Interview

Actrice Linda van Dijck over haar burn-out: 'Ik viel flauw'

Linda van Dijck (66) speelt al ruim vijftig jaar toneel. De laatste jaren pleegde ze roofbouw op haar geest en lichaam met een burn-out als gevolg. Ze kwam er rijker uit.

Linda van Dijck. Beeld Gerard Wessel

'Ik viel flauw.'

Waar?

'Midden op het toneel. In een scène.'

Beeld op zwart.

'Ja! toen ik weer bijkwam, hingen er drie artsen boven mij.'

Op de entrsol van het Amsterdam American Hotel is actrice Linda van Dijck nog even verwonderd als op de dag van haar val. 'Die artsen zaten toevallig in het publiek. Vraag me niet hoe lang ik buiten westen ben geweest. Ik speelde in Bussum, in een voorstelling van Who's Afraid of Virginia Woolf, juni 2012. Ik keek naar de zaal, en... Oooh, er zitten daar mensen! Meteen knalde ik weer het toneel op, dóór, hup, spelen! Het was nogal chaotisch, haha.'

Veel mensen met een burn-out zeggen dat ze vooraf hadden kunnen weten dat het een keer zou mislopen.

'Ik heb dit niet zien aankomen. Ja goed, Virgina Woolf is een zwaar stuk dat je fysiek en psychisch uitput, maar ik genoot van mijn rol. Ik had een fantastische tournee met fijne, goede tegenspelers, onder wie Victor Löw. Onze auto reed schuddend door het lachen van stad naar stad. Dat is dus het eigenaardige - ik weet niet waarom ik van m'n stokje ging. Die avond kon ik verder spelen, maar ik moest van de crew wel even naar de dokter. Er bleek niks mis met m'n hart. Nou, dan ga ik weer door. Je bent als actrice toch al getormenteerd door allerlei angsten. Ik dacht: straks durf ik niet meer te spelen.

'Hier hoort een verhaal bij. Ooit klom ik in Mexico, in Uxmal, vliegensvlug een Maya-piramide op met van die hele smalle treetjes. Boven draaide ik me om en keek steil naar beneden. Ik verlamde. Totaal. Uren heb ik daar gestaan. Mijn toenmalige man was woedend. Om me wakker te schudden, heeft-ie me nog een lel voor m'n kop gegeven. Hielp ook niet. Uiteindelijk hebben drie Amerikaanse jongens mij stapje voor stapje naar beneden gekregen. Het schemerde toen al. Een paar dagen later ben ik weer een piramide opgeklommen. Ik dacht: anders heb ik m'n leven lang hoogtevrees. Zo werkt dat. Je moet het beest recht in de bek kijken.'

Een paar maanden na de tour van Who's Afraid hapte dat beest toe. Kun je dat zo zeggen?

'Zeker. Ik deed de repetities van Liefde Levenslang, een toneelstuk naar de film Il y a longtemps que je t'aime van Philippe Claudel. Ik was wankel. Zocht elke keer naar houvast. Goh, wat raar, dacht ik. Wat een rare rol. Juliette is een introverte vrouw met een diep geheim - ze heeft een heftige emotionele belevenis ondergaan waar ze het hele stuk lang niet over wil praten. Ze zoog al m'n energie weg. Vreemd. Ik had geen moment het idee dat het niet aan mijn personage lag maar aan míj!'

Je lacht.

'Nu wel.'

Waarom?

'Omdat het zo menselijk is! Ik zat opnieuw bij de dokter. 'Stoppen,' zei hij. 'Jij zal het nooit doen, dus ik trek nu de stekker eruit.' Ik ben naar het kantoor van de producent gestapt om te vertellen dat ik niet meer verder kon. Mocht. Ik heb daar zitten gieren van het huilen.

'Ik had roofbouw op mezelf gepleegd. Al die jaren deed ik de ene productie na de andere, scripts lezen, bewerken, zware toneelrollen, alsof je energie onuitputtelijk is. Even bijkomen, dacht ik. Maar een dag later lag ik op de bank en stortte nog honderd etages dieper naar beneden. Een totale shut down. Ik kon geen stap meer verzetten. Ik kon niet eens een kopje thee optillen; nog een wonder dat m'n organen bleven functioneren. Voor mijn gevoel lag ik op een kille, natte, betonnen vloer in een kamer zonder ramen. Met blaasjes in mijn mond en overal bobbeltjes, bultjes. Ik moest ontgiften. Het was alsof alle personages die ik in mijn leven heb gespeeld, en dat zijn er nogal wat, zich uit mijn poriën wrongen. Een soort duivelsuitdrijving. Dat had helemaal niet gehoeven, trouwens - ik vind dat ze bij me horen. Maar ik bestond zelf dus nauwelijks meer.'

Zeker voor een actrice moet het een merkwaardig zijn dat je je lichaam en geest niet langer onder controle hebt. Dat het gereedschap niet meer werkt

'Traumatisch vond ik het. Maar ik had niet eens meer het vermogen daarover te reflecteren. In natuurfilms zie je hyena's om een gevallen prooi heen lopen, dat beest ligt daar, op sterven na dood. In shock. Hij geeft het op. Zo'n gevoel had ik ook.'

Dan volgt er een speelloze periode. Na vijftig jaar.

'Ja. Moet je nagaan, in al die jaren heb ik misschien een of twee keer een voorstelling afgezegd. Nu denk ik: wat ben ik streng voor mezelf geweest. Dat arbeidsethos is toch blijven hangen uit mijn jeugd. Zeker wat betreft spelen ben ik opgevoed door Ko van Dijk, mijn stiefvader. Tijdens de repetitie mocht je geen woord zeggen, anders draaide hij zich om en riep met die bulderstem: 'Je moet godverdomme niet praten, je moet kijken en leren!' In de jaren zestig speelde ik met hem in het stuk Voerman Henschel. Ik moest allerlei dansen doen, de polka, de wals, weet ik veel wat. Op een avond kreeg ik een toneelspijker in mijn voet, dwars door de zool van mijn rijglaarsje. Het deed enorm pijn, maar ik danste door. Toen ging ik achter het toneel onderuit, herinner ik mij nu. Ik was 16, hè. Het moet nu niet lijken alsof ik om de drie weken van m'n stokje ga.

'Ik had een hechte band met Ko. We waren dief en diefjesmaat. Op vakantie in Spanje bezochten we begraafplaatsen, daar had je familietombes die vrij toegankelijk waren. Wij gingen dan in zo'n graf bedenken hoe die families in elkaar staken en speelden al improviserend stukken uit het leven van die mensen na. Later, als jonge vrouw, dreef ik langzaam van hem af. Vriendjes van mij hadden het niet makkelijk - hij had als vader liever alle aandacht gehad. Heftige man. Neurotische man ook. Nou ja, complexe mensen kunnen complexe mensen spelen, en saai was het nooit.'

CV Linda van Dijck

18 mei 1948 Geboren in Amsterdam als Linda Marianne de Hartogh, dochter van Leo de Hartogh en Teddy Schaank.
1959 Acteerdebuut in De Vader van August Strindberg met stiefvader Ko van Dijk.
1966 LP Stengun van beatgroep Boo and the Boo Boo's (zangeres)
1966 Film Het Gangstermeisje
1982 Beste Nederlandse filmactrice, naar aanleiding van Twee vorstinnen en een vorst en Ademloos.
1984 tv-serie Willem van Oranje (Anna van Saksen).
1984-1985 Nacht, Moeder als dochter
1999 Suzy Q
2003 De dood en het meisje
2005-2006 Herfstsonate, winnaar Toneel Publieksprijs
2007-2008 Una Giornata Particolare.
2009-2010 Oog om Oog, gebaseerd op Dead Man Walking, winnaar Toneel Publieksprijs.
2010 Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw.
2012-2013 Wie is er bang voor Virginia Woolf? Nominatie Theo d'Or.
2015 Zwarte Tulp.

Op 30 maart is de serie Zwarte Tulp te zien op Videoland, via internet of tv-providers.

Waarom wilde je aanvankelijk níét acteren?

'Omdat ik het zo'n slaapverwekkende gedachte vond dat ik hetzelfde zou doen als mijn ouders. Ik heb veel moeite gedaan de actrice in mij buiten de deur te houden. Vrij wilde ik zijn, los, vliegen. Ik zong in een bandje en schreef teksten, ook voor Ramses Shaffy en Boudewijn de Groot. Ik ben met regisseur Lasse Hallström zelfs vijf jaar in Zweden gaan wonen. Het merkwaardige is, hoe meer je je probeert te ontdoen van het spelen, hoe groter de krachten worden die jou ernaar toe trekken. Ik wist: dit gaat niet over, dit blijft.'

Victor Löw, een acteur met wie je veel hebt gespeeld, roemt de intensiteit van jouw spel. 'Ze wil gewoon in je, in je ziel. Bizar!'

'Ik zoek altijd de grens, ook bij mijn medespelers. Toneelspelen is: laten gaan in volstrekte beheersing. Dat is de paradox. Hoe dichter je bij het personage komt, hoe interessanter de rol. Maar je mag nooit over het randje gaan en de controle verliezen. Als je samenvalt met de persoon die je speelt, weet je niet meer wie jij zelf bent. Dan word je overgenomen. Dan vernietig je jezelf. Het is een soort Russische roulette: kijken hoe ver je kunt gaan. Als je dat gevaar niet aandurft, wordt het spel algauw mediocre. Dat is toch bij alle kunsten zo? In de dans, in een roman, in een schilderij moet je toch ook het gevaar opzoeken?

'De hartstocht van het acteren ligt voor mij in het leiden van vele levens, in de gedaanten van personages. Ik heb een grote nieuwsgierigheid naar de menselijke natuur. Ik denk dan altijd aan een mooie dichtregel van César Vallejo: 'De mens is een triest zoogdier dat zich kamt.' Zo is het. We zijn grappig en treurig. Om dat in al zijn facetten te laten zien op het toneel is magisch.'

In welke rol kwam dat nadrukkelijk naar voren?

'Ik denk nu aan het stuk Nacht, moeder van Marsha Norman. Over een dochter die bij haar moeder komt en met zoveel woorden zegt: 'Ik heb er lang over nagedacht, maar ik wil even met je praten en daarna maak ik mezelf van kant.' Die moeder trekt in haar radeloosheid alles uit de kast om te voorkomen dat haar kind zelfmoord pleegt, maar het gebeurt toch. Zwaar. Heel zwaar. Ik speelde de dochter, dertig jaar geleden. Haar argumentatie is zo kristalhelder dat je vanzelf gaat denken: tja, zelfmoord, why not, eigenlijk? Ik sprak Kathy Bates en Sissy Spacek die allebei dezelfde rol hebben gespeeld. Ze hadden precies dezelfde ervaring: je raakt gebrainwasht. Ik begon samen te vallen met de dochter en ik kon haar buiten het podium niet loslaten. Ik werd er somber en depressief van. De grenzen tussen echt en onecht begonnen te vervagen.

'Ik zat in die tijd een keer te eten in een restaurant. Er kwam een man naar me toe. 'Goh,' zei hij, 'mag ik je bedanken? Ik was van plan zelfmoord te plegen met mijn vriendin, maar na de voorstelling Nacht, moeder heb ik er toch vanaf gezien.' Ik kreeg een drankje van hem, we hadden een aardig gesprek dat eindigde met een positieve noot. 'Hoe is het nu met je vriendin?' vroeg ik. Nou, zei hij, dat was minder goed afgelopen. Zij had op de avond na de voorstelling wél de ultieme stap gezet. De eerste keer dat ik dat stuk weer ging spelen... Doodeng vond ik het. Een toneelstuk is een ingedikte vorm van de werkelijkheid, vele malen intenser dan het gewone, dagelijkse leven. Dat kan dus een enorme impact op mensen hebben.'

Beeld Gerard Wessel

'Als je de grenzen van het bestaan steeds weer opzoekt in toneelstukken, dan mag je hopen dat de noodsituaties in het echte leven wel zullen meevallen', zei je lang geleden.

'Zo probeer je het leven te bezweren. Maar in het echt werkt het eerder andersom, daar ben ik nu wel achter. What goes around, comes around. Je daagt de werkelijkheid uit om op de verbeelding te gaan lijken. Ergens in mijn jongere jaren speelde ik een getrouwde vrouw die verliefd werd op een ander, enne, báts, dat gebeurde ook! Ik ben ooit gevraagd voor een stuk waarin een arts zelf borstkanker kreeg. Ik heb nee gezegd. Even niet, dacht ik. Dat beest laat ik maar even slapen.'

Heb je ooit iemand met een burn-out gespeeld?

'Nee. Dat zou wel een uitdaging zijn. Op die kille, natte betonnen vloer in de kamer zonder licht was er geen vorm meer, snap je. Hoe kun je laten voelen en zien wat er gebeurt bij een persoon zonder energie? Een lijk spelen in Baantjer is makkelijker. Hoef je alleen maar te zorgen dat je ogen niet knipperen.'

Je spreekt van een 'totale shutdown'. Had je het gevoel dat je dicht bij de dood was?

'Nee. Da's wel interessant, hè. Daar denk ik nu voor het eerst over na. Eén stapje verder en je bent in die andere wereld, dat zou je dus vermoeden. Ik heb me wel afgesloten. Ik zat in een flatje in Noordwijk en zag niemand meer, op Jaap en mijn zoon Jamie na. Aan films of tv had ik ook geen behoefte. Even helemaal terug naar af.'

Jouw echtgenoot Jaap is psychotherapeut. Kon hij helpen?

'Nee.'

Van Dijck in Wie is er bang voor Virginia Woolf? Beeld Ben van Duin

In één woord?

'Haha, natuurlijk niet! Als mijn man zei hij gewoon: ik ben er voor je, je hoeft niets. Maar ik kan niet bij hem op de divan gaan liggen, want hij mist bij mij de gezonde afstand om vrij en onbevangen te kijken. Hij is niet blanco. Ik had het wel fijn gevonden na al die jaren van wroeten in andere mensen eens te gaan wroeten in mezelf, om in alle rust die lange tocht te bespreken met iemand. Ik kan mezelf wel redelijk terugvinden tussen al die personages, hoor. Cees Nooteboom zei eens: 'Linda, jij kent het verschil tussen schijn en wezen.' Dat vond ik mooi. Maar ja, wat is dan de kern? Wie ben ik? Maar tijdens die burn-out waren ook zulke gedachten niet aan mij besteed. Ik was alleen nog maar aan het stofwisselen.'

Wat gaf troost?

'De zee. De eerste keer dat ik weer langs het strand kon lopen gaf me zo'n weldadige rust. Jeetje, kijk mij nou. Ik leef nog. Ik hoef me nergens druk over te maken, ook niet over het volgende theaterseizoen. Gelukkig heb ik geen existentiële behoefte om op het toneel te staan, of laat ik zeggen, dat valt reuze mee. Ik heb een sterk levensgevoel naast mijn rollen. Na al die zwarte maanden voelde ik me echt eufoor, langs de branding. Ik liep daar met een koperkleurig hondje. Van een vriendin, een spaniel, geloof ik.'

'De zee is altijd anders en toch gelijk,' zei Nescio.

'Ja. Mooi. Zo is mijn leven, hè. Al die verschillende vrouwen die ik heb gespeeld, van Virginia Woolf tot tante Jans in Ciske de Rat, zijn allemaal anders en toch gelijk - omdat ze mijn adem kregen.'

Dan belt je agent. Voor een nieuwe rol.

'Ik had het spelen al losgelaten. Daardoor was ik ook relatief snel weer opgeknapt, denk ik. Ze wilden me graag hebben voor een nieuwe Nederlandse serie, Zwarte Tulp, gemaakt voor Videoland. Over twee rivaliserende families in de bollenstreek die strijden om het recept voor een zwarte tulp. Die schijnt erg moeilijk te kweken te zijn - er zit altijd paars in. De opnamen waren bij mij in de buurt, niet in IJsland ofzo. De cast was geweldig, met mensen als Huub Stapel, Anna Drijver en Gijs Naber. Ik zou dit stapje kunnen maken. Eerlijk gezegd was ik heel bang voor een terugkeer van die burn-out. Ik wilde dat nooit meer meemaken. Die angst was groter dan op de piramide van Mexico. Maar ja, hoe weet je zeker dat je er vanaf bent? Na een gesprek met de creatives van producent NL Film reed ik langs een houten bord met een pijl waarop heel prikkelend en omineus stond: De Zwarte Tulp. Een restaurant ofzo. Had ik nooit eerder gezien! Was dit een teken?

'Ik speel in de serie Marieke Vonk, een kunstenaarsziel die boven het gekrakeel staat, moeder van drie oudere kinderen. Ik wil niet veel verklappen, maar er zit een gedurfde, bovennatuurlijke lijn in. Marieke had nog niet veel contouren, dus ik had nog iets te kneden. Al vroeg in de serie krijgt ze het vrij plotseling behoorlijk voor haar kiezen. Mij leek het spannend iemand te laten zien die worstelt met de dingen die op haar pad komen.'

Waarom verbaast dat me niet.

'Haha! Nee, dat is geen toeval.'

Kon het personage Marieke Vonk jou bijstaan? Of is dit een al te romantische gedachte?

'Nou, ik had juist het gevoel dat ik háár een beetje overeind kon helpen. Ik was net zelf wankelend opgestaan, dáár kon ik haar vinden. En als je eenmaal in haar bloedbaan komt, krijg je meer ruimte, dan voel je precies waar je wel met haar kan zijn en waar niet. Tegelijkertijd sta je open voor wat je krijgt aangereikt, je bent trouw aan het personage. Marieke is geen rechttoe-rechtaan persoon, ze heeft iets lichts en onvoorspelbaars. Ze kon me verrassen. Zo van: o ja, ja, zo vilein ben jij ook nog.

'Zwarte Tulp was een mooi, bijzonder, en lang traject: van juni tot half december 2014 hebben we twaalf afleveringen gedraaid. In een televisieserie kun je niet halverwege uitstappen, dat is het moeilijke. Op het einde was ik moe. Ik had weer momenten van duizeligheid, minder energie. Dan ga je weer op je reserves werken. Maar: het ging goed.'

Ben je als actrice verrijkt door deze twee bewogen jaren?

'Ja. Alles wat je overkomt als persoon, neem je bewust of onbewust mee in je spel. Het zijn weer meer kleuren op je palet. Ik geloof dat ik minder bevreesd ben om samen te vallen met een personage. Het gevaar in het spelen is vertrouwder geworden. En ja, je herijkt jezelf. Hoe ga ik mijn energie in deze rol verdelen? Als ik dat niet doe, ga ik eraan. Dat weet ik wel zeker.

'Ik heb ook geleerd dat ik geen angst moet hebben om ouder te worden. Op een dag realiseer je je dat je eigenlijk al heel lang niet jong meer bent. Misschien word je nog veel ouder, misschien niet, maar verzet heeft geen enkele zin. Dat maakt een mens alleen maar doodongelukkig. Na die burn-out weet ik dat er ergere dingen zijn dan rimpels, traagheid en stramme botten. Beweeg mee met wat er gebeurt, dein mee met de stroom. Dat helpt.'

Beeld Gerard Wessel

Had je eerder wel schrik van het ouder worden?

'Nee - geen tijd voor gehad.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden