interview

Attentie, attentie: waarom we steeds korter onze aandacht ergens bij kunnen houden (en hoe we dat kunnen keren)

Toen schrijver Johann Hari moest toegeven dat hij zich nauwelijks meer kon concentreren, besloot hij op zoek te gaan naar het hoe en waarom. Sociale media, slaap, voeding: alles moet op de schop, ontdekte hij.

Gijs Beukers
null Beeld  Tsjisse Talsma
Beeld Tsjisse Talsma

Na de publicatie van het vorige boek van Johann Hari, Verbinding verbroken, een bestseller over de oorzaak van depressies, kwam een bekende naar hem toe. ‘Ik zag dat je op tv werd geïnterviewd over je boek’, zei hij. ‘Het zag er interessant uit. Zou je nog even kort kunnen uitleggen waar het over gaat? Het lukt me niet meer om een heel boek te lezen.’

Oorzaken van die gekrompen aandachtsspanne zijn te lezen in Hari’s nieuwe boek, De aandacht verloren – Waarom we ons niet meer kunnen concentreren, dat onlangs bij Nijgh & van Ditmar is verschenen. De Brits-Zwitserse journalist (43) interviewde 250 experts, waarvoor hij bijna 50 duizend kilometer aflegde.

‘Johann Hari beschrijft op unieke wijze de grote gevaren van de informatietechnologie waar de mensheid mee wordt geconfronteerd’, schrijft Hillary Clinton op de achterflap, waar ook warme aanbevelingen van Stephen Fry en Rutger Bregman staan. Over belangstelling van de pers heeft hij niet te klagen: hij werd geïnterviewd door New York Times-columnist Ezra Klein, Fox News-presentator Tucker Carlson en talkshowgrootheid Oprah Winfrey.

‘Door Oprah!’, roept hij zittend in kleermakerszit op zijn enorme rode bank tegenover zijn enorme tv (90 inch) in zijn gezellig rommelige huis vol boeken en dvd’s op twee bovenverdiepingen in Noord-Londen. ‘Vanaf nu kan mijn leven alleen nog maar bergafwaarts gaan. Volgens mij zijn we soort van vrienden. Ik heb haar meerdere keren gesproken en ben in haar huis geweest in Montecito, Californië – vergeleken daarmee lijkt Buckingham Palace op de kartonnen doos van een dakloze.’

Tijdens het interview spreekt Hari over de oorzaken van de ‘concentratiecrisis’. Ook behandelt hij oplossingen, op individueel én op politiek niveau.

Schrijver Johann Hari: ‘Je kunt nog beter stoned één ding tegelijk doen dan nuchter multitasken.’ Beeld Getty Images
Schrijver Johann Hari: ‘Je kunt nog beter stoned één ding tegelijk doen dan nuchter multitasken.’Beeld Getty Images

Hari kwam op het idee voor het boek door zijn petekind, die op de basisschool fan was van Elvis Presley. ‘Ik heb hem toen beloofd dat we samen naar Graceland zouden gaan’, zegt Hari. Tien jaar later, in 2017, ging het slecht met de jongen. Hari: ‘Hij was op zijn 15de gestopt met school en – dit klinkt als een overdrijving, maar dat is het niet – bijna al zijn uren gingen op aan WhatsApp, Snapchat, YouTube en porno.’

Hari wijst naar de bank. ‘Hij zat op de plek waar jij nu zit en ik probeerde met hem te praten, maar hij kon zijn ogen niet van zijn scherm afhouden – om eerlijk te zijn deed ik het niet veel beter. Om die verdoofde routine te doorbreken, stelde ik voor om samen naar Graceland te gaan. Maar dan moest hij zijn telefoon wel overdag thuislaten. ‘Is goed’, zei hij. ‘Dat beloof ik.’’

Een paar weken later stonden ze in Memphis, Tennessee, bij de ingang van het huis waar Elvis woonde tot zijn dood in 1977. Daar kregen ze een iPad die ze instructies gaf. Hari: ‘Met als gevolg dat iedereen die door Graceland loopt, op een scherm staart.’

In de Jungle Room, een kamer vol nepplanten, stond hij naast een man die zijn vrouw aantikte. ‘Schat, dit is geweldig’, zei hij, wijzend naar zijn iPad. ‘Als je naar links swipet, zie je de linkerkant van de Jungle Room. Swipe je naar rechts, dan zie je de rechterkant.’

‘Meneer’, zei Hari toen, ‘er is ook een ouderwetse manier van swipen: het draaien van je hoofd’.

Het stel keek Hari aan alsof hij gek was en verliet de kamer. Hari wendde zich tot zijn petekind, dat verzonken was in Snapchat – van zijn belofte was weinig terechtgekomen. Uiteindelijk griste Hari de telefoon uit zijn handen, waarna de twee met ruzie uit elkaar gingen.

Toen ze elkaar de volgende dag bij het gitaarvormige zwembad van het Heartbreak Hotel weer zagen, bood Hari zijn excuses aan voor zijn woedeaanval. Hari, nu: ‘Mijn petekind zei toen dat er iets mis met hem was, hij wist alleen niet wat. Ik dacht al langer na over onze aandachtsboog, maar op dat moment wist ik: hier moet ik een boek over schrijven.’

De premisse van dat boek werd dat we ons minder goed kunnen concentreren dan vroeger. Maar klopt dat wel? In 2017 publiceerde BBC News een artikel met de kop: ‘Busting the attention span myth’, ofwel ‘De aandachtsboogmythe doorgeprikt’. En in zijn boek schrijft Hari dat we niet beschikken ‘over onderzoeken die veranderingen in het aandachtsvermogen van mensen over langere tijd bijhouden’.

Je kunt hier op twee manieren naar kijken, zegt Hari. ‘Als we honderdvijftig jaar konden teruggaan in de tijd en wetenschappers zouden elk jaar de aandachtsboog van mensen meten, hadden we waterdicht bewijs gehad. Die data zijn alleen nooit verzameld. Maar ik denk dat we via een andere weg tot dezelfde conclusie kunnen komen.’

Er zijn ontwikkelingen waarvan we weten dat ze de aandachtsspanne schaden, zegt Hari. In zijn boek noemt hij er dertien, tijdens het interview behandelt hij er vier.

1) We multitasken meer

Voor zijn boek sprak Hari met Earl Miller, hoogleraar neurowetenschappen aan het Massachusetts Institute of Technology (MIT). ‘Miller vertelde dat het menselijk brein maar aan een of twee dingen tegelijkertijd kan denken. Maar de gemiddelde Amerikaanse tiener denkt dat hij zes of zeven soorten media tegelijkertijd kan volgen. Daarom schakelen tieners voortdurend: waar ging dat Facebook-bericht over? Wat kwam er voorbij op WhatsApp? Wat vroeg je me net ook alweer?’ Hari citeert onderzoeken die stellen dat Amerikaanse werknemers om de drie minuten worden afgeleid, en studenten om de 65 seconden.

Aan dit ‘jongleren’ hangt een prijskaartje, zegt Hari. ‘Een onderzoek in opdracht van Hewlett-Packard testte het IQ van werknemers in twee situaties: in de eerste werden ze met rust gelaten, daarna moesten ze mails en telefoontjes beantwoorden. In dat laatste geval bleek hun IQ tien punten lager. Om je een idee te geven: als wij nu samen een dikke joint zouden roken, zou ons IQ met vijf punten omlaag gaan. Je kunt dus beter stoned achter je bureau zitten en een ding tegelijkertijd doen, dan nuchter multitasken.’

Dat mensen vaker moeten schakelen dan vroeger staat vast, zegt Hari. ‘Toen ik op de universiteit hoorcolleges volgde, werd je aandacht alleen onderbroken door een berichtje als iemand je een papieren briefje toeschoof. Nu krijgt iedereen voortdurend berichtjes binnen via zijn smartphone of laptop. Uit onderzoek van hoogleraar Michael Posner van de universiteit van Oregon blijkt dat als je wordt onderbroken het 23 minuten duurt voordat je weer even geconcentreerd bent als daarvoor.’ Hari citeert in zijn boek James Williams, een voormalig strateeg van Google, die alle informatie die op ons afkomt vergelijkt met een ddos-aanval, waarbij hackers een site platleggen door die te bombarderen met informatie.

2) We slapen minder

‘Ik interviewde slaapexperts en de cijfers die ze gaven zijn verbazingwekkend’, zegt Hari. ‘We slapen gemiddeld 20 procent minder dan een eeuw geleden.’ De gevolgen hiervan zijn in kaart gebracht door Charles Czeisler, die Hari sprak op Harvard Medical School. ‘Hij liet proefpersonen een foto zien en vroeg later bijvoorbeeld aan ze welke kleur de auto op die foto had. Daaruit bleek dat achttien uur wakker zijn – wat mensen doen die maar zes uur slapen – hetzelfde effect heeft als dronken zijn.’

Waarom slapen we minder? Hari: ‘Daar is discussie over. Sommigen zeggen dat het komt doordat we zoveel worden blootgesteld aan kunstmatig licht. Negen van de tien mensen kijken naar een scherm tijdens de twee uur voordat ze gaan slapen. Mijn oma deed dat niet.’ Bedrijven hebben er belang bij, zegt Hari. ‘Dokter Czeisler zei dat als we allemaal weer genoeg slapen, dat een enorme economische crisis veroorzaakt, omdat we allemaal een uur minder consumeren.’ Reed Hastings, ceo van Netflix, zei ooit dat zijn grootste concurrent niet een andere streamingdienst is, maar slaap.

3) We eten meer suikers

Nog een oorzaak van de ‘aandachtscrisis’ is het moderne dieet. ‘De voedingspsychiatrie is een fascinerende nieuwe beweging die onderzoekt hoe eten ons brein beïnvloedt’, zegt Hari. ‘Veel westerse mensen ontbijten met gesuikerde cornflakes of een witte boterham met boter. Door die berg glucose voel je je springlevend. Maar een paar uur later voel je je weer versuft en heb je een kop koffie nodig. Zo is de hele dag een achtbaan van energiepieken en -dalen, waardoor je je niet langere tijd kunt concentreren. Voedingsdeskundige Dale Pinnock zegt dat onze manier van voeden te vergelijken is met het gieten van raketbrandstof in een Mini. Ontbijten met bijvoorbeeld havermout laat energie veel geleidelijker in je lichaam los.’

4) We lezen meer van schermen

Beeldschermen hebben onze concentratie verslechterd, zegt Hari. Hij verwijst naar onderzoek van Anne Mangen, hoogleraar geletterdheid aan de universiteit van Stavanger in Noorwegen, dat heeft aangetoond dat papierlezers meer van een tekst onthouden dan schermlezers. ‘Mangen heeft de oogbewegingen van proefpersonen gemeten. Op papier lezen we van links naar rechts. Een scherm daarentegen, zegt Mangen, scannen we, een beetje in de vorm van een Z.’ En naarmate we meer van beeldschermen lezen, sijpelt het scannen ook steeds meer door naar het papierlezen. Hari: ‘Het lezen van een roman wordt zo minder een warm bad waarin je je onderdompelt en steeds meer een supermarkt waarin je rondrent om de dingen bijeen te graaien die je nodig hebt.’

Steeds minder mensen slaan überhaupt een boek open. Het aantal Amerikaanse mannen dat voor zijn plezier leest is tussen 2004 en 2017 gedaald met 40 procent, bij vrouwen is dit 29 procent, bleek uit de American Time Use Survey.

De gevolgen

De gevolgen van de ‘aandachtscrisis’ zijn groot, stelt Hari. ‘Denk eens aan iets waarop je trots bent in je leven. Of het nu is dat je een goede ouder bent, dat je een bedrijf bent begonnen of hebt leren gitaarspelen, het vereist allemaal lange perioden van ononderbroken concentratie.’

Consequenties zijn er ook op grotere schaal. ‘In een samenleving waarin mensen Snapchat afwisselen met WhatsApp zullen de grote problemen van deze tijd niet worden opgelost. Toen ik een kind was, in de jaren tachtig, werd het gat in de ozonlaag ontdekt. Wat gebeurde er vervolgens? Wetenschappers legden de complexe materie uit aan het volk, dat de boodschap begreep en vervolgens de politiek onder druk zette om maatregelen te nemen. Nu is de ozonlaag bijna geheel hersteld.’

Tegenwoordig zou het anders lopen, zegt Hari. ‘Mensen zullen zich online afvragen hoe we überhaupt weten dat de ozonlaag bestaat en daar miljoenen likes mee scoren. Dezelfde dynamiek hebben we gezien bij corona en de klimaatcrisis.’

De oplossingen

Genoeg reden dus om het gevecht aan te gaan, zegt Hari. Maar hoe? Hij onderscheidt aanval en verdediging. De aanval betreft maatregelen die de politiek moet nemen, de verdediging gaat over hoe het individu zichzelf kan beschermen.

Bij de aanval moeten er volgens Hari een aantal dingen gebeuren. Een voor de hand liggende oplossing is het aanpakken van big tech. ‘Dit gaat niet over of je voor of tegen tech bent – ik opper niet dat we ons gaan aansluiten bij de amish. Het gaat om hoe sociale media nu werken.’

Facebook, Instagram en andere sociale media verdienen op twee manieren aan gebruikers. Ze verkopen advertenties en ze verkopen gebruikersprofielen die zijn gebaseerd op je surfgedrag aan adverteerders. ‘Een kenmerk van dat verdienmodel is dat ze je zwakheden uitbuiten, bijvoorbeeld door de mogelijkheid te bieden om likes te ontvangen, om te proberen je zo lang mogelijk op hun platforms te houden.’

Stel dat we het ‘surveillancekapitalisme’ morgen afschaffen, zegt Hari. ‘Zou Facebook dan ophouden te bestaan? Nee, natuurlijk niet. Ze zouden een ander verdienmodel hebben. Denk aan abonnementen; in plaats van een product word je klant. In plaats van het uitbuiten van je zwakheden moeten ze ineens aan je behoeften denken. O, onze gebruikers willen zich kunnen concentreren. Ze zouden eigenlijk offline met vrienden willen afspreken. Dan faciliteren we dat je een alert krijgt als je vriend Jim ook in Londen is.’

Ja, de functie ‘Vrienden in de buurt’ bij Facebook bestaat al. ‘Maar’, zegt Hari, ‘onder een obscure knop waar maar 6 procent van de Facebookgebruikers op klikt. Facebook zou je nu nooit aanmoedigen de functie te gebruiken, omdat ze geld verliezen als je offline bent.’

De aandacht verloren, het boek van Johann Hari.  Beeld
De aandacht verloren, het boek van Johann Hari.

Willen we ons wel concentreren? Willen we niet liever hersenloos scrollen? Hari: ‘Ik zeg niet dat mensen alleen nog maar op hun kamer Oorlog en vrede moeten lezen. Het is leuk en gezond om soms te worden afgeleid. Maar niet de hele dag.’

Is het niet zo dat ook diensten met een abonnementsmodel gebruikers zo lang mogelijk aan hun platform gekluisterd willen hebben? Zie bijvoorbeeld de uitspraak van Netflix-ceo Hastings over concurrent slaap. ‘In tegenstelling tot wat Hastings zegt, gaat het bij abonnementsmodellen meer om kwaliteit dan om kwantiteit. Ik heb mijn abonnement op streamingdienst HBO niet omdat ik vijf uur per dag kijk, maar omdat ik van de serie Mare of Easttown hou.’

Een alternatief voor het abonnementsmodel is het collectiviseren van sociale media. ‘Dat klinkt misschien extreem, maar zo hebben we het ook gedaan met de riolering; een openbaar nutsbedrijf, eigendom van de staat.’

Hari pleit, half grappend, voor een ‘Attention Rebellion’. ‘We zijn geen middeleeuwse boeren die moeten bedelen aan het hof van koning Zuckerberg om een kruimeltje aandacht. We zijn vrije burgers van democratieën.’

Andere ‘aanvallende’ oplossingen van Hari vergroten de aandachtsboog door stress te verminderen: de vierdaagse werkweek en het ‘recht op onbereikbaarheid’. In Frankrijk is al een maatregel van kracht die werknemers het recht geeft om buiten kantooruren niet naar hun e-mail of telefoon te kijken.

Deze collectieve maatregelen laten mogelijk nog lang op zich wachten. Wat kan het individu zelf doen? ‘Van alles’, zegt Hari. Hij gebruikt de app Freedom, die zijn laptop afsluit van het internet. ‘En ik heb een plastic kluis, een K-Safe, om mijn telefoon in op te bergen. Die stel je in op een tijd tussen 5 minuten en 24 uur en in die tijd krijg je hem echt niet open, of je moet hem inslaan met een hamer. Ik gebruik hem minstens vier uur per dag: als ik schrijf, tijdens het eten of het kijken van een film en voordat ik ga slapen.’

Hari kocht ook een Fitbit-apparaat en als dat minder dan acht uur slaap heeft geregistreerd, draait hij zich nog eens om. Zijn dieet probeert hij te veranderen. ‘Een goede richtlijn is dat je moet eten wat je oma in haar jeugd herkend zou hebben als voedsel – dat is onbewerkt.’

Door de maatregelen is zijn aandachtsboog met 20 procent toegenomen, schat hij. ‘Ik ga niet liegen, mensen gaan dit probleem niet in hun eentje oplossen. Want nu is het alsof iemand de hele dag jeukpoeder over ons hoofd strooit en zegt: ‘Misschien moet je mediteren eens overwegen?’ Nou, fuck you. Ik ga leren mediteren, dat is zeker waardevol. Maar jij moet geen jeukpoeder meer over me heen gooien.’

Wie is Johann Hari?

Johann Hari (Glasgow, 1979) heeft een Schotse moeder en een Zwitserse vader. Na te hebben gewerkt als krantenjournalist schreef hij in 2015 Chasing the Scream: The First and Last Days of the War on Drugs. Een hoofdstuk hiervan werd in 2021 verfilmd als The United States vs Billie Holiday.

In 2015 gaf Hari een TED-Talk met de titel ‘Alles wat je denkt te weten over verslaving is fout’, die 19 miljoen keer is bekeken. In 2018 schreef hij een boek over depressie: Verbinding verbroken: de ware oorzaken van depressie en de onverwachte oplossingen.

Johann Hari: De aandacht verloren – Waarom we ons niet meer kunnen concentreren. Uit het Engels vertaald door Marga Blankestijn. Nijgh & van Ditmar; 368 pagina’s; € 24,99.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden