de keuzen van Pierre Bokma

Acteur Pierre Bokma: ‘Verzadigd raak ik niet. Grotendeels door rusteloosheid, maar ook door liefde voor het vak’

Pierre Bokma Beeld Frank Ruiter

De acteur is vanaf zondag te zien als Hitler in Welkom in de jaren 20 en 30. Heydrich is ook nog wel te doen, maar Charles Manson wordt te moeilijk.

Hitler of Heydrich?

‘Om te spelen Hitler. Nadat ik me in al mijn ijdelheid 35 jaar heb verdiept in Shakespeare cum suis, word ik op straat herkend als fopfiguur Heydrich, de fascistische Duitse leraar uit Rundfunk (sketchserie van de VPRO, red.). Dat is slikken, maar zo gaat dat. De tijd dat namen beklijfden vanwege prestaties is al lang voorbij.

Rundfunk is een MRI-scan van de samenleving. De makers, Yannick van de Velde en Tom van Kalmthout, halen het treurigste en geestigste in de mensheid naar boven. Docenten zijn precies zoals leerlingen ze in hun extreemste vorm voorstellen. Dat vind ik geestig.

‘In Welkom in de jaren 20 en 30, vanaf 8 september op tv, speel ik Hitler op de Conferentie van München, waar hij vrede belooft en het tegendeel bekokstooft. De doelgroep van de serie bestaat uit middelbare scholieren, maar we hopen dat de bijvangst groot is. We brengen historisch besef bij met een knipoog. Eerder heeft regisseur Niek Barendsen voor de NTR zo’n serie gemaakt over de Tachtigjarige Oorlog, de Romeinen, de Gouden Eeuw en de IJzeren Eeuw.

‘Het spelen van Hitler is uiterst beladen. Daarom moet je het grotesk doen. Ik hoop te laten zien dat machthebbers zich op conferenties gedragen als jonge chimpansees die allemaal op de hoogste rots willen zitten.

‘Maar het is ook lachen om zo’n monsterlijk figuur te spelen. Wat hij heeft gedaan is zó enorm en idioot. Dracula of de duivel spelen, ook altijd goed. Sommige figuren halen de komische standaard dan weer niet. Charles Manson bijvoorbeeld, daar kun je geen slapstick van maken. Hij is te veel een-op-een verbonden met zijn gruwelijke misdaden.’

Nederland of Duitsland?

‘Nederland. Dat land heeft de mogelijkheid om te praten over het verleden en fouten goed te maken. In Duitsland, waar ik veel speel, is de verrechtsing vele malen onomkeerbaarder dan in Nederland. Leiders van AfD zeggen dat ze trots mogen zijn op wat hun soldaten tijdens de Tweede Wereldoorlog hebben gedaan. Ik vrees de Duitsers.

‘Spelen voor Duitsers is wél hartstikke leuk. Cultuur en identiteit zijn belangrijk voor ze, misschien heeft dat te maken met de oorlogen in de vorige eeuw. Als wij met het Schauspielhaus Bochum in een stuk van Rilke een citaat van een andere schrijver gebruiken, zijn Duitsers daar boos of blij over - ze denken er in elk geval over na. In Nederland zegt men na afloop van een stuk: ‘Mooi decor, en ik kon het allemaal verstaan.’ 

‘Die staande ovaties ook altijd in Nederland, verschrikkelijk. Die moeten stoppen, daar pleit ik echt voor. Blijf alsjeblieft zitten, mensen. In Duitsland is zoiets volstrekt ondenkbaar. Een staande ovatie komt daar bij wijze van spreken eens in de tien jaar voor.’

Emmy of een Paul Steenbergen-penning?

‘De Emmy, die ik kreeg voor mijn rol in de film De uitverkorene uit 2006. Dat is toch een internationale bekroning, ook voor regisseur Theu Boermans en acteur Kees Prins.

‘De Paul Steenbergen-penning heb ik nooit helemaal begrepen, net als de Albert van Dalsumring. Het zijn toneelonderscheidingen waarbij je zelf een opvolger kunt kiezen. ‘Ga zo door jongen’, willen ze ermee zeggen. ‘En mocht je nog iemand treffen die het beter doet dan jij, geef ’m dan door. De groeten!’ Wat ik wel goed vind aan het doorgeven: je moet je opvolger beoordelen en zo leer je diegene goed kennen.

‘Een prijs is belangrijk als iemand door het winnen ervan gelooft dat-ie goed bezig is. Maar vaak is het een kwestie van ijdelheid, van vriendjespolitiek.

‘Ik was zeer vereerd, maar ook verbaasd, toen ik onlangs de Johan Kaartprijs kreeg voor het stuk Een man een man, waarin ik met Kees Prins speel. Ik twijfelde of ik die wel moest accepteren. In de motivatie stond dat ik een brug sloeg tussen de hogere echelons van toneelspeelkunst en het algemenere amusement. Terwijl: dat moet iedere acteur kunnen . Alsof je staat te juichen als een loodgieter een lekkage verhelpt.

‘Alles en iedereen krijgt prijzen. Ik word er gek van. Het zijn ook altijd halfwassen, diepsaaie gelegenheden waar je op de valreep toch nog voor je eigen drankjes moet betalen, ook al ben je genomineerd. Wat mij betreft zou de VSCD (Vereniging van Schouwburg- en Concertgebouwdirecties, red.) eens in de drie jaar een groot bal moeten organiseren waar alle prijzen voor podiumkunsten worden uitgereikt.’

William Shakespeare of A.F.Th. van der Heijden?

‘Shakespeare, by far. Zijn stuk Othello is mijn absolute favoriet. Dat gaat over Iago en zijn generaal Othello. Iago heeft twintig jaar met de dood in zijn ogen gestreden voor zijn baas en wil hem opvolgen. Maar Othello kiest Cassio, een lul-de-behanger van de militaire academie van Florence. De corpsbal gaat vóór de hbo’er met ervaring. Iago ketst zó van het netwerk af, als een bal van een tennisracket. En dan zegt Iago tegen Othello: ‘Nou maak ik je kapot. Fuck you.’

‘Shakespeare heeft jaloezie zo verschrikkelijk goed in dat verhaal verweven. Hij verpakt het in onbenullige voorvalletjes, in terloopse opmerkingen. Zo werkt jaloezie. Stel dat ik tegen jou zeg: ‘Ik zag je vriendin gister of eergister met die gozer. Aardige jongen. Blond. Hoe heet hij ook alweer? Ach, laat ook maar.’ Een week later denk je nog terug aan die opmerking, en voor je het weet zit je in deep shit.

‘Met Gijs Scholten van Aschat speel ik stukken van Shakespeare op feesten en partijen. Dat doen we al zeventien jaar. We zijn in te huren, naar draagkracht. Als iemand het graag wil maar het niet kan betalen, doen we het voor niets.

‘Adri vind ik een aardig iemand, een mooie schrijver. Ik heb hem gespeeld in de verfilming van zijn boeken Advocaat van de hanen en Tonio. Ik vond het heel ingewikkeld om rond de opnamen van Tonio contact met hem te hebben. Aan de ene kant was ik ontzettend huiverig om me voor te stellen hoe het is je kind te verliezen. Aan de andere kant moet je dat gevoel zo dicht mogelijk naderen. Angstaanjagend.’

Zwervend of gevestigd?

‘Ik zal altijd zwervende blijven. Maar zwerven klinkt zo doelloos. Ik zeg liever dat ik in beweging blijf. Dat ik van mijn luie reet af kom om de wereld te onderzoeken.

‘De verhalen die over mij de ronde doen waarin ik door de stad zwerf en op verschillende adresjes woon, mag je echt doorprikken. Ik woon gewoon in het huis waar ik ingeschreven sta.’

Fijnproever of veelvraat?

‘Ik hoop dat ik een fijnproever ben, maar dat mag je niet van jezelf zeggen. Ik ben in elk geval geen veelvraat.

‘Of ik me te groot voel om mee te doen aan consumentenprogramma's als Kanniewaarzijn? Nee, totaal niet. Ik werd gevraagd om in te vallen en dat heb ik gedaan. Vervolgens werd ik ontzettend boos omdat mensen riepen dat ik van mijn geloof was gevallen en goedkope dingen aan het doen was. Alsof ik in een reclame speelde! Je moet je bek houden, dacht ik toen, het is een consumentenprogramma. Dus toen ze me vroegen voor een nieuw seizoen, heb ik niet lang nagedacht.

‘Het valt wel mee hoeveel ik doe. Inderdaad staan er nu een aantal dingen op de agenda: ik ga reprises spelen van Een man een man en Die Jüdin von Toledo, Welkom in de jaren 20 en 30 komt op tv en De Patrick, een Vlaamse film over naturisten, draait vanaf eind september in de bioscopen. Maar die toneelstukken zitten nog in mijn hoofd en de rest is al geproduceerd.

‘Verzadigd raak ik niet, dat klopt. Dat komt grotendeels door rusteloosheid, maar ook door liefde voor het vak. Anders zou het ook wel ernstig zijn.’

Mijn telefoon is in de wc gevallen of mijn oma is overleden?

‘Ik heb beide meegemaakt. Voor sommige collega’s en vrienden was het merkwaardig toen ik voor de vierde keer zei dat mijn oma overleden was. Maar het klopte wel: ik heb in veel pleeggezinnen gezeten.

‘In artikelen over mij vertellen vrienden dat ik dit soort smoesjes gebruik, maar dat is dus niet waar. Ik snap sowieso niet dat mensen dit tegen een krant over een vriend zeggen. En als ik het ter sprake breng, zeggen ze dat ze het niet op die manier hebben gezegd. Dat vind ik het lafst van allemaal.’

Ouder en milder of ouder en wilder?

‘Wat zijn dit voor vragen? Weet ik veel. Ik heb niet de indruk dat ik milder geworden ben. Misschien iets meer weloverwogen. Ik zeg bepaalde dingen niet meer omdat ik weet dat het niet zoveel zin heeft. Dan zeg ik dat ik iets goed vind terwijl ik het slecht vind. Als je wat minder uitgesproken bent, denken mensen dat je milder bent geworden. Maar het kan ook heel goed een kwestie van desinteresse zijn.’

De zesdelige serie Welkom in de jaren 20 en 30 is vanaf zondag 8 september om 17.50 uur te zien op NPO Zapp op 3.

Cv Pierre Bokma

1955 Geboren in Parijs

1978-1982 Toneelschool Maastricht

1983 Filmdebuut in Giovanni

1987-2003 Toneelgroep Amsterdam

1993 Albert van Dalsumring

2002 Paul Steenbergen-penning

2003-2008 Toneelgezelschappen Orkater, NT Gent

2007 Emmy voor De uitverkorene

2010-2015 Münchner Kammerspiele

2016 Tonio

2018 Schauspielhaus Bochum

2019 Welkom in de jaren 20 en 30

Pierre Bokma heeft vier kinderen en woont in Rotterdam.

Overleeft een liefde ziekte, een miskraam of vreemdgaan? In Van Twee Kanten interviewt Corine Koole twee partners apart van elkaar over een heftige gebeurtenis in hun relatie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden