interviewMark Tuitert

Antifragiel leven: Mark Tuitert is op alles voorbereid dankzij Nassim Taleb

Mark TuitertBeeld Aisha Zeijpveld

Hoe wapen je je tegen onverwachte en ongekende ellende? Door corona dringt die vraag zich op. Olympisch schaatskampioen Mark Tuitert, die grote tegenslagen te boven kwam, had veel aan denker Nassim Taleb.

Het dorp waar hij woont heeft ermee te maken. De halter die in de tuin ligt, heeft ermee te maken. En de extra pallet energiekauwgum, die hij vlak voor het interview nog snel bestelt, die heeft er ook mee te maken. Oud-schaatser Mark Tuitert leeft zijn leven niet voor de vuist weg. Elke stap probeert hij weloverwogen te zetten. ‘Met de goede strategie kom ik altijd overal uit. Ook uit de coronacrisis.’

Een pandemie woedt, vrijheidsbeperkingen gelden, de grootste economische crisis sinds de jaren dertig is begonnen, maar bij Tuitert geen coronablues. Waar anderen zoeken naar mentale weerbaarheid, had hij zich al veel eerder, vertelt hij, ‘de goede manier van denken’ aangemeten.

Die goede manier van denken ligt op een stapeltje naast zijn bed. Bovenop Antifragiel, dan Skin in the game, De Zwarte Zwaan, Misleid door Toeval en helemaal onderop Bed van Procrustes. Samen vormen de boeken Incerto,  één lang filosofisch essay over omgaan met onzekerheid van de Libanees-Amerikaanse auteur Nassim Nicholas Taleb. Tuitert heeft ze allemaal al gelezen, maar bladert er nog geregeld in.

Internationale bestsellerauteur Taleb, een wiskundige en oud-beurshandelaar, werd beroemd als de man die de financiële crisis van 2008 zag aankomen. Hij is een grote naam in de wereld van management en geld, maar zijn werk is veel breder en draait om de vraag: hoe gedij je, als individu of samenleving, in een ingewikkelde wereld vol onvoorspelbaarheden? Zijn filosofie is inmiddels in 35 talen verschenen. De Zwarte Zwaan werd door The Sunday Times een van de meest invloedrijke boeken sinds de Tweede Wereldoorlog genoemd. Taleb werkte bij grote investeringsbanken, adviseerde het IMF en was dikke mik met de Britse conservatieve partij onder leiding van David Cameron, tot die premier werd en Taleb in hem teleurgesteld raakte (het lakse coronabeleid van de huidige regering-Johnson noemt hij psychopathisch).

Minister Wopke Hoekstra van Financiën refereerde vorige week op Prinsjesdag bij het aanbieden van de miljoenennota in de Tweede Kamer nog uitgebreid aan Talebs theorie van de zwarte zwaan. Die luidt dat hoogst uitzonderlijke en totaal onverwachte schokken grotere gevolgen hebben dan de waarschijnlijkheden waar de meeste mensen zich op blindstaren. Voor Hoekstra was de coronacrisis zo’n zwarte zwaan, maar hij zei er direct bij: voor Taleb zelf niet, want die waarschuwde al in januari.

Taleb wijst sinds 2007 op het gevaar van een pandemie in onze extreem verbonden wereld. Hij adviseerde de regering van Singapore over de voorbereiding op zo’n ramp. En in januari, toen corona voor de meesten nog ‘iets in China’ was, publiceerde hij met twee collega’s een stuk over hoe de wereld op deze pandemie in wording moest reageren. Hij riep toen al op om sociale contacten te beperken en vergaande reisbeperkingen op te leggen. ‘Dat kost op korte termijn iets, maar dat niet doen kost op lange termijn alles.’

En zo belanden we bij Mark Tuitert. Want Talebs ideeën laten zich niet heel makkelijk samenvatten, maar hij hamert erop dat die praktisch dienen te worden toegepast. Tuitert, in 2010 Olympisch kampioen op de 1.500 meter, doet precies dat en kan ons er doorheen loodsen.

‘Al voordat de regering dat aanraadde, hebben wij tegen mijn schoonouders gezegd: voorlopig komt niemand bij jullie langs’, vertelt Tuitert. Hij volgt Taleb en een aantal gelijkgestemden op Twitter. ‘Als die lui aan de bel trekken, neem ik het serieus. Ik dacht: dit gaat zich verspreiden. Je zag wat er in Italië gebeurde. Daar werd over gedaan van: ach Italië, bij ons is het beter geregeld. Complete bullshit.’

‘En ik dacht: nu moeten wij met ons bedrijf keihard op safe spelen, want dit gaat ons raken en als wij pas inspelen op de situatie als de wereld in de fik staat, zijn we te laat.’

En dus sloeg het bedrijf in cafeïnekauwgum dat Tuitert met twee compagnons runt, extra voorraad in. Dat had meer moeten zijn, achteraf. ‘Daar baal ik van. Ik zit al tien jaar in die boeken! We kregen er ook nog mee te maken dat de fabriek die onze kauwgom verpakt in Denver kapot ging door rellen bij de Black Lives Matter-protesten. Hoe verbonden we als wereld zijn, dat die complexiteit voorspellen moeilijker maakt en risico’s groter, dat heb ik als ondernemer aan den lijve ondervonden.’

‘Door Taleb was ik er al vroeg van overtuigd dat de beste strategie tegen corona indammen was. Kort pijn lijden om dan weer open te gaan. Zoals Nieuw-Zeeland uiteindelijk deed. Talebs gedachtegang was: we weten nog heel weinig van het virus, als je twee of drie weken voor niks op slot gaat, is dat niet zo erg. Maar als je inschatting niet ernstig genoeg is, dan is het dodelijk. ’

‘Door Taleb was ik er al vroeg van overtuigd dat de beste strategie tegen corona indammen was.’Beeld Aisha Zeijpveld

‘Ik keek naar Rutte zag hoe hij de bevolking mooi kon geruststellen. Ik hoorde hoe goed iedereen hem vond. Maar ik dacht: dit is pleisters plakken. Ik begrijp die politieke reactie wel. Stel je reageert radicaal en je voorkomt veel leed, dan zul je nooit precies weten wat er was gebeurd als je dat niet had gedaan. Het vergt moed om tegendraads te handelen.’

‘Ik had me kwaad kunnen maken, maar ik heb er geen controle over. Ik kan alleen mijn leven zo inrichten dat ik mezelf wapen als ondernemer en als mens. Ik was heus ook van mijn à pro­pos, maar door al dat lezen voelde ik me mentaal goed voorbereid op deze situatie.’

Een lijvig filosofisch werk als richtsnoer voor het leven van alledag. Dat is precies hoe Taleb het graag ziet. De auteur veracht academici en journalisten die wel graag opschrijven hoe de wereld in elkaar zou moeten zitten, maar zelf niet direct iets te verliezen hebben als ze ongelijk blijken te hebben. Die geen skin in the game hebben. Zoals een dokter geen behandeling moet voorschrijven die hij zelf niet zou ondergaan, zo moet een een denker geen ideeën propageren waar hij zelf niet naar leeft.

Centraal staat bij Taleb het streven naar wat hij ‘antifragiliteit’ noemt. Het persoonlijk leven én de maatschappij moeten zo worden ingericht dat ze niet alleen robuust genoeg zijn om onverwachte schokken te doorstaan, nee, idealiter worden ze zelfs béter van wanorde. Zelf bracht hij dat in de praktijk door zijn investeringen altijd zo te spreiden dat hij al sinds de jaren tachtig ook bij een beurskrach fors verdient. Afgelopen maart nog keerde een fonds dat hij adviseert 3.600 procent winst uit.

Volgens Taleb is het onmogelijk om te voorspellen wat er gaat gebeuren. In plaats daarvan kun je de boel beter zo organiseren dat die niet in elkaar kan storten. Op maatschappelijke schaal trekt hij bijvoorbeeld de conclusie dat er geen bedrijven mogen bestaan die too big to fail zijn en in een crisis door belastingbetalers moeten worden gered. Op individueel niveau heeft hij een broertje dood aan hoge hypotheken.

‘Ik heb altijd kasten vol boeken gelezen’, zegt Tuitert. Op zijn bureau liggen nu behalve titels over sport, marketing en creativiteit ook Seneca’s Brieven aan Lucilius en Marcus Aurelius’ Persoonlijke notities. ‘Ik houd van de klassieken. Taleb heeft me met hen in aanraking gebracht. Hij refereert veel aan Seneca en staat in de stoïcijnse traditie. Waarden als moed en matigheid komen terug in zijn werk. Hij leunt op de oudheid met de redenering: als ideeën lang meegaan, hebben ze zich bewezen en zijn het dus hoogst waarschijnlijk goede ideeën.’ Zo beweert Taleb overigens ook alleen water, wijn en koffie te drinken, omdat dat oude dranken zijn, dus waarschijnlijk goed voor je.

‘Je hebt uitslagen van eerdere wedstrijden en die extrapoleer je om een voorspelling te doen. Maar je ziet dan alleen de gemiddelden en nooit de extreme afwijkingen.’Beeld Aisha Zeijpveld

De eerste keer dat Tuitert iets aan Taleb had, zat hij in een koffietentje in het Canadese Calgary. Het was de aanloop naar de Spelen van 2010 in Vancouver, waar hij later goud zou winnen. Van tevoren gaf niemand hem een kans. ‘Ik had vier jaar lang geen wedstrijd gewonnen. Als ik een persruimte binnenliep, kwam haast niemand op me af. Toen ik die boeken had gelezen, snapte ik hoe publiek en journalisten keken en wat daar niet aan klopte. Je hebt uitslagen van eerdere wedstrijden en die extrapoleer je om een voorspelling te doen. Maar je ziet dan alleen de gemiddelden en nooit de extreme afwijkingen.’

‘Ze begrepen niet dat je in de topsport soms maar iets een heel klein beetje hoeft te veranderen, waardoor alles de goede kant op kan vallen. Dat lijkt dan ver weg, maar is eigenlijk heel dichtbij. Ík wist dat ik in de training dieper ging dan anderen. Ík wist hoe ik me voelde, waar ik naar op weg was. Dat ik die verwachtingen zo rationeel kon bekijken, gaf rust.’

Na het beëindigen van zijn schaatsloopbaan, was het opnieuw Taleb die Tuitert houvast gaf. ‘Hij zegt: zorg voor verschillende opties, want ook dat maakt je minder fragiel. Ik heb functies in de schaatswereld aangenomen, een poging gedaan om een commerciële ploeg uit te bouwen, ben een opleiding gestart bij Nyenrode, heb op de salesafdeling van een groot bedrijf gewerkt, ben spreekbeurten gaan houden en en een importbedrijf voor schaatsen begonnen. Ik ging ervan uit dat de meeste dingen niet zouden lukken en dat was ook zo. Ik heb een paar tikken op mijn kin gekregen. Maar door risico te nemen heb ik geleerd en sturing aan mijn leven gegeven.’

Alleen de autodidact is volgens Taleb echt vrij. De mens heeft willekeur nodig, rommel, avontuur, onzekerheid, zelfontdekking en bijna-traumatische ervaringen, alle dingen die volgens Taleb ‘het leven de moeite waard maken’ omdat we leren van ervaringen. Daartegenover stelt hij de ‘nepwereld’ van CEO’s met agenda’s vol vergaderingen. De ondernemer boven de bestuurder, de ervaring boven de boekenwijsheid.

‘We zijn bewust hier in Hoogmade gaan wonen. Niet in een grote stad.’ De raampartij biedt uitzicht op de Kromme Does, het kleine centrum is vijf minuten lopen. Taleb is groot voorstander van wonen in kleine kernen, waar je op mensen om je heen kunt terugvallen omdat je ze beter kent. ‘Mijn vrouw Helen komt hier vandaan, voelt zich thuis. Schoonouders om de hoek. Ook een fijne optie, als je kinderen hebt. Bij de voetbal gegaan om lokaal binding te hebben.’

‘Ik houd spaargeld aan. En vier, vijf jaar geleden heb ik bitcoin gekocht toen die nog op 200 dollar stond. Het grootste gevaar bij een volgende crisis lijkt me dat mijn spaargeld ineens niks meer waard is. Omdat centrale banken zo veel geld in de economie pompen. Het vertrouwen daarin kan ineens weg zijn en dan zul je zien dat mensen vluchten in bitcoin en dat de waarde stijgt. Het meeste geld heb ik er al weer uit gehaald, toen bitcoin zelf iets werd waar mensen mee speculeerden. De waarde ging naar vijfduizend, tienduizend, vijftienduizend, holy shit. Allemaal wappies die dachten snel rijk te worden. En verkopen was nog niet zo makkelijk. Zoals Taleb zegt: een sukkel kijkt alleen hoe groot het theater is en niet hoe klein de deur is. Nou, als een theater in de fik vliegt, is die deur ineens heel klein. Met de opbrengst heb ik een groot deel van onze hypotheekschuld afgekocht.’

Taleb heeft het concept antifragiliteit ontleend aan de natuur, aan het darwinistische overleven van de sterkste. Topsporter Tuitert kan dat plaatsen: ‘Het is een evolutionair principe dat je terugziet in je eigen lijf. Als jij hard traint, veroorzaak je een stressreactie en je lichaam wapent zich daartegen. Maar het herstelt niet alleen, nee, het maakt zichzelf sterker, beter dan voor de training.’

Hij spreekt zelfs met respect over het op het oog absurde fitnessregime waar Taleb zichzelf aan onderwerpt: een keer in de week een paar superzware deadlifts met gewichten en verder alleen maar wandelen en veel steak eten. ‘Taleb overdrijft om zijn punt te maken. Maar het principe klopt. Ik ben ook steeds meer zo gaan trainen, al toen ik schaatste. Je kunt iedere dag behoorlijk hard trainen. Iedere dag een zeventje. Maar het is effectiever als je één keer per week traint op een tien. Met heel grote piekbelasting stimuleer je je lichaam om heel grote aanpassingen te doen. Daar moet je wel iets rustigs tegenover zetten, Taleb doet dit door te flaneren, zoals hij dat noemt. Dat vind ik dus grappig, dat een filosoof principes ontdekt en gebruikt die ook geldig zijn in de trainingsleer.’

‘Veel mensen denken dat ze goed bezig zijn als ze drie of vier keer in de week vijf kilometer gaan hardlopen, steeds hetzelfde rondje. Maar in je lijf gebeurt dan niet veel meer. Ik ga vier keer in de week wandelen. Twee keer in de week doe ik hardloopschoenen aan en dan trek ik vijf volle bak sprints, de brug op, steeds een paar minuten rust ertussen. De mensen hier in de het dorp kijken me aan van: wat is die aan het doen joh?’

‘Ik wil de natuurlijke mechanismen van mijn lichaam hun werk laten doen. Ik ga ook pas naar een arts als dat niet anders kan. En ik heb nog nooit antibiotica gebruikt. Ik ben niet tegen dat middel, maar ik wil niet dat het te snel wordt voorgeschreven.’ Waarbij we niet moeten denken dat Mark Tuitert ook antivaxxer is. Zijn kinderen zijn gewoon ingeënt. Niet alleen uit maatschappelijke verantwoordelijkheid, vaccinatie past ook bij uitstek in het antifragiele denken: je brengt een minibeetje ziekteverwekker in het lichaam en dat lichaam vertoont zo’n overreactie dat het voortaan bestand is tegen veel grotere doses van een virus. Pijnstillers tegen hoofdpijn mogen van Taleb dan weer niet: je moet erachter komen waarom je hoofdpijn hebt en iets aan de oorzaak doen.

‘Je lichaam werkt prachtig mooi, dus leer het signaal herkennen’, zegt Tuitert. ‘Dat is moeilijk. Ik ben mezelf ook ooit voorbij gelopen, overtraind geweest. Een soort burn out rond mijn eenentwintigste. Dat was toen ik elke dag voluit trainde, maar het was net zo goed mentaal. Ik was gevallen op een EK, het liep niet in ons team, de sponsor verwachtte veel van me. Ik zou wel eens even laten zien wat ik kon.’

‘Thuis ging het intussen zo slecht tussen mijn ouders dat ik zei: mam, we gaan ergens anders wonen. Met mijn broertjes en mijn moeder kwamen we in een huurhuisje. Ik vluchtte in het trainen, had oogkleppen op. Rustdag? Hoezo? Dat doen de concurrenten. Na vijf maanden zo trainen werd ik ziek. Hoge koorts. Zodra ik beter werd, dacht ik: ik moet vol trainen, inhalen. Twee weken later was ik weer ziek. Dat ging door tot ik op een dag niet eens energie voelde om naar de schaatsbaan te lopen. De natuur werkt zo. We kunnen die zelf wel met ons hoofd en onze processen proberen te overschrijven. Maar de natuur is altijd sterker. Zo zie ik dit virus ook. Mensen kunnen erop vloeken omdat we de illusie van controle hadden, maar het enige waar we over kunnen beslissen is hoe we erop reageren.’

‘Voor mijn topsportcarrière was het beter geweest als ik toen meer afstand had genomen tot de mensen van wie ik houd. Maar als ik met de ideeën die ik nu heb naar mijn jongere zelf kijk, dan vind ik dat ik best moed heb getoond, het juiste heb gedaan, zoals de stoïcijnen zeggen. Ik heb niet alleen gezegd: mam, je moet daar weg, ik heb de knoop doorgehakt, de leiding genomen. Zodra ik dat kon, heb ik mijn moeder geholpen om het huis te kopen. Dat lijkt me allemaal wel skin in the game. Ik heb er veel van geleerd.’ Tuitert haalt Victor Frankl aan, een Oostenrijkse psychiater en holocaustoverlevende: ‘Zelfs in lijden is betekenis te vinden.’

‘Mijn moeder heeft tien jaar na de scheiding zelfmoord gepleegd. Zij bleef verdrinken in de ellende. Op het moment zelf had ik er veel moeite mee dat ze het opgaf. Onze dochter was net geboren, haar eerste kleinkind. Veel mensen zien een zelfmoord als laf. Maar nu denk ik: misschien is er ook wel moed nodig om afscheid van het leven te nemen. In onze maatschappij is dat taboe, we moeten koste wat kost blijven leven. Maar je moet helemaal niks. Betekenis vinden in het leven is prachtig, maar als iemand dat niet meer kan, misschien moet je die dan een mooi afscheid gunnen, met opgeheven hoofd. De stoïcijnen beschouwden de dood als iets natuurlijks, dat erbij hoorde. En zelfdoding als een deur die je altijd nog door kon, als een optie.’

‘Kijk, het is natuurlijk niet zo dat ik heel anders in het leven stond, het werk van Taleb las en me daar toen maar naar ben gaan gedragen. Ik heb me in dat werk herkend. Mijn moeder zei altijd dat ik een sterke intuïtie heb, een sterke wil om het op mijn eigen manier te doen. Tot mijn zeventiende had ik geen trainer. Ik liep zelf te klooien op skeelertjes. Ging zelf de hele dag naar de schaatsbaan en dan probeerde ik achter iemand te schaatsen die het beter deed dan ik. Ik vraag me af of ik zo ver was gekomen als ik toen al in een schema van een trainer had gezeten. Voor mij kwam het neer op boerenverstand gebruiken. Zo werk en leef ik nog. Niet proberen alles van tevoren uit te denken, maar testen en zo je intuïtie staven. Als ik Talebs boeken lees, denk ik: zo werkt het bij mij.’

Praten over gedachten aan zelf­doding kan bij de crisislijn van 113 Zelfmoordpreventie. Bel 0800-0113 of chat op 113.nl.

Eerder over Nassim Taleb in de Volkskrant:

Columnist Marcia Luyten bekritiseerde de aanpak van de coronacrisis door regering en RIVM en suggereerde een aan Nassim Taleb ontleende strategie: op de tast, verschillende dingen uitproberen en de praktijk voortdurend bijstellen.

Uitgever Toine Donk noemde Talebs De Zwarte Zwaan ‘de enige bijbel die ik vertrouw’.

Commentator Martin Sommer is groot fan van Taleb en in de Volkskrant degene die hem het vaakst aanhaalt. Hij noemde hem ‘een woeste denker, soms onbegrijpelijk en een onuitstaanbare ijdeltuit’ maar vond zijn boek Antifragiel een must.

Datzelfde Antifragiel was eerder door toenmalig wetenschapsredacteur Martijn van Calmthout als volgt gerecenseerd: ‘Hij zwelgt in zijn belezenheid, zijn geweldige eigendunk en zijn flamboyante levensstijl en leutert 500 pagina’s bij elkaar die niemand iets wijzer maken.’

Misleid door toeval werd door Suzanne Weusten beoordeeld als ‘robuust, smakelijk en zelfverzekerd opgeschreven’.

Aan het begin van de financiële crisis interviewde Olav Velthuis Taleb voor de Volkskrant: ‘Taleb doet zijn verhaal wild gesticulerend, technische termen als het ‘kalibreren van hedges’, het genereren van pseudo-alfa, en, niet te vergeten, sigma, komen langs. Aan het eind van zijn uiteenzetting vraagt hij hoopvol: ‘Begrijpt u me?’ Nee, maar met voorbeelden uit het dagelijks leven slaagt Taleb er niettemin in duidelijk te maken wat hij bedoelt.’ 

Nassim Nicholas Taleb

Nassim Taleb, hoogleraar risicobeheersing aan de Universiteit van New York, werd in 1960 geboren in het noorden van Libanon, in een voorname Grieks Orthodoxe familie. Een grootvader en overgrootvader zaten in de regering, een andere grootvader was opperrechter. Toen hij tiener was, raakte zijn familie geld en invloed kwijt. Taleb ging studeren in Parijs en promoveerde op de prijzen van risicovolle beleggingsproducten.

Taleb begon in de jaren tachtig als beurshandelaar en werkte voor investeringsbanken. Zijn specialisme zijn beleggingen die bij grote onverwachte schokken op de beurs renderen en zo verliezen kunnen compenseren of overstijgen. Taleb wilde financieel onafhankelijk zijn om geheel vrij te kunnen schrijven. Vindt hij iemand een praatjesmaker, dan krijgt die de wind van voren want ‘als je een oplichter ziet en hem geen oplichter noemt, ben je zelf een oplichter’.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden