zenuwen aangetast.’

Haar vroege jeugd bracht Müller door in een gesloten Duitse boerengemeenschap in huizen die oogden als burchten. Medio 1950 woonden in Roemenië, te midden van vele andere etnische minderheden, nog enkele honderdduizenden etnische Duitsers. Müller groeide op met de Duitse taal en leerde pas op het gymnasium Roemeens. Haar familie bezat het nodige land, maar werd door de communisten in de jaren vijftig op weinig zachtzinnige wijze onteigend, een gebeurtenis die de schrijfster later zou omschrijven als haar eerste trauma.

Müller studeerde Germanistiek en Roemeense literatuur aan de Universiteit van Timisoara, een sterk multi-etnische stad waar in 1989 de revolutie tegen Ceausescu zou beginnen. In de vroege jaren zeventig kende Timisoara een levendige ondergrondse cultuur. Door haar banden met de Aktionsgruppe Banat belandde Müller medio 1975 in het vizier van de Securitate. ‘Ik heb er nooit voor gekozen om staatsvijand te worden’, zou ze later zeggen. ‘De staat is mij als zodanig gaan beschouwen.’

Haar weigering de Securitate inlichtingen te verstrekken over haar vrienden bezorgde haar een veroordeling tot ‘heropvoeding’ in een ‘gezond arbeidersmilieu’. In 1976 kwam zij als vertaalster in dienst van het industrieel complex Tehnometal. In 1979 werd zij daar wegens een nieuwe weigering de Securitate te informeren ontslagen. In de jaren daarna werkte zij voor een hachelijk loontje op een kleuterschool en gaf zij om te overleven privélessen Duits.

Haar korte verhalen circuleerden toen al in het ondergrondse circuit van Timisoara. In 1982 debuteerde zij eindelijk officieel met de bundel Niederungen. De confrontatie met de Roemeense censuur was lang en pijnlijk. Er sneuvelden tientallen pagina’s. Echter: zelfs in de gekuiste uitgave is voor de voor Müllers oeuvre zo kenmerkende kleine angst, vervat in beklemmende metaforen, alomtegenwoordig. Vrienden smokkelden het complete manuscript Roemenië uit en in 1984 verscheen Niederungen ongecensureerd in de Duitse Bondsrepubliek. Als straf kreeg de schrijfster in Roemenië een publicatieverbod.

In 1987 kreeg Müller, die inmiddels kampte met psychische problemen, van de Roemeense autoriteiten het groene licht te vertrekken. De Bondsrepubliek had voor haar, net als voor de andere Duitsers die na 1979 mochten emigreren, duizenden marken neergeteld. In Duitsland werkte zij gestaag aan een steeds imposanter oeuvre. Het Roemenië van Ceausescu bleef daarin omnipresent. Haar verleden volgde haar niet alleen op papier. Bezoeken aan Roemenië na 1989 waren nooit van unheimische gevoelens gevrijwaard. Een simpel gebruiksvoorwerp kon de trauma’s van de dictatuur al terugbrengen.

‘Elk boek van haar draagt het stigma van de geheime terreur die nooit meer uit haar geheugen kan worden gewist’, schreef Nora Iuga, Müllers Roemeense vertaalster. ‘Bij Herta verschijnt het kwaad in elk detail van de wereld die haar omringt: het zijn geheime boodschappen in planten, in voorwerpen, in dagelijkse rituelen.’

‘Dictatuur is mijn thema’, zei Müller in 1999 tegen de Volkskrant. ‘Ik schrijf over mensen in zo'n door en door gecontroleerde samenleving. Ik hoop dat veel ervan geldig is voor heel andere situaties, want dictaturen hebben iets paradigmatisch: ze zijn de uitzondering of het exces van wat altijd en overal aanwezig is.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden