Interview Ben Ferencz

Ben Ferencz (99), de aanklager die geen tijd heeft om dood te gaan

Ben Ferencz werkt nog altijd 365 dagen per jaar, 10 uur per dag, aan een rechtvaardige wereld. Beeld Getty Images

Als onderzoeker van oorlogsmisdaden bezocht Ben Ferencz concentratiekampen. Deze ‘blik in de hel’ bepaalde de rest van zijn leven. Zijn inzet en eigenwijsheid hielpen het internatio­naal recht vooruit. Ferencz is de enige nog levende aanklager van de Neurenbergprocessen en werkt nog elke dag.

Delray Beach, Florida. De roze bungalow is gelegen in een uitgestrekt park, waar het gras iets te groen is en de vakantiehuisjes eruit zien als taarten die smelten in de zon. Voor de deur staat een Buick Century met op de nummerplaat een tekst: Law, Not War.

Was de hippieslogan niet Make Love, Not War? Ja, maar dit is de auto van Ben Ferencz (99). Als 27-jarige werd Ferencz benoemd tot hoofdaanklager bij een van de Neurenberg-processen tegen de nazi’s. Een eigenzinnige aanklager, want het vervolgen van de nazi’s interesseerde hem minder dan de vraag: hoe kunnen we dit soort oorlogsmisdaden in de toekomst voorkomen? Ferencz droomde van een Internationaal Strafhof. Schreef er boeken over en lobbyde ervoor. Het kwam er. Inmiddels is Ferencz de enige nog levende aanklager van Neurenberg. Hij werkt naar eigen zeggen nog elke dag, geeft lezingen en gastcolleges. In het Nederlandse tijdschrift Nexus uitte hij in april felle kritiek op president Trump.

‘Loop maar door naar achteren, meneer Ferencz is in zijn kantoor’, zegt de Peruaanse vrouw die de deur opendoet. Zij is er vooral voor Ferencz’ vrouw Gertrude, 100, die op de bank ligt te slapen.

Ferencz zelf ziet er fris uit vandaag. De kleine man (1,50 meter) draagt een blauw overhemd en dito joggingbroek.

Benjamin Berell Ferencz zwemt nog elke dag, zoals te zien is in de film Prosecuting Evil, die vorig jaar over hem gemaakt werd. Ook probeert hij elke ochtend honderd push-ups te doen.

‘Vanmorgen kwam ik tot 75’, zegt Ferencz. ‘Maar soms ga ik over de honderd. Vorige maand kwam hier een interviewer van de plaatselijke krant, en die ochtend had ik er 115 gedaan. Maar toen ik het interview terug las, zag ik dat er ‘vijftien push ups’ stond. Ik heb meteen de krant gebeld, natuurlijk.’

Ferencz’ ogen glimmen. Zijn gestalte is fragiel maar toch stevig, als een antieke sculptuur. Zo oud worden en zo fit blijven, wat is zijn geheim? Ferencz rookt niet, drinkt niet, zegt hij. Hij is altijd sportief geweest. Als jongeman was hij bokser. ‘Ik mocht geen wedstrijden doen’, vertelt hij geamuseerd, ‘want ze vonden me te klein. Maar goed, waarschijnlijk zit dat lange leven gewoon in de genen, en heeft het niets met mijn lifestyle te maken.’

Misschien er is nog een andere verklaring voor uw vitaliteit: dat u zo’n duidelijk doel in uw leven hebt?

‘Ja, ik heb een roeping. En die is ontstaan in de Tweede Wereldoorlog. Ik had gevochten in het Derde Leger van generaal Patton en werd na de oorlog benoemd tot onderzoeker van oorlogsmisdaden. Dat betekende dat ik verschillende concentratiekampen moest bezoeken. Flossenbürg, Ebensee, Mauthausen. Mijn eerste kamp was Buchenwald. Overal lagen lichamen. Je kon amper zien of de mensen nog leefden. Degenen die nog net in leven waren, konden alleen nog met hun ogen om hulp roepen. Het was als een blik in de hel, en wat ik zag heeft zeker een traumatisch effect op me gehad. Mijn hele denken is erdoor bepaald. Want ik heb de rest van mijn leven geprobeerd te voorkomen dat zoiets nog eens zou gebeuren. Dat is belangrijker, vind ik, dan het vervolgen van een handjevol massamoordenaars.’

Bij het eerste Neurenberg-proces tussen november 1945 en april 1946 werden 22 hoge nazi’s veroordeeld. Maar er bleken nog veel meer oorlogsmisdadigers te berechten, in allerlei categorieën: kampcommandanten, SS’ers, dokters die medische experimenten hadden uitgevoerd. Zo werd besloten tot nog twaalf extra zaken, die gevoerd werden tussen 1946 en 1948. Ferencz werd in 1947 benoemd tot hoofdaanklager bij een van deze latere Neurenberg-processen.

Ben Ferencz in Neurenberg, 1947. Hij onderzocht oorlogsmisdaden van de nazi's. Beeld Hollandse Hoogte / Polaris Image

Uw zaak ging over de Einsatzgruppen, de paramilitaire doodseskaders aan het Oostfront. Hoe kwam het dat ze een 27-jarige benoemden als hoofdaanklager bij zo’n historische zaak?

‘De Einsatzgruppen hadden als opdracht om iedere Jood – man, vrouw of kind – die ze konden vinden, te doden. En hetzelfde te doen met zigeuners en andere veronderstelde vijanden van het Reich. Dus dat deden ze. Elke dag maakten ze een rapport en dat stuurden ze naar Berlijn. Als jonge researcher voor het Neurenberg-Tribunaal stuitte ik op die rapporten. Ik pakte de rekenmachine: 30.000 moorden hier, 46.000 moorden daar. Ik telde ze allemaal op. Toen ik op 1 miljoen zat, dacht ik: dit is genoeg. Er was tot dan toe geen aparte zaak voor de Einsatzgruppen voorzien. Maar ik stapte met mijn bewijs naar Telford Taylor, de hoofdaanklager die door president Truman benoemd was om de processen te leiden, en zei: ‘We moeten een extra rechtszaak aanspannen.’ Toen zei Taylor: ‘Oké, doe jij die dan maar.’ Het was mijn eerste zaak. Ik was nog nooit in een rechtszaal geweest!’

De moorden die de Einsatzgruppen pleegden waren bijzonder wreed.

‘Ja, sommigen sloegen een baby met zijn hoofd tegen een boom. Om munitie te besparen. Generaal Ohlendorf van de Einsatzgruppen zei: ‘Als je een moeder met een baby ziet, richt dan op de baby. Zij zal de baby altijd tegen haar borst aandrukken, dus zo dood je twee Joden in een. En bespaar je munitie.’ Ze gooiden ze ook in een greppel en stortten aarde over hen heen. Hun taak was gewoon alle joden die ze zagen uit te roeien, als kakkerlakken. In totaal waren er 3.000 leden van deze Einsatzgruppen, waarvan ik er 22 selecteerde op basis van hun rang en opleiding. Meer dan 22 kon niet, om de belachelijke reden dat we maar 22 plaatsen hadden in de beklaagdenbank.’

Wat gebeurde er met de anderen?

‘Niks. Die kwamen ermee weg. Daarom besefte ik al snel: een paar nazi’s berechten, dat is niet genoeg.’

Ferencz besloot hoger in te zetten. De jonge aanklager vroeg de rechtbank om ‘bij internationaal strafrecht het recht te bevestigen van alle mensen om in vrede en waardigheid te leven, ongeacht hun ras of geloof’. Hij noemde het ‘een bede van de mensheid aan het recht’.

Het was zijn persoonlijke bijdrage aan de Neurenberg-processen: een basis leggen voor internationaal recht in de toekomst. Ferencz: ‘Het interesseerde me niet wat er met deze 22 mensen zou gebeuren. Ik heb ook niet om de doodstraf gevraagd. Ze hadden een miljoen mensen vermoord, wat wil je dan doen? Ze in 1 miljoen stukjes hakken en aan de honden voeren? Er was geen passende straf denkbaar.’

Ferencz als een aanklager van het Neurenberg-proces in 1947-1948. Beeld Everett Collection

Kunt u zich voorstellen dat iemand verleid wordt door een volksmenner als Hitler, of zoals in deze tijd, door een extreem-rechtse of IS-achtige ideologie?

‘Ja, ik kan me dat heel goed voorstellen. Ik heb nooit gedacht dat het nazisme het enige voorbeeld was in de geschiedenis van dit type wreedheid. En elke oorlog kent wreedheden aan beide kanten, dat heb ik als soldaat zelf gezien. Ik herinner me een Duitse vrouw. Zij was betrokken bij het doodslaan van een Amerikaanse piloot. Maar wat bleek? Ze had bij Amerikaanse bombardementen twee kinderen verloren. Sommige dingen zijn begrijpelijk, maar daarmee nog niet gerechtvaardigd. Ik snap best dat je verblind kunt worden door een ideologie. De helft van de Duitsers geloofde echt wat Hitler zei. Dat het Duitse volk niet kon schitteren omdat het gesaboteerd werd door de Joden. Hij hield een krachtige toespraak en er werd gejuicht, mensen riepen Sieg Heil. Deutschland über alles! Klinkt dat bekend? Make America great again!

Over Trump gaan we het zo nog hebben. Wat vindt u dat we moeten doen met de nieuwe lichting oorlogsmisdadigers, de strijders van IS: berechten of heropvoeden?

‘IS’ers hebben recht op een eerlijk proces. Als dat niet kan voor een lokale rechtbank is er gelukkig het Internationaal Strafhof. En ja, je moet proberen ze te heropvoeden, als dat kan. Maar we moeten niet alleen IS’ers heropvoeden. We moeten iedereen heropvoeden die gelooft in het gebruik van gewapend geweld. We denken dat nazi’s en IS’ers ‘verblind’ zijn door een gevaarlijke ideologie. Maar zij zijn geen uitzondering.’

In Prosecuting Evil zegt u: ‘Oorlog verandert fatsoenlijke mensen in massamoordenaars.’

‘Ja, dus de echte oplossing is stoppen met oorlogvoeren. Maar dat betekent niet dat iedereen vrijuit gaat in een oorlog. Oorlog is geen abstract gegeven. Het zijn mensen die een oorlog beginnen. En misdaden worden gepleegd door individuen, die we voor hun daden verantwoordelijk moeten houden.’

Ferencz was de eerste die het woord ‘genocide’ voor een rechtbank gebruikte. De bedenker was Raphael Lemkin, een Pools-Joodse advocaat. Het was een contractie van het Griekse woord génos (soort, ras, volk) en het Latijnse caedere (doden). Lemkin had het begrip in zijn boek Axis Rule in Occupied Europe (1944) omschreven als ‘De vernietiging van een natie of een etnische groep’.

Ferencz: ‘Lemkin was ook in Neurenberg. Hij was een arme sloeber, had altijd gaten in zijn overhemd. Hij gaf me zijn boek, ik las het en ik vond dat hij gelijk had. Genocide stond nog niet het wetboek. Dat wist ik goed, maar dat kon me niets schelen. Dus ik gebruikte het in mijn pleidooi, hoewel het juridisch niet kon: de nazi’s vervolgen voor een misdaad die nog niet als misdaad erkend was.’

Zijn eigenwijsheid hielp het internationaal recht vooruit. In 1948 werd de Genocide-Conventie aangenomen door de Verenigde Naties. Maar gevraagd naar dit succes, uit Ferencz vooral frustratie over de laksheid van zijn eigen land. ‘Het is een schande dat het nog veertig jaar duurde voordat de VS de Genocide-Conventie tekenden. Pas in 1988!’

Na Neurenberg was Ferencz vastberaden het zijne te doen om de wereld veiliger en vreedzamer te maken. Hij werkte als advocaat in New York. Las in zijn vrije tijd alles wat er te lezen was over internationaal recht, in de rechtenbibliotheek van de Verenigde Naties en die van Harvard. ‘Ik realiseerde me: om orde te hebben in een stad, in een land, of op een planeet, hebben we wetten nodig en rechtbanken. Dat is waar ik me voor inzet, nog steeds. Elke ochtend om 8.00 uur begin ik met werken, om 10.00 uur ’s avonds ga ik naar bed. 365 dagen per jaar.’

Gaat u nooit op vakantie?

‘Nooit. Pensioen, daar snap ik ook niks van. Moet ik gaan golfen? Een bal in een gat proberen te slaan, wat is dat voor onzin? Dus daarom zit ik hier met een vriendelijke reporter uit Amsterdam, die mij komt vragen hoe we de wereld moeten gaan redden.’

Ferencz in Leiden, 2014. Beeld RV

Inderdaad: hoe moeten we de wereld gaan redden?

‘Ik kan je een antwoord geven in drie boeken, of in drie woorden. Het antwoord in drie woorden is – mensen zijn dol op slogans: Law, Not War. Dat betekent dat staten bij een geschil naar een rechter stappen, zoals gewone mensen ook doen. Ik heb altijd gepleit voor een permanent Internationaal Strafhof, en dat is er nu sinds 2002, maar de VS hebben het niet erkend. John Bolton, de nationale veiligheidsadviseur van Trump, noemt het Hof zelfs ‘illegitiem’ en zegt dat de VS het nooit zullen erkennen.’

In het Nederlandse tijdschrift Nexus vergeleek u president Trump met generaal Ohlendorf, een van de 22 nazi’s die u in Neurenberg berechtte. Waarom?

‘Toen Trump zijn eerste toespraak hield voor de VN, zei hij over Noord-Korea: ‘Als jullie ons bedreigen, zullen we jullie volledig vernietigen: we will totally destroy you.’ Ik dacht: ben je gek geworden? Hoe vernietig je een totaal land en zijn volk? Dat is wat de Duitsers met de Joden deden. Gooi je er een atoombom op? Waar heb je het over? Ik dacht aan Ohlendorf, die we in Neurenberg ter dood veroordeeld hebben. We hebben hem opgehangen voor wat Trump dreigde te doen met Noord-Korea. Ik zag Trump en ik dacht: you’re Ohlendorf!’

Heeft u dat ook tegen Trump gezegd?

‘Nee, ik heb hem nog nooit ontmoet. Maar hij mag het gerust weten. Hij mag naar de hel lopen, wat mij betreft.’

Kunt u zich voorstellen dat veel mensen het te ver vinden gaan Trump te vergelijken met de nazi’s?

‘Ja, dat gaat ook te ver, als je dat zo zegt. De nazi’s hebben miljoenen mensen vermoord, Trump niet. Maar hij dreigt er wel mee. Hij dreigt met genocide: we will totally destroy you. Ik zeg niet dat hij een Hitler is, wel dat hij dezelfde argumentatie volgt als die ik in Neurenberg van nazi’s als Ohlendorf gehoord heb. Het denken van Trump is Hitler-denken, in de zin van ‘kill them all’-denken. Zijn beleid is onmenselijk en een schande voor de VS. Ik ben in de jaren 1920 naar Amerika gekomen met mijn ouders, als Joodse emigranten uit Oostenrijk-Hongarije. Trump wil de grenzen sluiten, een muur bouwen! Ik heb de Maginotlinie gezien en de Berlijnse muur. Het heeft geen zin een muur te bouwen, het is stompzinnig. Kijk hoe Trump de Mexicanen behandelt die hier proberen te komen. Hij scheidt de moeders van de baby’s. Dat is een misdaad tegen de menselijkheid.’

Denkt u echt dat de regering van Trump slechter scoort op mensenrechten dan die van Bush of Clinton? Om maar iets te noemen: onder het bewind van Obama is een recordaantal drone-aanvallen uitgevoerd. En onder Bush zijn de VS Irak binnengevallen met vele onschuldige burgerslachtoffers tot gevolg.

‘Ik maak niet graag vergelijkingen zo van: wie is de ergste? We moeten mensen beoordelen op specifieke daden waarvoor ze verantwoordelijk zijn. Kinderen bij hun ouders wegrukken omdat hun ouders niet de juiste toegangspapieren hebben is in mijn ogen een misdaad tegen de menselijkheid. 

Het gaat mij niet om Trump, Bush, of wie dan ook. Ik strijd voor een wereld waarin elke leider vervolgd kan worden voor het illegaal gebruik van gewapend geweld. In 1958 zei president Eisenhower: ‘De wereld heeft echt geen keuze meer tussen geweld en recht. Het recht moet regeren, wil de beschaving overleven.’ Die woorden zijn meer dan ooit van belang, nu we met cyberwapens het elektriciteitsnet van de wereld plat kunnen leggen. Daarmee kun je miljoenen mensen tegelijk doden. Ook Rusland en China kunnen dat doen. Daarom moeten we ons hele denken veranderen.’

Af en toe kan Ferencz een vraag niet goed verstaan. ‘Kom iets dichterbij’, zegt hij en wijst naar zijn linkeroor. ‘Dit oor is al honderd. Het andere nog maar 99.’

In Prosecuting Evil vertelt uw zoon dat u vroeger elke avond bij het avondeten vroeg: ‘Wat hebben jullie vandaag voor de mensheid gedaan?’

‘Klopt! Ze verzonnen elke keer wat nieuws. Dan zeiden ze: ‘Ik heb vanochtend de leraar geholpen!’’

En wat was de straf als ze niks konden bedenken?

‘Dan kregen ze geen toetje. Ik heb vier kinderen en die zijn allemaal geboren in Duitsland, toen ik hoofdaanklager was bij de Neurenberg-processen. Als mensen me vragen hoe ik dat heb klaargespeeld, zeg ik: het Hof in Neurenberg had vaak reces. Ja, je moet ook wel kunnen lachen. De wereld is zo treurig. Als je niet kunt lachen verdrink je in tranen.’

Heeft u van uw kinderen ook wereldverbeteraars weten te maken?

‘Eigenlijk wel. Mijn drie dochters werken met migranten en voor milieuorganisaties. Werkten, moet ik zeggen. Want mijn kinderen zijn nu allemaal in de zeventig en met pensioen. Behalve mijn zoon, die voor mij werkt.’

In 1998 leek Ferencz’ droom uit te komen toen in Rome het Statuut van het Internationaal Strafhof werd opgesteld. De grote vraag was of de VS het Hof zouden gaan erkennen. Ferencz wist president Clinton over te halen om te tekenen, middels een opiniestuk op 12 december 2000 in The New York Times.

Ferencz in Leiden, 2014. Beeld RV

Opmerkelijk genoeg schreef u dat stuk samen met Robert McNamara, die zich als minister van Defensie voor Kennedy en Johnson bezighield met de Vietnam-oorlog.

‘McNamara had een van de eerste beklaagden kunnen worden. Dat wist hij heel goed. Toch wilde hij dit doen. Hij was oprecht berouwvol. McNamara wist al als minister dat ze de Vietnam-oorlog niet konden winnen en dat het zinloos was nog meer troepen te sturen. Hij voelde zich er schuldig over en benaderde mij uit zichzelf om dit opiniestuk te schrijven. Er was geen groot risico dat hij echt veroordeeld zou worden. Zo snel ging het niet. Het gaat erom: als er een Internationaal Strafhof was geweest, had de Vietnam-oorlog waarschijnlijk minder lang geduurd. Als leiders weten dat ze voor hun daden verantwoording moeten afleggen bij een onafhankelijke rechtbank, zullen ze eerder aarzelen om troepen te sturen en bommen te gooien. Dat was ook wat McNamara besefte. En het lukte ons Clinton over te halen, al wachtte Clinton tot het allerlaatste nippertje. Op oudejaarsavond 2000 stuurde hij iemand naar een praktisch leeg VN-kantoor in New York om namens hem het Statuut van Rome voor het Internationaal Strafhof te tekenen. Het was zijn laatste daad als president.’

Is die handtekening iets waard?

‘Ten eerste was het Statuut met Clintons handtekening nog niet geratificeerd. Maar bovendien is de handtekening herroepen door George W. Bush, die ook al met Bolton werkte. En Bolton heeft het voor elkaar gekregen dat het Congres in 2002 de zogenoemde The Hague Invasion Act aannam, waarmee de Amerikaanse president militairen zou kunnen sturen om Amerikaanse militairen te bevrijden uit hun Haagse cel. Ik heb nog meegedaan met een demonstratie daartegen, op het strand van Scheveningen, met een Amerikaanse vlag in mijn hand.’

De VS zeggen soms: het Hof kan gemanipuleerd worden en tegen ons gebruikt worden door onze vijanden.

‘Dat is nonsens. Je kunt altijd wel roepen dat een rechter partijdig is. Als je door rood gereden bent, dan zeg je dat de rechter je bekeurt omdat hij je auto niet mooi vindt. Het zijn allemaal excuses om de rule of law te ontlopen. Bolton ontkent het bestaan van internationaal recht. Houdt toespraken tegen het Internationaal Strafhof voor zeer invloedrijke mensen in het hele land. En vast ook in de rest van de wereld. Hij heeft recht op zijn mening, maar het is niet de mijne. Ik zeg: is dit de wereld die je wilt? Dat je als VS de dominante macht bent en iedereen kunt vermoorden die in de weg staat? Dat is wat Bolton en Trump voor ogen hebben.’

Is het wel eerlijk een Hof te hebben dat momenteel vooral Afrikaanse leiders vervolgt, maar geen Amerikaanse?

‘Natuurlijk niet! De wet moet voor iedereen gelden. Maar het gaat erom, vind ik, dat we nu eindelijk internationale rechtbanken hebben. Ze zijn nog niet perfect. Het is een begin van een leerproces, waarbij we leren ons te wenden tot het recht in plaats van naar de wapens te grijpen. Het is moeilijk, ook om bewijs te vinden, alleen al om het land binnen te komen waar de misdaden gepleegd zijn. Misschien is het staatshoofd zelf bij de misdaden betrokken en werkt hij niet mee. Je hebt veel mensen nodig, en geld. Zo zijn er kinderziektes bij het Internationaal Strafhof. Het is een prototype. We moeten een beetje geduld hebben.’

Wat is volgens u de volgende horde om te nemen voor het Internationaal Strafhof?

‘Er zou een afdeling voor handhaving moeten komen, om af te dwingen dat wetten en vonnissen worden nageleefd. Zonder handhaving is recht een farce. Maar dat is nu even te ambitieus. Op dit moment vecht het Hof voor zijn bestaan. Onder Obama werd het Hof niet gedwarsboomd, er werd zelfs samengewerkt. Bolton en Trump zien het het liefst verdwijnen. Het is een treurige tijd. Ik heb lang gewacht op dat Hof, vanaf mijn 27ste. Ze vroegen me het slotpleidooi te houden tijdens de eerste zaak, ik was toen 92.’

Dus dat heeft even geduurd.

‘Ja. Ik zeg weleens: ik heb geen tijd om dood te gaan.’

Onlangs in het vliegtuig naar Chicago, waar hij een lezing ging geven, kreeg Ferencz een hartaanval. Hij werd wakker in het ziekenhuis. Sindsdien is hij al zijn boeken aan het weggeven. ‘In mijn huis in New Rochelle, New York, staan duizenden boeken. Ook mijn geld geef ik weg, onder andere aan het Holocaust Museum in Washington. Ik ben arm geboren, als zoon van Joodse immigranten uit Transsylvanië in Oostenrijk-Hongarije. Ik ben rijk geworden. Mijn doel is om weer arm te sterven.’

Bent u tevreden over uw leven?

‘Ja, zeker. Het leven is goed voor me geweest. Ik ben al meer dan zeventig jaar gelukkig getrouwd. Ik heb Gertrude ontmoet in de Bronx in New York, zij kwam ook uit Transsylvanië. We hebben in die zeventig jaar nooit ruzie gehad.’

Nooit?

‘Nooit!’

Uw droom is nog steeds dat staten bij een geschil geen oorlog gaan voeren maar naar een onafhankelijke rechtbank stappen. Denkt u dat die dag ooit zal komen?

‘Dat is mijn doel! Vlak na de oorlog sprak ik een paar hoogleraren die zeiden: het is een nobel idee, maar het zal je niet lukken. Verspil daar je tijd niet aan. En ik zei: ‘Ik weet ook wel hoe moeilijk het is, maar ik ga het toch proberen.’ Ik denk weleens aan de gebroeders Wright. Ze hadden een fiets, zetten er een vleugel op en zeiden: ‘Wij kunnen deze fiets laten vliegen.’ En mensen zeiden: ‘Als God de mens had willen laten vliegen, had hij hem wel vleugels gegeven.’ We noemden de Wright-broers ‘dromers’, zoals ik ook ben. Maar we hebben inmiddels duizenden vliegtuigen in de lucht en de meeste vliegen zonder te crashen. Daarom zeg ik tegen de jonge generatie: jullie zijn aan zet, stop met oorlogvoeren, zorg dat oorlog iets van het verleden wordt. Law, Not War. Ik heb vooruitgang geboekt, maar er wordt nog steeds oorlog gevoerd. Daarom werk ik stug door, ook in mijn honderdste jaar.’

Ben Ferencz schreef dit jaar een autobiografisch essay voor tijdschrift Nexus (nexus-instituut.nl). Prosecuting Evil (2018) is te zien op Amazon. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden