Column Chris Oostdam

Alvast een vakantie voor volgend jaar plannen kan best, als ik maar wel een annuleringsverzekering afsluit

Chris Oostdam

Chris Oostdam (63), rechter in Assen, schrijft elke eerste woensdag van de maand over haar leven sinds ze terminaal longkankerpatiënt is.

Ik las in de Volkskrant het interview met Muriël en Hans Spekman en het raakte me. Zo herkenbaar! Tot in de kleinste details. Muriël die van de ene op de andere dag op de fiets door iedereen werd ingehaald en ik die halverwege een trap moest uithijgen. Een paar dagen later het nieuws dat je hele wereld op zijn kop zet: longkanker stadium 4, als een sluipmoordenaar naar binnen geglipt. Ook een frappant detail is dat kanker in haar familie, net als in de mijne, eigenlijk niet voorkomt maar bij haar en mijn schoonfamilie wel.

Het meest werd ik geraakt door de band tussen Muriël en Hans zoals die uit het interview naar voren komt. Dat gevoel van diepe liefde en verbondenheid tussen twee mensen, die vastbeslotenheid om het sámen te doen, er samen het beste van te maken. Ik zie ze bijna zitten, naast elkaar, hand in hand, zoals Ronald en ik elkaar vaak onnadrukkelijk aanraken. Plaatsvervangend rouwen, verdriet voelen om de moeilijke weg die de ander heeft te gaan, elkaar troosten door er alleen maar te zijn.

Herkenbaar ook dat er geen bucketlist is met verre reizen naar exotische oorden of parachutespringen, maar juist met kleine geluksmomenten dicht bij huis. Omdat de ziekte je perspectief op het leven zo drastisch verandert dat de diploma-uitreiking van je kind een onbereikbare mijlpaal dreigt te worden.

Ik lees dat Muriël binnenkort gaat beginnen met immunotherapie – inmiddels is ze begonnen. En ik hoop zo voor hen dat onze verhalen ook in dat opzicht vergelijkbaar zijn. Dat ook zij mogen meemaken, hoe verwarrend dat soms ook is, dat dat perspectief opnieuw kantelt. Dat je dankzij die therapie tegen de dood, die ineens zo ongevraagd en opdringerig op de stoep stond, kunt zeggen: ‘Ho even, vriend, jij bent nog niet aan de beurt.’

Nee, er zijn geen vergezichten meer van wat te doen na mijn pensionering. Maar ik hoef ook de muziek voor mijn crematie nog niet uit te zoeken. Ik kan me verheugen op de bruiloft van mijn nichtje deze zomer, waar ik haar getuige mag zijn. En op de voorstelling Lazarus van David Bowie en Ivo ten Hove, eind dit jaar. En ik kan best alvast een vakantie voor volgend jaar plannen, mits ik niet vergeet een annuleringsverzekering af te sluiten.

Mijn wensen en verlangens zijn niet zo groots en meeslepend. Wel zit er meer mentale druk achter. Vroeger zei ik: ‘O, daar zou ik nog weleens heen willen.’ Nu heb ik meer de neiging dat weekendje Brugge ook echt te boeken. Als een langere reis er nog in zit, dan zijn we erover uit dat het Suriname gaat worden. Maar als dat er nooit meer van komt, is het ook goed. Mijn geluk en mijn zin van het leven hangen niet daarvan af, maar van gewone, kleine dingen – van wat ik mijn hele leven al de moeite waard vind.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.