Land van afkomst Terrence Agard

Atleet Terrence Agard: ‘Mijn nek gebroken, dacht ik, dan ben je dood óf verlamd’

Terrence Agard: ‘In het begin was ik woedend. Churandy zat achter het stuur en hij was fout geweest bij die aanrijding.’ Beeld Ernst Coppejans

Atleet Terrence Agard ( 29 ) kwam van Curaçao naar Nederland voor de sport, maar hij brak zijn nek bij een auto-ongeluk. ‘Wat ik voelde? Paniek, woede, depressie.’ Zijn hoop op een glansrijke atletiekcarrière werd de bodem ingeslagen, maar Agard herstelde. ‘Ik ga door.’

Terrence Agard is een Curaçaoënaar, geen Antilliaan. ‘Zo voel ik het. Officieel bestaan de Nederlandse Antillen niet meer, dus dan kun je ook geen Antilliaan zijn. Als over een Curaçaoënaar negatief wordt geschreven, is het altijd: een Antilliaan. Een koloniale term zou ik het niet noemen. Wat is gebeurd kunnen we niet veranderen. Ik kijk naar de toekomst.’

Wanneer kwam je naar Nederland?

‘In 2014, voor de sport. Op Curaçao hadden we een atletiekbaan, een zaal en een zwembad, verder waren er geen faciliteiten. Geen aanpak ook.’

Was je hier al geweest?

‘Alleen in de zomer, als kind. Op vakantie is alles mooi, met mijn familie gingen we naar de Efteling en Duinrell, op Curaçao had je zoiets niet. Ik had de slechte seizoenen in Nederland nog niet meegemaakt.

‘Op mijn 18de koos ik voor de atletiek, vanuit Curaçao deed ik mee aan alle kampioenschappen. Mijn blik was meer gericht op een scholarship in Amerika, trainen in Florida. Jaren later hoorde ik pas over Papendal.

‘Na 2010 werd het concreet. De Nederlandse Antillen waren geen land meer, nu konden we uitkomen voor Nederland. Churandy Martina was dat al gaan doen, ik keek naar hem op.’

Was het raar om het shirt van een ander land te dragen?

‘Voor je eigen land uitkomen, je eigen volkslied horen, dat doet wat met je. In Nederland heb je weer meer supporters en je kunt als atleet beter worden geholpen. Dat is heel goed.’

Hoe was het om te verhuizen?

‘Het was moeilijk. Ik had 24 jaar op Curaçao gewoond. Nooit een winter of herfst meegemaakt. Maar ik was determined. Op Papendal blijven de meeste atleten twee of drie dagen per week. Ik was een van de weinigen die er permanent woonden.

‘Op bepaalde momenten was ik daar helemaal alleen. Het was eenzaam, ik had niets anders te doen dan trainen. Een auto had ik niet, ik kon moeilijk weg. Soms dacht ik: waarom ben ik hier eigenlijk, wat doe ik?’

Een jaar na de verhuizing, in de nacht van 11 september 2015, zit Terrence Agard in een door Churandy Martina bestuurde Volkswagen Polo. Een van de andere passagiers is hun collega-atleet Hensley Paulina.

Op de terugweg naar Papendal vanuit Breda, waar ze de verjaardag van Martina’s vriendin hebben gevierd, raakt de auto op de A50 een vrachtwagen en slaat over de kop. ‘Rechts achterin zat ik, we hadden een stukje gereden en ik viel in slaap. Ik werd wakker in het ziekenhuis, waar ze een brace om mijn nek zetten. Dokters vroegen: ben jij Terrence?’

Dacht je eerst dat je droomde?

‘Zo voelde het. Ik werd wakker, ze zeiden dat ik mijn nek had gebroken en ik ging out, ik raakte in paniek. Mijn nek gebroken, dacht ik, dan ben je dood óf verlamd. Hoe zal mijn leven hierna zijn? Alles is voorbij. Later werd ik weer wakker en hadden ze mijn lichaam helemaal vast gezet, zodat ik niet kon bewegen.

‘Misschien een rolstoel, sowieso geen atletiek meer. Daar ging ik vanuit. In de maanden erna, wat voelde ik? Paniek, woede, depressie. Alle aanvallen die je kunt bedenken, ik heb ze gehad.’

Hoe ging het met de bestuurder van de auto?

‘Churandy en Hensley waren ongedeerd, zij hoefden alleen voor controles naar het ziekenhuis. In het begin was ik woedend. Churandy zat achter het stuur en hij was fout geweest in die aanrijding. Ik voelde geen jaloezie, ik was alleen boos om hoe erg het bij mij was, hoe zou mijn leven hierna zijn?

‘Later besefte ik dat ik hem moest vergeven. Het was niet goed voor mij om zo woedend op hem te zijn. Hij was nog steeds mijn voorbeeld. Wat hij heeft gedaan als sprinter, dat blijft. En ik weet 100 procent zeker dat hij het niet expres deed. Churandy was er op elk moment dat ik hem nodig had.

‘Nadat ik was hersteld, trainden we samen. In het begin spraken we niet. Tot we op een dag gingen zitten, in de woonkamer van het huis op Papendal. Als twee volwassen mannen hebben we het uitgepraat.

‘Mijn motivatie was: trainen om de Olympische Spelen van 2016 in Rio te halen – ook al was het niet realistisch. Ik beloofde mezelf om de oude te worden. De eerste paar maanden bepalen of je doorgaat, of het goed gaat komen.

‘In 2016 haalde ik de Olympische Spelen niet, maar ik stond wel op het EK atletiek in Amsterdam. Op de 4x400 meter liep ik een snellere tijd dan daarvoor. Dat was zo groot voor mij. Ik wist dat ik nog niet klaar was.

‘De eerste jaren na het ongeluk had ik nog klachten en blessures. Pas dit jaar is het weer helemaal goed. Het is net niet gelukt om me te kwalificeren voor het WK atletiek. Voor een WK doe je het, als je daarheen mag heb je alles bereikt. Als je het niet haalt, voelt het alsof je een jaar voor niets hebt getraind. Maar ik ga door.’

Nederlands

‘Altijd. Ik heb een Nederlands paspoort, dat is wat ik officieel ben.’

Curaçaoënaar

‘Ook altijd. Niet officieel, maar in mijn hart.’

Partner

‘Als het klikt maakt het niet uit of die persoon van Azië of Afrika of waar dan ook is.’

Wit of blank

‘Wit is toch de officiële term voor Europeanen? Het witte ras, het zwarte ras.’

Terrence Agard (Curaçao, 1990) won in juli de finale bij de 400 meter op het NK atletiek.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden