Boomstronk wordt geen krokodil

DE CONFRONTATIE in Oost-Zaïre begon met een onheilspellende beeldspraak op de radio Voix du Zaïre, in de uitzending voor Bukavu: 'Een boomstronk verandert niet in een krokodil omdat hij een tijdje in het water heeft gelegen....

WIM BOSSEMA

De Zaïrese Tutsi's begrepen meteen dat het een oproep tot pogroms was, zij hoorden de echo van de Rwandese Radio Mille Collines, de zender van de extremistische Hutu's, die aanzette tot de genocide in 1994. Ze wisten ook dat als een gouverneur in Zaïre een bevolkingsgroep bedreigt op de radio een tijd van afrekeningen nadert. Dan mogen de soldaten ongestraft gebrandmerkte burgers beroven, als vergoeding voor de achterstallige soldij.

Zo gaat het niet alleen in Zuid-Kivu, het is het beginsel van de roofstaat in Zaïre, waar bestuurders geen belasting innen en geen salarissen kunnen betalen. De plaatselijke politici houden zich staande met afpersing, omkoperij en geautoriseerde berovingen. Hoe hoger de betrokken politicus hoe ernstiger de misdaden in naam van de macht. Zo werden in 1993 honderdduizenden Kasaï uit de provincie Shaba verdreven naar het gebied waar hun verre voorouders waren geboren.

President Mobutu Sese Seko wilde zo zijn sterkste vijand, Etienne Tshisekedi, treffen via diens volk. Het leger kon met de pogroms in één moeite door wat klappen uitdelen aan de afscheidingsbeweging in Shaba, het voormalige Katanga met zijn lange geschiedenis van verzet. De Banyamulenge vreesden voor een herhaling van het drama met de Kasaï. Zo 'regeert' Mobutu. Hij is al lange jaren niet veel meer dan intrigant. Zijn vroegere paladijnen heersen als mafiabazen, zijn generaals als krijgsheren. Hijzelf is de machtigste der krijgsheren, want zijn presidentiële garde is de enige gedisciplineerde, want goed betaalde, legereenheid.

Toch ziet de Franse president Chirac deze man opnieuw als de redder van Zaïre. Mobutu heeft kanker en het is onduidelijk hoe lang hij nog te leven heeft, maar dat maakt niet uit. Chirac ziet in hem de enige hoeder van de territoriale integriteit van Zaïre, ook al verblijft Mobutu thans in zijn villa aan de Franse zuidkust. De doodzieke president moet Chirac het alibi verschaffen voor een internationale militaire interventie.

Chirac voert een bizar schimmenspel op. Waar bestaat die Zaïrese staat nog uit, die ten onder dreigt te gaan aan het succes van de Tutsi-rebellen? Wat voor president is Mobutu nog? Hij is al een jaar of vijf geleden opgehouden met regeren. Hij is internationaal aan de schandpaal genageld voor de flagrante schendingen van de mensenrechten onder zijn bewind. Jarenlang kreeg hij niet eens een visum voor Frankrijk, totdat zijn medewerking was vereist voor de opvang van de stroom Hutu-vluchtelingen uit Rwanda in 1994. En van de verslagen Hutu-soldaten, protégés van Frankrijk.

Waartoe moet een militaire interventie leiden? Artsen zonder Grenzen roept ook op tot een militair ingrijpen. Het is een wanhoopskreet ingegeven door het besef van de enorme omvang van de dreigende catastrofe onder de meer dan een miljoen vluchtelingen die de kampen hebben verlaten en zonder hulp zitten. Niemand weet zelfs waar ze precies zijn gebleven. Maar de oproep van Artsen zonder Grenzen gaat voorbij aan de politieke implicaties.

Militair ingrijpen zal door Rwanda en de Tutsi-rebellen worden uitgelegd als partijdigheid, zei minister Pronk terecht. Hij heeft twee jaar lang tegen dovemansoren geroepen dat alleen een internationale politiemacht de greep van de Hutu-milities op de kampen kan breken, maar nu is het te laat. De Tutsi's hebben dat nu zelf gedaan. De kampen zijn grotendeels ontruimd, zoals het Tutsi-leger in Rwanda dat eerder deed in de voormalige Zone Turquoise, het product van een eenzijdige Franse interventie in 1994. Een vredesmacht had veel bloedvergieten kunnen voorkomen, toen en nu. Maar zo'n vredesmacht was en is er niet.

Evenzo is de plotselinge bezorgdheid van de 'internationale gemeenschap' voor het lot van Zaïre als natie wrang voor de Zaïrezen. De rol die Mobutu krijgt toebedeeld in het diplomatieke geharrewar maakt het alleen maar erger. In Kinshasa zetelt een overgangsregering die het land al net zo min bestuurt als Mobutu, maar die de kiem zou moeten zijn voor democratisering en het herstel van de tot chaos vervallen natie. Waar bleef de hulp voor de oppositie toen Mobutu in 1990 de teugels liet vieren onder internationale druk? Wie bekommerde zich erom dat Mobutu de oppositie met trucs, geld en intimidatie in verwarring bracht? Wie kon het wat schelen dat oppositieleider Tshisekedi wel premier mocht spelen maar geen toegang kreeg tot de staatskas, dat hij een Mobutu-regering naast zich moest dulden en vervolgens aan de kant werd gezet?

De huidige premier, Kengo wa Dondo, wil geen interventie. Hij wil geen herstel van de kampen, hij wil al lang dat de Rwandese Hutu's naar huis gaan. Mobutu heeft dat tot nu toe tegengehouden, want hij dankt zijn herwonnen invloed aan het vluchtelingenprobleem.

De crisis in Kivu doet ondertussen een nieuw Zaïrees nationalisme opbloeien, maar van een bedenkelijk allooi: weg met de Tutsi's. Uit angst voor de volkswoede vluchten de Tutsi's weg uit Kinshasa. Betogers eisen het aftreden van Kengo wa Dondo, want zijn moeder is een Tutsi.

Wim Bossema

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden