Asielbeleid kan alleen Europees beleid zijn

Nederland kan niet langer lijdzaam blijven afwachten hoeveel asielzoekers zich aan onze grenzen zullen melden. De lasten moeten evenredig over Europa worden verdeeld, aldus Boris O....

ZOALS HET er nu naar uitziet, zullen zich dit jaar meer dan 40.000 asielzoekers in Nederland aanmelden. Deze toename in Nederland steekt af bij de daling in Duitsland. De opvang- en asielzoekerscentra kunnen de onverwacht hoge toestroom over enkele weken niet meer aan. Er wordt gespeculeerd over het plaatsen van tenten en caravans op de terreinen van de centra om de laatste lichtingen toch nog een dak boven het hoofd te bieden.

Het asielbeleid lijkt vast te lopen. De nieuwe staatssecretaris van Justitie Cohen heeft in zijn toespraak bij de opening van een nieuwe penitentiaire inrichting in het Groningse Ter Apel aangekondigd dat het vreemdelingenbeleid streng en restrictief moet worden uitgevoerd. Bovendien zal hij aanvullende maatregelen nemen om de situatie niet verder uit de hand te laten lopen.

Daartoe behoren plannen om sommige groepen asielzoekers zelf opvang te laten zoeken en anderen geen opvang meer te bieden. Ook het idee van wachtlijsten circuleert. De kans dat asielzoekers, die hier heg noch steg kennen, daardoor in de illegaliteit belanden en wellicht in verkeerde handen vallen, lijkt groot.

Dit soort maatregelen roept het beeld op van het lijdzaam over ons heen laten komen van grote aantallen mensen, terwijl we met lapmiddelen het in de kern zorgvuldige systeem overeind proberen te houden. Hoe lang kunnen we nog doorgaan achteruit lopend de toekomst in te gaan?

Er zijn te veel factoren op het gebied van asiel, waarop de overheid nauwelijks invloed kan uitoefenen. Als gevolg van burgeroorlogen, hongersnood of gebrek aan toekomstperspectief zullen, in wisselende aantallen, mensen hun land blijven verlaten op zoek naar een beter leven in een ander deel van de wereld.

Precieze aantallen zijn lastig van te voren in te schatten. Door mensen de mogelijkheid te bieden eerst naar Nederland te komen en vervolgens hier pas hun vluchtverhaal te laten doen, ontstaan er problemen wanneer de asielzoekers in kwestie worden afgewezen en weggestuurd worden. Daar ligt het grote probleem.

Het terugkeerbeleid lijkt mislukt. Uitgeprocedeerde asielzoekers willen vaak niet terug naar hun eigen land en werken niet vrijwillig mee aan hun vertrek. Zonder documenten zijn de landen van herkomst terughoudend ongemotiveerde onderdanen terug te nemen. Duizenden uitgeprocedeerde asielzoekers wonen nog steeds in Nederland. Hun aantal blijft groeien.

Op de korte termijn zijn veel van de maatregelen, die de staatssecretaris in petto heeft, noodzakelijk, maar zij zullen niet een wezenlijke trendbreuk betekenen. Op een creatieve manier zullen modellen moeten worden uitgewerkt, die wel de noodzakelijke trendbreuk kunnen bewerkstelligen. Daarbij zouden ook onorthodoxe ideeën in bespreking moeten komen, mits die niet in strijd zijn met de regels uit het Vluchtelingenverdrag.

We zullen moeten zoeken naar manieren om het asielproces actief te kunnen bijsturen. Daarvoor is het noodzakelijk dicht bij de bron invloed te gaan uitoefenen. Dat kan alleen in Europees verband. Maatregelen waarover D66 zou willen discussieren zijn:

1. Europese aanmeldcentra in de regio van het land van herkomst.

Asielaanvragen uit bepaalde landen zouden in de eigen regio in behandeling genomen moeten kunnen worden. Nemen we de Irakezen. Zij komen bijna allemaal via Turkije naar West-Europa om hier hun asielverzoek in te dienen. In dit model zouden de EU-landen met Turkije onderhandelingen kunnen voeren om bij de Turks-Iraakse grens een Europees aanmeldcentrum te openen.

Irakezen, die naar West-Europa willen komen, zouden in dat aanmeldcentrum hun asielverzoek moeten indienen. De Europese landen zullen in dat aanmeldcentrum moeten samenwerken. Daar worden de asielverzoeken op hun merites beoordeeld. De asielzoekers die een afwijzing ontvangen, hebben het voordeel dat zij geen lange reis naar een Europees land hebben moeten maken (vaak onder erbarmelijke omstandigheden) en sparen zodoende een grote som geld uit, die zij anders aan hun reisagent zouden hebben moeten afstaan.

De Europese landen vermijden in deze opzet de moeilijkheden van het terugkeerbeleid. Wellicht dat een Europees aanmeldcentrum vlakbij de Turks-Iraakse grens meer asielverzoeken uitlokt. Daar staat tegenover dat alleen degenen die een verblijfsstatus krijgen tot het Europees grondgebied zullen worden toegelaten.

2. Zelfde inhoudelijke asielprocedure.

In deze opzet moeten de samenwerkende Europese landen inhoudelijk hetzelfde asielbeleid voeren. Allereerst zullen zij zich dienen te buigen over de veiligheidssituatie van Irak. Gezamenlijk zal men een Europees ambtsbericht over dat land moeten opstellen. Dat ambtsbericht vormt de grondslag, waaraan de asielverzoeken worden getoetst. Bij de beoordeling dient samengewerkt te worden met de UNHCR.

De ambtenaren van de Europese landen zullen hier dus een echt Europees asielbeleid voeren. Tegen een afwijzing kan men in beroep gaan. Rechters uit de deelnemende Europese landen zullen in Turkije worden gestationeerd om in de buurt van het aanmeldcentrum de beroepen af te handelen. Zij zouden Europese asielregels moeten toepassen.

Dat Europese rechters op het grondgebied van Turkije Europees recht spreken is geen unicum. Binnenkort zal een Schots Hof op Nederlands grondgebied Libische verdachten van de ramp met het vliegtuig bij Lockerbie op basis van Schots recht berechten.

3. Evenredige verdeling van vluchtelingen.

Asielzoekers, wier verzoek wordt toegewezen, mogen naar Europa komen. De Europese landen verdelen de vluchtelingen op een evenredige manier. Zodoende kan een einde komen aan de situatie dat Nederland meer asielzoekers uit bepaalde landen aantrekt dan de meeste andere Europese landen.

4. Snelle inburgering.

De vluchtelingen die Nederland via dit systeem opneemt behoeven niet meer jarenlang in een asielzoekerscentrum in Nederland te verpieteren. Zij hebben immers in het Europese aanmeldcentrum te horen gekregen dat zij voor een vluchtelingenstatus in aanmerking komen.

Na een korte aanpassingsperiode in het Nederlandse asielzoekerscentrum worden zij naar de diverse gemeenten uitgeplaatst. Daar beginnen zij meteen aan een inburgeringscursus. In Nederland gaat geen tijd meer verloren. De kans op een succesvolle inpassing in onze samenleving neemt hierdoor toe.

5. Geen behandeling van asielverzoeken op Nederlands grondgebied.

Om de asielzoekers te stimuleren hun aanvraag in het Europese aanmeldcentrum te laten indienen, zal voortaan een in Nederland door een Irakees ingediend asielverzoek meteen worden afgewezen. Aan asielzoekers, die het Europese aanmeldcentrum hebben overgeslagen, zal geen opvang worden geboden, maar zij worden teruggestuurd naar Turkije.

Met dit systeem schendt Nederland het Vluchtelingenverdrag niet. Het neemt immers de asielaanvraag in behandeling. Weliswaar niet op eigen grondgebied, maar wel in Turkije, het land van eerste opvang.

Het terugsturen van de asielzoeker die zich niet in het Europese aanmeldcentrum heeft vervoegd, maar op eigen gelegenheid naar Nederland is gekomen, kan ook niet gezien worden als een schending van het verbod op refoulement. De asielzoeker wordt immers niet teruggestuurd naar het land van herkomst, maar naar het land van eerste opvang om daar zijn aanvraag te laten beoordelen.

In dit model moet uiteraard van te voren komen vast te staan dat Turkije zich aan de regels van het Vluchtelingenverdrag houdt. Dat is nu nog niet het geval. Zo nu en dan zet Turkije Irakezen over de grens met Irak zonder dat de UNHCR hun asielverzoek heeft behandeld. Naar verwachting zullen de Europese landen taaie en langdurige onderhandelingen moeten voeren om van Turkije garanties te verkrijgen dat de internationale asielregels zullen worden uitgevoerd.

6. Onderhandelingen met Turkije noodzakelijk.

Dit toekomstige model staat of valt met de medewerking van Turkije. Het zal bijvoorbeeld bereid moeten zijn veel asielzoekers op te vangen op zijn grondgebied tijdens de duur van de procedure in het Europese aanmeldcentrum. Turkije ziet tot nu toe liever dat de Irakezen snel naar West-Europa vertrekken. Die opvang is kostbaar en het lijkt redelijk dat de Europese landen, die op Turks grondgebied hun asielprocedure zullen voeren, Turkije financieel ondersteunen.

D66 zal het initiatief nemen om parlementsleden uit andere Europese landen en het Europese parlement bij elkaar te roepen om hierover de discussie aan te gaan. Wellicht zal blijken dat bovenstaand vergezicht op onoverkomelijke praktische bezwaren stuit. Desondanks kunnen dit soort besprekingen een functie hebben. De Europese landen worden zich eindelijk bewust van het feit dat een hechte, onderlinge samenwerking essentieel is om de nu schijnbaar onoplosbare problemen rond asielzoekers te kunnen aanpakken.

Immers, men ondergaat de toekomst niet, men maakt haar.

Boris O. Dittrich is woordvoerder Justitie voor de D66-fractie in de Tweede Kamer.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden