COLUMNAaf Brandt Corstius

Als je op vakantie bent in Nederland, kom je alleen maar Duitsers tegen

Sinds ik terug ben van vakantie in Nederland vragen mensen me steeds: ‘Goh, Nederland, hoe wás dat nou?’ Ik begrijp hun belangstelling, ik woon in een omgeving waar iedereen elke zomer wegstuift naar de dichtstbijzijnde Alp of Arden. En zelf deed ik dat ook altijd. Tot deze zomer.

Ik bleek vol verkeerde ideeën te zitten over dat hele Nederland. Ik dacht bijvoorbeeld dat het er verzengend heet was in de zomer. Dat bleek niet te kloppen. In Nederland kan het zomaar zeven dagen achter elkaar regenen, ook als je in een tent zit.

Andere mensen op de Nederlandse camping leken beter te kunnen omgaan met dat gegeven. Zij trokken bijvoorbeeld een regenpak aan met daaronder badslippers met sokken – dat laatste is niet handig in de regen, maar ook dat leek ze niet te deren – en dan gingen ze urenlang dat spel met die Zweedse naam doen waarbij je blokken hout moet omgooien. In de regen.

Over die mensen: dat bleken geen Nederlanders te zijn. Ik kwam op vakantie altijd veel Nederlanders tegen, dus dat verwachtte ik in Nederland ook. Nederlanders vind je in elke hoek en elk gat van de wereld, en je herkent ze onmiddellijk want ze praten heel hard. Maar als je op vakantie bent in Nederland, kom je alleen maar Duitsers tegen. Dat zijn mensen die ook heel hard praten, maar dan Duits, en iets gedempter, want ze dragen een mondkapje. Duitsers hebben een andere cultuur. Zo doen ze niet aan social distancing en begrijpen ze de regel ‘Met één persoon de Jumbo in’ niet. Ook niet als je een heel groot bord op de Jumbo hangt waarop staat NUR MIT EIN PERSON DIE JUMBO INN!!!

Dat is leuk, dat je op vakantie in Nederland mensen uit exotische culturen treft: zo heb je het gevoel dat je in een ver oord vertoeft, terwijl je gewoon in de Jumbo in Zuidlaren bent.

Over de Jumbo gesproken, dat vond ik het grote nadeel aan vakantie in eigen land: dat ik elke dag een Nederlandse supermarkt in moest die precies leek op de supermarkt in mijn eigen woonplaats. Veel te efficiënt liep ik rond met de zelfscanner en kocht ik dingen die ik thuis ook koop.

Ik wil een Franse supermarkt, waar je behalve brood en melk ook espadrilles en alle schrijfwaren van de westerse wereld kunt krijgen. Ik wil een Portugese supermarkt, waar het naar stokvis stinkt en waar ook louter stokvis verkocht wordt. Ik wil een Italiaanse supermarkt, gedreven door één onhandige oude man die Fabrizio heet, die er onnavolgbare openings- en sluitingstijden op nahoudt en bij wie ik aan het eind van de vakantie een beige keramieken beker uit de jaren zeventig koop met de naam Elisa erop.

Als iemand hier zo’n supermarkt opent, ga ik voortaan op vakantie in Nederland.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden