Columnarthur van amerongen

Als Domingos het azijnhout aflevert, voel ik me altijd ongemakkelijk, alsof het een grote cocaïnedeal betreft

null Beeld

Pas bij de Aldi in Olhão merkte ik dat de herfst in aantocht is. Buiten heersten zomerse temperaturen en de terrassen en de stranden waren afgeladen met vrolijke drinkers en blije badgasten, maar bij de Duitse ‘prijsbreker’ was een schappenvuller druk in de weer met zakken brandhout en aanmaakblokjes voor open haard en kachel. Er was nog geen afdeling voor kerstprullaria, want de Portugees denkt niet maanden vooruit.

Toen ik aan mijn huisbaas vertelde dat ze in Nederland al sinds augustus kerstbomen verkopen, keek hij mij aan alsof ik het over een zojuist ontdekte indianenstam in de Amazone had.

Prijsbreker schreef ik tussen aanhalingstekens, want zo goedkoop is de Aldi hier niet. Een sneu zakje brandhout kost 6 euro en verder is alles net zo duur als in Nederland, maar de Portugees heeft veel minder centjes te besteden.

Er stond een enorme rij wachtenden voor de enige kassa die open was, want het concept ‘3 in een rij, kassa erbij’ is hier volslagen onbekend en de schappenvuller – type only gay in the village, compleet met coupe soleil, oorbelletjes en overgewicht – ging onverstoorbaar verder met het stapelen van aanmaakblokjes.

Op een stampvol terras dronk ik ettelijke herstelbiertjes en belde naar Domingos, mijn houtman. Ik dacht altijd dat hij zo heette omdat hij op zondag was geboren, tot de knoestige bonk mij vertelde dat hij een maandagskind is.

Geen grotere uitdaging dan een telefoongesprekje voeren met een in plat dialect pratende Algarvio. Domingos schreeuwt bovendien heel hard tijdens het bellen, net als wij toen we telefoneerden met conservenblikken die verbonden waren met touwtjes. Hij vroeg of ik steeneik, gewone eik of olijfbomenhout wilde. Wat kost azinho, de steeneik, vroeg ik. 250 euro per kuub, brulde hij.

Dat is een flinke tiet geld, maar ik kom er de winter mee door. De steeneik is beschermd en als Domingos de kuub azijnhout – de Nederlandse naam van azinho – voor mijn poort dondert, voel ik me altijd wat ongemakkelijk, alsof het een grote cocaïnedeal betreft.

Daar zat ik dan op het terras, trots op mijn brandhoutbestelling, terwijl het zweet door mijn bilnaad gutste. Vroeger dacht ik nooit aan morgen. Mijn moeder zong altijd: een wijs man bouwde zijn huis op een rots, en de regen stroomde neer en de vloed kwam op en het huis op de rots stond vast.

Ik was eindelijk wijs geworden en ging dat vieren met een natte strandlunch. Ik lust je rauw, Koning Winter.

null Beeld Gabriël Kousbroek
Beeld Gabriël Kousbroek

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden