Die ene leerlingJan van de Ven over Emmanuel

‘Als Emmanuel een jongen uit Overloon was geweest, hadden we in no time hulp kunnen inschakelen’

Leerkrachten, docenten en hoogleraren over de leerling die hun kijk op het vak veranderde. Jan van de Ven (39), basisschool-leerkracht en mede-oprichter van actiegroep PO in Actie, over Emmanuel, die hem deed inzien dat sommige blokkades niet te overwinnen zijn.

null Beeld Hedy Tjin
Beeld Hedy Tjin

‘Daar was hij, Emmanuel. Hij parkeerde zijn fiets bij de school. Zoals elke ochtend stond ik de leerlingen bij de deur op te wachten. Toen hij me zag, sloeg hij zijn handen voor zijn ogen. ‘Ma soeur’, jammerde hij. ‘Ma soeur est mort.’ Mijn zus is dood. Ik wist dat hij het nodige had meegemaakt, maar vond het opvallend dat hij er direct over begon. Was dat de spanning van de eerste schooldag?

‘Het was 2016, het was het hoogtepunt van de vluchtelingencrisis en ik werkte in een van onze internationale schakelklassen, waar ik lesgaf aan kinderen uit het asielzoekerscentrum even verderop. Bij ons leerden ze de taal. En we probeerden ze klaar te stomen voor een reguliere school.

‘Mooi werk, vond ik. Bij deze kinderen, van wie sommigen nog nooit een school van binnen hebben gezien, kun je als leraar echt het verschil maken. Maar het was niet makkelijk. Veel leerlingen waren getraumatiseerd. Ze kwamen uit Syrië, Irak, Iran, Eritrea of Somalië en hadden soms vreselijke dingen meegemaakt. Maar ondanks dat lukte het me altijd ze iets bij te brengen. Ik kon me niet voorstellen dat er kinderen waren die ik niet aan het leren zou krijgen.

‘En toen kwam Emmanuel. Volgens de officiële gegevens was hij 8 jaar oud, maar we hadden de indruk dat hij minstens 11 moest zijn. Tijdens de lessen kon hij plotseling blokkeren. Ik zie hem nog in dat wandrek zitten, helemaal bovenin. De leerlingen mochten overstappen naar het wandrek ernaast, een stap van 30 centimeter. Emmanuel bevroor. ‘Ma soeur’, zei hij weer. ‘Ma soeur est mort.’ De tranen liepen over zijn wangen. Ik hielp hem naar beneden. Kort daarna speelde hij verder alsof er niets was voorgevallen.

‘Omdat ik wilde weten waar zijn blokkades vandaan kwamen, gingen we naar het asielzoekerscentrum. Daar spraken we zijn tante, die hij zelf ‘ma mère’ noemde. Met haar en haar dochter – die als een zus voor hem was – vluchtte Emmanuel vanuit Ivoorkust naar Libië. Daar leefden ze onder verschrikkelijke omstandigheden.

‘Uiteindelijk hadden ze een plek op een rubberboot weten te bemachtigen. De mannen zaten aan de rand, vertelde de tante. De vrouwen en kinderen in het midden. Er was weinig ruimte, onderweg brak paniek uit. Emmanuel zag hoe zijn zusje verdrukt werd. Ze stikte voor zijn ogen. Ik kreeg er een knoop van in mijn buik, ik begreep de herkomst van die blokkades, maar het bracht me in de klas niet veel verder. Helpen kon ik hem daarna nog steeds niet.

‘Het bleef bijvoorbeeld misgaan in de pauzes. Emmanuel sprak geen Arabisch, zoals de meeste anderen. Hij was christen tussen moslims. En dan had hij ook nog een donkere huidskleur, wat in de Arabische wereld niet bepaald een statussymbool is. Daardoor raakte hij tijdens voetbal, tikkertje of verstoppertje vaak in conflict met anderen. Omdat hij hun taal niet sprak, ging hij schoppen, slaan, duwen. Ik nam hem apart. En dan begon hij weer. ‘Ma soeur, ma soeur!’

‘Leren ging ook niet. Als leerkracht richt je je op de zone van naaste ontwikkeling, zoals dat heet. Kinderen leren het beste als je ze iets aanbiedt dat ze net niet kunnen. Alleen werkte dat bij Emmanuel niet. Werd het moeilijk, dan blokkeerde hij. ‘Ma soeur!’

‘Het zat me dwars. Ik had met kinderen uit verscheurde gezinnen te maken gehad, met kinderen die in Raqqa woonden toen Islamitische Staat daar huishield. Maar zo’n blokkade als bij Emmanuel had ik nog nooit gezien. Dit ging me boven de pet. Door hem besefte ik dat er een grens is. Als leerkracht kun je niet alles voor elkaar krijgen. Soms is het trauma te groot en moet je professionele hulp inschakelen.

‘Ik hoop dat Emmanuel die hulp gekregen heeft, maar ik betwijfel het. Na een paar maanden moest hij terug naar Italië om daar de asielprocedure te doorlopen. De kans is groot dat hij vervolgens in de illegaliteit is verdwenen, want Ivoorkust gold als veilig land.

‘Dat vind ik cru. Als Emmanuel een jongen uit Overloon was geweest, dan hadden we in no time hulp kunnen inschakelen voor hem en zijn familie. Nu was dat onmogelijk, omdat Emmanuel een vluchteling was. Daar kan ik echt niet bij. Dat we dat in Nederland niet geregeld krijgen.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden